Afscheid van Gandalf

Wat ik eerder deze week al vreesde, is effectief bewaarheid.

Ik had maandag naar de dierenarts gebeld, en ik mocht Gandalf binnenbrengen zodra we hem zagen. En dat was dus het probleem: zaterdag en zondag had hij nog bij ons in de tuin gezeten, maandag was hij niet te bespeuren. Dinsdag en woensdag ook niet, en ik was al gaan rondvragen bij de buren, maar niemand had hem gezien. Ik vreesde het ergste: ik dacht dat hij zich ergens had verstopt om te sterven.

En toen was het donderdagmorgen, en kwam Merel me wakker maken: Gandalf lag in de zetel, bovenop een dikke trui van Merel. Het is me een raadsel hoe hij nog in die zetel is geraakt, want er zat absoluut geen energie meer in, hij hief met moeite zijn kopje nog op.

Ik belde de dierenarts en Ulrike zei dat ze om half negen een operatie had, maar dat ik daarvoor mocht afkomen, desnoods om hem gewoon af te geven zodat ze hem kon onderzoeken voor ze aan die operatie begon.

Ik kleedde me aan, ontbeet, nam Gandalf met pull en al voorzichtig in mijn armen en met behulp van Merel legde ik hem in de kattendraagmand. Hij protesteerde nauwelijks…

Normaal gezien protesteert hij in de auto quasi non-stop, luid miauwend. Nu kwam er amper geluid uit, het arme beestje. Ik had niet op druk verkeer gerekend in de richting van Lovendegem, en ik was er dus toch maar tegen half negen. Ulrike, de schat die ze is, ging net aan die operatie beginnen, maar haar assistente kon nog verder voorbereiden, en dus keek ze eerst toch naar Gandalf.

Het verdict was duidelijk: acuut nierfalen. Hij was graatmager en volledig uitgedroogd, omdat hij eigenlijk niks van voedsel en vocht meer opneemt. Zijn buikje was effectief volledig opgezwollen van het vocht dat zich opgehoopt had. Al was ik een week eerder met hem bij Ulrike geraakt, ze had toch niks kunnen doen, blijkbaar is dit een grote doodsoorzaak bij oudere katten. En hem nu nog behandelen zou enkel een klein beetje rekken zijn, en hem een hoop ongemak bezorgen.

Met tranen in de ogen heb ik toen beslist dat we hem niet langer gingen laten afzien, wat ik dus al verwacht had. Ze heeft hem eerst een spuitje gegeven met morfine en zo, en hij reageerde zelfs niet. Maar blijkbaar voelde hij zich wel veilig en thuis, zelfs daar bij Ulrike. Hij was namelijk zachtjes aan het ronken, daar op die pull van Merel, en hij legde zijn kopje in mijn hand. En zo is hij langzaam in slaap gevallen. Ze heeft hem daarop een spuitje in zijn hartje gegeven, en daarmee eindigde het kattenleven van onze Gandalf.

Veertien jaar en een half. Veertien zeer eigenzinnige jaren: eerst wel bij ons in huis, maar daarna meer en meer een buurtkat die overal binnenliep, overal ging eten, overal sliep. Een paar jaar heeft hij zelfs bij de buurvrouw gewoond, want daar kreeg hij voortdurend aandacht, was er geen tweede kat en was er wel kippenwit en zo. Maar als er iets scheelde, kwam hij wel telkens weer naar mij toe: ik mocht hem pillen geven, ik mocht zalf in zijn oog doen, ik mocht hem onderzoeken en ontvlooien. Maar hij kon ook stevig protesteren, zelfs grollen, en je wilde niet zien hoe hij een hond afdreigde of zelfs aanviel als die te dicht kwam.

Maar wat me echt, echt blij maakt: ondanks het feit dat hij zelden hier thuis kwam en vooral bij de buren sliep, is hij toch in zijn laatste uren naar huis gekomen om hier te sterven. Niet bij de buren, niet op zijn favoriete plekje onder de haag, niet op de tuinstoelen, maar bij ons in de zetel.

Gandalf, jij oude grijze kater, we gaan je missen. En het zegt veel dat beide jongens speciaal van kot naar huis zijn gekomen om je samen hier in de tuin te begraven. Je was een, ietwat vreemd, deel van ons gezin, toch wel. Eigenzinnig, koppig, sterk, onbevreesd: je paste hier wonderwel.

Een reactie achterlaten

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *