Lectuur: een overzicht van 2024

Dit jaar moest ik me nog reppen om aan 52 boeken te geraken – eigenlijk heb ik het laatste maar uitgelezen op 1 januari – goed voor 22.146 bladzijden met een gemiddelde van 425 bladzijden per boek.

Een overzicht:

1. The Olympian Affair (The Cinder Spires, #2) van Jim Butcher – fantasy
2. Lord of Chaos (Wheel of Time #6) van Robert Jordan – fantasy
3. The Lightning Thief (Percy Jackson and the Olympians, #1) van Rick Riordan – fantasy, young adult
4. The Sea of Monsters (Percy Jackson and the Olympians, #2) van Rick Riordan – fantasy, young adult
5. The Titan’s Curse (Percy Jackson and the Olympians, #3) van Rick Riordan – fantasy, young adult
6. A Crown of Swords (Wheel of Time #7) van Robert Jordan – fantasy
7. The Path of Daggers (Wheel of Time #8) van Robert Jordan – fantasy
8. Snow: The Prologue to Winter’s Heart (Wheel of Time, part of #9) van Robert Jordan – fantasy
9. The Wolf Den (Wolf Den Trilogy, #1) van Elodie Harper – Romeins historische fictie
10. The House with the Golden Door (Wolf Den Trilogy, #2) van Elodie Harper – Romeins historische fictie
11.  The Temple of Fortuna (Wolf Den Trilogy, #3) van Elodie Harper – Romeins historische fictie
12. The Battle of the Labyrinth (Percy Jackson and the Olympians, #4) van Rick Riordan – fantasy, young adult
13. Snapshot van Brandon Sanderson – fantasy
14. Winter’s Heart (The Wheel of Time, #9) van Robert Jordan – fantasy
15. The Handmaid’s Tale  van Margaret Atwood – leesclub
16. Crossroads of Twilight (The Wheel of Time, #10) van Robert Jordan – fantasy
17. Dirty Laundry: Why Adults with ADHD Are So Ashamed and What We Can Do to Help  van Rick Pink – non-fictie
18. Knife of Dreams (The Wheel of Time, #11) van Robert Jordan – fantasy
19. The Gathering Storm (The Wheel of Time, #12) van Robert Jordan – fantasy
20. Towers of Midnight (The Wheel of Time, #13) van Robert Jordan – fantasy
21. A Memory of Light (Wheel of Time, #14) van Robert Jordan – fantasy
22 – 34: de reeks van Alex Verus door Benedict Jacka – fantasy
35. Light Bringer (Red Rising Saga, #6) van Pierce Brown – fantasy
36. Sixth of the Dusk van Brandon Sanderson – fantasy
37. The Lost Metal (The Mistborn Saga #7) van Brandon Sanderson – fantasy
38. Before the Coffee Gets Cold (Before the Coffee Gets Cold, #1) van Kawaguchi, Toshikazu – leesclub
39. The Silver Pigs (Marcus Didius Falco, #1) van Lindsey Davis – Romeins historische fictie
40. Shadows in Bronze (Marcus Didius Falco, #2) van Lindsey Davis – Romeins historische fictie
41. De Levens van Lanya van Mirjam Oldenhave – Kleine Cervantes
42. Venus in Copper (Marcus Didius Falco, #3) van Lindsey Davis – Romeins historische fictie
43. The Iron Hand of Mars (Marcus Didius Falco, #4) van Lindsey Davis – Romeins historische fictie
44. Poseidon’s Gold (Marcus Didius Falco, #5) van Lindsey Davis – Romeins historische fictie
45. Hij komt terug van Frederik Hautain – Nederlands, kennis
46. Last Act in Palmyra (Marcus Didius Falco, #6) van Lindsey Davis – Romeins historische fictie
47. Notes from a Small Island van Bill Bryson – klassieker
48. Time to Depart (Marcus Didius Falco, #7) van Lindsey Davis – Romeins historische fictie
49. Jona van Anna van Praag – Kleine Cervantes
50. Dead Things (Eric Carter, #1) van Stephen Blackmoore – fantasy
51. Hungry Ghosts (Eric Carter, #3) van Stephen Blackmoore – fantasy
52. Broken Souls (Eric Carter #2) van Stephen Blackmoore – fantasy

Opnieuw is het voornamelijk fantasy geworden, maar dat is nu eenmaal mijn favoriete genre: lezen is voor mij pure ontspanning en dat moet zo blijven. 23/52. Vreemd genoeg zat er nu zo goed als niks van de BBC leeslijst en de Big Read tussen, doorgaans klassiekers: amper eentje. Daarnaast ben ik wel in de Romeinse detectiefjes en aanverwanten geslagen: 10/52. Er waren er ook twee voor de leesclub, twee voor de Kleine Cervantes en eentje geschreven door een kennis van Bart. Er zit warempel zelfs een non-fictie tussen over ADHD dat me toch wel wat inzichten heeft verschaft.

Wat opvalt, is dat het zoals altijd voornamelijk Engelstalige boeken zijn, maar dat er deze keer maar 3 Nederlandstalige tussen zaten en zelfs geen enkel Franstalig. Dat laatste ga ik toch proberen remediëren.

Mja. Ik heb mezelf opnieuw als doel 52 boeken gesteld voor 2025, een boek per week. Daar staat onder andere Alkibiades tussen, waarvan ik al een goeie 400 bladzijden gelezen heb en waar ik dus eens in verder moet doen, als mijn hoofd daar naar staat. Want een Alkibiades lees je niet zoals je een Agatha Christie leest, geloof me: ik moet daarvoor in de juiste stemming zijn. Daarnaast zijn er nog drie jeugdboeken in het Nederlands voor de Kleine Cervantes en wellicht nog twee voor de leesclub, waaronder een Franstalige klepper…

Ach, we zien wel weer. Zo lang het lezen me maar plezier blijft geven…

Eeklo: grijs, kil maar fijne caches

Gisteren had ik Wolf met de auto afgezet bij Arwen: ik wilde hem liever niet zelf de auto laten nemen omdat ik die dan zelf kwijt was, en in dit weer is fietsen niet zo aangenaam. Nu, we hadden afgesproken dat ik hem vandaag in de loop van de late namiddag zou komen oppikken. Ik ging dan eerst naar Eeklo gaan om daar nog de laatste tien caches te zoeken en te vinden, zodat ik mooi op een rond getal van 365 caches zou eindigen.

De dag was koud, kil, grijs en vochtig, de rug liet zich lichtjes voelen en ik lag warm en gezellig in mijn zetel. En die caches, ach… Maar ik moest toch Wolf nog gaan halen, dus schopte ik mezelf in gang en reed rond half drie naar Eeklo om daar labcaches te doen en eens te kijken voor een nieuwe winterjas voor ons pa.

Ik ben aan het rondlopen in dat kille weer – en ja, de labcaches waren fijn, daar niet van, fijne kleine straatjes en parkjes ontdekt in Eeklo waarvan ik het bestaan niet kende – wanneer Wolf me laat weten dat Jarno hem morgenvroeg wel naar huis ging brengen. Zucht.

Soit, ik heb de caches nog afgewerkt, ben nog de C&A binnengelopen en heb er een warme zwarte jas gekocht in de solden, heb uiteindelijk zelfs nog een nieuwe kerstkrans voor aan onze voordeur opgepikt en dat was dat.

Spijt van? Nee, ik heb mijn mooie ronde cachegetal en daar geniet ik mateloos van. Maar was ik anders in mijn zetel gebleven? Zeker weten.

Kinders…

Dagje geocachen rond Melle

Jawel, een stralende zon vandaag – eindelijk! – en een rug die vandaag eens geen pijn doet, en dat leek me de ideale combinatie om eens te testen hoe ver die rug het al doet, en eindelijk eens wat frisse lucht happen en de benen eens deftig strekken. En wat rusteloosheid uit mijn lijf te krijgen, dat ook.

Ik trok richting Melle maar bleef hangen waar ik het eigenlijk niet eens bedoeld had maar wel heel fijn vond: Gontrode, begot. Ik was wel degelijk met de auto, want ik vertrouwde mijn rug nog absoluut niet: de fiets was geen optie want die wilde ik nu echt niet op en af de fietsendrager moeten tillen – bestaat daar geen deftige oplossing voor, eigenlijk? – en te voet riskeerde ik me ook niet, want wat als ik dan halverwege een wandeling plat zou vallen? Dan moest ik hoe dan ook toch nog terug naar de auto.

Maar ik verzeilde in Gontrode, genoot met volle teugen, stelde tot mijn zeer grote verbazing vast dat er ooit tijdens de oorlog een vliegveld was in Gontrode waar ze een zeppelin van maar liefst 180 meter bouwden – het ding staat, als je goed kijkt, aangeduid op het uitlegbord – en liep zelfs gewoon rond in een dikke gilet en een sjaal, want de zon scheen. En ik had koekjes en hete thee mee.

Ik haalde maar liefst 20 caches – eentje vond ik niet – en dacht toen: “Eigenlijk zou ik 2024 willen eindigen met 365 caches, eentje voor elke dag. Ik moet er nu nog 25…” En dus reed ik nog tot in Bottelare, waar er drie series labcaches liggen, goed voor 15 caches dus. Het werd wel donker, maar voor labcaches – waar je geen potje moet zoeken maar een vraag beantwoorden – kan dat best wel. Alleen werd het verschil met overdag plots heel erg duidelijk: het werd pokkekoud! Dus vest, handschoenen en pinnenmuts, en jawel, 15 caches.

En de rug? Die was moe, maar deed eigenlijk niet echt pijn, gewoon de standaard zeurderigheid die er altijd is als ik moe ben.

Maar man, wat heb ik ervan genoten vandaag! Kunnen rondlopen, kunnen genieten, zon, stilte, caches, groen, vrijheid…

Dit, dit is echt vakantie voor mij.

En die laatste tien caches? Die haal ik in de komende dagen nog wel ergens.

Fijn bezoek

Met al het gedoe rond mijn pa en de problemen met mijn eigen rug, ben ik momenteel niet zo heel sociaal. Al die feestdagen hoeven voor mij ook al niet, ik ben al zo gelukkig gewoon in mijn zetel met mijn boekje en mijn breiwerk, om eerlijk te zijn.

Maar wanneer een goeie vriendin, die een eindje weg woont en die ik niet zo vaak zie, voorstelt om in het passeren een koffie te komen drinken, dan zeg ik niet nee. Vooral dat “passeren” is belangrijk: ik ga haar geen uur doen rijden en een uur doen terugrijden om hier amper een uurtje te zijn, maar als ze dan toch passeren en ik de vrijheid heb om hen buiten te gooien wanneer ik daar zin in heb, dan zijn ze meer dan welkom.

En dus zaten Mireille en Arend hier op tweede kerstdag gezellig in de zetel met een koffie en de overschot van ons dessertbuffetje, en werd het een heel fijne, gezellige namiddag. Ik kan eigenlijk niet eens zeggen waarover we het hadden, we hebben gewoon over vanalles zitten kletsen, en eigenlijk nog niet eens over larp, en dat zegt veel onder larpers. Het geeft vooral ook aan dat je elkaar al zodanig lang en zodanig goed kent dat er voldoende andere gespreksstof is.

Yup.

Ook dit is voor mij vakantie.

En na twee uur heb ik ze gewoon buitengesjot, en vonden ze dat ook helemaal niet erg. Mooi mooi mooi.

Kerstdag

Het begon eigenlijk allemaal heel rustig, want Bart had zowat al zijn kookwerk de dag voordien al gedaan. Deze keer wilde hij effectief zelf koken: een fantastische vol-au-vent met gebraiseerde groentjes en kroketjes, en als voorgerecht een pakketje van filodeeg gevuld met brie, honing, vijg en peer. Oh, en als dessert? Een waar dessertbuffet!

