Op het schema stond oorspronkelijk een rit van anderhalf uur naar het eiland Miyajima met die heel bekende rode poort in het water. Maar het weerbericht gaf de hele dag regen, en één dag rondkletsen in de gietende regen was meer dan voldoende, en zoals gezegd: er treedt wat schrijnmoeheid en ook treinmoeheid op, intussen. En eigenlijk waren we ook wel allemaal toe aan een rustig dagje op eigen tempo en ook wat alleen zijn.
Na het ontbijt trokken de kinderen met hun viertjes onmiddellijk, goed ingepakt, met de bus naar het station, want daar was het Pokémoncenter waar Kobe nog extra kaarten wilde kopen, en waar ook de rest nog wilde rondlopen en naar de arcade gaan en zo. Ze moesten daar dan ook maar iets eten, wat ze ook deden.
Bart ging een voormiddagje werken – in België zitten ze niet stil – en ik, ik had het plan opgevat om eerst naar een apotheek te gaan en dan in een park wat verderop te gaan geocachen. Euhm… Van de vijf minuten naar dat winkelcentrum was ik al behoorlijk nat, ondanks regenvestje en paraplu, en dus heb ik rondgedwaald in Fuji Grand: eerst mijn ogen uitgekeken in de mega supermarkt met alle rare spullen – en meteen ook middageten, aka. sushi voor Bart en mezelf gekocht – en dan door de rest van de winkels. Denk zowat alles wat je kan vinden in de Lange Munt, maar dan in een concept van de Inno. Ik vond er warempel drie mooie waaiertjes voor elk 100 yen, dus ongeveer een halve euro. Oh, en ook een setje eetstokjes, want we hadden geen bestek op ons kamer.
Tegen twee uur trokken Bart en ik naar het Hiroshima Museum of Contemporary Art, een speciaal gebouw temidden van een mooi park. Het museum was niet zo speciaal: veel Japanse kunstenaars, Broothaers, Duchamp, Giacometti… Niet groot ook, maar je betaalt dan ook nog geen 3 euro per persoon als inkom.
Daarna wandelde Bart terug naar het hotel – we hadden allebei een paraplu gekregen aan de buitenbalie van het Hilton – en ik wilde alsnog gaan geocachen in dat park. Het was nog zacht aan het regenen, niet meer aan het gieten. En beetje bij beetje minderde dat nog, tot het rond half vijf stopte met regenen. Oef. Ik liep dus rond in dat park, vond een aantal prachtige caches, wandelde naar beneden – had ik al gezegd dat het op een heuvel lag? – wandelde terug naar boven, weer een eind naar beneden, opnieuw naar boven, zocht veel te lang bij een bepaalde cache, verspilde daar tijd aan, maar genoot enorm van het rondlopen, het alleen zijn, de stilte en het feit dat er nauwelijks mensen waren. Héérlijk! Het feit dat er prachtige uitzichten waren, en een monument voor de G7 met onze eigen Charles Michel en een eind verder eentje met Obama, dat ik een bron tegenkwam, en enkele schrijnen, en daarna nog een mooie wandeling terug naar het hotel, was mooi meegenomen.
Jammer genoeg waren zowel mijn tijd als de batterij van mijn telefoon op, of anders had ik nog verder gelopen om de rest ook nog te doen. Maar om zeven uur hadden we gereserveerd bij het buffet van het hotel, iets wat gisteren al volzet was. De kinderen waren intussen al terug, maar zonder pokémonkaarten: die waren uitverkocht. Wel hadden ze zich goed geamuseerd, onder andere in de arcade.
En toen was er dus het buffet.
En toen was het welletjes, en was er enkel nog het uitzicht op Hiroshima van de 22ste verdieping.












