Buitenwerk

Onze speeltoren die Wolf en ik een aantal jaren geleden samen hebben gebouwd, wordt eigenlijk niet echt veel meer gebruikt. Bart had al gezegd om hem af te breken, maar dat zag ik niet zitten, en wie weet kan hij over een tiental jaar opnieuw dienst doen.

Maar de lange teut waar de schommels aan hangen, die mocht er wel af, ja: meer plaats en zo. En de houten bak waarin ons brandhout geleverd werd, die zou perfect moeten passen in de ruimte achteraan de toren, zodat we er de blauwe vuilniszakken kunnen inzetten.

Gemakkelijker gezegd dan gedaan: we hebben blijkbaar de vijzen van de schommel nogal stevig vastgedraaid. Maar waar een wil is, is een weg, en stevige armspieren, dat ook. Daarin moet puber Wolf zijn meerdere nog erkennen in zijn moeder: ik mag dan gehandicapt zijn, mijn armspieren zijn nog verdekke in orde!

Enfin, met veel moeite werd het schommelgedeelte losgekoppeld, en de houten bak, die kregen de jongens niet op zijn plaats. Hij kan er op zich wel staan, maar om hem erin te krijgen, da’s een ander paar mouwen. Maar ze toonden zich de waardige zonen van hun koppige vader, en toen ik terugkwam van de boodschappen van Marleen, zat het ding – minus één plank – zowaar op zijn plaats!

Om de namiddag af te sluiten, fietste ik nog even naar Evergem: daar moest ik nog een nieuwe cache steken, en het was ideaal fietsweer. Ik genoot, zeker toen ik de zonsondergang zag. En geen kat op straat…

 

Live lessen

Yup, nu het stilaan vaststaat dat die corona nog even het land niet uit is, worden de live lessen natuurlijk populairder. Ik ben daar zelf al even mee bezig, en ik merk dat de leerlingen dat niet erg vinden.

Vandaag had ik een live les met mijn eerstekes, en ik genoot ervan. Echt. Ze hebben niet allemaal een camera – ze zijn met 20 – maar een paar wilde toch zijn camera delen, en dat vind ik de max.

Merel had om elf uur ook voor het eerst een live gesprek met haar juf en haar klasgenootjes, en ook zij glunderde.

En gisteren had ze eigenlijk al live les gekregen voor blokfluit: haar juf had gebeld via Skype en zo lesgegeven, netjes op donderdag zoals anders. Schitterend, toch?

Het doet wat met een mens, die corona, maar het doet vooral veel voor de digitalisering van dingen. Toch nog iets goeds aan gans dit gedoe.

Opruimen

Er is één groot voordeel aan gans deze quarantantie: mijn kot gaat gewoon opgeruimd geraken!

Neem nu onze slaapkamer: de ene kant was al volledig opgeruimd om er een game room van te maken. De andere kant bevatte een ingemaakte boekenkast met vooral veel rommel, en een grote stripboekenkast waar een zelfgemaakt groot muggennetkader voor stond, zodat de boekenkast nooit afgestoft geraakte en waardoor alle strips op den duur in stapeltjes in, op en rond die kast lagen. Een puinhoop dus.

Ik heb me vorige week een halve dag bezig gehouden met het ontmantelen van dat muggennet, en vandaag heb ik beide boekenkasten uitgemest, gekuist en vooral opnieuw geordend. Ik ben ook nog hele oude kadertjes tegengekomen, nog van op mijn kot, en uit pure nostalgie heb ik ze dan maar weer uitgehaald. Tsja.

Maar ik ben wel trots: nu nog de derde boekenkast en mijn slaapkamer is gewoon helemaal opgeruimd!

Live lessen

Intussen ben ik ook volop online les aan het geven. Smartschool heeft een extra module, live, en daarmee kan je dus live lesgeven aan je leerlingen. Zij kunnen antwoorden per micro of in de chat, al typend. Ze doen meestal dat laatste, omdat het anders nogal verwarrend wordt én omdat ik dan ook hoor wat ze nog allemaal aan het doen zijn.

Ze zijn helaas ook met te veel om hun camera aan te zetten: dan lagt het voortdurend of loopt het zelfs vast. Maar als ze mogen kiezen tussen gewoon les krijgen van mij of taken maken, dan kiezen ze zonder uitzondering voor die lessen. Ik doe gewoon zoals anders, maar dan met de vragen en antwoorden gewoon op mijn scherm. Ik mis de interactie wel, en je merkt ook niet de sfeer in je klas en de instant feedback, maar bon, het is wat het is, zeker?

