Lepelblad

De lockdown is versoepeld voor restaurants, maar vorige week was er gewoon niks meer vrij. Gisterenavond had Bart wél nog een plekje kunnen bemachtigen, meer bepaald in het Lepelblad, Barts vaste stek toen hij nog met zijn bedrijf aan de Ajuinlei zat, en de locatie waar Merels geboortedrink doorging.

Helemaal in onze nopjes gingen we dus, eindelijk, op restaurant. Het concept van het Lepelblad is wel veranderd: enkel de menu met de keuze uit maar een paar gerechten meer, geen uitgebreide kaart met pasta’s en slaatjes, maar veel beknopter, en ook wel wat prijziger, ja. Maar wel nog steeds zeer lekker, en nog steeds dezelfde mensen.

We hebben er in elk geval van genoten, mijn lief en ik. Het deed eens deugd, opnieuw gewoon met ons tweetjes op stap. Het voelde bijna normaal aan…

 

Wafeltjes

Enkele jaren geleden kreeg ik van Edwin, een medelarper, een speciaal soort wafelijzertje: eentje om zelf ijshoorntjes mee te maken, of als je ze niet oprolt: ongelofelijk lekkere dunne wafeltjes.

Het deeg is blijkbaar op vijf minuten gemaakt, het bakken duurt wel wat langer, maar Kobe was razend enthousiast over die wafeltjes en nam het bakken over. Ik heb wel zelf de eerste hoorntjes gerold met de roltuut – don’t ask – want daar heb je vuurvaste handen voor nodig. Je hebt namelijk zo’n 15 seconden voordat het stofslappe wafeltje afkoelt en keihard wordt, en in die tijd moet je het gloeiend hete wafeltje over de kegel draperen. Dat was dus geen werkje voor Kobe, de rest van de wafeltjes wel.

Die wafeltjes zijn wel gigantisch lekker, beter dan wat je in de winkel kan kopen, en Kobe wil die wel vaker maken: hij zit tijdens het bakken dan youtubefilmpjes te kijken.

Of zoals hij het samenvatte: “Zeg mama! Waarom wisten wij van het bestaan van dat machientje niet af, en waarom heb je dat niet veel eerder gebruikt??”

Tsja.

Geocachen in Vurste

Véronique belde: of we niet gingen  geocachen, op vraag van de dochter dan nog! Euh, ja hoor, moest wel lukken! Om half drie aan de kerk van Vurste?

Stralend weer, fijn gezelschap, twee moeders, twee dochters, een mooie wandeling, prachtig landschap, 11 caches: het was er allemaal.

Er was een boscache waar we veel tijd verloren met zoeken, er was een snoekduik naar een weggewaaide hoed die bijna eindigde met een plons in de Schelde, er waren koekjes aan een picknicktafel bij een gedicht, en het werd een zeer fijne namiddag.

Naar het einde van onze wandeling hadden we het allemaal warm en waren onze waterflessen leeg, en toen zaten daar twee megaschattige jongetjes die vlierbloesemlimonade verkochten voor twee euro per glas, terwijl papa, leunend over het tuinhek, monkelend toekeek. Alleen… hadden wij helemaal geen geld op zak! Ai… Maar ik had in mijn cachezakje nog een ruilspeeltje, Merel had een speeltje van de McDonalds in haar zak, en we hadden ook nog snoepjes bij. Samen leverde dat een hele leuke onderhandelingssessie op én twee glazen limonade! Win-win!

Bedankt, Véronique en Léonore voor een fijne middag en het merendeel van de foto’s!

Zwembadtijd!

Het zijn al prachtige dagen geweest, hier in ons kot, maar het weer belooft alleen nog maar mooier te worden. En dus besloten we om uiteindelijk toch alweer het zwembad op te zetten. Je weet wel, dat opzet Intex ding waar de Merel en Kobe vorig jaar bijna de hele zomer in rondgeplonst hebben.

Kobe zag dat helemaal zitten en zette quasi op zijn eentje het frame op, compleet met zeil en al.

Daarna tilden we het met man en macht op zijn plaats, want daar moest alles uit de weg gezet worden, alles ook heel grondig geborsteld en dan het zeil helemaal glad getrokken. Ik herinnerde me wel nog vorig jaar dat ik, toen we het afbraken, een paar kleine gaatjes had ontdekt. Wellicht kwam dat door kleine steentjes onder het zeil, maar was dat toen niet aan het lekken door het gewicht van het water. Bon, alles was snel geplakt, maar toen er zo’n 10 cm water in stond, zag ik dat het toch nog begon uit te lopen. Zucht. Wolf kon de zijkant optillen en toen zagen we inderdaad dat het water naar buiten spoot via een klein gaatje dat aan de binnenkant gewoon niet te zien was. Bon, ik heb het aan de buitenkant kunnen plakken zonder veel problemen. Oef.

Enfin, ik hoop dat we het tegen morgen toch min of meer gevuld krijgen. Warm zal het niet zijn, maar dat zal Merel in elk geval niet tegen houden.

Wijvendinges

Morgen moet ik weer voor de klas staan. Als in: voor een échte klas staan, stel u voor!

Aan de snit van het coronakapsel kunnen we niks veranderen, maar aan de kleur gelukkig wel. Merel en ik hadden ons haar eind maart al eens gekleurd, maar intussen was dat alweer helemaal rost geworden, en ook bij Merel waren ze enorm verbleekt, die strepen.

Bon, wijvenavond dus. We gingen ons haar kleuren en tijdens het half uurtje wachten een gezichtsmaskertje of zo aanbrengen. En zo gebeurde dus, in verschillende stappen, met de radio aan en in onze badjassen.

Een uurtje later waren we allebei weer helemaal toonbaar, met een netjes ingesmeerd velletje en frisgedroogde haren.

Helemaal klaar voor morgen!

Geocachen in Munte: deel 1

Het moet gezegd zijn, de streek van Munte (Merelbeke) is ronduit prachtig: zacht glooiend, zeer veel velden en weiden en akkers, boskanten, hagen, veldwegen, wegeltjes…
Het is dan ook geen wonder dat het er vol ligt met geocaches. De Gentsche Geocaching Sosseteit heeft er verschillende reeksen gelegd, waaronder de reeks “Gewoon een mooie lange wandeling”. Ik stuurde gisteren Véronique een berichtje met de vraag of ze geen zin had om, met de nodige afstand, te gaan cachen ginder. Lang hoefde ik niet te wachten op een antwoord, en om drie uur stonden Merel en ik haar op te wachten aan de kerk van Munte.

Het weer was maar half en half, en het werd gradueel slechter: eerst bewolkt, dan gedruppel, en op een bepaald moment zelfs regen. Merel was blij dat ze niet alleen een regenjas maar ook nog een sweater meehad.

Maar we vonden 11 caches, hadden een heel mooie wandeling, en merkten ook dat we echt geen klop meer waard zijn wat conditie betreft: die vijf kilometer was eigenlijk een beetje te veel van het goede.

Het vervolg van de wandeling – of meerdere vervolgen – is voor een andere keer.

Geocachen in Lochristi

Ik heb het gehad met dat binnenzitten in mijn kot, en aangezien je nu weer je iets verder mag verplaatsen om je te ontspannen, stak Wolf mijn fiets in de koffer en reed ik naar Oostakker/Lochristi om er een toertje van 10 caches te doen, de Jona&Lien die er door hun ouders ter ere van hun huwelijk is gelegd. Mooi verzorgd, onderhouden en origineel, wat wil ne mens nog meer?

Ik was natuurlijk weer even vergeten dat Meulestee brug dicht is, maar het veer is ook  altijd leuk natuurlijk. Ik nam dat van Terdonk en stond toch wel 20 minuten te wachten, terwijl er stapels fietsers aanschoven en ik eigenlijk de enige auto was.

Ietsje voorbij het veer, langs een jaagpad langs de Moervaart, pikte ik al een eerste cache op, en dan ging het verder naar Mendonk en Zaffelare, waar ik de fiets uit de koffer haalde. Het weer was prachtig, de caches afwisselend, en twee snoodaards lieten zich niet vinden. Zeg nu zelf, begin maar te zoeken in dit hoge gras!

Voor een andere cache was ik dan weer blij dat ik een fietsrekker bij had zodat ik kon vissen zoals op de kermis. Serieus!

Daarna kwam ik bij een eenzame bunker uit de tweede wereldoorlog, en toen ik die beklom, werd ik even heel emotioneel. Er lag namelijk, uit het zicht vanop de grond, een boeket witte rozen, duidelijk van gisteren op Bevrijdingsdag. Iemand had dus zelf, zonder poeha of tralala, op zijn manier de soldaten willen herdenken en bedanken.

Ik had trouwens al gezien aan de sporen in het gras dat er nog cachers op pad waren, en effectief, ik passeerde een koppel met gps en rugzakjes en hond, en dat bleken Kurt, Carine en Basiel de hond te zijn, samen Kucaba, die ik ken van hun prachtige caches in Wippelgem. We raakten aan de praat – op anderhalve meter afstand – en besloten om samen verder te cachen. Intussen had ik trouwens een berichtje gekregen van de legger en zijn we ook de twee ontbrekende caches gaan zoeken met een tip: gevonden!

Heel sympathieke mensen en heel fijn om samen te cachen!

In het naar huis rijden heb ik nog een drietal losse caches gezocht, en tegen acht uur was ik thuis. Een lange middag, behoorlijk moe, maar wel helemaal ontspannen. Zalig!

Bad karma?

Zucht. Bart is daarstraks gestruikeld over de kabel van mijn naaimachine, waardoor die nu definitief de geest heeft gegeven. Als in: de kabel is uit de gesealede behuizing van de naaimachinestekker gesnokt. Drie machines in huis en geen van drie nog bruikbaar wegens dode pedalen/stekkers. En geloof me, als je nog een pedaal kan vinden van zo’n oud beestje, vragen ze er meer dan 100 euro voor, vlotjes. Daarvoor kan ik al een goedkope nieuwe machine vinden tegenwoordig.
Maar bon, ik belde naar de Singerwinkel hier in Gent, en die heeft niet alleen een zeer enthousiaste verkoper, maar ook gewoon de juiste stekker in huis. Vandaag binnensteken, morgen afhalen, zei hij. En ik mocht ook de oude Bernina meenemen waarvan de pedaal kortsluiting geeft. Hij wou de machine zelf ook zien, want blijkbaar zijn die oude Bernina’s allemaal verschillend en kan een universele pedaal ervoor zorgen dat die motor zichzelf opblaast. En laat dat nu net de kracht van dat oude beestje zijn, die sterke motor.
Dat ding weegt wel ongeveer 15 kilo, de fiets was dus geen optie. Maar Merel en ik kleedden ons beiden op, trokken een bijpassend mondkapje aan, en reden fluks naar de Steendam.
Geef toe, we zagen er fantastisch uit, toch?

Daar wist de man ons te vertellen dat het niet echt zo heel erg druk was en dat hij eigenlijk de pedaal wel kon repareren binnen het half uur. Ik stemde meteen opgetogen toe en stelde Merel voor om in ’t stad te gaan. Toen ik haar zei dat er wellicht geen ijsjes gingen zijn, verzekerde de volgende klante me dat ze wel open waren hoor, ook de Damass. Merel en ik dus daar naartoe, en effectief: ijsjes! Met afstand en handschoenen en mondkapjes, maar ijsjes, yay! We liepen dan maar naar de Graslei en gingen vijf minuten zitten op het muurtje. Ja, we wisten dat het niet mocht, en effectief, er zijn zowel zwaantjes als Draken als een gewone politieauto gepasseerd, dus stonden we meer recht dan dat we zaten.

En we kwamen ook wel wat bekenden tegen, dus al bij al werd het een uur voordat we terug waren. Niet dat dat erg was in dat zalige weer. Het deed vooral ook gigantisch veel deugd om eindelijk eens een vleugje normaliteit te hebben: rondlopen in ’t stad en een ijsje eten. Ook al waren alle winkels nog dicht, waren er geen terrasjes en zag je overal mondmaskers. Het deed gewoon deugd.

We hadden een bijzonder fijne namiddag én ik heb opnieuw een werkende naaimachine! Dik in orde, toch?