Karten

Half negen wakker, kwart voor negen in mijn auto, met volledig opgeruimde vuurschaal, extra spullen, beddengoed, kostuums en alles! Mijn vriendinnen zijn gewoon de max!

Tien voor tien draaide ik de oprit op, negen voor tien reed ik alweer met Kobe naar Sleidinge, alwaar hij een concert moest spelen. Bart was wakker geweest om negen uur, toen ik naar huis belde, maar was intussen weer in zijn bed gekropen.

Tegen elf uur was hij nochtans weer op en voelde zich merkelijk beter, verklaarde hij. Hij zou wel koken, geen probleem, zodat ik rustig ons pa kon gaan ophalen. Heh, dat scheelt inderdaad wel een hoop stress.

Enfin, Bart kookte, wij aten, en Bart zag het zelfs zitten om met de jongens – Merel was intussen naar een verjaardagsfeestje – te gaan karten in Dok Noord voor Kobes verjaardag. I know I know, die verjaardag was eigenlijk al op 25 juli, maar plannen is nooit onze sterkste kant geweest. Kobe, Levi, Benno, Lou en Wolf amuseerden zich in elk geval rot, zo bleek ook uit de foto’s die Bart me stuurde. Ik heb het zelf één keer gedaan, vond het de max, maar was na een paar rondjes doodmisselijk, dus nee, het is niet meer voor mij.

Bart is wel in de zetel gecrasht toen hij thuis kwam, maar het was wel met een grote grijns.

Parkje

’t Is prachtig weer vandaag, en ik ben dus met de fiets naar school gegaan. Maar eigenlijk had ik nog helemaal geen zin om weer gewoon binnen te gaan zitten na de les – op donderdag ben ik klaar met lesgeven om 12.55 uur – ook al ligt er een pak werk op me te wachten.
Ik ben dan maar even met de fiets in het parkje naast de school mijn caches gaan bekijken. Lees: gaan controleren of alles nog wel in orde was, of ze er nog zaten, nog droog waren en nog niet vol. Cache-onderhoud dus, zoals ik eind december al met ééntje ervan had gedaan.

Ik fietste van cache naar cache en stelde vast dat alles nog was zoals het hoorde. En stelde ook vast dat het park er in dit weer wel vreselijk modderig bij ligt: mijn jeans zat compleet onder de spatten, en op een bepaald moment dreigde ik zelfs vast te rijden met mijn fiets. Ugh.

Maar andere plekjes zijn dan wel weer prachtig. In elk geval genoot ik van het zalige weer en mijn elektrische fiets. Dat het maar snel lente wordt!

Gevuld dagje Brussel

Deze morgen zat ik om twintig over zeven al in mijn auto richting Dampoort Station. Omdat ik eigenlijk nooit op dat uur de Gentse binnenring op moet, had ik geen risico genomen qua files, wat ervoor zorgde dat ik gewoon vijfentwintig minuten te vroeg in het station stond. Du jamais vu!

Enfin, de trein op dus. Helaas was er even niemand te bespeuren op het perron en heb ik dan zelf maar mijn roltasje op de trein gezet. Geen goed idee, blijkbaar. Meh. Maar de roltrap naar boven werkte al. Naar beneden was er een lief jongmens om te helpen. Nog die chance.

Ik deed een klein ommetje voor een geocache en tekende om 9.00 uur netjes present in het Sint-Jan-Berchmanscollege voor de jurering van de Latijnolympiade, de Cicerovertaling. En blijkbaar zat ik in een goede groep, want we waren het telkens snel eens over de puntentoekenning, een paar kleine maar vruchtbare discussies niet te na gesproken.

Ik had er eigenlijk op gerekend dat we zouden bezig zijn tot een uur of drie ’s middags, en dan om half zes vergadering met het Certaminacomité. Ik had dus mijn computer meegebracht om eventueel nog wat te werken, maar toen bleken we iets over twaalven al klaar. Hah!

Ik ging met een paar anderen om een broodje, discussieerde nog even met de andere comitéleden over de nieuwe manier van jureren, en stelde toen vast dat het nog geen twee uur was, en ik dus dik meer dan drie uur had in Brussel voor mezelf.