Ik geef momenteel 8 uur van de 16 ook echt les. Na de paasvakantie ga ik dat wellicht nog opdrijven, maar man, ik mis het echte lesgeven….

En volgens mijn leerlingen missen ze me ook. Of zoals een eerstejaartje naar me schreef, nadat ik in mijn filmpjes gevraagd had hoe het met hen was:

“Ik stuur u een berichtje om u te laten weten dat met mij alles goed gaat . De filmpjes die u plaatste voor Latijn zijn echt super leuk en ook interessant. Ik vind het heel erg leuk om u weer te zien ook al is het niet in de klas en ziet u ons niet. Ik ben heel blij om u gewoon weer terug te zien. Het doet me echt deugd. Ik vind het wel jammer dat u ons niet kunt zien.

Hopelijk tot snel.”

Het moet toch zijn dat ik het allemaal nog zo slecht niet doe…

Enfin, laten we hopen dat we snel terug écht les kunnen beginnen geven!

Quarantantie

Nee, het is geen vakantie, het zijn nog altijd schoolweken. Daarom wordt er ons, leraars, uitdrukkelijk gevraagd om taken op te geven om de geziene leerstof te consolideren. Maar met twee middelbareschoolstudenten hier in huis merk ik hoe vreselijk ze die taken vinden. Je zou van minder schoolmoe worden.

Daarom dacht ik: laat ik eens wat creatiever proberen te zijn? In het vijfde hebben we net een aantal lyrische gedichten gezien, in het zesde zijn we bij Tacitus aan het bekijken hoe Nero zijn stiefbroer Britannicus heeft vermoord. Als synthese/consolidatie heb ik dan ook opgegeven aan beide groepen: maak een Tik Tok filmpje (echt of fake, je hoeft het niet te publiceren) over een van de gedichten/Tacitus. Wel, ik denk dat dat zowat de wijstste taak is die ik ooit  gegeven heb: ik heb me kriek gelachen bij wat er is binnengekomen, en ik heb de indruk dat ook de leerlingen dat best wel amusant vonden.

En bij mijn eerstes dacht ik: ik geef gewoon nieuwe leerstof, maar dan wel in een filmpje. En laat ik nu net aan de fabeltjes zitten, dus zowel de inleiding rond Aesopus en Phaedrus als het verhaaltje rond de haas en de schildpad. En ja, ik zing dan altijd in de klas, dus heb ik dat nu ook maar op het filmpje gedaan. Ik hoop maar dat ze thuis er even hard om moeten lachen als de reacties in de klas.

Maar er zijn ook beperkingen aan die filmpjes: zelfs gecomprimeerd nemen ze veel plaats in beslag en ze zijn moeilijk up te loaden omdat de Smartschoolservers nogal onder stress staan. En dus ga ik later gewoon live lesgeven, denk ik. Enfin, ik zie nog wel.

Laat eens weten of dit bij benadering is hoe je dacht dat ik lesgaf ^^

Conference call, iemand?

Alweer prachtig weer vandaag, en ik had zin om opnieuw te gaan rondfietsen, maar helaas, er was een vergadering van het Certaminacomité gepland om 14.00 uur. Een en ander liep mis voor mij qua uitnodiging en het was vrijwel drie uur vooraleer ik erbij geraakte.

Er werd gepalaverd over jurering, over het afgelast zijn van de internationale wedstrijd en dus ook de reizen, en of de winnaars dan niet op citytrip konden gaan in september. Over de organisatie van de prijsuitreiking – waarbij niemand er oren naar had dat ook die misschien niet zou kunnen doorgaan wegens begin mei, maar bon – en over de beloningen. Vooral ook over het financieel verslag en de subsidies en dergelijke.

Enfin, drie uur later, iets over zes, was ik horendol en had ik het wel zo’n beetje gehad, ja. Ik heb medelijden met mensen die voor hun werk continu van die conference calls moeten doen, zoals Bart. Hondemoe word je daarvan, echt, veel lastiger dan een echte vergadering.

Pff.

Game room

Het is al lang dat ik denk dat we iets moeten doen met mijn gigantische slaapkamer boven. Oorspronkelijk was die ingericht als kantoor voor Barts beginnende bedrijf – ja, dat is echt bij ons op zolder gestart, ja.

