Londen dag vijf: het is op

Omdat het gisteren zo laat was, sliepen we lang, ontbeten laat en trokken rond half elf de deur van ons excellente verblijf achter ons dicht. Ik geef u nog even een zicht op de privétuin mee van op ons terras.

We namen met onze spullen de metro vanuit Paddington richting St. Pancras om daar onze bagage al eerst even af te droppen, en lazen intussen de Metro, het gratis gazetje dat daar nog bestaat. We stelden wel vast dat we precies lang bleven stilstaan op Edgeware Road, en plots… reden we terug de andere richting uit en stonden we weer in Paddington! Als twee idioten hadden we er dus niet bij stilgestaan dat Edgeware Road de eindhalte is van de Circle Line in de ene richting, en dat we daar dus hadden moeten overstappen op de Circle Line in de andere richting. Goed bezig dus, extra gezeul voor Merel met de overvolle – wegens te veel boeken gekocht – en loodzware valiesjes, en bijna een uur kwijt. Het zorgde ervoor dat we onze bagage afgooiden en richting Charing Cross spoorden, maar daar eerst iets gingen eten in een of ander Italiaans restaurant. Het stikt daar echt van de Italiaanse dinges…

En toen was het tijd voor de National Gallery, iets wat bij Merel ook met stip op haar lijstje stond. Ja, het was het waard, alleen al voor de Monets die er hangen en waar zij compleet zot van is. Ze kocht dan ook een schriftje van Monet en kreeg van mij een T-shirt met de waterlelies op.

En toen… was het op bij Merel. Haar voet deed zeer – een ontstoken teennagel en blijkbaar, zo bleek achteraf thuis, een ontstoken pees – en ze voelde zich echt niet goed. Het plan was geweest om nog te voet, zo’n 40 minuten wandelen in totaal, richting St. Pancras te gaan met een tussenstop in het British Museum en daar ook een koffietje. Dat lukte dus niet meer, en ik troonde haar dan maar mee via de metro naar St. Paul’s Cathedral die ik ook wel wilde zien en waar ik nog een massa labcaches kon doen, zodat zij zich ook niet schuldig hoefde te voelen.

Zij installeerde zich daar in de tuin van de kathedraal onder een boom, en ik ging op wandel. 26£ voor de binnenkant van de kerk was me toch iets te veel, zodat ik me ook in de schaduw installeerde en een reeks labcaches afwerkte. De rust en de stilte – het was echt druk geweest in de buurt van Trafalgar Square – hadden Merel duidelijk goed gedaan, en een ijskoffie met koekje bij de Starbucks waren nog beter. We namen de metro’s terug richting Euston, haalden onze bagage op, waren tegen half zes in het station, zoals gevraagd, en gingen als een sneltrein doorheen bagagecheck, security check en paspoortcontrole: ze deden toevallig net voor onze neus telkens een nieuwe balie open. Een rustig half uur later konden we aan boord, zaten we te lezen, kregen we een deftige koude salade als avondeten, en om tien uur stonden we in Brussel. Daar hebben we gelopen om nog de trein van 22.07 uur naar Gent te halen, maar helaas: dat perron van de Eurostar is echt té lang en te druk, en we stonden om 22.08uur in de vertrekhal te kijken naar een bord waar net de trein naar Gent van verdween. Dju.

Dan maar een trein later, zodat we om elf uur Bart in de armen konden sluiten, en nog iets later in ons eigen bed lagen.

Oef.

Londen, u was fijn. Echt fijn.

Vlamertinge, Ieper en Beselare

Het zijn blijkbaar zware tijden: vandaag werd de vader van een fijne collega begraven, en dus stond ik iets voor half elf in de kerk van Vlamertinge, een deelgemeente van Ieper. Het werd een mooie, ingetogen maar ook moderne dienst, en ik zat bij een handvol collega’s.

Nu ik daar toch in de streek was, ging ik meteen blijven en geocachen in de buurt. Maar ik reed dus eerst naar Ieper zelf om daar op de grote markt iets te eten, met mijn boekje erbij.

Je kan in Ieper niet passeren, vind ik, zonder even het museum In Flanders Fields binnen te gaan: dit zijn toestanden die we nooit mogen vergeten, en elke keer pakt het me weer. Ik bleef er amper een half uurtje, meer was ook niet nodig, ik ken het museum wel, maar toch…

Het was echt heet, intussen was het tegen drie uur, en ik moest ten laatste tegen zessen alweer in de auto zitten want vanavond was er een sessie van Ghostbusters roleplay in mijn tuin. Het rondje in Beselare dat ik voorzien had, zou wellicht te lang duren, en dus besloot ik om de fiets te laten voor wat hij was en labcaches en virtuals op te pikken in Ieper zelf.

Ik wist overigens niet dat Ieper zo mooie vestingen had, met water en park en al. Mooi!

Intussen was het vier uur, maar Geraard belde intussen de sessie af wegens opkomende migraine. Allez ja, ik ben zodanig gewoon dat hij meestert, dat ik dacht dat de sessie afgeblazen was, terwijl bij Ghostbusters hij gewoon een speler is en Koen degene is die meestert. Ha, dacht ik, dus toch dat rondje in Beselare!

Ik naar ginder, me geparkeerd op een droog stuk gemaaid veld, de fiets afgeladen, en begonnen aan dat rondje van 21 caches. En toen stuurde Ruben dat de sessie dan toch doorging, als er maar één iemand afbelde? Euh… Dju! Ik ging het rondje dan wel inkorten en de rest voor een andere keer laten. Tot Ruben, enkele caches verder, opperde dat hij misschien toch ging opgeroepen worden voor het werk omdat ze in de knoop aan het slaan waren daar. En of we het toch niet konden uitstellen. Euhm… Na veel vijven en zessen en gepalaver – ik zei dat ik nog in Ieperse streken en zat en uitstel ook niet erg zou vinden – werd beslist om het toch af te zeggen, zeker omdat ook Stefaan blijkbaar last had van de rug en niet ging komen.

Allez ju! Dus toch nog tijd om dit knappe, verzorgde en eigenlijk ook bloedhete rondje in Beselaarse velden af te werken. Ik kwam helaas geen enkel café tegen, zodat ik uiteindelijk aan een huis aanbelde om mijn waterfles opnieuw te vullen, want ik was dood van de dorst. Maar ik genoot en zag onder andere ook rotend vlas.

Toen ik aan de auto kwam, heb ik eerst even in de airco zitten uitblazen, want dat was even nodig. En toen een koekje gegeten, want ook de suiker was blijkbaar nodig.

En toen had ik nog genoeg energie om in het dorp van Beselare zelf de heksenlabcache te doen, want blijkbaar is dat een heksendorp met goed gedocumenteerde heksen. Ik ben maar door een klein stukje wijk gereden, maar de mensen zijn wel helemaal mee in het verhaal, zo blijkt.

Toen ik tegen half negen thuis kwam, was ik wel doodop, maar helemaal tot rust gekomen, en laat dat nu net de essentie van vakantie zijn, toch?

Ongepland én gepland geocachen

Wolf vroeg me of ik hem tegen half tien af wou zetten in Eke, op de parking van de voormalige Makro. Ze hebben namelijk toelating van de eigenaar om daar de UGent Racing auto te testen, en het is toch wel een eindje fietsen, ja, zo’n klein uurtje.

Voor mij is het vakantie, dus waarom ook niet? Ik moet trouwens ook naar Zomergem, want wellicht staat daar onze ‘goeie’ sportzak, gevuld met opa’s kleren, en Wolf heeft die nodig om mee te nemen naar Tsjechië en Oostenrijk. Ik kan er dan maar beter ‘de ronde van Vlaanderen’ van maken, toch?

Soit, ik passeerde dus door Landegem en zag dat daar een mooi labcacherondje rond Cyriel Buysse lag, met nog enkele vaste caches die ik nog moest doen ook. En ik had tijd…

In Zomergem stelde ik vast dat:
1. die zak daar niet stond, en dat ik die thuis onder mijn bed had geschoven
2. ik daar dus voor niks stond
3. ik echt dringend verder moet doen aan het opruimen van dat huis
4. ik daar echt geen enkele motivatie voor heb
5. daar nog gigantisch veel brol staat.

Enfin, naar huis dan maar, koken, en toen vond ik dat ik nog wel meer kon geocachen die dag. Bart zette mijn fiets op de auto, en ik reed voorbij Zelzate, net over de grens naar Westdorpe om daar een heel mooi rondje in de wijk Autriche te fietsen. Intens genoten, en zelfs een stopje kunnen doen om een smoothie te drinken met een stukje Westdorpse vlaai bij.

Na driekwart rondje kwam ik twee andere cachers per fiets tegen, en dan hebben we de rest maar samen afgelegd. Ik heb nog ferm goed gelachen: het waren twee wijze mannen van ongeveer mijn leeftijd die blijkbaar bijzonder goed op elkaar ingespeeld waren. En vooral ook galant: ik was op een bepaald moment even rondgereden omdat ik mijn fiets niet een trapje af kon dragen, en een eind verder, toen dat weer het geval ging zijn, stond een van hen me netjes op te wachten om mijn fiets naar beneden te brengen. Fantastisch, toch?

Enfin, fijne dag, fijne caches, fijn gezelschap. Vakantie, dus.

Avondje zee

Mijn dag was vandaag een beetje vreemd. Eigenlijk had ik afgesproken om met Max te gaan ontbijten, maar ik had ’s nachts moeten overgeven, en toen ik wakker werd, voelde ik me allesbehalve: misselijk, mottig, beetje hoofdpijn… Ik heb Max afgebeld en ben zowat de rest van de dag in de zetel blijven liggen, en heb nog een stevige dut gedaan ook.

De hoofdpijn werd erger, Dafalgan hielp niet, en dus nam ik een Excedryn, een middel tegen zware hoofdpijn en migraine. En kijk, binnen het half uur voelde ik me prima! Het moet dus een verholen migraine geweest zijn, en achteraf gezien kan dat wel kloppen, ja.

Maar mijn dag was dus compleet verloren geweest. Tot Bart zei dat hij die avond een diner had in Knokke, en ik op den bots besloot om zijn chauffeur te zijn en in Knokke te gaan geocachen intussen. Hij moest me dan maar een berichtje sturen wanneer hij daar aan het afronden was, en dan kwam ik hem wel weer oppikken.

Zo gezegd, zo gedaan. Ik gooide hem af aan La Reserve en reed verder voor de stadscache van Knokke in een stukje park met duingrond. Mooi, zo in dat avondlicht!

Ik reed wat verder en ging in Duinbergen nog een paar caches oppikken, zelfs een webcamcache van een plaatselijke zeil- en surfclub. Ik genoot van de wind in mijn haar, de zon op mijn snoet, het geluid van de meeuwen en de golven, en uiteraard ook nog van een ijsje.

Ik moest me nog reppen toen Bart me een bericht stuurde: ik zat wel een eindje verderop. Maar ik heb er gigantisch van genoten. Moest het geen uur rijden zijn, ik reed vaker ’s avonds eens naar zee…

Geocachen richting Dordrecht

Jawel, het is alweer tijd voor Big Rivers in Dordrecht! Ik keek ernaar uit, en kort na de middag vertrok ik dan ook richting Kapelle-op-den-Bos om er Mireille op te pikken. We wilden echter niet te vroeg in Dordrecht toekomen om Sabrina niet te veel te belasten, en gingen dus eerst nog op zoek naar een kort rondje – een uurtje, zoiets – om te geocachen. Dat vond ik net voor de grens met Nederland: de Mosten, een klein watersportgebiedje met dus enkele caches.

Het zag er echt wel tof uit: er is een baan om te leren waterskiën aan de hand van zo’n ketting waaraan handvaten voortdurend over het water gaan: wijs om zien, wellicht ook leuk om doen als het zo warm is. Tot onze grote verbazing zat er niet veel volk aan het zwemgedeelte, en dat zag er nochtans cool uit. Maar wij wandelden dus rond het water en eindigden met een drankje en een ijsje aan de wel zeer dun bevolkte bar. Vreemd, met die temperaturen.

Tegen zeven uur stonden we in Dordrecht bij Sabrina, op het appartement van haar zoon waar zij ook deeltijds woont. Het prachtige huisje van de vorige edities is jammer genoeg niet meer beschikbaar omdat de eigenares er weer permanent woont. Meh. Maar het appartement ligt ook prima, net achter het station en vlak voor een groot park. Het zal nochtans de laatste keer zijn, want Milan verhuist naar iets nieuws, en dan zien we dat wel weer.

Sabrina had uiteraard weer een uitgebreide tafel voorzien, met alle mogelijke toespijs en alles erop en eraan. Die houdt er gewoon van mensen te vertroetelen, en wij zijn bijzonder bereid ons te laten vertroetelen. Mooi toch?

En ja, Dordrecht blijft een beetje voelen als thuiskomen, na al die jaren. Ik blijf ervan genieten, telkens weer.

De kapel van Stoepe

Ik had Véronique alweer veel te lang niet gezien, en ze was ook niet naar de begrafenis kunnen komen, waardoor we vandaag afspraken. Ze was een paar dagen in Kluizen bij haar mama, wat ideaal was voor mij om haar na de kine op te pikken, even bij te praten, te wandelen, te geocachen, en haar dan een dikke twee uur later aan het station af te zetten. En zo geschiedde.

Ze was sinds haar kindertijd niet meer bij de kapel van Stoepe geweest – nochtans maar een paar kilometer van het ouderlijke huis vandaan – en was dan ook aangenaam verrast: door de bomen was de hitte bijzonder draaglijk, en de twee labcachen met bonus ook best amusant.

En uiteraard namen we beiden foto’s.