Lectuur: “Shadow Burns” (Preternatural Affairs #4)” van S.M. Reine

Deel vier in de capriolen van Cèsar Hawke, agent bij de Office of Preternatural Affairs (OPA) en meer van het amusante, vederlichte zelfde.

Hawke krijgt de opdracht een haunting te gaan onderzoeken in een rusthuis in een oase te midden van de woestijn. Op zich lijkt dat een eenvoudige opdracht, want demonen, engelen, zombies, nachtmerries, succubi, jazeker, maar geesten? Nope, die bestaan niet.

Maar wanneer een paar dagen later twaalf mensen vermoord worden teruggevonden en de dader degene was die de spoken gemeld had en nu zelfmoord gepleegd heeft, lijkt er meer aan de hand, ondanks het feit dat de zaak snel wordt afgesloten.

Hawke gaat dan ook met Isobel, een necrocognitief die met doden kan spreken, naar de herdenking. En dan loopt het mis. Grondig mis. Want spoken bestaan niet, demonen wel. En als dan ook nog blijkt dat Isobel er mee te maken heeft, dat ze misschien niet helemaal levend is, en dat dat komt door een contract dat ook haar geheugen heeft gewist, dan kan Hawke wel niet anders dan op onderzoek uit te gaan, al was het maar om het eigen vege lijf en dat van Isobel te redden.

Duidelijk meer van het amusante zelfde, zoals ik al zei: geen hoogstaande lectuur, wel een snelle hap tussendoor, fastfood for the mind. Precies wat ik momenteel nodig heb, en goed in zijn genre.

International Puppetbuskers Festival, dag 1

De eerste dag van de 37ste editie van het International Puppetbuskers Festival ging onder een goed gesternte door: warm maar geen volle zon, een heerlijk plekje met voldoende stoelen, podia en een verfrissende bar: meer kan een zichzelf respecterende poppenspeler niet verlangen.

De dag in de Willem De Beersteeg begon met het Nederlandse gezelschap De Vliegende Koffer, en hun voorstelling Wortel. Hierbij worden nog de klassieke handpoppen gehanteerd, volledig gemaakt uit vilt, met een hoog Punch and Judy gehalte. De voorstelling, gericht op de kleintjes, kan nochtans ook gesmaakt worden door volwassenen door kleine, spitsvondige opmerkingen. Konijn wacht namelijk op een pakketje en gaat luisteren bij de buren of het soms daar geleverd werd. Blijkt dat mol, van Mol.com, gewoon een beetje aan de late kant is. In het pakketje zit een zaadje dat uitgroeit tot een heuse wortel, die daarna aan zijn lot probeert te ontsnappen door weg te lopen van Konijn. En dan duikt de Vos op die wel een konijntje lust. Het resulteert in boe-geroep van de kleintjes, hilarisch vettige kleuterlachjes, de klassieke “Pas op! Achter u!” scènes en uiteraard een goeie afloop. Goed gemaakt, klassiek entertainment dus.

De tweede groep was het Belgische Theater Tieret met de Aërofacten. De heren hebben een luchtmachine meegebracht waarmee ze lucht kunnen distilleren en vangen: berglucht, bloemetjeslucht, en hun specialiteit: gebakken lucht. Maar er hangt ook echt wel iets in de Gentse lucht, en het zit eraan te komen: ze verwachten ‘hem’.

Spitsvondige allusies naar het Gentse circulatieplan, de politiek en nog veel meer zorgen ervoor dat het geheel veel meer weg heeft van straattheater dan van poppentheater, en de poppen lijken er dan ook meer bijgesleurd dan wat anders, maar het geheel is bijzonder verfrissend, amusant en, welja, luchtig.

Derde groep van de dag was het Braziliaanse Cia Tu Mateixa, ook al te gast in 2022, met Laia and the flight of imagination. Opnieuw gaat het over een woordenloze, bijzonder poëtische vertelling over de slapende Laia en haar dromen: een rode vogel, de klokpoppen uit de vorige voorstelling… Laia wordt wakker en gaat onder andere schilderen, een knap staaltje poppenspelkunst: de artieste geeft de marionet een borstel en dopt dan ook echt de borstel in het water, de verf en gaat dan schilderen. Mooi! Het geheel gaat nergens over, maar is wel bijzonder mooi om naar te kijken, al is het voor kinderen blijkbaar te lang, hoorde ik naast me.

Hopelijk, als het weer het toelaat, morgen meer.

Lectuur: “Hotter than Helltown (Preternatural Affairs #3)” van S.M. Reine

Dit was boek drie over de emolumenten van heks Cèsar Hawke, en het is duidelijk meer van hetzelfde, maar in zijn genre best goed te noemen. Ik vind de reeks zelfs groeien, ja.

Hawke is in het vorige boek ternauwernood ontsnapt aan meervoudige doodsbedreigingen, waaronder een van zijn eigen werkgever. De oplossing, naast uiteraard het uitschakelen van de booswicht, is dat hij een band aangaat met zijn overste en goeie vriend Fritz. Alleen moet hij daar een examen voor afleggen, en dat studeren komt een beetje in het gedrang als er een gruwelijke seriemoordenaar opduikt en hij op de zaak wordt gezet. En als dan blijkt dat die seriemoordenaar een wezen is waar zelfs de demonen van Helltown bang voor zijn, dan loopt het uiteraard mis.