Ik negeerde de miezerregen en ging op wandel richting enkele geocaches, maar wel vaagweg in de richting van de Bozar. Onderweg zag ik een paar mooie dingen, zoals de gedichten van Marguérite Yourcenar en dergelijke.

Toen ik een beetje uitgeregend in de Bozar binnenkwam, vond de rug het tijd voor een rustpauze, en dus installeerde ik me met mijn boek bij een koffie in het museumcafé.

En toen ging ik me verdiepen in de verschillen tussen Magritte en Dalí en stelde vast dat er vooral zeer veel gelijkenissen waren. Knappe tentoonstelling, echt de moeite.

Maar dat stilstaan en geslenter in een museum, dat is duidelijk redelijk funest voor een rug, zo bleek nog maar eens. Ik stapte toen stevig door, terug richting het college, maar de grens van het comfortabele was duidelijk overschreden. Ik had nog een dik kwartier op overschot en ben toen maar even gaan liggen, waar de rug duidelijk dankbaar voor was.

Bon, vergadering dus, en dan gaan eten in De Schieve Lat, een typische Brusselse brasserie met verrassend lekkere frieten en vol-au-vent.

Gwen en ik hebben ons dan nog gerept om een trein te halen om kwart over tien, en toen bleek volgens de app van de NMBS dat we in Sint-Pieters meer dan een half uur gingen moeten wachten voor we de verbinding met de Dampoort gingen hebben. Ugh. Dat kon mijn rug helaas niet meer hebben.

Ik heb dan Bart gebeld die ons is komen halen en ons naar de Dampoort heeft gevoerd, waar mijn auto stond. Alleen… bleek in Sint-Pieters dat er wel degelijk nog veel snellere aansluitingen waren, maar dat de app het niet nodig had gevonden ons die te tonen. Meh. Bart dus quasi voor niks laten komen. De lieverd…

Thuis ben ik plat in de zetel gegaan. Hopelijk draag ik hier morgen niet de gevolgen van, maar ik denk het niet: de rug is gewoon moe, maar niet geprikkeld.

Gezellig zondagje

Ons pa ging vandaag op restaurant met zijn schoonbroers, en dus waren wij onder ons vijfjes. Bart besloot prompt dat hij niet ging koken, maar dat we ergens gingen eten, en reserveerde meteen een plekje in het restaurant onder de stadshal. Alleen hadden we er niet meteen aan gedacht dat het net dan nieuwjaarsdrink was van ’t stad Gent. Niet dat dat erg was, maar het was er wel een beetje druk.

Enfin, we aten er zeer lekker – het beenhammetje is er een sterke aanrader – en genoten van elkaars gezelschap.

Ik wilde om drie uur naar een toneelstuk in de NTG, en er was dus nog net genoeg tijd over om met het hele gezin in het reuzenrad te gaan dat al een hele tijd op de Korenmarkt staat.

Machtig zicht over het centrum, alleen vond ik het niet zo tof dat Bart plots begon te schommelen: hoogtevrees, it’s a thing.

Daarna reden zij weer naar huis, en ik, ik ging netjes op tijd naar de NTG, voor “Familie” van Milo Rau. Maar da’s voor een volgende post.

Vriendinnetje

Ik blijf dat raar vinden, dat je iemand een jaar niet gezien hebt, afspreekt en dan meteen gewoon bij elkaar in de auto stapt en begint te kletsen alsof het gewoon nog vorige week was dat je zitten tetteren hebt.

Ik heb dat met een aantal vriendinnen die ik al jàren ken, en in het specifieke geval van Sophie zijn dat er 36… Intussen slagen we er toch in om één keer per jaar af te spreken, meestal omdat één van ons een malheur heeft. In 2017 zat ik met mijn rug en kwam zij naar hier, vorig jaar had zij een galblaasoperatie gehad, en nu zat ze met haar voet in de plaaster wegens gebroken. Allez ja, intussen gelukkig een brace waar ze voorzichtig op mag lopen.

Ideaal excuus voor mij, dus, om vandaag even tot in Aaigem te rijden, haar op te pikken, en gezellig samen bij een uitstekende Italiaan in Lede te gaan eten. En intussen honderuit te kletsen over vooral ons familie – we kennen elkaar al zo lang dat we ook elkaars ouders en broers kennen, we zijn zelfs ooit samen op vakantie geweest – maar ook over het werk en alle mogelijke andere idiote onderwerpen.

Oh, en in Lede was er uiteraard een geocache die we niet konden laten liggen. Hehe.

Ik moest helaas om vier uur terug in Wondelgem staan om Kobe naar de fagotles te brengen, maar het deed deugd, elkaar nog eens zien.

Oudejaarsavond

Voor het eerst in jaren vierden we nog eens écht oudejaarsavond. Vorige jaren bleven we gezellig thuis met de kinderen, aten massa’s hapjes en keken films. Dit jaar had Gwen mij en Sofie een berichtje gestuurd: of we geen zin hadden om af te komen met de kinderen.

We zeiden uiteraard geen nee, en wij zorgden voor de hapjes en het dessert, Gwen maakte het hoofdgerecht, en Sofie had soep, taart en drank mee. Allemaal dik in orde dus!

Tegen zeven uur waren we bij hen, en het werd een zeer gezellige avond. Hapjes met hopen en kilo’s, dankzij mijn allerliefste echtgenoot. Hij doet dat graag, en mijn rug deed weer eens moeilijk. Intussen heb ik het verschil leren kennen tussen “Ga liggen en BLIJF!”  en “Kom van uw luie kont en beweeg ne keer een beetje!”

Dit was het laatste, en dus nam ik in de namiddag nog de fiets richting Gent om er een oudejaarscacheke op te pikken aan de Sint-Salvatorkerk. En dan ben ik maar verder gefietst tot aan Sint-Jacobs om er in de Italiaanse winkel een cadeautje voor Gwen te halen, en dan via de Reke (en mijn cache die daar ligt) terug naar huis.

In totaal zo’n tien kilometer op de elektrische fiets dus, en het deed behoorlijk veel deugd: de rug deed het weer. Gevoelig, dat wel, maar in orde.

Bart had intussen zowel hapjes als dessert gemaakt, en beide werden zeer gesmaakt, net zoals de soep die Sofie had gemaakt, en de hertenstoofpot met gevulde appeltjes en een zeer lekker soort kroketachtige dingen.

Tussen dessert en taart schoot het ons plots te binnen: het vuurwerk! We trokken jassen aan, Erik nam een zak mee met glazen en een fles bubbels, en we begonnen te stappen aan een stevig tempo richting stad. Alleen… we waren net iets te laat vertrokken, zodat we de Portus Ganda niet meer haalden, maar aan de Sint-Machariuskerk bleven staan, vlakbij ons vroegere kot. We stonden er op een bijzonder goed plekje tussen een hoop ander volk en genoten.

Daarna moesten we natuurlijk wel nog twintig minuten terugstappen. Tsja… Maar toen was er gelukkig nog taart ^^

Enfin, tegen twee uur waren we terug thuis, maar ik kon helaas nog lang niet slapen. Ik vond het in elk geval een zeer fijne avond. Voor de jongens was het wellicht wat minder, maar bon, dat hoort er dan maar bij.

Wij zijn in elk geval het nieuwe jaar goed ingezet.

Maak er een schitterend 2020 van!

 

Geocachen in Zingem

Sinds Véronique verhuisd is naar Ronse, zie ik haar nog amper. Heel begrijpelijk, maar wel heel erg jammer. Ik mis mijn maatje wel een beetje, ja.

Gisteren belde ik haar: dat het vandaag stralend weer ging zijn, en of ze geen zin had om te geocachen? Het antwoord liet niet lang op zich wachten, en dus spraken we af zo’n beetje in het midden, namelijk aan de Schelde in Zingem.

Het werd een prachtige wandeling met Véro, Peter, Léonore, Sophia, Merel en ik. En mooi verstopte en gemaakte caches, dat ook: 12 stuks met een bonus. En nog wat losse ertussendoor. Ik genoot intens.

We startten kwart voor twee en waren tegen half vijf terug aan de auto, waar een thermos nog redelijk warme chocomelk op ons wachtte, samen met een hoop frangipannekes. Ook Merel zei het: een pràchtige dag, in heel fijn gezelschap.

Dit is voor mij pas echt vakantie, geloof me.