Geocaching voor school!

Sinds vorig jaar hebben we een knaller van een afsluiter van het schooljaar. Vroeger moesten ze gewoon nog in de klassen zijn en hun examens inkijken, en om half twaalf dropen ze af. Tsja. Veel feestelijk was er niet aan.

Sinds vorig jaar is er dus the Final KAMdown: een gigantisch wijs evenement. Alle leerlingen van 1 tot en met 5 moeten zich op voorhand inschrijven voor twee workshops, gegeven door de leraars. Een derde tijdsslot spenderen ze gewoon al hangend op de speelplaats, iets wat sowieso de favoriete bezigheid is van de gemiddelde puber. En de leraars, die voorzien de meest uiteenlopende activiteiten: van Silent Disco over Escaperoom, zumba, bordspellen, lasershooting, schaakinitiatie, tinkering, campfire classics, no bake taart, confituur maken, bootcamp, zaadbommen maken, karaoke, festivalkoken, bruisballen maken, basketballen, make over, grasvolley, photobooth, en ik ben er zeker nog een paar aan het vergeten. Intussen zat de vlotste collega op een podiumpje op de speelplaats alles aan elkaar te praten, goeie muziek op te zetten, en werd er zowaar gedanst.

Zelf had ik een workshop geocaching: mijn lieve collega’s hadden dat als suggestie op de lijst gezet, en ik was daar uiteraard op gesprongen als den duvel op Geeraard, tot hun grote jolijt. Het was vooral niet met voorbedachten rade, vertelden ze. Eerder deze maand was ik al eens in het park Claeys-Bouüaert – het park/bos naast de school, letterlijk ernaast – gaan scouten voor goeie plekjes voor zes geocaches en een bonus. Zondagavond ben ik met Wolf de fiets op gegaan en hebben we samen een heel aangename avondfietstocht gemaakt om ze ook effectief te gaan wegsteken.
Helaas, blijkbaar lagen ze te dicht bij elkaar toen ik ze ook officieel indiende op de website. Ik dacht dat er 141 meter moest tussen zitten, blijkt het 161 meter te zijn. Ik dus dinsdag terug naar het bos om ze opnieuw weg te steken, met de GPS zodat de meters klopten. Ze liggen echt dicht bij elkaar, maar het park is dan ook maar zo groot.
Ugh. Niet ver genoeg dus. Volgens de reviewers is 159 geen 161 (volgens mijn gps klopte het wel) en was het dus niet oké. Ik ben woensdag nog een derde keer teruggereden, opnieuw met Wolf, om ze nog een derde keer weg te steken.

Maar derde keer goede keer, zo bleek: toen werden ze wel goedgekeurd.
Ik heb me vrijdagvoormiddag tegen negen uur op het veld voor het kasteel geposteerd, in een campingstoeltje met mijn boek en een fles water, leerlingen uitgelegd wat geocachen was, hen op weg gezet en hen bijgestuurd waar nodig. Zoals gevreesd was 50 minuten net niet genoeg, maar een aantal onder hen is teruggekeerd in hun vrije moment om het toertje af te werken. Zegt genoeg, toch?

Zalig toch, als je je hobby kan combineren met je werk?

Het verslag van onze Final KAMdown op de schoolwebsite zal maar voor in augustus zijn. Maar ik had wel een fantastisch ontspannen voormiddag.

 

Afscheid

Erik

ik zit hier na een lange, zware dag op mijn oprit in de auto naar The Cure op Werchter te luisteren, en ik kan alleen maar aan jou denken.

De afgelopen dagen heb ik woede gevoeld, verdriet, onbegrip, maar nu voel ik alleen maar een intense vriendschap voor jou. Nee, zo vaak hebben we niet gepraat, maar elke keer opnieuw zeiden we dat we daar nu eindelijk eens werk van gingen maken, dat we eens gingen afspreken, dat we samen een pint gingen drinken. En we waren vooral vast van plan om de volgende keer samen naar The Cure te gaan. Nee, niet Werchter, een echt concert.

En nu zit ik dus in mijn auto naar hun muziek te luisteren en kan ik niet uitstappen. Want jij, jij bent er niet meer. Dat is je eigen keuze en dat moet ik respecteren omdat ik jou respecteerde. Maar je maakt het wel verdomd moeilijk, Erik.
Smith zingt: “Why can’t I be you?” op dit moment, en ik wou dat ik in je geest kon kruipen en je beweegredenen begrijpen. Want deze muziek, en al die larps, wou ik nog samen met jou beleven. En al die andere mensen die nog zo veel met jou wilden doen…
“Boys don’t cry” weerklinkt hier nu in mijn auto, en ik kan je verzekeren dat ze dat wel doen. Girls nog meer. “But I know that It’s too late, that you’ve already gone away”.

Het zij zo, Erik. Maar in mijn hoofd ben je nog lang niet weg. Ik zal nooit meer naar The Cure kunnen luisteren zonder jou in mijn hoofd. En misschien is dat zo slecht nog niet.

Het ga je goed, maat. We zien elkaar nog wel eens, en dan gaan we echt samen die pint pakken. En keihard “Lullaby” opzetten. Beloofd.

Kus.

Gudrun

Nu even niet.

Mijn leven is momenteel gevuld met een eindeloze reeks futiliteiten, die allemaal energie vragen die ik nu gewoon niet heb. Dus als je me nog iets extra wil vragen en het kan een weekje of zo wachten: graag. Nu gewoon even niet.

Ik ben bezig met de muziek voor de proclamatie, de geocacheroute voor de Final KAMdown, de rapporten en de C-attesten die zwaar op mijn maag liggen, gedoe rond de vervanging van mijn kuisvrouw (die geopereerd wordt aan haar knie), het geregel rond de scoutskampen van de kinderen en meer van dat soort dingen die ik niet kan laten liggen, maar die energie vragen.

Eergisteren had ik een platte band en mocht ik nog de pechdienst vragen en naar de bandencentrale rijden.

En deze hadden we dit schooljaar ook nog niet gehad, maar gisteren zijn we er op de valreep nog in geslaagd: Merel die om half negen (het startuur van school) aan mijn bed staat (ik mocht eindelijk nog eens uitslapen) omdat ze haar zwemzak was vergeten en ze teruggekeerd was en dat ze nu te laat ging zijn en of ik haar wilde brengen. Ik dus in slaapkleed op pantoffels in de auto. Ook goeiemorgen.

Maar al mijn energie gaat momenteel naar mijn vader die opnieuw opgenomen is sinds bijna twee weken en blijkbaar dinsdag de hele afdeling op stelten heeft gezet. Ze hebben hem moeten platspuiten en hij heeft slecht gereageerd op de medicatie, waardoor hij nu tijdelijk in een rolstoel zit en met moeite zelfstandig kan eten. Komt weer goed natuurlijk, maar ik maak me gigantisch zorgen.

En dan is er natuurlijk Erik, een larpvriend die zondagavond uit het leven is willen stappen en die vandaag in het ziekenhuis is overleden. Ik ben al de hele week van slag, ik kan aan vrijwel niks anders denken.

Dus, als je me nodig hebt en het is niet dringend: nu even niet.

Verdomme…

Erik, verdomme,

je had me beloofd dat we samen naar het volgende Cure concert gingen gaan.
En we hadden nog zo veel te bespreken dat je bij mij een glas (of twee) ging komen drinken.

Emotioneel snap ik je, rationeel niet.

Echt serieus, Erik… Ik weet dat je het de max vindt als je me zonder woorden kan zetten, maar deze manier had echt niet gehoeven.

Ik zou je nog zo veel willen zeggen, maat…

Donkerte

Lieverds

als het ooit té donker wordt, als het licht voor jou precies niet meer wil schijnen, als je zelf het eind van de tunnel niet meer ziet, kom dan bij me, bel me, spreek met me, hou me vast, laat me je knuffelen, en laat me vooral jouw kaarsje zijn.

Of laat me tenminste toe bij jou te komen, jou aan te spreken, naar je te luisteren, en wimpel me niet af.

Want er is altijd wel ergens nog een sprankeltje hoop, ook al kan jij het zelf niet meer vinden.

En anders is er ook altijd nog het nummer 1813 of https://www.zelfmoord1813.be/

Er is altijd een luisterend oor. Echt.