Een week is misschien wat lang voor Tallinn, maar aan de andere kant: er zijn nog steeds musea die we niet gezien hebben, interessante gebouwen die we niet bekeken hebben, hele wijken die we niet bezocht hebben. Maar ik ben blij met wat we vandaag gedaan hebben!
Ook deze voormiddag ging ik dus alleen op stap, maar ik merk wel dat het later en later wordt voordat ik vertrek. Maar bon, er waren nog wat geocaches die ik wilde loggen, ik ging op pad en zag mooie dingen.
Ik passeerde een katholieke kathedraal – nou ja – en wipte even binnen. Er bleek een zijdeurtje open te staan dat naar de oude gotische kloostertuin leidde. Daar stond wel op dat je twee euro moest betalen, maar ik zag nergens iemand aan wie ik kon betalen, of een ticketje kopen of zo. Bon, het prachtige klooster dus binnen, waar ook nog een Aziatische dame liepen en een vader met twee dochters, die uit Aalst bleken te komen. Hoe weet ik dat? Omdat, toen ik terug naar buiten wilde, de deur op slot bleek te zijn. We klopten op de deur tot iemand ons hoorde, de ’toezichtster’ haalde en die ons buiten liet. We kregen onder ons voeten: er stond toch op dat we moesten betalen? Euh, ja, maar aan wie? Volgens haar hadden we de kerk zelf moeten binnengaan, haar zoeken, en zo betalen. Ja, zeg, zet dat er dan op he!
Soit, opgesloten zitten in een klooster, het is eens wat anders. Ik wandelde terug, vond nog een bijzonder mooi straatje en repte me naar huis, want ik ging tegen half één thuis zijn, wat dus niet lukte. Tsja, ik had echt wel een excuus deze keer.
Ik haalde nog snel een kaneelbroodje, we aten, Bart deed nog een tukje, en we wandelden te voet de stad door, richting Lennusadam, het maritieme museum, maar passeerden eerst nog Fat Margaret, het kleinere deel van het museum waar een boot van 700 jaar geleden ligt uitgestald, en in de rest van de toren het alleen maar over soorten schepen gaat, van middeleeuwse zeilschepen tot hedendaagse motorschepen, waaronder onze ferry naar Helsinki. En bovenaan is een fijn terras met een grote brievenbus als geocache. Leuk gedaan.
We wandelden verder langs het water, voorbij een KGB-gevangenis die nu een tijdelijk gesloten museum is, maar zeer impressionant blijft.
En toen was er Lennusadam, waarover ik getwijfeld had of we dat wel zouden doen. Man, wat een leuk, knap museum! Dit is een schoolvoorbeeld over hoe een museum zou moeten zijn: interessant, ruim, afwisselend, met veel ruimte en specifieke uitleg en spelletjes voor kinderen, maar ook met geschiedenis, volwassen verhalen, dat soort dingen. Oh, en ook een duikboot. Vooral een duikboot. Die je aan de buitenkant kan bekijken, maar waar je dus ook in kan. Compleet met torpedoruim en (niet werkende) periscoop. Maar zo wijs!
We bleven er dus een pak langer dan gedacht, maar dat was ook helemaal niet erg, alleen begon de rug toch wel te protesteren. We wandelden een eind terug, opnieuw langs de zee, om dan een koffietje te drinken met voor mij een Ests dessert: Bird’s milk. Ik vroeg aan de garçon om uit te leggen wat het was, en hij kon dat niet. Toen ik het proefde, snapte ik dat wel: het was met een bodem van koek, met een coulis in en chocolade bovenop, maar de zuivel tussenin houdt het midden tussen panna cotta, yoghurt en… euhm… iets onbestemds. Wel lekker, ja.
We wandelden langs een andere weg terug, gingen nog even plat, en lieten ons daarna naar Noa brengen, een sterrenrestaurant eventjes buiten Tallinn, maar ook dat krijgt later nog zijn eigen post, als ik eens niet weet wat bloggen.
Oh, en heb ik al gezegd dat er vandaag een duikboot was?
