Fietstochtje met extra’s
Een stevig eindje gefietst vandaag, na het werk. Enkele van mijn caches waren dringend aan onderhoud toe, dus ik had mijn cachebak in mijn fietstassen gestoken en genoot van het mooie weer. En ja, het is echt wel een mooi rondje, zo langs dat fietspad. Enkele logboekjes waren volledig vol, andere gewoon klam, en hier en daar was er ook eentje verdwenen. Shit happens, denk ik dan. Enfin, ik heb er weer een mooie fietstocht op zitten, dik twee uur en een extra 11 kilometer, in totaal dus rond de 20. Goed gereden.
Leuk detail: sommige mensen van de Gentse groendienst weten echt wel wat cachen is. Kijk maar naar de foto waarin de berm van het fietspad is gemaaid: ze hebben ook netjes rond de paal gemaaid waarachter mijn cache zit, terwijl ze dat rond de andere palen niet hebben gedaan.
En op een andere plek had ik een nano, een magnetisch doosje van ongeveer een kubieke centimeter, verstopt aan de achterkant van een fietsknooppuntbordje. Dat bordje, compleet met paal en al, bleek verdwenen, en ik vreesde dus het ergste. Maar nee, er stond een nieuw bordje aan de overkant van de weg, en jawel, daar vond ik dus de cache terug.
Fijne mensen, hier in Gent!
Japan – dag 12: een regen- en dus relatief rustdagje
Op het schema stond oorspronkelijk een rit van anderhalf uur naar het eiland Miyajima met die heel bekende rode poort in het water. Maar het weerbericht gaf de hele dag regen, en één dag rondkletsen in de gietende regen was meer dan voldoende, en zoals gezegd: er treedt wat schrijnmoeheid en ook treinmoeheid op, intussen. En eigenlijk waren we ook wel allemaal toe aan een rustig dagje op eigen tempo en ook wat alleen zijn.
Na het ontbijt trokken de kinderen met hun viertjes onmiddellijk, goed ingepakt, met de bus naar het station, want daar was het Pokémoncenter waar Kobe nog extra kaarten wilde kopen, en waar ook de rest nog wilde rondlopen en naar de arcade gaan en zo. Ze moesten daar dan ook maar iets eten, wat ze ook deden.
Bart ging een voormiddagje werken – in België zitten ze niet stil – en ik, ik had het plan opgevat om eerst naar een apotheek te gaan en dan in een park wat verderop te gaan geocachen. Euhm… Van de vijf minuten naar dat winkelcentrum was ik al behoorlijk nat, ondanks regenvestje en paraplu, en dus heb ik rondgedwaald in Fuji Grand: eerst mijn ogen uitgekeken in de mega supermarkt met alle rare spullen – en meteen ook middageten, aka. sushi voor Bart en mezelf gekocht – en dan door de rest van de winkels. Denk zowat alles wat je kan vinden in de Lange Munt, maar dan in een concept van de Inno. Ik vond er warempel drie mooie waaiertjes voor elk 100 yen, dus ongeveer een halve euro. Oh, en ook een setje eetstokjes, want we hadden geen bestek op ons kamer.
Tegen twee uur trokken Bart en ik naar het Hiroshima Museum of Contemporary Art, een speciaal gebouw temidden van een mooi park. Het museum was niet zo speciaal: veel Japanse kunstenaars, Broothaers, Duchamp, Giacometti… Niet groot ook, maar je betaalt dan ook nog geen 3 euro per persoon als inkom.
Daarna wandelde Bart terug naar het hotel – we hadden allebei een paraplu gekregen aan de buitenbalie van het Hilton – en ik wilde alsnog gaan geocachen in dat park. Het was nog zacht aan het regenen, niet meer aan het gieten. En beetje bij beetje minderde dat nog, tot het rond half vijf stopte met regenen. Oef. Ik liep dus rond in dat park, vond een aantal prachtige caches, wandelde naar beneden – had ik al gezegd dat het op een heuvel lag? – wandelde terug naar boven, weer een eind naar beneden, opnieuw naar boven, zocht veel te lang bij een bepaalde cache, verspilde daar tijd aan, maar genoot enorm van het rondlopen, het alleen zijn, de stilte en het feit dat er nauwelijks mensen waren. Héérlijk! Het feit dat er prachtige uitzichten waren, en een monument voor de G7 met onze eigen Charles Michel en een eind verder eentje met Obama, dat ik een bron tegenkwam, en enkele schrijnen, en daarna nog een mooie wandeling terug naar het hotel, was mooi meegenomen.
Jammer genoeg waren zowel mijn tijd als de batterij van mijn telefoon op, of anders had ik nog verder gelopen om de rest ook nog te doen. Maar om zeven uur hadden we gereserveerd bij het buffet van het hotel, iets wat gisteren al volzet was. De kinderen waren intussen al terug, maar zonder pokémonkaarten: die waren uitverkocht. Wel hadden ze zich goed geamuseerd, onder andere in de arcade.
En toen was er dus het buffet.
En toen was het welletjes, en was er enkel nog het uitzicht op Hiroshima van de 22ste verdieping.
Een snel geocacherondje
Ik had beloofd aan Kobe dat ik na school hem ging ophalen, met een hoop spullen, op zijn kot. Alleen wilde ik eerst nog even langs de Kluyskensstraat om er de bloesems te gaan bekijken en vooral het logboekje van de cache aan de sint-Agnetebrug vernieuwen.
De kersenbloesems zijn er nog nét niet, hopelijk is dat volgende week in Japan wel anders. Maar het bleef wel mooi, ondanks de grijze luchten.
En toen was er nog even het water met de Minervabootjes, en uiteindelijk het kot van Kobe. En de was voor Japan, dat ook.
365 – 24 maart 2026 – Nemo me impune lacesset
Een uitleg van een Japan-kenner
Onze reis naar Japan is volledig voorbereid door een dame die niks anders doet dan individuele pakketten samenstellen. Het ziet er dan ook echt, echt goed uit. Nu, blijkbaar werkt ze samen met een “Japan-kenner”, iemand uit Limburg, die vaak groepsreizen in Japan begeleidt.
Ze stond erop dat we met hem afspraken bij haar in haar bureau in het Wetterse om een uitleg te krijgen.
Deze middag om vier uur parkeerden we onze beide auto’s dus voor de deur en gingen met ons zesjes gaan luisteren. Wel…
Het was duidelijk dat die mens wel wat ervaring had, maar dan vooral met minder ervaren reizigers. Hij legde ons met handen en voeten uit hoe we een ticketje in de metro moesten gebruiken, hoe we blijkbaar van ons hotel in Tokio toch wel 200 meter moesten lopen naar het station en dat soort dingen. Ik probeerde hem duidelijk te maken, door te refereren aan Canada of Berlijn en zo, dat het niet bepaald de eerste keer was dat we op reis gingen, maar dat kwam niet zo vlot binnen. Pas toen ik het ook vlakaf zei dat we wel al wat gereisd hadden, ging hij wat sneller. Over andere, meer interessante onderwerpen zei hij dan weer zeer weinig, jammer genoeg. En de brochure die ze gemaakt hebben, echt een lijvig document, staat helaas vol met fouten, dus echt niet grondig nagelezen. Hoe grondig het ook voorbereid is, dat maakte dat het soms wat amateuristisch aanvoelde, en dat was het eigenlijk niet.
Wat ik dan weer grappig vond – maar eigenlijk wel tekenend voor onze maatschappij – is dat de dame een fles cava had voorzien met zes glazen. Haar gezicht was de moeite waard toen we dat allemaal afwezen en opteerden voor alcoholvrij. Ze moest dan nog ergens glazen zien op te graven en zo…
Maar bon, we zijn toch een hoop dingen wijzer, zoals het vooropsturen van bagage want die mag niet mee op de shinkansen, de bullet train.
Iets voor zes stonden we buiten, het was nog steeds stralend weer, en de rug was redelijk gerecupereerd van de OpenSchoolDag, dus ik wilde die wat extra stretchen, en wat kan ne mens dan beter dan te gaan geocachen? De anderen reden met Barts auto, ik ging dus even langs de Schelde en tussen de velden.
Ik kwam zelfs door een bosje waar enkele vogelkijktorens stonden, en waar een bepaald pad wel héél ambitieus aangegeven stond als iets waar je eigenlijk zelfs met de fiets zou moeten doorkunnen.
In het donker stopte ik nog eens langs de Schelde, bij een kerk, en tegen acht uur was ik helemaal uitgewaaid. De rug was moe, maar deed niet echt veel pijn, dus ook dat was zoals verhoopt.
Heerlijke dag gehad, jawel.
365 – 08 maart 2026 – ergens in het Wetterse
365 – 05 maart 2026 – voorzichtig groen
Weekendje Parijs: dag 2
We waren vroeg op, omdat we om 10 uur aan de Fondation Louis Vuitton moesten staan, en die ligt buiten het centrum, voorbij de péripherique, aan de Bois de Boulogne. Gisterenavond was dat drie kwartier per auto, vandaag bleek dat – maar dat zagen we pas toen we al op waren – amper 25 minuten.
Soit, tegen half negen hadden we onze spullen opgeruimd, waren we via het piepkleine – en dus claustrofobische – liftje naar beneden gegaan en zaten voor een croissantje.
We wandelden iets verderop om onze bagage af te geven en namen dan een Uber. Het is wel makkelijk zo: tegenwoordig bestaat er een service die aangeeft waar je overal je bagage in bewaring kan geven voor een dagje: voor 6 euro konden we ons valiesje afgeven om 9.00 uur en die dan later, rond een uur of vijf, weer gaan ophalen. Dat was in een gewoon kleiner hotelletje, maar ik kan me voorstellen dat die op een dag zo ook wel een fijne bijverdienste hebben. Handig!
Een dik half uur te vroeg stonden we dus voor de Fondation Louis Vuitton, zodat we nog een wandeling door het park achter het gebouw maakten. Wel, daar heb ik dus ook van genoten, zo aan de arm van mijn liefste.
En toen stonden we bij Gerhard Richter, maar die krijgt zijn eigen aparte blogpost. Die verdient dat.
Soit, we liepen nog eens door en rond het gebouw, verzeilden zowaar in het Aziatische pretpark dat daarnaast ligt, en namen de metro richting centrum.
Ons verblijfje lag pal tegenover de Samaritaine, maar we waren er niet binnen geweest. Dat euvel gingen we rechtzetten door er dan ook maar te gaan eten.
De bijzonder vriendelijke ober wist ons te vertellen dat er wel degelijk nog een terras was, maar tegenwoordig was dat gelinkt aan een poepchic hotel en was het ook niet open in de winter. Jammer.
Voor Bart was het stilaan welletjes, zodat we nog langs de oevers van de Seine liepen en hij zich dan, halverwege de Île de la Cité, achter een koffie parkeerde, terwijl ik vrolijk op het eilandje een eind weg ging cachen. Blijkbaar had ik nog wat adrenaline over.
We gingen de bagage ophalen, kwestie van dat achteraf niet meer te moeten doen, en schoven tegen vier uur aan bij het Musée des Arts Décoratifs, maar dat was duidelijk de verkeerde volgorde: het valiesje mocht niet mee binnen. Hmpf. Bart ging dan maar in de Starbucks zitten daar tegenover het Louvre, terwijl ik het museum deed, en daarna wisselden we om.
Ik ben zot van Art Déco en had uitgekeken naar de tentoonstelling, maar… ook al was het met tijdsslots en werd het publiek zogezegd beperkt, het was er zeer onaangenaam druk. Als in: ik heb bepaalde vitrines gewoon overgeslagen omdat er drie rijen mensen voor me stonden. Bepaalde gangen kon je alleen door al schuifelend, het was aanschuiven en wachten. Blah. Op een goeie drie kwartier stond ik weer buiten, terwijl ik daar anders wellicht een uur of twee had doorgebracht. Teleurstellend, maar wel enkele prachtige dingen gezien.
En dan waren er de interieurs van de Orient Express…
Bart kwam me ophalen, we namen de Uber richting station, en dat was dat. Daar moesten we nog even wachten – liever te vroeg dan te laat -, installeerden ons op de trein, en tegen iets over negenen stonden we weer thuis.
Amai mijn voeten. Letterlijk.
Kort cachetripje met verhaal
Een stralende dag, en dus wilde ik toch heel even een frisse neus halen. En deze week kan je bij het geocachen een ‘souvenir’ van het nieuwe jaar halen, dus dacht ik: ik rij naar Evergem naar het tekenfilmrondje. De rest van dit rondje had ik deze zomer al eens per fiets gedaan, bij stralend zomerweer. Alleen had ik toen mijn hengel niet mee, zodat ik één cache wel had zien hangen maar niet kon pakken.
Vandaag dacht ik: “Ik doe niet opnieuw het rondje want daar kan je enkel te voet of per fiets komen, maar ik parkeer aan Ralingen en kom dan te voet door de wegel die recht op de cache uitkomt”.
Alleen had de kaart niet aangegeven dat daar een knoert van een gracht tussen lag. Maar kijk, mijn hengel bleek net lang genoeg om alsnog over de gracht heen te proberen hengelen. De hengelhoek bleek echter niet oké zodat ik maar geen grip kreeg, alleen alras lamme armen maar géén cache.
En toen stond er plots een jong koppel – ik had hen niet zien aankomen – te kijken wat ik aan het doen was. Spontaan boden ze aan om te helpen, ik overhandigde hen de hengel over de gracht heen en meteen hadden ze de pot in handen. Ik kreeg die toegeworpen, vulde het boekje in, gooide hem terug over de gracht en enkele minuten later hing de snoodaard weer netjes op zijn plaats, kon ik mijn hengel weer opvouwen en gingen we beiden ons weegs.
Een drie kwartier later stond ik opnieuw thuis, met ijskoude kaken, maar een eerste cache van 2026 op de teller en een goed uitgewaaid gevoel.
Goed begin, denk ik dan.








