Koor, opnieuw

In februari, kort voor de lockdown, zat ik er een beetje door. Ik had er genoeg van, kon niet veel meer verdragen, had geen zin meer in niks. Lesgeven was op zich geen probleem, maar al het gedoe errond, nee dank je.

En als je zo op de rand van een inzinking staat, dan knip je in alles wat extra energie vraagt, om eerlijk te zijn. Eén daarvan was mijn koor. Ik zing dolgraag, maar we zingen behoorlijk moeilijke dingen en dus kruipt daar veel energie in. Nu was er ook net een nieuwe tenor bijgekomen door wie ik bij momenten compleet de mist in ga: die mens zingt met overtuiging, maar ook met overtuiging soms foute noten, en dan ben ik mijn kluts kwijt en val ik eruit in de studeerfase. Wanneer ik een stuk goed ken, is dat geen probleem meer, maar ik ben gewoon aan Stefan naast mij, een verdomd goeie zanger die ook altijd zijn inzet feilloos heeft, en daar wringt het bij mij. Zodra ik vertrokken ben met een zanglijn, kan hij op mij leunen.

Een en ander leidde ertoe dat ik dus uit het koor ben gestapt in februari. Helaas op een niet erg elegante manier: ik wilde dat zelf zeggen aan de dirigent, maar er waren voortdurend mensen die hem ook iets te melden hadden. En eigenlijk ging hij een soortement auditie afnemen van twee nieuwe mensen. Toen ik er dus alsnog tussen wilde, werd ik afgesnauwd door een van die nieuwe: dat zij wel zaten te wachten, hé, al lang, en dat ik er dus niet moest tussen kruipen. “Goed”, heb ik gezegd, “geen probleem, veel plezier dan, ik kom voorlopig niet meer terug en ga dus ook het concert niet meer meezingen. En ik zal dan wel zien in september of ik nog terugkom of niet. Salu!” Ik heb me omgedraaid en ben met tranen in de ogen weggelopen. Geen idee wat de reacties waren, ik heb ook niks meer gehoord. En toen was er de lockdown en was het sowieso gedaan met zingen en concerteren.

In september ben ik dan met een klein hartje teruggegaan, maar ik werd meteen met open armen ontvangen. Sommigen keken me een beetje vreemd aan – ik neem het hen absoluut niet kwalijk – maar de meesten waren zeer verwelkomend. En Stefan was heel rechtuit: “Blij dat ge terug zijt, maar zijt ge zeker? Want we moeten wel op u kunnen rekenen hé, de vorige keer hebt ge ons gewoon in plan gelaten”.  Ik heb iets geantwoord van “Ge hebt nu twee nieuwe toch?” maar heel fair was dat niet als antwoord. Hij is mijn zangmaatje en ik mis het ook als hij een repetitie niet kan komen.

Soit.

Ik ben weer aan het zingen en het doet deugd.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *