Voorhavenlaan: een blaam voor Stad Gent

Er moet mij eigenlijk al een tijdje iets van het hart. Bart is er al langer mee bezig, maar ik eigenlijk niet. Tot ik vandaag nog eens aan zijn kantoor moest zijn. Je weet wel, een van die drie prachtige loodsen aan de Voorhavenlaan die volledig gerenoveerd is.

NCube - Gouden Paleis

De Voorhavenlaan zelf, daar is genoeg om te doen geweest: asfalt of kasseien, het werd een juridisch getouwtrek, en de bewoners zaten in de modder. Intussen is de straat knap heraangelegd, en is er intussen ook een gans park bijgekomen, dat vooral in de zomer zeer aantrekkelijk is.

Alleen…

De directe omgeving van de loodsen, door het hek heen, is ook officieel Voorhavenlaan, en dus ook de verantwoordelijkheid van de Stad Gent. De paar meter die bij de Loods zelf horen, zijn netjes heraangelegd. De kasseien daarrond echter zijn in ronduit erbarmelijke toestand. De eigenaars van de loods, waaronder dus ook Bart, moeten met lede ogen aanzien hoe het erger en erger wordt, en hoe de stad alles maar voor zich uit blijft schuiven. Dat er dagelijks honderden mensen passeren, daar liggen ze niet wakker van. En die honderden, dat mag je gerust letterlijk nemen: in de kantoren van Wijs alleen al werken er vijfenzestig mensen, en er zijn uiteraard nog tal van andere bedrijven gevestigd, om van de bewoners van de lofts nog niet te spreken.

Loods1

Loods2

Loods3

Loods4

Loods5

Met je auto kan je met moeite tien kilometer per uur rijden, en dan beschadig je nog je chassis. Of noem jij vier lekke banden op een jaar nog normaal? Met de fiets hoef je het al helemaal niet te proberen: je stapt beter gewoon af. En dan mag je als vrouw al geen hakken dragen, want die zijn er ook onherroepelijk aan. De putten zijn hier en daar gemakkelijk dertig centimeter diep, en niet te tellen.

En het ergste van al?

In volle verkiezingskoorts kwam er een bijzonder hoopgevende brief aan: dat er eerstdaags aan de weg ging gewerkt worden, en dat de bewoners dus wel enige hinder zouden kunnen ondervinden. Quasi iedereen sprong een gat in de lucht: eindelijk!

En ja hoor, aan de ingang van het terrein werden er linten gespannen en kegels gezet. En toen werden er – bijna niet te geloven – twee van de iets minder diepe putten gevuld met zavel. Yup. Twee. Met. Zand. En dat was dat. Na een week verdwenen de linten en de kegels weer, en niemand kon het begrijpen. Zeker niet toen er een tweede opvolgbrief kwam, trots ondertekend door schepen Martine De Regge, in de trant van ‘Kijk eens hoe flink we het probleem hebben opgelost! Kijk eens wat wij niet allemaal doen voor u!’

Intussen kan je niet meer zien welke putten ooit gevuld zijn, en heeft de bewonersvereniging al wat grind laten storten aan de zijkant, omdat dat echt niet meer kon. Maar verder staan ze machteloos, want het is eigendom van de Stad, en zij mogen er eigenlijk niks aan doen.

Loods6

Het vorige gemeentebestuur heeft dus duidelijk bewezen dat het niet wakker ligt van het probleem in de Voorhavenlaan, en dat er eigenlijk maar een minuscuul beetje actie komt als er verkiezingen zijn. Ik denk dat hier een mooie kans ligt voor schepen Filip Watteeuw om vanaf één januari te tonen dat het ook anders kan.

Want om eerlijk te zijn, ik durf er eigenlijk niet meer door met mijn wagen. En als het effectief zal sneeuwen zoals aangekondigd, wordt het helemaal levensgevaarlijk, want dan zie je de putten niet meer. Al een chance dat het water aan de andere kant ligt…

Overdaad

Ik wil niet met de vinger wijzen, want ik stond per slot van rekening óók in de winkel, maar toch een paar bedenkingen.

Ik ging dus deze voormiddag naar de Dreamland, om voor de kinderen elk een Sinterklaascadeautje te kopen. Merel krijgt een kleinigheidje want die snapt het toch nog niet, maar zo heeft ze ook iets. De jongens schreven een brief naar de Sint, en vroegen een bepaald spelletje voor de Xbox, en uiteraard – hoe kan het ook anders, hier ten huize? – om Skylanders.

Het was woensdagvoormiddag elf uur. De parking stond overvol, inclusief het ondergrondse stuk. Alle kassa’s waren open, en hadden elk een rij van minstens vijf mensen voor zich. En het overgrote deel van die mensen had een volgeladen kar bij zich. En dan bedoel ik ook volgeladen: vaak meer dan twintig stuks, en grote dozen. Ik stond daar bijna onwennig tussen met mijn drie stuks.

En toen maakte ik me de bedenking: moet dat nu echt? Ofwel zijn er dus veel meer gezinnen met tien kinderen in België dan we denken, ofwel deed iedereen al meteen inkopen voor Sinterklaas, kerst en nieuwjaar, en meteen ook in naam van alle oma’s, opa’s, meters en peters en godmagwetenwie. Maar dan nog.

Als onze kinderen een groot cadeau willen, dan wordt er samengelegd. Dan is dat van verschillende mensen tegelijk. En anders krijgen ze meerdere kleine dingen, zoals een verfdoos, of een puzzel of zo. De Sint brengt voor elk één ding, en dan ook nog enkel hier, niet bij de grootouders. Voor kerst krijgen ze ook van elk één cadeautje. Ik vind het belangrijk dat ze leren kiezen en afwegen wat ze willen, en dat ze de waarde van geld leren kennen. En als ze in het jaar ook nog iets willen (zoals nieuwe Skylanders) dat ze daarvoor dan maar hun verjaardagsgeld of nieuwjaarsgeld moeten sparen. Wat ze overigens ook netjes doen.

Maar blijkbaar zijn er dus mensen die zich echt in de schulden steken om grote en dure cadeau’s te kunnen kopen. Waar kinderen soms amper één blik op werpen, of een half dagje mee spelen, en dat is dat. En als ik die karren zag deze voormiddag, was er absoluut geen sprake van crisis.

Mja.

Het zal wel, zeker?

Een onbedoeld lange dag

Een afspraak bij de garage voor een onderhoud en een keuringsnazicht werd onbedoeld een ganse dag rondhangen in Gent.

Ik had mijn fiets in de koffer gestoken, en wilde om tien uur in de garage zijn. Ik wist wel dat ze aan het werken waren aan de Sint-Lievenstunnel, maar niet dat de oprit naar de E40, en daarmee ook de oprit naar Ledeberg en de Burggravenlaan, van twee naar één rijstrook gebracht was. Half uurtje fileschuiven dus.

In de garage trokken ze dus een wenkbrauw op: ze konden niet langer garanderen dat het klaar ging zijn tegen de middag, maar ze gingen hun best doen. Tsja.

Ik sprong de fiets op, reed vrolijk en gezwind richting de Zuid, en stak meteen door naar optiek Dirick, om Barts bril te laten herstellen. Gesloten op maandag, uiteraard.

Ik ben dan maar teruggefietst naar de Zuid, en ben daar gaan rondlopen. Een rokje in de Lola en Liza gekocht, overal rode broeken gepast, in de Hema een paar bodytjes gekocht voor Merel, koekjes en een bol touw. Mijn stoute schoenen aangetrokken, en gevraagd in de Pearle of ze soms zo’n tsjoepkes hadden voor de neus van Barts bril, en nog geeneens moeten betalen voor de service. Chic! Toiletbezoek in het winkelcentrum is trouwens veranderd: je moet nu 30 cent in een automaat steken, zodat de deuren opengaan en je binnenkan. Toiletdame? Nergens te zien, al waren de toiletten wel vrij proper. En trouwens totaal herschilderd.

WC

De Veritas een paar rode nylons, capehaakjes en twee paarse veters afhandig gemaakt, en dan gaan eten in de Pacha Mama. Schitterend gewoon: zalig op het terras, met de krant erbij, en een heerlijke schotel eten voor 10,50 euro. Kan gewoon niet misgaan.

Pacha

Aangezien ik nog steeds niks had gehoord van de garage – ze gingen me bellen – langs de Koepoortkaai naar beneden gefietst, naar de Cora Kemperman. Ik heb er lang rondgelopen, veel gepast, en uiteindelijk toch niks gekocht. Ik heb serieus getwijfeld over een grijs scheef dichtgeritst stuk, dat zowel als kleedje als als vestje kan gedragen worden, maar 100 euro was me een beetje veel voor iets dat ik niet echt nodig heb. Wel mooi, nochtans.

Nog wat rondgefietst, de C&A binnengewaaid en zowaar een perfect passende, mooi omsluitende rode jeans gevonden voor 35 euro. Terug naar boven gefietst, en twee koffies gedronken en twee kranten gelezen in de Or. Toch eerst maar eens naar de garage gebeld rond een uur of drie, hoe dat nu zat. Bleek dat het een verbindingsprobleem was bij Mobile Vikings, want ze hadden me een uur voordien al gebeld (rechtstreeks voicemail, geen spoor van een oproep op mijn telefoon) en twee SMSjes gestuurd (die binnenliepen op het moment dat ik belde en dus verbinding maakte). Mijn banden waren namelijk dringend aan vervanging toe, ze zouden niet meer door de keuring geraken. Ja, ze konden die onmiddellijk vervangen, maar dan ging het nog een uurtje duren.

Die koffies en die kranten dus.

Tegen vier uur stond ik terug aan de garage, en ging het nog vijf minuten duren, of ik dus nog eventjes wilde wachten. Een half uur later vroeg ik hoelang die vijf minuten nog gingen duren, en kreeg ik de auto mee. Met vervangen banden, ruitenwissers, oliefilters en dergelijke. En een rekening van meer dan 800 euro.

Niet alleen een lange, verloren, maar ook dure dag dus. Puh. Met gelukkig een paar aanwinsten om de dag nog een beetje goed te maken.

aanwinsten

Jaarplannen

(Pas op: rant)

Hoe graag ik mijn job ook doe, er zijn toch altijd van die aspecten waar je in zou schieten, nee?

Examens verbeteren, daar heb ik een hekel aan, maar het hoort bij de job: je moet nu eenmaal je leerlingen evalueren, en je bent effectief nog met je vak en je leerlingen bezig.

Jaarplannen daarentegen, dat is zo iets… Grrr. Ik wéét wat ik wil geven, ik weet wat ik ga geven, en ik wil dat gerust ook nog uitschrijven, al zal het met enig gemopper zijn. Maar als dat dan in detail moet, met leerplandoelstellingen en zo, dan vind ik dat al een pak minder. Maar bon, ik heb me er destijds ook doorgeworsteld, en met een veranderde cursus hoort dat er telkens weer bij. So be it.

Die leerplandoelstellingen of LPDs zijn geen lachertje: daar zitten serieuze dingen tussen waar je al eens grondig over moet nadenken, maar ze zijn inherent aan het onderwijs: wat wil je bereiken met je lessen? Een voorbeeld: uit antieke cultuuruitingen afleiden hoe de Romeinen zichzelf en an­dere volkeren/culturen voorstelden en die voorstellingswijze vergelij­ken met hedendaagse beeldvorming over vreemde culturen.

Intussen zijn er echter ook nog VOETen bijgekomen. Voor de niet-onderwijsmensen: VakOverschrijdende EindTermen, ofte VOET. Doelstellingen die de leerlingen na het middelbaar moeten verworven hebben, ongeacht het vak. Om een voorbeeld te geven: naargelang de inhoud van je les “beschrijven ze de dynamiek in leef- en omgangsgewoonten, opinies waarden en normen in eigen en andere sociale en culturele groepen”. Dat soort dingen dus.

En nu moet dat ook nog allemaal eens digitaal. Oh, ik snap het best: dan kan je met een programmafilter meteen bekijken welke klassen welke VOET nog missen, en of je in je vak in totaal wel alle LPDs hebt gescoord. Ideaal als hulpmiddel voor de doorlichting die in het najaar komt, en waardoor alle jaarplannen binnen moesten voor 10 augustus.

Maar wat een gvds k*twerk is dat niet zeg? Ik heb er uuuren ingestoken, en dan ben ik nog een computerminded mens. Ik beklaag sommige van mijn collega’s, echt waar.

Urgh.

Tunesië, dag een

Wat eigenlijk dag twee had moeten zijn, maar bon.

Daar ben ik dus echt niet over te spreken. Zo’n vakantie, dat wordt geafficheerd als acht dagen/zeven nachten, en daar betaal je dan ook voor, maar in dit geval viel dat dik tegen. Het vertrekuur was immers verlaat, waardoor we in het holst van de nacht arriveerden. Meh.