Zoals ik zei: de reeks groeit. Niet alleen het personage van Cèsar ontwikkelt, maar ook bepaalde nevenpersonages krijgen meer diepgang. Niet dat je daar nu zo veel moet van verwachten, het blijft pulp, maar intussen best goed geschreven pulp. Natuurlijk, als dit de zoveelste reeks in het genre is die je leest, dan wordt het wel wat herkenbaar en wat formulaïsch, maar ik vind dat ook weer niet zo erg. Je weet waar je aan begint als je dit ter hand neemt, en dat is geen grootse literatuur. Maar dat hoeft ook lang niet altijd, toch?

Gent Jazz: Soulwax

We waren de donderdag dus al in Dordrecht wegens praktische redenen, maar ook omdat ik vandaag tegen de middag thuis wilde zijn: mijn pa komt elke zondag en kijkt daar ook echt naar uit, dus voorlopig proberen we zo goed als niks te plannen op zondag. Nog eens bedankt aan Arend om ons om tien uur op te halen in Dordrecht, en bedankt aan Wolf om me daarna op te pikken in Kemzeke.
De tweede, nog betere reden was dat we vandaag opnieuw uitgenodigd waren op Gent Jazz, meer bepaald VIP, door Syntra, voor Massive Attack. De VIP en Syntra bleven, Massive Attack moest helaas afzeggen wegens ziekte en werd vervangen door Soulwax. We lieten het niet aan ons hart komen, en na een – relatief – rustige zondagnamiddag reden we deze keer met de auto – mijn rug was aan het protesteren tegen de hardhandige behandeling van de voorbije dagen – richting de Bijloke. Er was lekker eten, goed gezelschap *zwaait even naar Koen* en uiteraard de muziek.

Het was Soulwax’ eerste concert in Gent in 17 jaar of zo, en zoals Stephen zelf zei: hun ouders zaten in de zaal dus het moest goed zijn. En of het goed was.

Man, wat was dat? Zoals ze speelden uit een van hun vroegere nummers: Pumping techno music. De setup was vier knoppendraaiers – je kan het niet anders noemen – waarbij eentje ook af en toe bas speelde, en drie drummers. Drie volwaardige drummers, die soms absoluut synchroon speelden, maar meestal echt hun eigen score. Het resultaat was een wall of sound, met een ongelofelijke rol voor die drummers, en een aaneengeregen geluid waarbij het soms moeilijk was het ene nummer van het andere te onderscheiden. Dat hoefde eigenlijk ook niet: het was gewoon genieten.

Ik twijfelde of ik ook een filmpje zou posten, want dat doet het geheel absoluut oneer aan, maar ik ga het toch doen, op voorwaarde dat je er dan het immense, tentvullende geluid bij denkt, en niet het platte geluid van de opname.

In elk geval moesten we even bekomen na het concert: een ware overrompeling van de zintuigen.

Nee, het was geen Massive Attack, maar het was minstens even goed.

 

Big Rivers dag 2

Het zag er rond half negen nog helemaal bewolkt uit, maar tegen tien uur was het al netjes opgeklaard.

Opnieuw sliepen we vrij lang, waardoor het toch na elven was voordat we neerzaten bij Coffeelicious. We bestelden scones, een kaneelkoek en eenstapel pancakes, deelden alles door drie, en hadden eigenlijk nog te veel. Tsja.

Daarna hadden we nog even de tijd om in Biblis binnen te lopen, het enige winkeltje in Dordt waar ik altijd wel eens binnen wil, en waar ik het dan ook nooit kan laten om iets te kopen. Het is een waar kleurfestijn, en ik vond er een jumpsuit in fijne kleuren, en ook Mireille vond er twee broeken. Maar daardoor moest Sabrina zich nog reppen om Hanneke op te halen, die met een busje aan de Grote Kerk werd afgezet met haar rolstoel.

We gingen nog heel even meezingen met het grote koor, gingen daarna een stukje luisteren in de volle zon naar een goeie Muse-covergroep, passeerden alsnog langs Sengers omdat die paarse ring in mijn hoofd bleef spoken en ik het veel geld vond maar het gelukkig ook wel kan missen, en passeerden toen langs een winkeltje met goeie ijskoffie’s en speciale ijsthee.

Tegen kwart na vier waren we in het Hof, de locatie waar destijds de eerste Staten-Generaal doorging, en waar nu een klassiek orkest speelde met een vriend van Sabrina op de hobo. Ja, het was de moeite, ik moet dringend ook thuis eens luisteren naar de negende van Dvorak.

We liepen weer helemaal terug naar de andere kant – ik met Hannekes rolstoel, Sabrina met mijn rolwagentje waarin vooral ook mijn stoel zat – en gingen heerlijk Italiaans eten, iets wat Hanneke echt nog wel eens wou doen, want een kleine 50 jaar eerder had ze dat ook al gedaan met Bas, haar ex-echtgenoot. Het duurde lang, echt lang, maar het was ook wel bijzonder lekker, ja. En we waren eigenlijk allemaal vooral blij dat we zaten.