Merel en ik hadden de dag voordien de tafel al gedekt: zij had ons witte tafelkleed al gestreken – ze moet het toch ooit eens leren – en we hadden Omaly’s chique servies met zilveren randje uitgehaald, de kristallen glazen en het zilveren bestek van Christofle. Ne mens moet dat toch gebruiken, als ge dat hebt, toch? Voeg er dan zilverkleurige servetten bij, en wat tweekleurige hulst en klimop uit de tuin van uw zoon zijn lief, en ge zijt er wel zowat.

En dat dessertbuffet? Bart had witte en bruine chocomousse gemaakt en gele pudding, er was rijstpap, er was iets minder goed gelukte crème pâtissière, er waren petits fours, wafeltjes, koekjes, en ik had zelf nog tiramisu gemaakt met speculaas en de brownie die Bart had gebakken, versneden en versierd in kerstboompjes, samen met Merel.

En ja, ik denk dat we allemaal wat te veel gegeten hadden. Maar Nelly kan niet echt lang meer aan tafel zitten, dus tegen vier uur waren ze hier alweer vertrokken, trokken de jongens weer naar hun studies, ging Merel richting haar kamer en begonnen Bart en ik in alle rust aan de afwas.

Maar geloof me, het was een fijne kerst. En toen was er Dr. Who, en zo hoort dat.

Kerstavond

Zoals elk jaar vieren we kerstavond bij de Rombauts en kerstdag bij de De Waeles.

Dit jaar was het aan Jeroen, of beter gezegd, Delphine, want zij is degene die alles regelt en al het werk doet. En dat werk, dat was in orde: prachtige tafel, veel te veel hapjes, lekker eten… Er was foie gras als voorgerecht, parelhoen als hoofdgerecht en dan twee buches als dessert, dus ja, weer eens veel te veel gegeten.

Sammy, de roste kater, deed vrolijk mee en is dus duidelijk niet bang van vreemd gezelschap.

En Delphine heeft altijd van die wreed amusante tafelversiering: kleine sterretjes en vooral ook hertjes, en die zijn machtig amusant om mee te spelen. Op den duur kreeg ik zelfs verzoekjes voor bepaalde tekeningen.

Alleen jammer dat ons pa alweer eens afwezig was. Hij stelt het van dag tot dag beter maar is echt nog niet in orde. Tsja, medicatie zou wel eens belangrijker kunnen zijn dan dat hij wil accepteren. Toch?

Challenge accepted: een trui breien op tien dagen

Merel had het al eerder gezegd: ze wilde graag een simpele witte trui met recht ingezette mouwen. Eigenlijk wilde ze een trui zoals eentje die ons ma nog voor mij had gebreid toen ik zelf nog een tiener was. Die trui vindt ze zalig om te dragen, alleen kriebelt de wol nogal. Die trui is ook zwart met blauw, en ze wilde een witte.

Ik zocht hier naar nog oude breiboeken, keek bij ons pa thuis, maar vond er geen meer. Toen ging ik maar op zoek naar een gelijkaardig patroon, maar met de afmetingen van de oude trui erbij. Vorige zaterdag bracht Bart de nodige wol mee uit de Zeeman in Ronse – excuus: 80% acryl, 20% wol – en ging ik aan het werk. Moeilijk was het niet: opzetten, rechtdoor breien, een klein beetje afzetten rond de kraag, schouders. De mouwen: opzetten, wat meerderen, recht afzetten. En dan wel met rondbreinaalden de kraag er nog aan gebreid, zoals bij de oude trui niet dubbel maar rechtopstaand.

Zowel Merel als ik waren een beetje bang voor het resultaat, want ging het wel zijn zoals de oude, zoals ze het in haar hoofd had?

Vandaag breide ik de laatste stukken en zette alles in elkaar, morgen moet ik nog alle draadjes instoppen. Maar het resultaat is helemaal wat ze wilde, en aangezien ze hem graag wilde dragen op kerstavond, heb ik me wel wat gehaast, ja. Maar gelukkig brei ik snel en was het niet echt een patroon.

Lang dus, met lange wijde mouwen, licht opstaand kraagje en recht ingezette mouwen, gebaseerd op het Juliette-model van Veritas.

Ze was er blij mee ^^