Dagje Dordrecht

Het was gewoon al te lang geleden dat we Hanneke nog gezien hadden, en omdat we niet weten hoe lang ze nog heeft – ze heeft al twee jaar extra op de teller staan, eind 2023 spraken de dokters van twee tot zes maanden – wilden Mireille en ik echt nog eens langs gaan, voordat we deze zomer naar Big Rivers komen.

Mireille is nog maar net zelf geopereerd, maar zag het gelukkig wel zitten, zolang we maar niet te wild gingen doen. Juist ja: de lamme, de blinde en de dove samen op stap gaan lekker wild doen, of wa? Drie fysiek beperkte dames dus, maar bon. Tegen twaalf uur draaiden we de parking aan Hannekes huis op, en ja, dat was een fijn, hartelijk weerzien. We kletsten even en gingen dan wat verderop in Dordrecht iets eten. Ik vermoed dat het bij zomers weer daar zalig zitten is, het was er ook nu al best druk. Lekker gegeten, overigens.

Daarna gingen we nog koffie drinken met taart erbij bij Hanneke thuis, maar tegen vijf uur was het stilaan welletjes, en ik hoorde Hanneke ook niet protesteren toen ik zei dat we richting huis gingen.

Eigenlijk valt de afstand Gent-Dordrecht best mee: anderhalf uur rijden, zelfs met stop in Antwerpen om Mireille op te pikken.

Toch eens kijken of we dat in juni ook niet eens kunnen inplannen, en hopelijk is Sabrina dan ook weer thuis, dan zijn de Vosjes weer compleet.

Toonmoment voor Merel: een toneelstuk

Merel volgt al sinds enkele jaren Woord en Dramalab aan de muziekacademie in Evergem, sinds dit jaar ook met een nieuwe leerkracht. Ze waren met vijf, een van het groepje is gestopt, en nu zijn er dus nog Lieze, Poppy en Olivia, en die komen blijkbaar wel goed overeen.

Gisteren brachten ze voor ons een wel degelijk bestaand toneelstuk, van zo’n 40 minuten, maar oorspronkelijk met een rol of tien. Die hebben ze dus zelf gereduceerd naar vier, met de nodige aanpassingen en toegevingen.

Het was bij momenten chaotisch, maar dat was ook de bedoeling: ze willen een toneelstuk brengen maar komen tot de constatatie dat ze er geen hebben. En dan gaan ze over tot alle mogelijke wanhopige en drastische maatregelen om toch iets op de planken te brengen, compleet met dansje en al. Yup, het was eigenlijk best goed, en Merel heeft wel een natuurlijke flair als ze op een podium staat.

Best wel trots op mijn jonkie, jazeker.

Asperges bij Sophietje

Sophietje, zo noemt mijn pa haar altijd. Zij is een vriendin uit het eerste en tweede middelbaar die ik nog steeds een paar keer per jaar zie, en met wie ik eigenlijk nooit echt het contact ben verloren. We kennen elkaar door en door, en vooral elkaars ouders, en dus kunnen we vrolijk zagen tegen elkaar over de nodige strubbelingen. Tsja.

Nu had ze Bart gevraagd om een van zijn boeken voor een tombola voor het goede doel, maar die moest nog wel bij haar in Aalst geraken. Ik ben dus deze middag na de les meteen naar Aaigem gereden, heb daar heerlijk gekletst, verse asperges met gerookte zalm gegeten, met haar tot in Aalst gereden om daar iets op te halen bij een vriendin, en dan nog in het terugkeren twee geocaches gezocht. We hebben meteen afgesproken om dat in de grote vakantie vaker te doen, want eigenlijk vindt ze dat geocachen ferm amusant, maar dan enkel met zijn tweeën.

Leesclub: “The Song of Achilles” van Madeline Miller

Ja, dit boek hebben we al eerder besproken in de leesclub, meer bepaald in 2022, kort na corona. Maar de leerlingen vroegen er expliciet naar, en deze leerlingen zaten toen uiteraard niet in de leesclub, dus ik zei geen nee.

We waren met een fijn groepje, en ook nu lag dat deels aan het feit dat het een LGBTQ+ boek was, met name over de prachtige liefdesrelatie tussen twee personages uit de Ilias van Homeros.

Het is het verhaal van de Griekse held Achilles , maar dan vanuit het standpunt van zijn beste vriend Patroclus. In het origineel, de Ilias, is de relatie tussen beide onduidelijk. Wel is het zo dat Achilles buitenproportioneel reageert wanneer Patroclus sterft, en dat geeft aanleiding tot het vermoeden dat zij een relatie hadden, ook al wordt dat nergens expliciet vermeld. Miller neemt deze premisse met beide handen aan en werkt dat gegeven volledig uit, vanaf het begin dat de jonge Patroclus onopzettelijk een jongen doodt en verbannen wordt naar het hof van koning Peleus, de vader van Achilles. Ze groeien samen op, ontdekken samen de liefde en bouwen een diepe relatie uit. Samen trekken ze naar Troje, waar Patroclus uit de gevechten blijft maar de steun en toeverlaat is van Achilles. En dan krijg je het verhaal zoals dat in de Ilias beschreven staat: Achilles moet een stuk van zijn buit afgeven, mokt en weigert te vechten, waarop Patroclus dan maar wanhopig de wapens opneemt, en natuurlijk sneuvelt. Is dit een spoiler? Goh, dit is eigenlijk een algemeen bekend verhaal, zodat ook Miller daar niet echt een geheim van maakt.

Vrijwel niemand van de leerlingen kende het originele verhaal, en groot was dan ook de verbazing toen ik vertelde dat Patroclus in de Ilias wél een goede vechter is, dat Briseis daar maar één keer aan het woord komt en dat ze overigens een getrouwde koningsdochter is, geen boerenmeisje, en dat Thetis, de goddelijke moeder van Achilles, daar vrijwel geen rol speelt. Miller heeft duidelijk behoorlijk wat wijzigingen aangebracht, en dat kan uiteraard volledig, ze heeft een prachtig verhaal geschreven. Maar er werd wel kritisch gekeken naar het waarom van de veranderingen in Patroclus. Waarom moet hij plots ‘zachter, vrouwelijker’ geportretteerd worden? Waarom mag hij niet langer een vechter zijn? Of waarom moeten ze plots vrouwen redden, terwijl ook dat niet gebeurt in de Ilias? In hoeverre wil Miller een stereotiep beeld oproepen? Het is toch niet omdat er een koppel is van hetzelfde geslacht, dat je daarom per se een ‘mannetje’ en een ‘vrouwtje’ moet hebben? Natuurlijk is dit boek wel al geschreven in 2011 en zijn de tijden intussen ook al wel wat veranderd, maar dan nog… Sommige leerlingen gaven wel toe dat ze nu anders naar het boek keken, nu ze de originele versie van de feiten kennen.

Dat neemt niet weg dat dit een steengoed boek is dat een homoseksuele relatie normaliseert, iets wat nog veel te weinig voorkomt. Aanrader? Zeker en vast, en de leerlingen waren ook blij dat het op de leeslijst van Engels stond.

Huiskamerkuren #82: Senne en Lokko 2

Senne en Lokko uit de titel, dat zijn Senne Guns en Laurens Billiet, die al eerder een voorstelling samen hadden, en nu dus in Zomergem hun allereerste try-out ten berde brachten. Dat het de allereerste was, dat was er bij momenten aan te merken: het geheel was een heerlijke chaos, met een Senne die af en toe aan het ratelen sloeg van de zenuwen, wiens apparatuur niet altijd meewerkte, en met een Lokko die af en toe in de knoop sloeg met zijn gigantische hoeveelheid instrumenten. Maar net dat gaf het geheel een enorme charme.

Beide heren kwamen dus met nieuwe liedjes, maar ook met een pak humor, waarin duidelijk nog moest geschrapt worden, gesnoeid en bewerkt, maar waarmee ik bij momenten gigantisch heb zitten lachen. Er zaten geniale vondsten in, jammer genoeg ook dingen die te lang gerokken werden waardoor ze een beetje flauw werden, maar dat is nu eenmaal altijd het geval met een try-out, zeker de eerste. Maar beleggingsadvies? Alle mogelijke reggaeversies? Of de – ietwat onwillige – participatie van iemand uit het publiek? Goed gelachen!

Heb ik genoten van de avond? Wel, Bart en ik gaan in de gaten houden wanneer ze effectief met de voorstelling in de zalen komen, want dat willen we echt wel zien. Het kan alleen maar beter worden, toch? En als het nu al zo vermakelijk was…

 

Zomertruitje 14 maar met mouwtjes deze keer

Ik had opnieuw zo’n bol kleurverlopend katoen gekocht, en de vorige keer vond ik het jammer dat ik niet tot het einde was geraakt, dat ik dus niet alle kleuren had. Dat wilde ik deze keer vermijden, en dus haakte ik er korte mouwtjes bij. Eigenlijk had ik nu net wat te kort, maar gelukkig had ik een passend kleur liggen en viel dat niet op.

