New York, dag zes en zeven

Man man man ik ben weer wat tegengekomen! Ik sta vol blutsen en builen en mijn kin ziet gans blauw. Maar laat ik beginnen met het begin.

Gisteren dus. Rustig opgestaan, in de miezerregen iets gaan eten als ontbijt (de diner op de andere hoek van de straat) en dan naar het MoMa, ofwel het Newyorkse Museum of Modern Arts. Het is niet zo ver van hier, dus zijn we tevoet gegaan. Groot was onze verbazing toen we de rij zagen die stond aan te schuiven aan de kassa’s! Niet alleen een hoop kronkelgangetjes in het museum zelf (daar zijn ze hier goed in), maar ook nog een ganse rij buiten, tot op de straathoek! Gelukkig ging het al bij al behoorlijk snel, zodat we in minder dan tien minuten binnen stonden. Tip: je kan je ticket op voorhand kopen, het blijft een maand geldig, dus als je in NY bent en er staat geen rij: kopen die handel! En nog een tip, iets wat wij niet wisten: als je van plan bent zowel naar het Moma als naar Top of the Rock te gaan: in het Moma kan je een combiticket kopen waardoor je tien euro per persoon uitspaart. Het is maar dat ge het weet!

In het Moma zijn we eerst op de bovenste verdieping naar de tijdelijke tentoonstelling van Dali gaan kijken: zowel fragmenten van zijn films, als schilderijen, tekeningen en installaties. Knap! Die mens kan echt fantastisch schilderen, maar ofwel zat hij continu aan de lsd, ofwel was hij zo manisch als wat!
Enfin, een verdieping gezakt naar hedendaagse schilder- en beeldhouwkunst. Prachtige dingen gezien: Picasso, Van Gogh, Matisse, Cézanne, Bacon, Klee, Miro, Mondriaan, maar ook Warhol, Beuys, Duchamps, Kandinsky, Pollock… En vooral dan topwerken, echt geen klein bier. Wow. Gewoon wow.
De vleugel fotografie was veel minder imposant, net zoals de kleine collectie architectuur en design. Van de paar videoinstallaties was ik dan wel weer onder de indruk.

En nee, we hebben dat niet allemaal in één ruk bekeken: om de ‘museum fatigue’, zoals ze dat hier zo mooi zeggen, tegen te gaan, hebben we ondertussen ook iets gegeten. The Modern, het on-site chique restaurant, was volgens onze gids een aanrader, en niet ten onrechte, zo bleek. Gelukkig hadden ze er wel bijgezet dat het kleine porties waren, want zelfs naar Europese maatstaven vielen ze magertjes uit. Wat trouwens geheel werd gecompenseerd door de kwaliteit: ik heb zelden zo lekkere eendenconfit gegeten, vergezeld van een mangochutney en nog wel een paar dingen. De presentatie was magnifiek, de prijs geheel navenant :-p Ik heb me trouwens opnieuw laten verleiden door een absoluut heerlijk dessert, terwijl Bart nog aan het nagenieten was van zijn glas wijn.
We zaten trouwens aan de bar, en konden het doen en laten van de barmannen perfect volgen. Geïntrigeerd zag ik hoe een van hen de ene na de andere speciale roze cocktail maakte, met iets rozeroods in. Ik kon het niet laten om hem te vragen wat voor iets het was, en het bleken rozenblaadjes te zijn. Even later stond er een ‘proevertje’ voor mijn neus: hij had gewoon iets meer gemaakt bij zijn volgende cocktail, en had de overschot aan mij gegeven. ‘Coming up roses’ heette de speciale creatie van het Moma. Je neemt een aantal gekoelde rozenblaadjes van rode rozen, gooit er een stuk of drie partjes limoen bij en stampt alles goed plat. Daarna giet je er een stevige geut Bacardi Razz over, een flinke scheut rozenlikeur, vult het glas met ijsblokjes, en gaat even enthousiast tekeer met de shaker. Je giet over in een ijsgekoeld glas en vult aan met champagne, et voilà.