We gingen daarna al terug richting het huisje, met het idee dat we wel nog zouden zien wat we gingen tegenkomen onderweg, en dat bleek eerst vooral Margriets huis te zijn, waar we rustig gingen zitten voor een babbel. Ook Kevin was er toegekomen met zijn gevolg, en toen zeiden die dat ze graag nog een optreden van een Aretha Franklin Tribute wilden zien. Alleen was dat weer helemaal de andere kant op, aan de Grote Kerk. Hanneke zag daar geen graten in, maar in een rolstoel snapte ik dat best. Sabrina, Mireille en ik waren echter doodop. We namen afscheid van Han en gingen rustig richting huis, met hier en daar nog een kijkje naar een speciaal plekje en nog even tot aan het Groothoofd.

Tegen half tien waren we thuis, kwamen nog even tot rust op het balkon, gingen naar boven en kregen toen een mega slappe lach terwijl we al in bed lagen. Daarvoor moet ge allemaal al boven de vijftig zijn, toch?

Enfin, alweer een zalige, heerlijke dag. Eerlijk? Dit was de beste editie van Big Rivers die we al gehad hebben.

Big Rivers dag 1

We hoefden nergens dringend te zijn, dus sliepen we uit en genoot ik van het ochtendlicht – of eerder voormiddaglicht – op het balkonnetje.

Tegen elf uur zaten we in De Klik, bij Annemarie en Maarten. Die hebben op de benedenverdieping van hun huis een heel gezellig brunchcafé, met broodjes en uitsmijters en tosti’s en zo. En ook een fijn balkon, alleen… het is, net zoals zowat alles in het historische centrum van Dordrecht, een beschermd zicht, en dus mogen ze geen deur steken waar het venster zit. Om naar het balkon te gaan, moet je dus door het venster klauteren. Het is eens wat anders…

Soit, we aten er eerst verse, nog warme appeltaart als ontbijt, en later, toen ook Margriet en Ingrid bij ons kwamen zitten, ook effectief nog een tosti – when in Rome…– of een broodje. En ja, het was er zeer, zeer aangenaam zitten.

We liepen verder door de Dordrechtse straten, passeerden, helaas voor mijn bankrekening, yay voor mezelf – bij de Senger juwelier en keken onze ogen uit. Die hebben acht vitrines in de belangrijkste winkelstraat van Dordrecht, met museumkwaliteit: ze verkopen nieuwe dingen, maar vooral ook antieke juwelen: kettingen, ringen, broches, haarspelden, cameeën, you name it. Overal staat een uitleg bij, en de prijzen gaan tot vlot boven de 4000 euro. Ik snap dat wel, er zitten zalige dingen tussen. Ik verlekkerde me op een pracht van een paarse ring, maar 165 euro vond ik te veel, zeker omdat ik hem nog moet laten vergroten. Ik ging dan maar voor een prachtig paar rood met zilveren oorringen.

We liepen verder tot aan het huisje, deden daar even een tukje, tegen half zes werd Hanneke afgezet door haar zoon, en trokken we richting Margriets huis om daar te eten. Ook zij heeft een pracht van een beschermde eenpersoonswoning in het centrum, met een winkel op de gelijkvloerse verdieping, maar een eigen ingang/hal voor zichzelf: daar had ze een tafel met allerhande hapjes en brood klaargezet, een koelkastje en een koelbox vol drank, en een resem stoelen buiten. We installeerden ons, voelden ons vooral zeer welkom en genoten.

Ingrid had er trouwens een fijn filmpje van:

Ik moest ook lachen met alle slogans aan de WC-blok, netjes in de kleuren van Big Rivers:

Van daaruit trokken we met zijn allen richting de Grote Kerk voor een optreden van een Doe Maar covergroep, enfin, eigenlijk alle mogelijke Nederlandstalige hits. We raakten de rest wel kwijt, maar dat was niet zo erg. Wij gingen er vrolijk bij zitten op ons favoriete grasveldje, met poffertjes en een stroopwafel, want zo hoort dat.

We deden uiteraard ook van trappetjesfoto, want ook dat hoort nu eenmaal zo, dat is de Vossentrap in Dordrecht.

En ondertussen maakten Margriet, Ingrid en al de rest een filmpje, speciaal voor ons, terwijl wij dat aan de andere kant van de kerk aan het meezingen waren.

Toen gingen we stilaan richting huis, waarbij we nog de fijne covergroep Skeftum meepikten op de Grote Markt, en waarbij ik ongelofelijk blij was dat we al de hele tijd mijn vissersstoel hadden meegesleept.

Maar toen was het echt, echt welletjes, en gingen we naar huis. Kevin, die we bij die covergroep hadden gevonden, kwam zijn ma dan rond elf uur ophalen.

Zelfs een theetje hoefde voor mij niet meer: mijn bed was meer dan voldoende. Maar wat een dag!