Awel ja, ik heb echt wel goed geslapen vannacht! Dat bed is prima, het werd alleen een beetje koud vannacht, amper 10 graden. Maar ik had mijn donsdeken, ik heb er nog een ander deken overgegooid, en onder mijn slaapkleed heb ik een legging aangetrokken en een pull erboven, en dat kwam best wel goed.
En verder? Goh… hebben we niet zoveel gedaan vandaag, vond ik. Maar het was best gezellig en wat men dan noemt slow living.
Er was het rustige ontbijt met verse koffie, en dat smaakte. Caitlin en Julie (C&J vanaf nu) hebben een frigo gekocht die werkt op een gasfles, en ja, dat marcheert. Ze zijn in de Decathlon ook twee kookplaatjes gaan halen die werken op van die kleine smalle gasflesjes, en ook dat werkt prima, al is de gas vrij snel op. Maar ik geloof dat ze 16 van die dingen mee hebben, dat komt helemaal goed. Gisteren was er al spaghetti, deze morgen dus koffie, ’s middags heb ik iets in ’t stad gegeten, en deze avond waren er wraps met gebakken kip en vanalles.
Alleen de ’toiletten’ zijn een uitdaging. Ze heten hier niet Dixi maar Cathy en zijn dus een begrip op zich. Er zijn verschillende clusters van die dingen met telkens een stuk of twintig cabientjes, maar dat maakt het blijkbaar niet minder erg. Vandaag zijn ze gefaseerd opengegaan, dat wil zeggen dat ze om de paar uur een paar nieuwe openden. Toen ik er daarstraks eentje opende, geloofde ik mijn eigen ogen niet. Het ding was vol tot aan de rand. En dan bedoel ik ook: tot aan de rand. Degene die het ding het laatst gebruikt heeft, moet echt met zijn kont in de stront hebben gezeten, dat kan niet anders. Echt, walgelijk gewoon! Ik wist niet hoe snel ik de deur weer moest dichtgooien, maar gelukkig waren er nog die ‘haalbaar’ waren. Tsja, het is niet alsof je veel keus hebt…
Verder hebben we een contract kunnen afsluiten met een grote groepering en ben ik meegegaan als secretaris: aangezien ik niet kan/mag vechten, ben ik degene die de aankondigingen doet, ons voorstelt, de grote klep uithangt maar ook de contracten onderhandelt en opstelt. En dan is het de grote baas, James, die er zijn poot moet onder zetten.
Ik heb zowaar een eigen bureautje onder de luifeltent, serieus.
En ja, voor de rest hebben we rondgelopen, heb ik met een trom ons aangekondigd – we zijn per slot van rekening een nieuwe groep – ben ik naar de verschillende winkeltjes gaan kijken, heb ik ’s avonds nog iets gedronken met enkelen van ons, en heb ik vooral een rustige, aangename dag gehad onder een stralende zon.
Oh, en er was ook de veldslag natuurlijk, die ik vanop een afstandje bekeken heb, terwijl mijn compagnie, The Black Wolves, aan het meevechten was.
Ja, dit is wel iets, ja.