Bon, ik ben eventjes afgedwaald. Na het MoMa hadden we eigenlijk wel nog behoorlijk wat tijd over, zodat we een taxi hebben genomen naar het American Museum of Natural History. Ook daar hebben we rondgelopen tot mijn voeten helemaal beurs waren: dino’s in alle vormen en groottes (enfin, hun skeletten toch), alle mogelijke beestjes en biotopen, mineralen en fossielen, de evolutie van de mens aan de hand van skeletten (tot en met een schedel van een Floresiensis, ofte een hobbit), een complete zaal met alle mogelijke (opgezette en nagemaakte) zeebeesten, en als klap op de vuurpijl, een gigantische zaal (kon ook niet anders) met een weergave van een blauwe vinvis, op reële grootte.

Toen waren we te moe om zelfs maar de drie kilometer naar huis te strompelen, zodat we opnieuw een taxi zijn ingekropen. Een goeie douche en een namiddagdutje kunnen wonderen doen, zodat we tegen acht uur opnieuw de straat opgingen. We hadden ’s middags al succulent gegeten, maar hadden inmiddels uiteraard opnieuw honger, en zijn dan maar een MacDonalds binnengelopen :-p alwaar Bart een legendarische ‘quarterpounder with cheese’ heeft gegeten. Daarna zijn we afgezakt naar opnieuw Times Square, ditmaal omdat daar ook enkele cinemacomplexen zijn. De film ‘Wanted’ is trouwens een aanrader voor iedereen die van flitsende actie (en Angelina Jolie) houdt, maar voor het verhaal hoef je het eigenlijk niet te doen. Wist u trouwens dat die High Definition écht wel een enorm verschil maakt? Nooit geweten dat la Jolie zoveel huidproblemen had :-p

De hele dag is het trouwens verder droog gebleven. Overal lagen nog wel plassen van de nacht voordien, maar tijdens de dag is het weer gezellig opgewarmd tot een graad of 28, maar jammer genoeg met een bijzonder hoge vochtigheidsgraad, ook wel gekend als krulweer. Alleen… toen we uit de bioscoop buitenkwamen, was het aan het gieten. En niet zomaar gieten, maar echt wel met ganse bakken tegelijk, heelder kuipen, ganse zwembaden. Nodeloos gezegd, denk ik zo, dat we dan maar een taxi hebben genomen :-p

Vandaag dan. Geslapen tot een uur of acht, gegeten, en met argusogen naar de lucht gekeken. De weerdienst voorspelde regen, wolkbreuken en onweders, en het zag er inderdaad maar grijsjes uit. Toch hebben we het risico genomen, de regenjas stevig in de rugzak gepropt, om met de subway naar het zuiden van Manhattan te gaan: we wilden er fietsen huren om daarmee de Brooklyn Bridge over te gaan, en dan in Brooklyn rond te rijden.  De fietsverhuurder stond er inderdaad, maar keek raar op toen we fietsen wilden huren voor een hele dag: het ging stortregenen. We hebben, by the way, dan ook overal mensen gezien met regenjassen en paraplu’s, tot rubberlaarzen toe.