Intussen is dat bedrijf gigantisch gegroeid en ettelijke keren verhuisd, en is de ruimte boven door ons ingepikt als reusachtige slaapkamer. Aan de ene kant stond ons bed, een aantal ingemaakte boekenkasten en gewone kasten, een boekenkast met zo’n 1000 strips en een oude tv.

In het midden staat er een vierkante pilaar die eigenlijk de schouw van de kachel is, en is er ook nog de  trap die uitkomt. Aan het ronde venster is er een verhoog waar Merel een heus restaurantje heeft ingericht. In 2016. ’t Is niet alsof ze er nog veel speelt, maar bon.

En de andere kant, tsja, daar deden we eigenlijk niks mee. Er staat een grote kleerkast van zowel Bart als mij, een tweezit die dienst doet als stortplaats voor larpkleren, een eenzit, een salontafeltje vol gerief dat naar de zolder moet, mijn oude stereo van 35 jaar oud maar mét platenspeler, en een keukenblokje met een pompsteen met koud water en een ijskastje dat prima werkt maar vooralsnog niet aan ligt. Langs de trapleuning is er nog een boekenkastje, en daarbovenop ligt het altijd vol met rommel en kleren die van beneden komen en in de kast moeten.

Ik stelde voor aan de jongens om er een game room van te maken. Op voorwaarde dat eerst de larpkamer werd uitgemest, want anders konden we het larpgerief dat in de kamer gesmeten was, niet opruimen.

Aldus geschiedde.

De larpkamer werd bijzonder grondig aangepakt, al het zoldergerief werd op zolder gelegd, de kleerkasten werden verschoven, alles werd schoongemaakt, opgeruimd en gestofzuigd, twee bureautafels die in de larpkamer stonden omdat ze ooit als laboratorium dienst deden, werden eruit gesleept, net zoals de bureaustoelen, een tapijt van Nelly werd netjes op de grond gelegd, de ijskast opgestart en opgevuld, extra schermen en toetsenborden aangesleept, en de game room was een feit! Ze kunnen er ongestoord zitten gamen met het geluid aan, er is ruimte voor drie computers en een extra scherm om vanuit de zetel op de Switch of de Playstation te spelen, en ze storen er vooral niemand. Oh, en er is een zware verwarming/airco voorzien, nog uit de kantoortijd.

Een hele verbetering, als je het mij vraagt, en vooral ook een goed begin van de quarantantie.

 

Quarantantie

De negenjarige dochter stelt voor om voor de schoolvrije periode de komende drie weken het woord “quarantantie” te gebruiken. Kwestie van het geen vakantie te noemen.

De kinderen hebben het begin van die quarantantie alvast goed opgepakt: Kobe heeft in de les techniek papieren doosjes leren maken – een kwestie van meten, vouwen, nadenken, naden en patronen – en die wil hij nu samen met Merel maken in mooier papier om er allerhande dingen in te steken. Voor mij niet gelaten!

Intussen hebben wij leraars ook bericht gekregen dat we vooralsnog volgens ons gewone lesrooster op school moeten aanwezig zijn. Mensen met kleine kinderen moeten die dan maar naar de opvang van hun eigen lagere school sturen. Hmm? Ik snap de logica niet helemaal: noodopvang is enkel voor de urgente beroepen zodat er zo weinig mogelijk kinderen zijn, maar die van de leraars moeten er ook bij omdat wij op een lege school moeten zijn. Ik wil met plezier taken voorzien, filmpjes opnemen, zelfs klassen schilderen, maar de jongere kinderen van collega’s moeten dan wel in een opvang? Sta me toe dat een beetje vreemd te vinden. Maar bon, wellicht is dat maar een overgangsmaatregel tot het ook voor ons duidelijk is hoeveel leerlingen er nog op school zullen zijn en hoe we het concreet moeten aanpakken. We kunnen toch moeilijk met zijn 50 in een kleine leraarszaal gaan zitten, toch?

Ik ga maandag dus tegen tien over tien eens gaan luisteren op school, ik ga mijn boek meenemen, en ik ga daarna vooral ook  nog eens langs de Action passeren nu dat nog kan en mag, om extra, mooi en dik papier te halen voor die bovengenoemde doosjes.

En verder zien we dan nog wel, zeker? Het zijn vreemde tijden…