Bij deze dus een nieuw licht dingetje, hetzelfde patroon maar mét mouwtjes deze keer, en ik ben er echt wel enthousiast over. Die kleuren…

Oh, en toen Peggy het zag – zij die altijd zei dat ze echt echt echt geen mouwtjes wilde – wilde ze er ook. Maar ze heeft al zeven stuks van die zomertruitjes, ik ga het achtste nu maken in lichte witte katoen mét mouwtjes, en eventueel haak ik aan de vorige er dan maar mouwtjes aan, dat zien we nog wel.

Samen in de Kunst

Waar Gwen altijd die adresjes blijft halen, het is me een raadsel. Al wist ze te zeggen dat ze dit van een collega had. Feit is dat we net op hetzelfde moment in de Oudburg aankwamen, een van de restaurantjeswalhalla’s van Gent. Een smal trapje af bracht ons in een souterrain met wel een gezellig terras. Maar aangezien het niet zo bijzonder warm was, hadden we voor de zekerheid toch een plaatsje binnen gereserveerd.

Heel uitgebreid is de kaart niet, maar dat vonden we beiden niet erg: we gingen samen voor een makreelrilette met zuurdesembrood erbij, en dat kon probleemloos. Gwen nam er een glas oranje wijn bij, ik nam de net vernieuwde huismocktail, iets met gember.

Als hoofdgerecht kozen we allebei kip rendang met pickles, met daarbij ovengebakken patatjes. Het werd zeer gesmaakt: smaakvol, pittig maar niet té, en vooral meer dan genoeg, om niet te zeggen gewoon te veel voor ons. Geen nood, er werd ons prompt aangeboden om de rest mee te geven in een potje, en zo geschiedde.

Ik had dus eigenlijk al te veel gegeten, maar had toch zin in een dessertje, en dus namen we iets heel simpels, met twee lepels: merengue met aardbeien en licht geklopte room.

En intussen kletsten we uiteraard honderduit, eigenlijk nauwelijks over het werk, maar vooral over, goh, vanalles eigenlijk, onder andere de reis naar Japan. En legden we meteen vijf dagen in augustus vast om samen iets te doen, met als basis het appartement in Oostende. Dik in orde!

Oh, en de rekening? Aperitief, gedeeld voorgerecht, hoofdgerecht, gedeeld dessert, koffie en thee: 98 euro. Valt best mee.

Lectuur: “Paranormal Nonsense (Blue Moon Investigations #1)” van Steve Higgs

Ik zocht en vond nog zo’n compleet hersenloos racey dingetje zoals The Iron Druid en vooral The Dresden Files, alhoewel dat je die twee niet echt hersenloos kan noemen, want je moet bij momenten goed nadenken. Dat was bij deze reeks eigenlijk niet echt nodig: een vroegere militair besluit privédetective te worden in Rochester (UK) en per ongeluk verschijnt zijn advertentie onder de noemer ‘paranormaal’. Tsja. Het is dan niet verwonderlijk dat er vreemd volk op af komt, denk ik dan. Tempest Michaels gelooft niet in het paranormale en slaagt er dan ook in zijn eerste echte ‘paranormale’ zaak op een gewone manier te verklaren.

Higgs doet zijn uiterste best om Michaels te laten overkomen als een doodgewone single guy maar spendeert dan ook gigantisch veel tekst aan het uitlaten van de beide dashonden van het hoofdpersonage, aan het drinken van thee en het beschrijven van het dieet en de fitness, met daarnaast een oog voor knappe vrouwen en het effect daarvan op de lul van de protagonist. Het resultaat is een irritant hoofdpersonage met nogal wat macho- en misogyne trekjes. Ik bedoel maar: zelfs de knappe barista aan de overkant van zijn kantoor wordt omschreven als ‘een paar pondjes te zwaar’, en een dikkere vrouw – uiteraard met harige bovenlip – is meteen ook een walrus. Serieus. Er wordt wel érg hard gefocust op uiterlijk en gezond eten, en nogal weinig op het cerebrale. Dat laatste zou je nochtans verwachten bij een detectiveplot.

Aan de andere kant was ik wel op zoek naar iets dat bijzonder vlot leest en wat je dus kunt lezen als je moe bent en geen zin hebt om iets anders te doen. Deze urban fantasy beantwoordt wel aan die criteria, ja. Maar noem het gerust een equivalent van pakweg CSI, The Rookie of zo’n andere politieserie. Mja. Of misschien nog eerder een Midsomer Murders maar dan met een stevig fout kantje. En toch ga ik ze lezen, want mijn hoofd staat niet op iets ernstigers. Moet ook wel kunnen, toch?