Enfin, wij dus fietsen gehuurd aan 40 dollar per stuk voor een hele dag, en de Brooklyn Bridge over. Echt wel de moeite (en behoorlijk steil ook): een prachtig zicht over de Hudson, de beroemde skyline en op Manhattan Bridge, en er is een aparte fietsstrook, wat het, gezien het razende verkeer, een stuk veiliger maakt. Aan de overkant lijk je in een andere stad te komen: helemaal andere huizen, en nauwelijks nog hoogbouw, maar vooral huizen van een drietal verdiepingen hoog, zoals bij ons in Gent, maar wel met de beroemde trappetjes overal. Een bijzonder charmant stadsdeel, hier zouden we zelfs wel willen wonen (gesteld dat we ooit uit Gent weg zouden willen). We zijn dan meteen maar een aantal kilometers verder gefietst tot in Prospect Park, het broertje (zusje?) van het gekendere Central Park. Geloof me vrij, als iemand je zegt dat Central Park een oefening was en Prospect Park het uiteindelijke resultaat, dan mag je die op hun woord geloven. In één woord: prachtig! Uitgestrekte grasvelden, dichte bossen, beekjes, watervalletjes, meertjes… Na anderhalf uur rondrijden ergens een hotdog van een kraampje binnengespeeld, en dan verder gereden, doorheen de prachtige residentiële wijken (wel met aaneengesloten huizen, maar niettemin heel mooi).Trouwens, het weer was intussen helemaal uitgeklaard, met hier en daar nog een wolk, maar verder helemaal zonnig, en zo’n 26 graden. Bart en ik zijn dan ook mooi verbrand in ons gezicht en op onze armen :-p

En toen heb ik het kunnen presteren… Al rijdend doorheen de typische wijken wilde ik een filmpje maken. Eén hand aan het stuur, in de andere hand het cameraatje. Alleen ging het plots nogal enthousiast naar beneden, en sprong het licht nog op rood ook! Ik klop dus met mijn linkerhand mijn rem toe… Alleen is dat niet zo’n bijster snugger idee omdat daar de voorrem zit. Ik ben dus op spectaculaire manier over mijn stuur geslagen, en met mijn bakkes tegen de grond. En ja, dat heb ik op film :-p Versuft bleef ik eventjes liggen, terwijl bezorgde omstaanders kwamen toegesneld. Ik krabbelde moeizaam overeind (had niet eens gemerkt dat Bart ook gevallen was) en stelde vast dat mijn knokkels en ellebogen flink geschaafd en aan het bloeden waren, en dat mijn kin pijn deed. Een vrouw die een paar huizen verder woonde en alles had zien gebeuren, bood aan om me mee te nemen naar haar huis om het vuil uit de wonden te wassen en alles te ontsmetten, een aanbod dat ik dankbaar aannam. Even later had ik het glas van mijn uurwerk uit mijn elleboog gepulkt, was alles gewassen, en zat ik meteen onder de pleisters. Fijn zicht :-p Mijn kin is gelukkig niet geschaafd, maar ziet ondertussen wel flink blauw en staat wat dik.

Pas toen ik weer bij de fietsen kwam, merkte ik dat ook Bart een geschaafde knokkel had, en dat ook hij moest gevallen zijn. Ha ja, zei hij, het was dat of over mij heen rijden, en dat laatste vond hij nu ook weer geen strak plan. Ondertussen is gebleken dat zijn knie geraakt is, en dat vooral de spieren van zijn rechterarm bijzonder hard tegenpruttelen: hij kan zijn arm nog met moeite bewegen, en hij doet behoorlijk pijn. Maar een dokter? Ho maar!

Enfin, daarna zijn we vrolijk verder gefietst, doorheen de wijken, heuvel op heuvel af, opnieuw tot aan de Hudson en een heerlijke ijsjeszaak (een bekende ‘fabriek’, blijkbaar) en dan opnieuw de brug over.
De fietsen waren trouwens ook beschadigd, maar bij het verhuurpunt hebben we ons van krommenaas gebaard, snel betaald, en gemaakt dat we weg waren :-p

Een metrorit en een douche later voelden we ons weer een beetje mens, zijn we heerlijk (en goedkoop) Thais gaan eten, en zijn dan afgezakt naar The Winter Garden Theatre, voor een voorstelling van Mamma Mia, de Abbamusical. Geef toe, je kan toch moeilijk in New York aan Broadway gezeten hebben en geen voorstelling hebben meegepikt.
Ik wist niet goed wat ik ervan moest verwachten, maar uiteindelijk vond ik het zijn 115 dollar per persoon wel waard 🙂 Ik zit nu nog ‘Does your mother know’ te neuriën…

Ondertussen (kudos voor wie zo ver heeft gelezen) is het al half één, en Bart slaapt al. Ik denk dat ik gezellig tegen hem aan ga kruipen…

Conversatie

Wolf zit rustig in de living naar tv te kijken en een kommetje cornflakes te eten aan de salontafel.

– Wolf? Ik ga boven een broekje halen voor Kobe, ik zet hem ondertussen even hier bij jou. Ga je ervoor opletten dat hij niet aan jouw kommetje kan?
– Ja hoor mama.

Een halve minuut later, wanneer ik boven met het broekje in de hand sta:

– Maar Kooooobeeeeeeeeeeeeeee! Stoute Kobe! Stoute jongen!

Ik roep terug, terwijl ik de trap afkom:

– Wolf? Wat is er gebeurd? Wat scheelt er?
– Maar mama, Kobe heeft mijn kommetje cornflakes gepakt en doen morsen!

Zucht. Kobe zat erbij, en keek ernaar. Bedremmeld, want zijn broer had net tegen hem geroepen.

Kinderen, ge zoudt ze soms…

Communicatiefoutje

Omdat onze beide koffiemachines kapot zijn en het Saeco service center ze komt ophalen, waren Bart en ik deze morgen druk bezig de machine die hier staat (oud beestje) in te pakken.

Daarna gaat hij Wolf en Kobe een zoen geven, geeft me een knuffel en vraagt: “Zal het hier lukken?” Waarop ik verwonderd: “Ja hoor”.

Hij verdwijnt met de koffiemachine richting auto, terwijl ik met Kobe op de arm nog even boven zijn schoentjes haal.
Terug beneden, hoor of zie ik Bart niet meer. Tiens. Ik ga even kijken in de garage, wacht even (hij is wellicht nog aan het sukkelen met die grote doos), vraag dan aan Wolf waar papa is.

“Papa? Die is toch al weg?”

Ehm. Even de telefoon gepakt, en ja hoor, Bart was al vrolijk aan het rijden. Daar stond ik, in mijn slaapkleedje, klaar om te douchen, met een ingepakte baby op de arm :-p

Gelukkig heb ik een hele lieve man die dan toch nog Kobe is komen ophalen, zodat ik ongestoord kon douchen.

Mja, ochtendcommunicatie, niet onze sterkste kant.

Koppig

Ik ben niet koppig hoor. Maar als ik VANDAAG wil dat die houtstapel verhuisd is, en dat die loodzware houten kist (die ik zo’n beetje vergeten was) dus ook weg moet zijn, dan ZAL dat zo zijn. Ik bedenk nog wel een manier. Hefbomen en dergelijke, weetuwel.

Vandaag MOET en ZAL mijn motor in dat voormalige houtkot staan. Zodat ik de garage kan reorganiseren en er een nieuw rek voor kan maken.

Maar koppig ben ik niet hoor.

Vaststelling van de dag

Je weet dat je een goede, nauwsluitende beha aanhebt wanneer…

de kots van je zieke zoontje, die precies je décolleté heeft kunnen passen, er in plasjes blijft instaan.

Reispas

imgaspx.jpg

Zo’n reispas halen heeft voeten in de aarde. En vooral véél tijd nodig. Oh, en nog een handige tip: op voorhand op de website lezen wat je precies nodig hebt :-p

Deze morgen gingen Bart en ik de deur uit, richting dienstencentrum Wondelgem. Ik was gewapend met mijn oude reispas, mijn identiteitskaart en pasfoto’s, Bart had enkel zichzelf en zijn oude kartonnen identiteitskaart bij.
Het feit dat Bart Kobe nog moest afzetten bij de opvang (een baby pak je op en je bent weg) en ik Wolf naar school moest zien te krijgen (“Maar mama, ik wil nog een boterham, de zesde al.” “Er zit iets in mijn schoen!” “Ik krijg die vest niet over mijn gilet!” “Maar mamaaaaaaa!”) resulteerde in het feit dat Bart al buitenkwam op het moment dat ik binnen wilde gaan in het dienstencentrum.
Hij moest:
– aangifte doen van verlies van zijn oude reispas (Huh? Had hij die dan? We wisten beiden van niks meer.)
– foto’s laten nemen (duh)
– zijn vervallen identiteitskaart vernieuwen
– pas dan zijn reispas aanvragen.

