Piano stemmen

Toen we hier meer dan 20 jaar geleden zijn komen wonen, heb ik de piano van mijn ouders meegebracht. Ginder werd er toch niet op gespeeld en ik vond het een mooi ding. Trouwens, ik kon het wel gebruiken om koorpartijen in te studeren. We hebben hem toen ook uitgebreid laten stemmen door een vriend van mijn schoonouders die effectief pianostemmer van beroep was.

Nu, vandaag had Merel een notenleerles gekregen via de computer en moest ze ook een taak maken. Ze snapte iets niet helemaal van tonica’s en medianten en dominanten, en dus sloeg ik de piano open en een akkoord aan (zeugma, iemand?).

Oi! Mijn oren!

Het was duidelijk lang geleden dat ik hem nog gebruikt had, want hij stond kattevals. De meeste noten worden gevormd door drie snaren, en zodra er daar ééntje van ontstemd is, klinkt het afgrijselijk. Het was ook niet één noot die ontstemd stond, het leek wel een kattenparadijs.

Bon, de voorkant er dus uitgehaald, de stemsleutel genomen en puur op het gehoor proberen bijstemmen. Het is een kwestie van bepalen welke van de snaren voor het auditieve ongemak zorgt en die dan terug goed te zetten. Staat elke noot dan juist? Nee, want ik zorg er enkel voor dat de drie (of twee) snaren per noot gelijk staan. Zijn ze alle drie wat gezakt, dan blijf ik er af, want dan begint het moeilijk te worden. Tenzij het de spuigaten uitloopt natuurlijk. En om Wolfs stembakje te halen, daar was ik dan weer te lui voor. Maar een akkoord klinkt nu weer als een akkoord, en een Für Elise klinkt nu niet meer alsof ik Beethoven post mortem een hartverzakking wil doen krijgen.

En Merel? Die stond erbij, keek ernaar met open mond, en vond dat allemaal vree wijs. En sloeg daarna prompt een mooi akkoord aan. Met dominant.

Lectuur: “Red Rising #4 en #5” van Pierce Brown

Ik had hier al beschreven met hoeveel goesting ik de eerste drie boeken van Red Rising had gelezen. Daaruit volgde dan uiteraard ook het vervolg, zijnde boek vier en vijf. Ik kon het niet laten, want eigenlijk had ik beter gewacht tot boek zes ook uit was.

Deze trilogie speelt zich af 10 jaar na het einde van de vorige, en het is intussen, goh, helemaal fout gelopen. Of toch  aan het fout lopen. Over de inhoud mag ik eigenlijk niks zeggen, want dan heb je een hoop spoilers over de eerste drie boeken. Eigenlijk zijn deze boeken gewoon meer van het zelfde, maar gelukkig was dat eerste al steengoed.

Soms vervalt Brown in maniërismen, maar ik vermoed dat dat ook is omdat ik natuurlijk alle vijf de boeken na elkaar lees, wat eigenlijk niet echt de bedoeling is. Bepaalde frases komen terug, bepaalde gevechten zijn meer van het zelfde, en af en toe had ik een beetje een déja vu gevoel. Maar plotgewijs blijft het goed, je wordt nog steeds in het verhaal getrokken en de personages zijn echt meer dan “gewone mens wordt superheld wordt hero”, met diepgang, twijfels, fouten en stommiteiten.

En ja, ik kijk dus vol verwachting uit naar deel zes dat deze trilogie moet afsluiten. En ik vraag me ook wel een beetje af wie het nog allemaal zal overleven…

En misschien begin ik wel de afgeleide reeks te lezen, The Sons of Ares. Of de audioboeken te beluisteren. Of de comics te lezen.

Voor de klas!

Meer dan twee maanden, yup, en een hoop voorbereidingen. Toch wel wat stress ook, deze morgen, dat geef ik toe.

Maar met een glimlach van mijn ene oor tot mijn andere trok ik deze morgen met de fiets richting school. Ik nam zelfs een paar selfies met weggewaaid kapsel op de fiets ^^

En op school zelf moest ik toch een mondmasker aan in de gangen, en zodra de leerlingen op hun plaats zaten en ik vooraan stond, een gezichtsscherm. Dat spreekt nu eenmaal een heel pak makkelijker. De twee tegelijk, zoals op de foto van vandaag, is niet nodig, maar wel fotogeniek :-p

En de les zelf? Awel, ik kan het niet anders zeggen, dat deed gewoon deugd. De opdeling van de leerlingen is wel een beetje vreemd, zijnde een klas van 6 GL-LT met 10 leerlingen, en dan de 6 LWe met 1 leerling. Arme Léon, hij had dus helemaal alleen twee uur les met mij. Maar roostermatig kon het gewoon niet anders, aangezien de ene groep altijd samen les heeft, en Léon voor al zijn andere uren samenzit met de 6 WeMT, die op de uren Latijn dan extra Frans en Engels heeft. Tsja.

Maar het deed echt goed om nog eens gezichten te zien, respons, reacties, en vooral ook dialoog. Je moet eens filosofie geven waarbij de enige antwoorden die waren die ze typten. En deze les was ik al helemaal dankbaar: Parmenides en de paradoxen van Zeno, dat zag ik me al niet doen voor een camera.
Maar bon, het is gelukt, ze hebben het – hopelijk – begrepen. En Léon was al gewaarschuwd door de anderen: “Rombaut gaat gewoon met uwe mind fucken, ge gaat wel zien!” Hij gaf hen trouwens gelijk…

Zo content als een katjen ben ik daarna weer naar huis gefietst, helemaal opgewekt en opgefleurd. En ik kijk al keihard uit naar volgende woensdag…

Nog een rokje!

Merel was zo blij met haar rokje, dat ze graag nog eentje in het zwart wou ook. Ik had nu toch gewone zwarte katoen liggen, van de mondmaskers, en dus gingen we aan het werk. Mijn bevallige assistente tekende en knipte de zakken – oh ja, het is een modelletje mét zakken! – ik knipte en naaide de rechthoeken, de boorden en prutste de rekker op zijn plaats, en voilà, een tweede rokje met voldoende stof deze keer en dus nog zwieriger. En ze staat er beeldig mee!

Roze rokjes

Toen ik de pedaal van de naaimachine van ons ma liet repareren, heb ik meteen ook mijn 50 jaar oude Bernina binnengestoken, ook voor nazicht van zowel de kapotte pedaal als de machine zelf. Ik kon een nieuwe pedaal online bestellen voor zo’n 200 euro en dan nog niet eens zeker zijn dat het goed ging zijn. Maar deze enthousiaste kerel heeft dus de condensator van de pedaal vervangen, de hele machine nagekeken, de condensatoren daar vervangen en het hele ding gesmeerd en gekuist. Resultaat: het loopt als een vliemke! En ik gebruik om eerlijk te zijn toch liever de Bernina dan de Singer van mijn ma: de motor is veel krachtiger en ze is simpeler om te bedraden en zo.
Intussen is dus wel de machine van ons ma binnen voor onderhoud wegens een slecht contact aan de spoelopwinder. En zo blijven we bezig, dus.

Maar bon, ik had dus al eerder een roze mondmaskertje gemaakt voor Merel en die was ronduit zot van de stof. Het is iets dat ik letterlijk op zolder had liggen, geen idee eigenlijk waar die nog vandaag komt.

Ik heb dan online om een patroon voor een zwierig rokje met rekker gevraagd – dat was wat Merel zelf wilde – en Patricia stuurde me de link voor de @skirtalert van Bel Étoile. Ik ging nog op zoek naar een rekkerband van 2 cm, vond die simpelweg in de Delhaize, en ging aan het werk. Ik had dan ook de alleraardigste naaiassistente die patronen voor de zakken knipte, speldjes aangaf, dingen uitmat en gewoon voor een opgewekte sfeer zorgde.

Drie kwartier of zo later had ik een bijzonder vrolijke dochter in een roze rokje. Het is wel niet zo zwierig geworden als bedoeld omdat ik niet voldoende stof had, maar bon, ik vind het wel mooi, en vooral: Merel vindt het mooi.

En meer moet dat niet zijn.

Lectuur: “Northanger Abbey” van Jane Austen

Tussen al het fantasy- en science fiction geweld lees ik al graag eens een klassieker van de BBC-lijst. Deze eerste roman van Jane Austen stond daar echter niet tussen, maar kwam op een of andere manier op mijn Kindle terecht. En aangezien ik niet vies ben van een Austen meer of minder, dacht ik: waarom ook niet.

Wel, het is zeker geen slechte Austen, als je van het genre kostuumdrama houdt natuurlijk. Het boek volgt een wel heel naïeve jongedame van 17, Catherine, wanneer ze met rijke buren die wat extra gezelschap kunnen gebruiken, mee mag naar Bath en daar mag vertoeven in de higher society. Het draait allemaal om de juiste mensen, de juiste kleren, het juiste gedrag en uiteindelijk ook om de juiste, bij voorkeur rijke, huwelijkskandidaat en dus ook de juiste vrienden om die te leren kennen. In het tweede deel van het boek mag Catherine mee met een vriendin die ze daar in Bath heeft leren kennen naar haar huis, de Northanger Abbey, waar ze ook wel het een en het ander tegenkomt natuurlijk, voordat de happy end eraan komt.

Austen steekt vooral heerlijk de draak met de fameuze gothic novel, in haar tijd bijzonder populair, niet alleen qua thema maar ook door middel van sarcastische opmerkingen. Zo is Catherines vader “not in the least addicted to locking up his daughters” en haar moeder verkeert in uitstekende gezondheid “instead of dying in bringing the latter [sons] into the world, as anybody might expect”. Ze tekent echter haar personages wel heel mooi uit, zij het soms nogal stereotiep, maar ook dat past perfect in de tijdsgeest waarin een vrouw niet verwacht werd enige diepgang te hebben, en waarin een man zich mijlenver verheven voelde boven dat bescherming behoevende, naïeve en onnozele vrouwvolk. Tsja.

Eigenlijk gewoon een fijn tussendoortje als je houdt van die klassieke Engelse schrijfstijl, barokke stijlelementen en lichte verhalen.

Geocachen in Munte: deel 1

Het moet gezegd zijn, de streek van Munte (Merelbeke) is ronduit prachtig: zacht glooiend, zeer veel velden en weiden en akkers, boskanten, hagen, veldwegen, wegeltjes…
Het is dan ook geen wonder dat het er vol ligt met geocaches. De Gentsche Geocaching Sosseteit heeft er verschillende reeksen gelegd, waaronder de reeks “Gewoon een mooie lange wandeling”. Ik stuurde gisteren Véronique een berichtje met de vraag of ze geen zin had om, met de nodige afstand, te gaan cachen ginder. Lang hoefde ik niet te wachten op een antwoord, en om drie uur stonden Merel en ik haar op te wachten aan de kerk van Munte.

Het weer was maar half en half, en het werd gradueel slechter: eerst bewolkt, dan gedruppel, en op een bepaald moment zelfs regen. Merel was blij dat ze niet alleen een regenjas maar ook nog een sweater meehad.

Maar we vonden 11 caches, hadden een heel mooie wandeling, en merkten ook dat we echt geen klop meer waard zijn wat conditie betreft: die vijf kilometer was eigenlijk een beetje te veel van het goede.

Het vervolg van de wandeling – of meerdere vervolgen – is voor een andere keer.