Rond 20.00u zijn we gisteren vertrokken naar Zaventem, tegen 21.00u parkeerden we op een parking in Machelen, en een vijftal minuten later kwam een pendelbusje ons ophalen en zette ons voor de deur van de vertrekhal af. Eigenlijk best wel gemakkelijk, en nog doenbaar van prijs. We hadden uiteraard aan Barts broer, die tegen Brussel woont, kunnen vragen om onze auto bij hem te laten staan en ons te voeren naar de luchthaven, maar we hebben niet echt zes plaatsen in de auto, en hij ook niet.

Er werd een dik half uur aangeschoven aan de incheckbalie, terwijl de jongens rondcrossten op de quasi verlaten luchthaven (behalve onze rijen dan) en zich amuseerden met de Trunki. Wijs ding, die Trunki, blij dat ik er het geld aan gegeven heb: ze kunnen erop rijden, het voorttrekken, zich laten voeren, en het ding geldt als handbagage. Merel stond erbij en keek ernaar, en trippelde af en toe mee.

Tundag1.2

Aansluitend gingen we door paspoortcontrole, security, en wandelden we naar de gate. Er werd naar vliegtuigen gegaapt, iets gegeten, en toen waren warempel de twee uur om, konden we op het vliegtuig, en stegen we op tegen tien na elf. Jawel, ’s avonds. Geen van de kinderen had ook al maar een half oog dichtgedaan, het was veel te wijs om rond te kijken.

tundag1

Tundag1.1

Ik dacht: goh, die slapen wel op het vliegtuig. Nee hoor, zelfs Merel niet: rondkijken, geregeld haar kopje leggen, dat wel, maar niet slapen. En huilen toen ze bij de landing op papa’s schoot moest in plaats van de mijne, want ik voel me nooit bijzonder lekker als ik moet vliegen, helaas, en ik wilde het risico niet lopen het kind onder te kotsen.

Bon, iets voor één lokale tijd (iets voor twee in Belgische tijd) stonden we aan de grond en stapten we van het vliegtuig in een 26° en regen. Regen? Jawel, regen, een zeldzaamheid in Tunesië in de zomer, zeker in een land waar 45% van de oppervlakte woestijn is. En wij, wij landden in de regen. Terwijl het in België net een week zomer werd, regende het in Tunesië. (en ik heb net per ongeluk de iPhone foto’s die dat bewijzen, gewist. Stupid!)

Maar eigenlijk was ik veel te moe om me dat ook maar een bal aan te trekken: we stommelden een busje op voor de volle vijftig meter (I kid you not), kregen eigenlijk zeer snel onze bagage, lieten die op een grote gekoelde bus laden, en stapten op. Voor nog een kleine anderhalf uur rijden, joechei. Deze keer is Merel wél in slaap gevallen in Barts armen, terwijl Wolf tegen me aan sliep en ik zelf toch ook een tukje deed.

En toen kwamen we tegen drie uur (en jawel, het voelde nog steeds als vier uur) aan in de Club Med, waar ze ons vrolijk stonden te verwelkomen met croissants en schuimwijn, en een hoop volk stond te wachten. Mergh. Ik wilde slapen, ik wilde geen uitleg, en mijn kinderen ook niet. We stommelden dus maar achter de mensen die ons de weg toonden aan, en hoopten maar dat de bagage snel ging volgen. Dat duurde toch een  kwartiertje, want we waren ongeveer laatste in de rij, vermoed ik.

Bon, iedereen in pyama gehesen, en bedje binnen. Merels bed stond bij ons op de kamer, zodat we de zitkamer vrij hadden voor onszelf en de jongens. Ze gaf geen kik meer, de rest ook niet, en ik vermoed dat het geen twee minuten geduurd heeft vooraleer ik sliep. Bart lag toen al zachtjes te snurken naast me.

Oef.

Onderwijsdebat

Ik wil me er zo weinig mogelijk over uitspreken, omdat iedereen me per definitie bevooroordeeld vindt: als leerkracht Latijn ben ik er uiteraard tegen dat Latijn naar de tweede graad verschuift. Je kan voldoende Latijn leren op vier jaar? Yeah right, dan kunnen we de Latijnolympiades en dergelijke ook meteen maar vergeten, want er is geen sprake van dat ik dan nog in de zesdes Cicero kan lezen. Maar het gaat niet enkel over het vak Latijn. Het gaat over zoveel meer.

Een vriend van me schreef het als volgt (en ik heb de post maar meteen overgenomen, al kan je het ook hier op zijn eigen blog lezen):

Boterhammen met tranen.

Vanmorgen kwam naar aanleiding van de afschaffing van het b-attest Pascal Smet nog eens ter sprake aan de ontbijttafel. Ook dat van die oriënterende jaren passeerde weer de revue en plots spitste mijn dochter haar oren. Ze is elf, heeft al een keertje versneld, en zit in het zesde leerjaar. Of ik het haar even wou uitleggen. En daar ging ik dan, zo objectief mogelijk, over het weghalen de tussenschotten tussen ASO, TSO, BSO, over beter begeleiden bij studiekeuzes, dat ‘de Latijnse’ geen richting meer zou zijn in de eerste twee jaren, dat er heterogene klassen zouden komen waar alle mogelijk vakken zouden worden gegeven enz.

Plots barstte ze in tranen uit. Ontroostbaar was ze. ‘Als dat zo zit, dan wil ik niet meer naar school’, snikte ze. ‘Al twee jaar kijk ik uit naar de Latijnse, al twee jaar zit ik te wachten op een klas met kinderen die wél aandachtig willen luisteren, die wél willen studeren, die mij niet ‘uitmaken’ voor freak of nerd omdat ik nu eenmaal goeie punten wil en wel veel wil bijleren.’ Ze raasde verder: ‘Ik wil niet meer tussen leerlingen zitten die met een rekenmachine nog niet kunnen wat ik in het vierde leerjaar al uit mijn hoofd deed, ik wil niet meer in groepswerkjes al het werk moeten doen en iedereen alles moeten uitleggen. Ik wil dat het eindelijk eens moeilijk wordt voor mij.’ Ze kiest dus blijkbaar vooral voor ‘de Latijnse’ omdat het de moeilijkste richting is, niet omdat dat prestigieus of zo zou zijn.

Ik ben geen onderwijsdeskundige en ik heb allerminst de wijsheid in pacht, maar ik weet wel dat de tranen oprecht waren en dat haar keuzemoment nu is en niet over twee jaar. Nog twee jaar vervlakking kan zij niet aan. Waar zij nood aan heeft, en volgens mij élk kind, is een juiste context en een goede begeleiding bij het maken van die keuze, én aan nog betere en nog meer gemotiveerde leerkrachten. Het zijn de leerkrachten die richtingen kunnen opwaarderen, boeiender en aantrekkelijker maken… Meer leerkrachten kunnen ook beter differentiëren, bepaalde leerlingen motiveren en begeleiden, nog andere leerlingen uitdagen, prikkelen en blootstellen aan complexere dingen… Maar dan moet eerst het beroep van leerkracht worden opgewaardeerd, moeten er nog betere opleidingen komen, permanente opleidingen, betere salarissen, betere omkadering enz. Daar moet er hervormd worden, daar kun je voor een bijna revolutie zorgen. De kwaliteit, de instelling en de motivatie van het lerarenkorps zijn volgens mij de sleutel, de leerkrachten bepalen de hoogte en de breedte van de uitstroom, niet de structuur. Wie hoofdzakelijk z’n heil zoekt in structuren heeft of zelf niet goed opgelet in de klas, of heeft geen vertrouwen mensen. En niet afkomen dat er geen geld voor is, dit is immers geen kost maar een investering. Het fabeltje van het terugverdieneffect is al zo vaak gebruikt in de politiek, maar in dit geval is het geen fabeltje, hier is het echt zo.

Terug naar de ontbijttafel. Is mijn dochter een uitzondering, een wonderkind, hoogbegaafd? In de vérste verte niet. Ze is gewoon ambitieus en wil hard werken (en ze is nog een beetje naïef, want ze wil rechter worden zodat ze rechtvaardigheid in de wereld kan brengen). Toen ik haar zei dat zij nog wel aan het merendeel van dit boerenbedrog zou ontsnappen, fleurde ze wat op, maar vroeg ze wel meteen: ‘En mijn broertje dan?’ Ik suste haar door te zeggen dat we, als het zover kwam, wel iemand zouden vinden om extra privéles te geven en dat ik tegen dan wel wat meer thuis zou zijn om zo de lat wat hoger te leggen… Dat dat dan nog meer maatschappelijke segregatie betekent, zal wel niet de bedoeling zijn geweest van Pascal Smet, maar dat nemen we er dan maar bij.