Ik ging binnen rond kwart voor negen. Anderhalf uur later stond ik weer buiten, met de belofte van een digitale reispas op 26 juni. Alleen…

– had ik intussen drie kwartier zitten wachten
– had ik de krant van gisteren gelezen (die van vandaag was te nat)
– was ik binnengegaan, en kreeg ik toen te horen dat ik 86 euro kwijt ging zijn, wat ik niet bijhad natuurlijk
– bleek er geen bancontact te zijn in ons dienstencentrum
– ben ik naar de Delhaize gereden om geld af te halen en intussen boodschappen te doen (De speculaaspasta is weer binnen, yay!)
– heb ik opnieuw tien minuten zitten wachten (er zat 1 persoon voor mij, toen ik een kwartier later buitenkwam stonden er 11 te wachten. Ik heb twee minuten chance gehad!)
– ben ik 86 euro lichter
– is er een hoek van mijn oude reispas
– zijn de pasfotootjes van vorig jaar goed bevonden
– heeft een dame aan het loket me met stralende glimlach te woord gestaan

en kan ik dus binnen een tweetal weken mijn reispas afhalen. Yay 🙂

Nu ga ik ontbijten: een stevige kop koffie, en twee koffiekoeken die ik als beloning heb gekocht in de Delhaize. Hey, ge weet zeker niet hoeveel calorieën dat verbruikt, zo zitten wachten zeker?

Bizar

2003-suzuki-savage.jpgHet is zeer bizar om te moeten vaststellen, na een deugddoend motorritje, wanneer je afstapt, dat je beha is losgeschoten. Het was wellicht te wijten aan het rugzakje dat op mijn rug hing, hoewel, met die dikke motorvest lijkt het me onwaarschijnlijk.

Gelukkig bevond ik me op dat moment in mijn eigen garage en kon ik ongegeneerd het ding weer vasthaken. Ik zie me al toekomen op de speelplaats van school…

Enfin, goed om weten dat mijn motor slaagt in datgene wat veel mannen vervloeken.

Ezel, steen, en twee keer en zo. Oh, en stoten.

Ik ben dus duidelijk geen ezel. En een krak in het zien van analogieën ben ik blijkbaar ook al niet.

Anders zou ne mens, na het tegenkomen van dit, het volgende niet zijn tegengekomen.

Ik heb namelijk een bodempje room op het vuur gezet, en ben dan naar de diepvries gelopen om de spinazie. En toen heb ik vastgesteld dat de kuisvrouw het diepvriesgerief, na het ontdooien van het ding, niet op zijn gewoonlijke plaats heeft teruggezet. Neuroot als ik ben, kon ik dan ook niet anders dan het gerief herschikken. Dadelijk. Onmiddellijk.

Wel, licht aangebrande room bubbelt zeer raar, en ruikt nog niet eens zo slecht. Alleen is het een merde om van uw panbodem te krijgen.

Dat weten we dan ook alweer. Van die ezel en zo.

Timing

Normaal brengt Bart Wolf naar school, en neem ik Kobe mee naar de opvang.

Vandaag had ik Wolf beloofd dat ik hem met de fiets naar school zou brengen, en heeft Bart dus Kobe afgezet.

Allemaal goed en wel, maar op het moment dat wij klaar staan (giletjes aan, boekentassen in de hand) om op de fiets te springen, begint het hier nu toch wel te gieten zeker? Wolf en ik hebben beiden een tijdje bedremmeld in het deurgat staan kijken, en toen was het te laat om nog met de fiets te gaan, zodat we toch maar weer de auto hebben genomen. Jammer.

Ik denk dat het wel een zicht was, wij twee daar in dat deurgat…