Op naar de Ardennen

Dat we in de zomer al een paar keer naar Waimes in de Ardennen geweest zijn, dat wist u wellicht al. Mijn nicht heeft daar een tweede huis staan, en dat is ronduit fantastisch! Ze verhuurt het niet, maar we mogen het wel gebruiken, ook al staan al hun spullen daar nog. Dat is des te aangenamer, want dan moet ik geen bakboter meesleuren als ik daar een klein klontje van nodig heb, of een ganse doos koffiefilters, dat soort onzin. We zitten er tussen het kinderspeelgoed, maar da’s eigenlijk nog wel eens leuk. Er staat zelfs een kerstboom…

Nu waren we er nog nooit geweest tijdens de winter. Ellen had al voorgesteld dat we dan ook maar eens een weekendje moesten komen, maar dat was eigenlijk nog nooit praktisch gelukt. En nu bood ze aan om er dus de tweede week van de kerstvakantie te zitten. Zij gingen zelf de eerste week, maar de tweede week moesten ze toch werken… Ik aarzelde eerst, maar zag dat eigenlijk wel zitten. En toen ze plots sneeuw voorspelden, was alle twijfel meteen weg.

Deze morgen zijn we dus onze spullen beginnen inpakken, Bart heeft ze in de auto gezet voor ons – hij gaat niet mee, hij moet werken, en de Ardennen zijn zo zijn ding niet, veel te stil – en tegen kwart over twaalf waren we in Leuven om de sleutel op te pikken. We bleven nog even kletsen, zaten tegen enen in brasserie De Abdijmolen in Abdij van Park, en hadden tegen tweeën ons eten. Een uur wachten voor twee spaghetti’s, een garnaalkroket en een dagschotel, dat is toch wel wat lang, ja.

Enfin, we liepen nog even rond, zochten twee caches in de buurt van de abdij, en reden dan door naar Waimes. Naarmate we verder kwamen, kwam er meer en meer een klein wit laagje. En in Waimes lag er een centimeter of twee-drie: een dun laagje, maar genoeg om de kinderen dolenthousiast te maken. De auto kon niet snel genoeg uitgeladen zijn: ze trokken hun laarzen aan, en gingen spelen in het schemerdonker. Merel was vrij snel weer binnen: het was te koud, en na een half uurtje was ook Kobe er. Maar Wolf, die bleef zich maar amuseren met de slee, de glijschelp en de sneeuw in het algemeen, tot het echt wel donker was. Maar het is wel mooi…

Nieuwjaar

Vroeger spraken we altijd in de namiddag af bij mijn ouders om te nieuwjaren. Dit jaar, tsja, dit jaar zou anders zijn, dachten we. Maar een paar dagen op voorhand, op amper vijf minuten, regelde ik het volgende met mijn broers: we spraken af om zes uur bij mijn pa, ik zou kant-en-klare hapjes zoals kaasblokjes en chips meenemen, en toastbrood, Jeroen zou zorgen voor champagne en drank voor de kinderen, en Roeland moest om kaas en hesp. Jeroen zou dan ook nog zijn grote toaster meenemen, en dat was dat.

Ons pa zag dat ook helemaal zitten: toen we toekwamen, was het huis netjes opgeruimd, de grote tafel vrijgemaakt, stonden de champagneglazen klaar en brandden de kaarsen. We installeerden ons, de kinderen begonnen meteen te spelen zoals altijd, en er waren nieuwjaarsbrieven.

En daarna waren er ook croque-monsieurs.

img_8046

Weet je, het voelde gewoon goed. Het zat ook goed. We misten ons ma wel, maar de sfeer was eigenlijk niet anders. En mijn pa en ik, we waren het er over eens: ons ma zou het fantastisch gevonden hebben, al haar volk in haar huis.

Terugblik

Nee, 2016, ik had je liever niet gekend. Sorry daarvoor, maar zo is het nu eenmaal. Ik dacht al dat 2015 een dieptepunt was, maar toen kende ik jou nog niet.

Waarom, hoor ik je vragen?

Hmm. Moet die vraag echt gesteld worden?

Jij was het jaar waarin ik mijn ma verloor. Mijn ma, mijn allerliefste vriendin. Half mei moest ik afscheid nemen van haar, en ik was daar nog niet klaar voor. Niet klaar als in: niemand is daar ooit klaar voor. Maar we wisten het al langer, en ik ben ongelofelijk blij dat het zo mogen lopen is: moedig en vol leven tot een week voor haar dood. Maar ik mis haar.

De tweede grote opdoffer was de diagnose van artrose. Als er iets was waar ik niet klaar voor was, was het dat wel. Ik die, hoewel ik dik ben, continu rondcross van het een naar het ander, en geen moment kan stilzitten, ik heb artrose in mijn voeten, waardoor ik wellicht over een paar jaar niet meer zal kunnen stappen. Nu lukt het wel, dankzij zo’n metalen pseudogips. Fijn hoor.

En dan waren er nog vele kleinere, vaak ook triviale dingen ook natuurlijk, die telkens op zich ook een druppel in een zich gestaag vullende emmer waren. Wolf sukkelde immens met zijn voet, Kobe knuffelde een paal, mijn schoonmoeder brak haar heup, ik raakte vast in de gigantische files op Zaventem en miste mijn vlucht, verstuikte mijn enkel op de stenen van Pompeiï en viel spectaculair flauw op school, mijn favoriete kleerwinkel ging failliet, de kat beet me serieus in mijn been, ik viel nog eens flauw op de eerste schooldag, mijn grootmoeder van 104 stierf, en mijn rug begaf het nog eens.

Was het dan allemaal kommer en kwel, 2016?

Nee, gelukkig niet.

Er waren ook dit jaar de uitstapjes en museumbezoekjes, zoals het onverwachte dagje Oostende met de leerlingen, de tentoonstelling van email met ons ma, Oostende met de kinderen, de magnolia’s in het Leen met ons ma, de vijfdaagse studiereis rond Napels waar ik intens van genoot, of Wolfs uitstap naar Londen. We vierden Gwens verjaardag met Charlie, ik deed nog eens van Belgian Girl Geeks, we liepen met zijn viertjes een ganse dag in Puyenbroek, keken met gans het gezin naar het vuurwerk, en ik ging met Gwen en zes kinderen naar Center Parcs. We bezochten het Van Abbemuseum in Eindhoven, we dwaalden rond en zochten caches in Luik, en we bleven vijf dagen in het huisje in de Ardennen. We trokken een dagje naar zee, gingen op Pokémonhunt, vierden ons pa zijn verjaardag in ’t stad, bekeken gladiatoren in Zelzate, gingen een dagje spelen bij Gwen, en gingen nog een dagje naar Oostende, mét Bart erbij. Bart ging ook mee op een zaterdag in eigen stad, en ik ging met de kinderen draken bekijken in ’t STAM en playmobilventjes zoeken in het Design Museum.

Er waren ook feestjes, zoals een bijzonder fijn nieuwjaarsfeestje bij ons ma met de hele familie, of Vallery’s verjaardagfeestje, Stafs verjaardagsdiner, Nands verjaardagsfeestje, Marie-Julies verjaardagsfeestje, Wolfs communiefeest, Gwens verjaardagsdrink en Nelly’s verjaardagsfeest.

Het sociale viel wat tegen, want mijn hoofd stond daar echt niet op, al waren er toch hele fijne vrienden. Ik ging lunchen met Monica, ontbijten met Gwen, buurten bij Max, zingen met Lorre, ontbijten bij Véronique, en Lorre kwam me opmonteren na de artrosediagnose. Ik ging nog eens lunchen en daarna in ’t stad met Gwen, zag eindelijk mijn twee beste vriendinnen uit het middelbaar nog eens, en ging na zes jaar nog eens koffiedrinken met Simon.

Er waren ook veel losse fijne dingen, eigenlijk.

Ons ma kwam wafels eten en bleef meteen ook slapen. Ik kreeg een nieuw tuinhuis, en een vriend kwam zelfs helpen om de garage leeg te halen en het tuinhuis te vullen. Ik kreeg valentijnsbloemen van de pastoor, ik begon te zingen in een nieuw koor, en ik kreeg een relaxzetel voor ons ma van een lieve vriend. We wonnen met ons quizteam de schoolquiz in het voorjaar, en gingen prompt onze prijs opsouperen. Ik sprong een gat in de lucht toen een van mijn leerlingen naar de finale van de Latijnolympiade in Italië mocht. Er was onze jaarlijkse fotoprojectweek, Wolf deed zijn communie, en Bart mocht op de thee bij de koning. We kweekten aardbeien, ik begon eindelijk opnieuw met Call of Cthulhu, we gingen zwemmen in de Blaarmeersen, mijn pa leerde Wolf schaken, en ik bouwde eigenhandig een heuse speeltoren. Merel kreeg een eigen restaurantje, ik zong op een heksenfeest, en ik genoot van de zaterdagvoormiddagen in ’t stad. Ik zong een concert in Gent en eentje in Middelburg, en ging naar The Cure met mijn broer.

We hebben gegeocached, en veel. Al de eerste dagen van het jaar, maar ook een prachtige tocht in de zomer, en verschillende tochten in de Ardennen. We reden ons zelfs vast in Ursel,we deden een multi in Gent centrum voor Wolfs verjaardag, en gingen op schattenjacht in Anderlecht na een rugbymatch. We zochten in Ronse na een ziekenhuisbezoek, deden een prachtige avondwandeling in Drongen, wandelden nog eens rond in Gent, en ik ging op jacht op een bloedhete zomerdag met Merel. We deden in de hitte een toertje in de buurt van de Dampoort, beëindigden de grote vakantie op de Westerbegraafplaats, en ik ging met Kobe na een rugbytoernooi gaan zoeken in Schilde. We pikten er een paar op in Zelzate, deden een toertje in de Lembeekse bossen, en zochten er enkele in Oostakker.
We staken ook onze eerste geocaches weg: eentje in een parkje vlakbij, eentje aan de Sint-Jorissluis, eentje op de Gaardeniersbrug, en nog wel een paar.

Er waren natuurlijk ook de verschillende larps waarin ik mijn hart kon ophalen: ik speelde vampier, nam Wolf mee naar Vortex, was een Khalische op Omen, nam alle drie de kinderen mee naar Ankoria, ging met Wolf en Kobe mensen entertainen op Elftopia, trok charlestonkleren aan voor Paradox, mocht nog eens van gravin doen op een eendaagse van Omen, ging niet alleen met Wolf, maar ook met Kobe naar een tweede Vortex, en liet de barbaar in me los op de tweede Omen van het jaar.

Ik ben ook terug beginnen lezen. Echt beginnen lezen, ook deels dankzij de leesclub van de school. En ik geniet van elk boek dat ik vastkrijg.

Er waren ook de bijna wekelijkse picknicks aan de Blaarmeersen, waar Merel en ik allebei intens van genoten, hoe koud of warm het ook was.

Ik geef het toe, 2016, er waren heel veel fijne momenten ook. Maar neem daar dan nog eens de geopolitieke dingen bij, en ik vrees dat de balans niet zo positief is.

Op naar 2017, zou ik zo zeggen. Ik zeg je de wacht aan, 2016. Vaarwel!

 

2016 in beeld

Wat zou nieuwjaarsdag zijn zonder een filmpje waarin al mijn foto’s van de dag gebundeld worden? Het laat de kleine dingen zien die me opvielen, de dag typeerden, of die me gewoon blij maakten: een prachtige lucht, een bloem, de glimlach van de kinderen… En het is mooi om de dingen te zien veranderen en de kinderen groter te zien worden.

De filmpjes van vorige jaren zijn trouwens ook ongelofelijk fijn om opnieuw te bekijken: je ziet de kinderen gewoon opgroeien! Dit was 2015, 2014, 2013 en 2012.

Oudejaarsavond

De vorige jaren was er de prille traditie om te gaan wandelen op de laatste dag van het jaar. Helaas, het miezerige weer dit jaar noopte nu niet meteen tot het halen van een frisse neus. Maar het was er wellicht wel van gekomen, als Wolf niet naar een verjaardagsfeestje was. Geen geluk voor die vriend, verjaren op oudejaar. Maar ze trokken met zijn allen naar Eeklo om er te bowlen, een soort escape room te doen, en blijkbaar meer bijzonder wijze dinges, want Wolf was helemaal enthousiast toen hij, net voor donker, thuiskwam. Geen wandeling dus.

Ook geen zelfgemaakte hapjes deze keer, want ook daar hadden we precies geen zin in. Wel waren er de films: The Good Dinosaur, maar dan in het Nederlands: een bijzonder onderhoudende kinderfilm, het mag gezegd zijn. Bart bracht ons intussen zakouski’s en gefrituurde hapjes, en dat was eigenlijk meer dan genoeg. En daarna, toen Merel in bed zat, keken we naar Transcendence. Ik had een actiefilm zoals de Mission Impossible reeks, of een Indiana Jones voorgesteld, maar Bart wou eigenlijk een film die hij zelf ook nog niet gezien had. Knappe film, daar niet van, maar nogal zware kost voor een negenjarige.

Enfin, toen mochten ze nog opblijven tot middernacht, gaven we elkaar een knuffel, en keken naar het uitbundige vuurwerk om ons heen, vanuit Kobes kamer want daar heb je een prachtig zicht.

En dat was dat. Geen knallende afsluiter voor een sof van een jaar. Wel besteekt.

Design Museum

Mijn kinderen zijn van het soort dat graag naar musea gaat. Op voorwaarde dan dat het niet te lang duurt, en dat er ook voor kinderen iets te doen valt.

In het Design Museum loopt weer een nieuwe tentoonstelling, en dus zijn ook de Playmobilfiguurtjes opnieuw opgesteld. Het doet de kinderen rondlopen, zoeken en kijken, en intussen kan je als volwassene ook rustig rondkijken.

De tentoonstelling op het gelijkvloers en de eerste verdieping is Hands on Design, waarbij je ook een inkijk krijgt in de ateliers en het productieproces, gaande van een handtas, een baksteen, een keramieken lampenvoet tot een kano. Bijzonder interessant!

Boven staat dan een overzicht van vooral stoelen, al is die term wat te beperkt, met als centrale figuur Maarten Van Severen. Ook heel knap, maar die had ik al gezien.

Beneden staat er een apart project met een monumentale zetel waar je zonder schoenen in mag, en dat moest je tegen de onze geen twee keer zeggen.

Eerst waren we in Sint-Amandsberg een step voor Kobe gaan oppikken via Freecycle, zodat ze kunnen stoppen met bekvechten over die step hier. Daarna waren we in dezelfde straat als eerder deze week geparkeerd, en kostte me dat liefst 10 euro voor drie uur. Ja slaapwel!

We repten ons naar de Pizza Hut, en genoten er van het pizzabuffet. Altijd een voltreffer, hier. Van daaruit liepen we dus naar het Designmuseum, waar we amper een goed uur binnen waren, eigenlijk, maar dat maakt niet uit. De kinderen en ik vonden het heerlijk.

We slenterden doorheen de kerstmarkt, probeerden tevergeefs ergens de cadeaubon voor de Uitpas in te wisselen voor een echt exemplaar, en liepen de Sint-Niklaaskerk binnen, alwaar we een stapje verder geraakten in de geniale geocachepuzzel Heilig Bonus. Nu moet ik me nog even aan het puzzelen zetten, en hopelijk vind ik dan de cache!

We wandelden verder, en passeerden een kraam met gestreken mastellen, waar blijkbaar een oudleerlinge stond. We namen vier ongestreken exemplaren mee, en ik streek ze dan maar hier thuis, met een stevige kluit boter en een schep suiker.

Tegen half vier waren we thuis, hadden nog een vrij lange namiddag over, en hadden toch alweer een gevulde dag gehad. Zalig toch, vakantie?