Dit moet echt wel een van de meest bezochte lezingen geweest zijn van het NKV: het kleine zaaltje in de Rozier was eigenlijk te klein, er werden nog extra stoelen aangesleept en we waren zowaar met 41 personen!
Het onderwerp sprak dan ook wel aan, alleen jammer dat de spreker niet de allerbeste spreker was: hij legde rare pauzes, wisselde enorm van volume in zijn uitspraken en brouwde soms verwarrend lange zinnen.
Maar zijn onderwerp was dan weer zeer interessant. Keizer Nero wordt standaard afgeschilderd als een zeer slechte keizer, terwijl hij eigenlijk niet beter of niet slechter was dan andere keizers. Augustus, bijvoorbeeld, heeft minstens evenveel doden op zijn geweten, net als Constantijn.
Hoe komt het dan dat er zoveel negativiteit heerst rond zijn persoon? Het begint bij Tacitus, die al graag eens sensationeel uitpakt. Hij had echt de intentie om een roman te schrijven, en zet dus daarom bepaalde dingen net iets meer in de verf. Zo poneert hij al eens dat er “gezegd werd dat”, om dan een lange uitweiding daarover te beginnen en pas op het einde, in een kort zinnetje, te stellen dat dat eigenlijk niet echt waar bleek te zijn. Als lezer onthoud je echter het lange betoog. Suetonius neemt Tacitus over, maar dan zonder het voorbehoud, en stelt de beweringen als feiten voor. En dan later worden die door Cassius Dio al helemaal versterkt. Resultaat: een bijzonder negatief relaas op basis van vaak opzettelijk verkeerd geïnterpreteerde bronnen. Tsja.
Je moet dus bij Tacitus ook echt oplettend lezen, want je wordt snel op het verkeerde been gezet, gewoon omdat hij dat interessanter vindt.
Al bij al een echt wel interessante lezing, waarvan ik ga proberen delen in mijn syllabus rond historiografie van Tacitus te verwerken.
En toen hielp ik na afloop eventjes mee met het ronddelen van drankjes, bewonderde ik de architectuur en het feit dat er zomaar een puzzel ligt voor wie dat wenst, moest ik uiteraard ook nog een stukje leggen, en genoot ik nog maar eens van het beeld van de Boekentoren, maar dan bij nacht.
