Toen ik zag dat deel acht van deze ongelofelijk rollercoaster was uitgekomen, heb ik hem meteen gekocht. Dit is een van de meest bizarre en tegelijk amusantste premisses voor een boekenreeks die ik al in tijden gezien heb. Blijkbaar ben ik niet de enige, want ik heb intussen opgevangen – geen idee of het waar is – dat er een reeks én een videogame van zou gemaakt worden. Vooral voor dat laatste leent het zich perfect, want het is ook opgevat als game.
Carl komt met Donut en de rest aan op level 10, na de verwoesting van de Faction Wars. Op het eerste zicht lijkt het een – voor het spel – bijzonder simpele level: je moet racen, en wie het laatste binnenkomt, valt af. Als in: sterft. Dit is makkelijk. Té makkelijk, toch?
Dat blijkt wanneer er niet meer tegen NPCs geracet wordt, maar ook tegen andere spelerteams. En wanneer de races telkens moeilijker en uitdagender worden, zelfs met een upgrade voor het rijtuig.
Tegelijk zijn er geruchten over level 11: niemand weet wat er daar gaande is, zelfs de showrunners niet, alleen de AI. En dus smeedt Carl een plan. Een bijzonder gevaarlijk, roekeloos plan.
Ik heb bewondering voor de grenzeloze fantasie van Dinniman. Tegelijk: als er door je format niet of nauwelijks beperkingen zijn: waarom ook niet? Ook deze ‘aflevering’ van de reeks gaat razendsnel, is bij momenten bijzonder spannend en heeft tegelijk ook meer en meer diepgang, met een donkere ondertoon.
Intussen is er een massa merchandising ontstaan rond de reeks, heb ik gemerkt, en blijkt ze gigantisch populair te zijn. Ik snap dat: ik wacht vol ongeduld op het volgende deel.












