Japan – dag 2: ik hààt verplaatsingen!

Het vorige verslagje was kort wegens de dag die met zes uur werd ingekort en een vliegreis waarop niks te beleven viel.

Rond vier uur plaatselijke tijd – ergens tussen elf en twaalf uur ’s nachts dus – werden we wakker gemaakt en volgde het ontbijt. Ook ik dacht dat dat wel moest lukken: nog anderhalf uur tot landen, toch?

Euh… De landing lukte nog, maar ik was ongelofelijk misselijk, en dat ging in de lounge daar in Hong Kong – transfer van drie uur, met opnieuw security controle, handbagagecontrole, paspoortcheck en alles erop en eraan – maar niet over. Eten hoefde ik dus aan geen kanten, en pas toen mijn hele maaginhoud in een zakje werd gemikt – inclusief zelfs het avondeten van de dag ervoor, ik had echt niks verteerd – voelde ik me beter. Ik kon zelfs een fotocache gaan loggen, zodat ik er nu ook eentje heb in Hong Kong.

Ook het opstijgen viel nog mee, maar ik durfde niks meer eten of drinken, no sir. Na amper een dik uur moesten we alweer landen in Taipei, en jawel, misselijk uiteraard. Bon, vliegtuig af, security check, paspoort check, terug naar de gate, zelfde vliegtuig weer op voor nog een kleine drie uur. Dit waren geen slaapzetels maar ze konden wel redelijk plat, dus ja, weer wat geslapen. Helaas, de landing zorgde ervoor dat wat mijn maag toch nog bevatte, ook nu r weer uit kwam. Blergh. En slecht, slecht…

Intussen was het vijf uur lokale tijd, zeven uur verschil. De immigratiecontrole, visumcontrole, vingerafdrukken en bagage ophalen kostten ons nog een uurtje. Gelukkig stond ons taxibusje te wachten, maar de rit – avondspits in Tokyo – was nog eens meer dan anderhalf uur.

Iets voor achten stonden we totaal uitgeput in het hotel, Merel was aan het huilen van vermoeidheid en ellende. Maar we waren ter bestemming: Tokyo Ikebukuro, verdieping 22. De kamers zijn klein maar ruim naar Tokyose normen, en ik ging nog van kamer wisselen – mits stevig bijbetalen – voor Merel en Kobe van een klein tweepersoonsbed naar een twin kamer: ze ging anders geen oog toe doen en ze was nu al zo ziek…

Gelukkig was het restaurantbuffet nog open, zodat we ter plekke nog iets konden eten en zelfs niet meer buiten hoefden. Tegen half tien lag Bart al te slapen, ik heb het nog uitgehouden tot elf uur, kwestie van de jet lag wat tegen te gaan.

Maar het uitzicht op nachtelijk Tokyo van op de 22ste verdieping: prachtig!

Een reactie achterlaten

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *