366 – 17 december 2024 – treinperikelen bij Call of Cthulhu
Extra verjaardagscadeautje
Vorige week kwam er plots nog een extra cadeautje toe: een pakket van het Poëziecentrum. Marleen wilde ons drieën ook een cadeautje geven voor onze verjaardagen en wat anders dan poëzie?
Mij gaf ze een prachtig boek van Rumi, een middeleeuwse Perzische dichter met prachtig intense gedichten. Vorig jaar, op gedichtendag 2023 had ze me er een gedicht van voorgelezen, en ze was blijkbaar niet vergeten dat ik dat zo mooi had gevonden. Bart heeft het intussen al op zijn bureau gelegd en leest er af en toe in:
Daarnaast was er de Poëziekalender, een scheurkalender met elke dag een gedicht, en daar kijk ik nu al naar uit, om eerlijk te zijn.
En dan was er nog een boek voor Merel. Een prachtig boek, daar niet van, maar hetzelfde als wat ze vorig jaar gekregen had. Op zich is het geen probleem: ik heb het netjes in de verpakking gelaten en ik ga het wel eens wisselen in het Poëziecentrum, Marleen heeft er zelfs al naartoe gebeld en het hen laten weten.
Maar ik vind het vooral ongelofelijk lief: gewoon hele fijne extra cadeautjes. Want ja, poëzie leest nog altijd het gemakkelijkst en het aangenaamst op papier, toch?
Lectuur: “Poseidon’s Gold†(Marcus Didius Falco #5) van Lindsey Davis
In het vijfde deel van Falco komt hijzelf deze keer zwaar in de problemen wanneer er een oud-legionair die met zijn intussen overleden broer diende, zijn geld van een investering komt opeisen. Alleen heeft Falco geen idee waarover het gaat, kan hij het uiteraard niet aan zijn broer vragen, heeft hij het geld niet, en wordt tot overmaat van ramp die legionair ook nog eens vermoord teruggevonden. En wie is er de hoofdverdachte? Juist ja.
Falco moet noodgedwongen opnieuw contact zoeken met zijn vader die er twintig jaar eerder vandoor is gegaan met een andere vrouw en dus zijn gezin in de steek heeft gelaten. En uiteraard is hij nu nog minder dan voorheen een geschikte echtgenoot voor zijn senatoriale geliefde…
Soit, meer van hetzelfde dus: een vlot geschreven detective in het Rome van Vespasianus, een Rome met veel geweld, diefstal, moord, vuil, lawaai en nog meer van dat soort realistische dingen.
Yup, nog steeds fun.
Kroontje
Nu ik toch in de zetel lig te liggen, ben ik verslaafd aan het worden aan mijn handwerkjes. Denk maar aan al die mutsjes en vesten die ik al gemaakt heb. Nu, die ene ligt stil omdat de collega moet passen, maar niet echt langs komt en ik dus niet op school geraak.
Een deel daarvan is een kanaliseren van mijn ADHD: terwijl ik lees of tv kijk, ben ik graag ook met mijn handen bezig, en anders zit ik toch maar domme spelletjes te spelen op mijn GSM en mis ik de helft van de inhoud van de rest. Terwijl ik haak, hoef ik niet zoveel na te denken, gewoon af en toe kijken wat ik aan het doen ben.
Mijn lieve jonge collega met wie ik de Creaclub doe, vroeg me hoe het ging. Ik antwoordde onder andere dat ik even zonder projectje zat, waarop ze vroeg of ik geen verjaardagskroontje voor haar zoontje wilde maken. In het blauw. Ik heb er dan maar meteen ook een grote geel/gouden drie aan toegevoegd, en op een uurtje was dat klaar. Ik heb het netjes in een zakje gestoken en meegegeven aan Merel om af te geven aan de leraarszaal. De collega was er blij mee – enfin, dat zei ze toch. Dik in orde.
(Oh, en het blauw is helderder dan op de foto hoor!)
Toch Cthulhu
Ik heb de beste Cthulhugroep ever!
