Tarot

Jaren, maar echt jàren geleden heb ik me een set tarotkaarten aangeschaft. Ik heb er lang naar gezocht, maar zo’n set moet je passen. Moet je aanspreken. Moet, tsja, van jou zijn, heel typisch.

Mijn set is de Fantastical Tarot geworden, blijkbaar tegenwoordig gewoon te koop op bol, maar destijds niet zo makkelijk te vinden.

Ik heb hem destijds gebruikt om heks te spelen op de Hippe Heksen-kampen van Ideekids, en de meisjes keken er altijd met grote ogen naar.

Deze week heb ik hem, geen idee waarom, nog eens boven gehaald. Nee, ik geloof er niet in, maar ik vind het wel leuk om te doen, de kaarten leggen. Ik hoef er ook zelf niet in te geloven, dat ligt bij de raadpleger, toch?

Enfin, ik heb ze eens gelegd voor Merel, maar een klein beetje vals gespeeld want ze zaten gewoon rechtop geschud en konden dus niet omgekeerd – lees: negatief – liggen. Merels reactie was zalig: “Mama, je zou me er nog bijna in doen geloven!”

Misschien is dit nog wel eens een ideetje om te doen op een van de fun projectjes van school, compleet met zigeuneroutfit en kaarsen en alles. Of voor een larp. Maar dan ga ik toch eerst eens mijn kaarten grondig moeten bestuderen en van buiten leren, want met zo’n boekje is dat vrij idioot.

Road trip

Een nieuwe reeks op Netflix, van de makers van La Casa de Papel, is Sky Rojo, en Barts team doet daar de promotie voor. Ze hebben een waanzinnige promo uitgedacht, waarbij je met je auto in een container rijdt, een stuk van de reeks te zien krijgt, en dan interactief met je pinkers bepaalde beslissingen neemt, waardoor je ofwel dood bent, ofwel kan ontsnappen.

Alleen… De container staat enkel dit weekend in de buurt van Amsterdam, en dus gingen Bart en ik op roadtrip. En als mijn echtgenoot iets doet, doet hij het goed. Heel goed. Overdreven goed, eigenlijk.

Want iets over één stapten Bart en ik in zijn elektrisch BMWtje richting Rijkevorsel, want voor de gelegenheid had mijnheer een auto gehuurd voor een dagje. Niet zomaar een auto, uiteraard. Bart had een Aston Martin gehuurd, een DB11, zo’n ongelofelijke sportmachine waar ook Bond mee rondrijdt. Allez ja, die reed rond met een lager model, I kid you not.

We zaten nog twee uur in de auto tot boven Amsterdam, Aalsmere, schoven een uur aan aan de ‘attractie’ die toch wel drie minuten duurde, en we reden terug.

Pas tegen half negen waren we terug thuis, waarbij ik nog serieus heb mogen hypermilen want eigenlijk zaten we op -6 kilometer :-p En zo’n elektrische auto zuipt batterij als je op de autostrade rijdt.

 

Puur een road trip dus, maar ik zat bijzonder comfortabel, ook wanneer Bart aan het stuur zat. En je hebt uiteraard ook ongelofelijk veel bekijks. Ik heb echt een paar keer moeten lachen, zoals toen een auto ons voorbijging, naast ons bleef hangen en het meisje in de passagierszetel met een grote grijns haar beide duimen in de lucht stak.

Yup, ik zat eigenlijk wel te glunderen, ja.

Dakdak

Jaren geleden had Merel – ze moet toen een kleuter geweest zijn – een “dakdak” gezien. Alleen kon ze ons nooit helemaal uitleggen wat ze daarmee nu precies bedoelde. Het was een camionette of zoiets, maar dan met een extra verdiepje. Ik dacht meteen aan zo’n mobilhome met boven de bestuurder een stukje waarin je kan slapen, maar dat bleek het niet te zijn.

Zo’n verhoogde camionette, dat was het ook niet volgens haar, want het moest vooraan iets platter zijn. Tsja. We hadden er geen idee van wat ze precies bedoelde en al jaren duiden we elke rare camionette met een of andere uitbouw of rare mobilhome aan, maar nope, geen “dakdak”.

Tot we vandaag naar de blokfluitles reden en Merel plots uitriep: “Kijk mama! De Dakdak!” Euh? Blijkbaar stond de dakdak geparkeerd langs de Wiedauwkaai, en het was wellicht zelfs het identieke exemplaar want in hetzelfde rood als degene die ze zich herinnerde van vroeger.

Wel, in het terugkeren ben ik even langs de kant gaan staan en hebben we een foto genomen.

De enige, échte Dakdak! En inderdaad moeilijk te beschrijven, dat geef ik toe.

Opgesloten

Hoe fijn ons huis ook is, hoe comfortabel het leven hier binnen ook is, ik voel me opgesloten.

Vandaag wilde ik graag met de rest van het gezin naar Kruishoutem, naar het graf van mijn schoonvader, maar helaas.

Het is intussen mooi weer buiten en ik zou met de fiets mijn caches willen gaan herstellen, of ergens anders gaan cachen, al dan niet op mijn eentje. Niet dus.

Ik was van plan om met mijn vader mee te gaan naar de dokter, maar Roeland neemt over, want ik mag het huis niet uit. Normaal gezien zou vandaag, op zondag, mijn vader langskomen, maar dat mag uiteraard niet. Maar ik mag ook niet bij hem koffie gaan drinken. Begrijpelijk, maar lastig.

Ook de kuisvrouw komt twee weken niet. Niet dat dat nu zo’n probleem is, we zijn met zijn allen thuis en we nemen wel over, maar…

Dus ja, ik voel me een luxegevangene. Voor amper twee weken, en ik heb het al lastig. Ik kan me dus niet voorstellen wat het moet zijn om een échte gevangene te zijn, die niet in een comfortabel, warm huis zit met zijn geliefden, die kan lezen en gamen en onnozel doen naar believen.

En ik kijk er dus al naar uit om dinsdag boodschappen te doen, want dat is zowat het enige dat wel nog mag, omdat het pure noodzaak is. Ugh.

Murphy en zwembaden

Serieus zeg. 25 graden? 30 graden???

Allez, niet dat ik niet content ben, ik geniet keihard van deze enthousiaste nazomer, ge gaat mij niet horen klagen.

Maar vorige week zaterdag besloot ik dat het zwembadseizoen voorbij was, en heb ik het zwembad laten leeglopen. Zondag hebben we het dan met man en macht schoongemaakt, afgebroken en laten drogen. En dat echt wel met man en macht: we hebben allemaal een stuk gedaan en vooral de zeilen doe je niet eventjes op je eentje.

Het zwembadwater was gewoon vuil: het grootste deel van de maand augustus was het nu niet echt zwembadweer geweest, en aangezien mijn rug het opgegeven had, had ik het ook niet onderhouden en proper gemaakt. En blijkbaar de kinderen ook niet. Tsja.
Met enige moeite en de nodige producten had ik het wel weer bruikbaar gekregen, maar goh, begin september, ik zag daar zo het nut niet van in. En goed weer ging het toch niet meer worden, dacht ik zo.

Meh.

Aan de andere kant: ik heb nu wel mijn terras terug.

 

Keuring, of wa?

Twee weken geleden was mijn auto afgekeurd voor roetuitstoot en een spiegelkapje. Serieus.

Bon, ik ben dan met de kapotte rug een anderhalf uur in de garage gaan zitten tot ze beide problemen hadden verholpen. De auto gaat maar een paar maanden meer meegaan, ik ging er dus mee akkoord dat ze de spiegel vakkundig intapeten zodat hij geen gevaar meer vormde.

Vandaag ging het gelukkig iets beter en ben ik op karakter naar de kinesist en daarna de keuring gegaan, na eerst een klein stukje op de R4 te hebben gereden zodat de motor warm stond.

Bon.

Dit dus.

Ik geloofde het bijna zelf niet, maar blijkbaar zijn dat zeer recente richtlijnen dat ze dat niet meer mogen toelaten, dat het echt de originele spiegels met originele bekleding moeten zijn, en het maakt niet uit of de spiegel nog functioneert of niet.

Echt? Ma echt?

En ligt dat nu aan mij, of had mijn garage dat niet moeten weten? Ik bedoel maar, dat mag nog recent zijn, ik geloof toch dat het hun job is, als ze auto’s in orde zetten voor de keuring, om te weten wat de vereisten zijn. Toch? TOCH?

Ik ga bij het invullen van een belastingbrief ook niet moeten afkomen met de regels van vorig jaar, of bij het maken van een verkeersovertreding die ook nog maar net is ingevoerd.

Serieus.

Pissed.

Autozoektocht

Nee, ik ben mijn auto niet kwijt, als u zich dat mocht afvragen, al is dat wel al eens gebeurd in een ondergrondse parkeergarage.

Mijn geliefd Ford S-Max, een grote dieselbak, is namelijk 10 jaar oud en zijn uitstoot is niet meer maatschappelijk verantwoord te noemen, jammer genoeg. Ik rij namelijk dolgraag met mijn bak en eigenlijk zou hij nog wel een jaartje extra mee kunnen, denk ik, ware het niet dat hij vanaf 01 april niet meer in de Gentse binnenstad mag. Lage EmissieZone, weetuwel. Dit jaar heb ik nog kunnen betalen, al snap ik daar de logica niet helemaal van.

Maar bon, een nieuwe auto is dus aan de orde, en we zouden het liefst van al een full electric willen met vijf volwaardige zitplaatsen, een deftige bagageruimte én een rijbereik van minstens 400 kilometer. Maar hier geldt het adagium zoals dat geldt bij maatwerk: je mag twee van de drie voorwaarden kiezen: snel – goed -goedkoop, maar alle drie kan sowieso niet.

Voor elektrische wagens zijn de parameters waarvan je er maar twee van de drie mag kiezen: ruim – groot rijbereik – betaalbaar. En ik schrijf met opzet niet “goedkoop” want het begint meestal sowieso vanaf 45.000 euro.

Ofwel heeft de auto inderdaad een deftig rijbereik en is de prijs nog te doen, maar dan is vooral de achterbank niet echt comfortabel voor drie personen: de middelste is altijd een beetje benepen. Meh. We hebben ook een klein bestelbusje gezien met 7 plaatsen, ruimte voor mijn fiets en al, maar amper 200 kilometer rijbereik. Geen optie dus. En ja, Ford heeft ook een full electric met alles erop en eraan, maar die begint aan 80.000 euro, en dat hebben we er nu ook weer niet voor over, voor een stomme auto.

Hmpf.

Deze middag een testrit gedaan met een Kia, de komende dagen volgen er nog een hoop testritten, en dan uiteindelijk toch de keuze maken. Of alsnog een tweedehands benzine kopen, en nog een paar jaar wachten met full electric tot de keuze wat groter is.

Bah humbug.