Japan – dag 12: een regen- en dus relatief rustdagje

Op het schema stond oorspronkelijk een rit van anderhalf uur naar het eiland Miyajima met die heel bekende rode poort in het water. Maar het weerbericht gaf de hele dag regen, en één dag rondkletsen in de gietende regen was meer dan voldoende, en zoals gezegd: er treedt wat schrijnmoeheid en ook treinmoeheid op, intussen. En eigenlijk waren we ook wel allemaal toe aan een rustig dagje op eigen tempo en ook wat alleen zijn.

Na het ontbijt trokken de kinderen met hun viertjes onmiddellijk, goed ingepakt, met de bus naar het station, want daar was het Pokémoncenter waar Kobe nog extra kaarten wilde kopen, en waar ook de rest nog wilde rondlopen en naar de arcade gaan en zo. Ze moesten daar dan ook maar iets eten, wat ze ook deden.

Bart ging een voormiddagje werken – in België zitten ze niet stil – en ik, ik had het plan opgevat om eerst naar een apotheek te gaan en dan in een park wat verderop te gaan geocachen. Euhm… Van de vijf minuten naar dat winkelcentrum was ik al behoorlijk nat, ondanks regenvestje en paraplu, en dus heb ik rondgedwaald in Fuji Grand: eerst mijn ogen uitgekeken in de mega supermarkt met alle rare spullen – en meteen ook middageten, aka. sushi voor Bart en mezelf gekocht – en dan door de rest van de winkels. Denk zowat alles wat je kan vinden in de Lange Munt, maar dan in een concept van de Inno. Ik vond er warempel drie mooie waaiertjes voor elk 100 yen, dus ongeveer een halve euro. Oh, en ook een setje eetstokjes, want we hadden geen bestek op ons kamer.

Tegen twee uur trokken Bart en ik naar het Hiroshima Museum of Contemporary Art, een speciaal gebouw temidden van een mooi park. Het museum was niet zo speciaal: veel Japanse kunstenaars, Broothaers, Duchamp, Giacometti… Niet groot ook, maar je betaalt dan ook nog geen 3 euro per persoon als inkom.

Daarna wandelde Bart terug naar het hotel – we hadden allebei een paraplu gekregen aan de buitenbalie van het Hilton – en ik wilde alsnog gaan geocachen in dat park. Het was nog zacht aan het regenen, niet meer aan het gieten. En beetje bij beetje minderde dat nog, tot het rond half vijf stopte met regenen. Oef. Ik liep dus rond in dat park, vond een aantal prachtige caches, wandelde naar beneden – had ik al gezegd dat het op een heuvel lag? – wandelde terug naar boven, weer een eind naar beneden, opnieuw naar boven, zocht veel te lang bij een bepaalde cache, verspilde daar tijd aan, maar genoot enorm van het rondlopen, het alleen zijn, de stilte en het feit dat er nauwelijks mensen waren. Héérlijk! Het feit dat er prachtige uitzichten waren, en een monument voor de G7 met onze eigen Charles Michel en een eind verder eentje met Obama, dat ik een bron tegenkwam, en enkele schrijnen, en daarna nog een mooie wandeling terug naar het hotel, was mooi meegenomen.

Jammer genoeg waren zowel mijn tijd als de batterij van mijn telefoon op, of anders had ik nog verder gelopen om de rest ook nog te doen. Maar om zeven uur hadden we gereserveerd bij het buffet van het hotel, iets wat gisteren al volzet was. De kinderen waren intussen al terug, maar zonder pokémonkaarten: die waren uitverkocht. Wel hadden ze zich goed geamuseerd, onder andere in de arcade.

En toen was er dus het buffet.

En toen was het welletjes, en was er enkel nog het uitzicht op Hiroshima van de 22ste verdieping.

 

Japan – dag 11: gewelddadig thema

Deze ochtend, in een stralend Kyoto, stond ik iets voor acht al in de tempel naast het hotel. Ha ja, die was gisteren al dicht, en ik vond het nu toch te onnozel dat we heel Kyoto afgekletst waren om dan die tempel naast de deur te negeren. Het was overigens een bijzonder grote tempel, met twee grote hallen. In de ene was een dienst bezig en kon ik even niet binnen. Het was wel mooi om al die monniken in hun zwart-witte pijen te zien, maar uit respect heb ik ze niet op foto. En eigenlijk vond ik deze tempel veruit de mooiste…

Om kwart over acht zat ik met de rest van het gezin aan het ontbijt, waar Kobe zich de ochtendlijke, vers in de steenoven gebakken pizzaatjes liet welgevallen. Yup, een bijzonder fijn hotel, dit is top. Jammer dat we weg moeten dus…

Maar om kwart over negen werden we verwacht in het Samourai & Ninja Museum voor een rondleiding en een initiatie zwaardvechten. We kregen allemaal een gi en een hakama aan, mochten even met echte zwaarden poseren, en kregen dan een houten zwaard om een aantal basis kamai’s aan te leren. Mijn rug vond dat niet zo wijs, zodat ik de oefenposes niet mee deed, alleen de stukjes op snelheid. Ha ja, ik heb niet voor niks zo veel jaar nin jitsu gedaan, en de basis kwam snel terug, ja. Wel eens amusant.

Aansluitend gingen we met onze volle rugzakken – de valiezen hadden we gisteren al richting Hiroshima gestuurd – de bus op naar het station. De shinkansen allemaal goed en wel, maar je verliest telkens wel een uur tussen reservatie en effectieve rit, en door de JR railpas kan je niet onlin reserveren. Nu, deze keer konden we die tijd goed gebruiken door in het station – denk: gigantisch winkelcentrum en talloze restaurantjes, in vrijwel elke stad – een Italiaans pastaatje te gaan eten.

En dan dus een tweetal uur de trein op, naar Hiroshima – met de klemtoon op de o, niet de i. Voor wie zich afvraagt of je dan niet gewoon gezellig naar buiten kan kijken om te genieten van het landschap: dit is wat je meestal ziet. Ik heb drie willekeurige foto’s genomen.

Maar bon, tegen een uur of drie waren we in het Hilton in Hiroshima. Zeker geen slecht hotel, verre van, maar niet te vergelijken met de prachtige Japanse stijl van het Kanra in Kyoto. We zaten op de 17de verdieping, wat wel een fijn uitzicht gaf.

Waar we deze ochtend in Kyoto nog in de stralende zon liepen en we het eigenlijk nog vrij warm hadden, zaten we hier in de regen. Dat lieten we niet aan ons hart komen: goed voorzien namen we de bus richting Hiroshima Memorial Museum, en ja, dat kwam even hard binnen. Zelden zo’n stilte geweten in een zo enorm druk museum, want ook hier was het aanschuiven. Maar die beelden, die foto’s, die voorwerpen, die massale vernietiging en dat onnoemelijk leed…

In de plensende regen liepen we verder langs de monumenten, onder andere langs het Children’s Monument met de talloze kraanvogels, en langs de Koepel, het enige gebouw in de buurt van het hypocentrum – hypo betekent onder, want de bom is in de lucht ontploft – dat min of meer is blijven rechtstaan. Aangrijpend, stuk voor stuk.

Nat gingen we terug naar het hotel, om daar dan ter plekke iets te eten. We waren niet onder de indruk: kleine porties zodat we allemaal nog een dessert namen, en bovendien echt wel duur. Maar wel gemakkelijk en droog, natuurlijk.

En buiten was intussen de natte nacht gevallen over Hiroshima.

15.000 stappen.

 

Japan – dag 5: trip naar Hakone

Omdat Merel echt nog niet op haar plooi is en bovendien nog slecht geslapen had ook, bleven we opnieuw wat langer slapen. Iets over negen stond Bart aan de balie om onze valiezen te versturen. Dat is hier een dingetje: de supersnelle shinkansen zijn zalig, maar je mag geen bagage meenemen, die moet je op voorhand versturen naar je volgende hotel. Alleen moet je wel een dag extra rekenen, zodat we in onze rugzakken onze spullen voor vanavond ook meenemen en pas donderdagavond in de volgende bestemming onze koffers terug hebben. Blijkbaar lukt dat wel: de vijf rugzakken zaten goed vol – ik kan er geen dragen – maar we hadden wel alles mee.

Het is overigens een heldere dag en vanuit onze hotelkamer konden we plots de Fuji zien liggen!

Iets voor tien, na nog een fijne geocache in het station, namen we de eerste trein richting de kust, voorbij Kawasaki, Yokohama en andere ronkende namen. Vreemd genoeg heeft ook zo’n trein nog steeds de layout van een metrostel. Goed twee uur later namen we een volgende, om dan een prachtig treintje te nemen naar Hakone: het zigzagt de berg op, en dat mag je letterlijk nemen: eerst naar links tot aan een platform, dan naar rechts tot een volgend stationnetje, weer naar links enzoverder. Het uitzicht was magnifiek, blij dat we dat genomen hebben in plaats van een bus of zo. Ter plekke aangekomen gingen we een fijn maar stevig trapje af naar beneden, naar het burgerrestaurantje dat Wolf had gevonden.

Eén en ander had wel langer geduurd dan gedacht, zodat we pas na twee uur daar waren, maar man, die burgers hebben gesmaakt! En de weg ernaartoe, over een rivier en langs een hoop bloesems, maakte immens veel goed.

Het was een hele mooie wandeling, maar tijd voor de boottocht met de piratenboot of zelfs de tocht met de kabelbaan was er niet. Tsja. Dat laatste gaan we morgen proberen doen, als de rijen te doen zijn. Reserveringen voor de fast lane zijn al volzet tot eind mei…

We namen de bus richting hotel, stapten verkeerd af omdat de travelapp van ons reisagentschap niet klopte, keerden dan maar op onze stappen terug, vertrouwden op Google Maps en kwamen rond half vijf in ons hotel aan.

Wat een verschil met Tokyo! Ruimte, zen, geen drukte, traditionele elementen… Heerlijk! En een bad op het balkon dat je kan laten vollopen met water uit de heetwaterbronnen onder het hotel, iets wat Bart en ik dus gedaan hebben. Zowel hij als Kobe hebben ook de yukata aangetrokken, voor mij hoefde dat niet meteen. Maar wat een uitzicht, wat een sfeer…

De rest deed voornamelijk een tukje: ik denk dat we allemaal niet goed door hadden dat dit een wellnesshotel is, met eem grote onsen beneden met alles erop en eraan. Niet dat Bart of ik erin zouden mogen: zelfs kleine tattoos zijn niet toegestaan.

En tegen zeven uur gingen we eten: we kregen meteen een eigen ruimte toegewezen, in alle rust en sereniteit. Het contrast met de sushiheksenketel van gisteren kon niet groter zijn. En het buffet was uitmuntend.

Kobe trok nadien nog naar de grote onsen, Wolf en Arwen zagen dat niet zitten wegens naakt en al, maar Merel nam nog een badje op haar balkon.

Jammer dat er hier voor de rest niks te beleven valt, want dit hotel verdient meer dan 1 overnachting, toch?

Oh, en met al dat reizen net geen 10.000 stappen.

Japan – dag 4: meer Tokyo

Om negen uur zaten we aan het ontbijt, om iets over tien waren we alweer onderweg naar het station. Jammer genoeg was het intussen aan het regenen, en dat zou nog wel even zo blijven.

De bedoeling was om nog voor de middag in de tempel van Edo te zijn, de oude stad van Tokyo. Alleen ging het van kwaad naar erger met Merels hoest en gesnotter, totdat ze er bij zat te huilen. We besloten om een apotheker te zoeken, maar ook hier bleven we maar zoeken tot we vaststelden dat die zich binnen in het station bevond, in de betalende zone. En daar bleken we dan eerst bij de dokter langs te moeten gaan, wat we dan maar deden, met de nodige wachttijd. Merel blijkt niet alleen een stevige zware verkoudheid te hebben, maar ook een lichte oorontsteking. Viraal of bacterieel kon hij niet vaststellen, en de vlucht zal er geen goed aan gedaan hebben, zodat hij haar antibiotica voorschreef, een middel tegen de hoest en een middel tegen het slijm. En nu maar hopen dat dat helpt…

We trokken alvast naar Asakusa met de grote Senso-Ji tempel, maar eerst gingen we ramen eten in een van de grote ketens. Euh… Het was er klein, pokkewarm en een half uur aanschuiven, met een gevoel van een fastfoodtent. Maar de ramen waren wel lekker.

En toen stonden we in het hart van het oude Tokyo, Edo dus, samen met een miljoen andere toeristen, waarvan een deel zich de moeite en het geld had gespendeerd om traditionele kleding te huren, Mooi, maar druk! We kochten er good luck charms, snoven de wierook op, en zagen dat het mooi was én een toeristenval.

Bon, een eind verder opnieuw de metro op, en nog wat verder de autonome trein die grotendeels op een eigen spoor in de lucht rijdt, wat zorgt voor knappe uitzichten op de eindeloze gebouwenzee die Tokyo is. We stapten uit aan een bekend punt met het gigantische Gundambeeld, en met een gigantisch winkelcentrum, waar de kinderen gingen shoppen en Bart en ik een koffietje dronken en ik uiteraard ook nog wel een geocache of twee meepikte.

En toen nog maar eens een minuut of twintig op die luchttrein, naar Teamlabs, een soortement instagram ervaringsding. Pokkedruk, maar dat is niks nieuws in Tokyo. En voor een deel tot aan je knieën in het water. Het meeste vond ik nu niet zo speciaal, maar wel de bewegende hangende orchideeënzee. Prachtig…

Bon, naar buiten, terug de trein op, en dan switchen naar een gewone metro. Euh… Het was intussen kwart over zeven, maar die trein zat stampvol, en dat is letterlijk te nemen: je werd geduwd en gestampt. Arwen kreeg het Spaans benauwd zodat we de volgende halte meteen zijn uitgestapt, in een zakendistrict, leek het. Wolf vond online een goed aangeprezen conveyor belt sushi op 12 minuten stappen, en daar gingen we dus naartoe. Online allemaal goed en wel, ter plekke vonden we het niet. Wij binnen in zo’n Mediamarkt-achtig iets, en blijkbaar zat dat restaurant daarboven op het zevende. En toen was er ook nog een wachtrij van een half uur, maar ergens anders ging het niet minder druk zijn, en we bleven dus wachten. Wel, het was de moeite waard. Zelden zo’n zottekot gezien, om eerlijk te zijn. Superdruk, superluid en super de max! Je bestelt iets met een aanraakschermpje voor je neus, wacht enkele minuten en het komt netjes voor je neus aan via die lopende band, met geluidssignaaltje en al. Wat een machine! Superveel en superlekker gegeten, en voor ongeveer 50 euro voor ons zes. En geloof me, Kobe deed het concept eer aan!

En toen was het voor iedereen welletjes. We spoorden naar huis, de kinderen gingen nog even rariteiten opsnorren in de 7/11, en dat was dat voor vandaag.

Eigenlijk hebben we nauwelijks iets gezien van de miljoenenstad Tokyo. We zijn pompaf, hebben de nodige kilometertjes op de teller, en toch… Ik denk dat je hier makkelijk een maand kan doorbrengen en nog niet alle interessante dingen gezien hebt. Tsja. Maar we hebben een klein smaakje van Tokyo te pakken.

18.000 stappen, btw.

 

Japan dag 3: Tokyo

Ik heb geslapen als een blok, van elf tot acht, en het was nodig. Ik denk dat ik gisteren trouwens een liter water heb gedronken en ik moest niet eens naar het toilet, beetje gedeshydrateerd dus. Tsja.

Om negen uur zaten we met zijn allen aan het uitgebreide ontbijtbuffet, iets over tien waren we op wandel richting station hier vlakbij, want daar moesten we onze Japan Rail passen gaan ophalen. Wel een gemak, zo’n pas: werkt voor metro, trein en zelfs de meeste shinkansen. We vonden niet meteen onze weg in dat station, maar een jongeman die ik aansprak, bleek een student Engels te zijn en die liep zelfs meteen mee tot aan de infobalie enkele verdiepingen lager, want hij had toch tijd over. Tekenend voor de mentaliteit hier: zeer zeer vriendelijk.

Daarna ging het richting Meiji Schrijn: een gigantisch complex ter ere van keizer Meiji die gestorven is in 1918, en dat ligt temidden een zeer oud, prachtig bos knal in het midden van Tokyo. Vreemd, maar mooi.

Terug de metro op, en iets eten in een chic restaurantje aan een mooie plaza waar Wolf ons feilloos naartoe had geleid.

Van daaruit ging het te voet verder richting het stadhuis –  of toch iets in die strekking, want Tokyo zelf bevat ongeveer 13 miljoen inwoners, verspreid over 23 districten, maar de metropool Tokyo is ongeveer 40 miljoen inwoners – waar je gratis tot boven kan, met prachtige uitzichten. Op een van de foto’s zie je overigens dat bos goed liggen.

We wandelden een half uurtje verder, met een tussenstop voor een koffie – Bart, Merel en ik – of een 7/11 voor de rest en dan naar Shinjuku National Garden, een prachtige traditionele tuin met veel bloesems, maar nog niet de kenmerkende roze. We liepen rond, slaakten de occasionele ooh en aah, amuseerden ons rot met een foto van onze zes kopjes met bloesems – klont, iemand? – en vonden het allemaal goed.

We wandelden terug naar het station via Shinjoku met die bekende 3D-kat

en namen de metro naar Shiboya, dat bijzonder gekende kruispunt met op piekmomenten 3000 mensen die tegelijk oversteken. Daar zaten we wellicht niet, maar het was er sowieso pokkedruk. Bij Hachiko was het aanschuiven…

Toen gingen we op zoek naar een welbepaald sushirestaurant, dat we pas na heel lang zoeken gevonden hebben en waar een ellenlange rij stond, zodat we https://youtube.com/shorts/ki1OqCc3tRoalsnog ergens anders binnen gingen, voor alweer gefrituurd eten. Tsja.

En toen wilden de kinderen nog even shoppen, maar Bart en ik zagen dat echt niet meer zitten, zodat wij al op het gemak terugkeerden en zij wat later volgden. En uiteraard moesten we de dag besluiten met de 7/11 om er de raarste dingen te proeven…

Oh, en 24.000 stappen.

Een snel geocacherondje

Ik had beloofd aan Kobe dat ik na school hem ging ophalen, met een hoop spullen, op zijn kot. Alleen wilde ik eerst nog even langs de Kluyskensstraat om er de bloesems te gaan bekijken en vooral het logboekje van de cache aan de sint-Agnetebrug vernieuwen.

De kersenbloesems zijn er nog nét niet, hopelijk is dat volgende week in Japan wel anders. Maar het bleef wel mooi, ondanks de grijze luchten.

En toen was er nog even het water met de Minervabootjes, en uiteindelijk het kot van Kobe. En de was voor Japan, dat ook.

Een uitleg van een Japan-kenner

Onze reis naar Japan is volledig voorbereid door een dame die niks anders doet dan individuele pakketten samenstellen. Het ziet er dan ook echt, echt goed uit. Nu, blijkbaar werkt ze samen met een “Japan-kenner”, iemand uit Limburg, die vaak groepsreizen in Japan begeleidt.
Ze stond erop dat we met hem afspraken bij haar in haar bureau in het Wetterse om een uitleg te krijgen.

Deze middag om vier uur parkeerden we onze beide auto’s dus voor de deur en gingen met ons zesjes gaan luisteren.  Wel…

Het was duidelijk dat die mens wel wat ervaring had, maar dan vooral met minder ervaren reizigers. Hij legde ons met handen en voeten uit hoe we een ticketje in de metro moesten gebruiken, hoe we blijkbaar van ons hotel in Tokio toch wel 200 meter moesten lopen naar het station en dat soort dingen. Ik probeerde hem duidelijk te maken, door te refereren aan Canada of Berlijn en zo, dat het niet bepaald de eerste keer was dat we op reis gingen, maar dat kwam niet zo vlot binnen. Pas toen ik het ook vlakaf zei dat we wel al wat gereisd hadden, ging hij wat sneller. Over andere, meer interessante onderwerpen zei hij dan weer zeer weinig, jammer genoeg. En de brochure die ze gemaakt hebben, echt een lijvig document, staat helaas vol met fouten, dus echt niet grondig nagelezen. Hoe grondig het ook voorbereid is, dat maakte dat het soms wat amateuristisch aanvoelde, en dat was het eigenlijk niet.

Wat ik dan weer grappig vond – maar eigenlijk wel tekenend voor onze maatschappij – is dat de dame een fles cava had voorzien met zes glazen. Haar gezicht was de moeite waard toen we dat allemaal afwezen en opteerden voor alcoholvrij. Ze moest dan nog ergens glazen zien op te graven en zo…

Maar bon, we zijn toch een hoop dingen wijzer, zoals het vooropsturen van bagage want die mag niet mee op de shinkansen, de bullet train.

Iets voor zes stonden we buiten, het was nog steeds stralend weer, en de rug was redelijk gerecupereerd van de OpenSchoolDag, dus ik wilde die wat extra stretchen, en wat kan ne mens dan beter dan te gaan geocachen? De anderen reden met Barts auto, ik ging dus even langs de Schelde en tussen de velden.

Ik kwam zelfs door een bosje waar enkele vogelkijktorens stonden, en waar een bepaald pad wel héél ambitieus aangegeven stond als iets waar je eigenlijk zelfs met de fiets zou moeten doorkunnen.

In het donker stopte ik nog eens langs de Schelde, bij een kerk, en tegen acht uur was ik helemaal uitgewaaid. De rug was moe, maar deed niet echt veel pijn, dus ook dat was zoals verhoopt.

Heerlijke dag gehad, jawel.