We spelen standaard bij onze GM thuis, want daar staat al zijn gerief, zijn al zijn boeken, kan hij alle scenery klaarzetten, en vooral: hij heeft zelf geen auto en dan is dat nog wel zo makkelijk.
Maar het hoeft niet per se makkelijk te zijn als moeilijk ook kan: ik kan dus echt niet uit de voeten om ginder te gaan spelen. Intussen zou ik misschien wel nog in mijn auto geraken, tot ginder kunnen rijden, maar de afstand van parking tot zijn huis, laat staan de trap en daarna twee uur op een stoel? Nee, echt niet.
Dus verhuisden ze het hele boeltje maar naar hier, naar mijn woonkamer. Ze gingen er volledig mee akkoord om rond mijn salontafeltje te spelen – wat niet zo makkelijk is om dobbelstenen te rollen – zodat ik zelf languit in mijn zetel kon blijven liggen. Ze namen zelf de nodige glazen, Geraard had zoals vanouds alles mee – de Sint was zelfs geweest – en ik kon rustig spelen en genieten van mijn avond, en alle pijn even opzij zetten.
Dikke merci, gasten, dat betekende veel voor me!
366 – 10 december 2024 – Afrikaans Cthulhuding
Endeavour
Ik ben al altijd mega fan van die typisch Britse detectives, stijl Poirot, Midsomer Murders, Inspector Dalgliesh, Miss Marple, dat soort dingen. Niet alles is altijd even goed, er zijn er ook die me niet liggen.
Maar mijn grote, grote favoriet was destijds toch Morse. Ons ma en ik keken altijd samen, of we belden achteraf naar elkaar over de aflevering. Hell, de titelmuziek van Barrington Pheloung hebben we zelfs gespeeld op haar uitvaartdienst.
Lewis, de spin-off sinds John Thaw, de hoofdrolspeler van Morse gestorven is, over zijn sidekick sergeant Lewis, is nog steeds veruit de beste, die steekt met kop en schouders boven de rest uit. En dan was er ook nog Endeavour, de reeks die zich in de jaren vijftig afspeelt over de jonge jaren van Morse als beginnend politieagent. Alleen heb ik er daar amper van gezien, want die werd op een Nederlandse zender uitgezonden en heb ik compleet gemist.
Maar nu heb ik ontdekt dat die te bekijken valt op NPO Star, de betaalzender van de Nederlandse Publieke Omroep. Allez ja, zender: enkel online. Maar de eerste maand is gratis en daarna is het 2.50 euro per maand, ik ga er niet arm van worden. En Kobe heeft voor mij gezorgd dat ik via een omwegje rechtstreeks op het TV-scherm kan kijken zonder mijn computer te moeten aansluiten, want dat zou momenteel niet lukken.
En dus lig ik in de zetel en kijk ik met immens veel genoegen naar Endeavour, terwijl ik haak of brei en mijn rug de nodige rust geef.
En nu nog op zoek naar waar ze BBC First hebben verstopt.
366 – 08 december 2024 – generale repetitie
Lectuur: “The Iron Hand of Mars†(Marcus Didius Falco #4) van Lindsey Davis
Als ne mens dan toch bezig is met een reeksje en dat bevalt hem, dan kan hij even goed verder gaan, toch?
Deel vier van Marcus Didius Falco werd dus een feit: Falco moet op undercover missie in Germanië, officieel om een trofee te gaan overhandigen, onofficieel om gesprekken te gaan voeren met een priesteres. Onder andere.
Uiteraard loopt het allemaal niet meteen van een leien dakje, wordt Falco meermaals in elkaar geslagen, loopt zijn leven gevaar, is ook zijn liefdesleven er bij momenten aan voor de moeite en krijgt hij uiteindelijk niet de beloningen die hem verzekerd waren.
Maar opnieuw is dit best aangename lectuur: Davis kent haar materiaal, heeft duidelijk zowel Caesar als Tacitus gelezen en kent geen gebrek aan sarcasme.
Zoals al eerder gezegd: geen toplectuur, maar het leest fijn weg. Soms moet dat niet meer zijn.