Het Weer

Ja, u leest het goed. Ik ga schrijven over Het Weer.

Het meest banale aller onderwerpen, de dooddoener op elk familiefeest of werkreceptie, meestal gevolgd door een zucht, een stilte, en dan een “Jaja, ’t zijn dingen”.

Het Weer dus.

Want het begint vierkant mijn kl**** uit te hangen, en nog geen klein beetje. Ik wil zon. ZON, zeg ik u. Ik loop er lastig en ambetant van. Mijn humeur zit onder nul. Gelukkig zijn er dan mijn leerlingen die mij wat opvrolijken, gewoon door hun eigen charmante zelf te zijn. Het kan ook de filosofie of het Romeins drama zijn, natuurlijk.

Maar dan kom ik weer buiten uit mijn klas, en word ik nog maar eens zeiknat geregend. En samen met al dat vermaledijde water spoelt ook mijn goede humeur weer de riolering binnen.

Als het nog lang blijft regenen, als de zon niet eens deftig gaat beginnen schijnen, begin ik eerstdaags te gillen. En met dingen te smijten.

U bent gewaarschuwd.

Hoe het wél moet…

pakket1

Kijk, dit moet me even van het hart: een fles champagne of wijn is géén goeie bedanking!

Bart gaat heel regelmatig gaan spreken voor diverse gelegenheden. Is het iets commercieels, of gaat het uit van een commerciële organisatie, dan laat hij zich daarvoor betalen. Dat spreekt voor zich: tijd is geld, en hij heeft er ook de nodige voorbereiding aan.

Hij gaat echter ook regelmatig spreken op hogescholen en in diverse opleidingen, waar hij doorgaans niks voor vraagt, omdat daar weinig budget voor is.

Hij krijgt vaak een bedanking, meestal pro forma, in de vorm van een fles wijn of champagne. Nice, maar wij drinken geen champagne, enne… Kan het nóg onpersoonlijker? Er is natuurlijk niks makkelijkers dan gewoon een strikje rond een fles te doen en af te geven. Klus geklaard. Yay.

Zelf maakt hij soms de opmerking dat ze hém eigenlijk geen cadeau moeten geven, maar wel zijn vrouw, die door de lezing hem toch maar weer een avond moet missen. Daar heb ik uiteraard geen bezwaar tegen, en inderdaad, soms is het een mand met streekproducten, of iets van chocolade of zo.

Maar donderdag waren we beiden zeer aangenaam verrast: hij was een gastles gaan geven in Leuven, en die mensen hadden er echt hun werk van gemaakt! Hij kreeg een verwenpakket, speciaal op maat: zes verschillende soorten speciale koffie – echt wel lekker, ik geniet er volop van – met speciale chocolade erbij, een voorleesboek voor de kinderen, en een klein flesje champagne voor de geboorte van Merel. Oh, en een hele leuke touch: een blikje Nalu, Barts favoriete oppepper.

pakket2

Diep moet je niet graven in Barts twitter of blog om te weten dat hij kinderen heeft, net opnieuw vader is geworden, en dat hij een koffiefan is. Maar het is de moeite die ze gedaan hebben, die het zo leuk maakt: je voelt je tien – wat zeg ik: honderd – keer meer geapprecieerd dan met een fles champagne.

Dus, lieve organisatoren: als je nog eens een evenement (wat voor soort dan ook) op poten zet, denk dan even na wat je de mensen geeft, zeker als ze gratis langskomen voor jou. Is een klein beetje moeite teveel gevraagd?

En sorry tegenover onze vrienden: jullie krijgen de komende jaren, als we bij jullie op bezoek komen, een fles champagne als cadeautje. We moeten toch iéts met al die flessen in de berging?

Frustratie!

Kunt ge dat nu geloven???

Ik ben twintig kilo kwijt, vind van mezelf dat ik er verdomd goed uit zie tegenwoordig, en dan ga ik broeken kopen, ben ik amper één maat kwijt!

Ik had maat 50 (I know I know), heb ik toch wel weer twee keer een 48 moeten kopen zeker! Waarom kunnen er nu geen centimeters van mijn dik gat af zijn?

Aaaarrghh!