Tekening

Door gisteren die tekeningen van op Montmartre te posten, moest ik denken aan de tekening die ik in 2009 van Jeroom heb gemaakt. Intussen staat die hier thuis, maar die heeft altijd bij hen op de kast gestaan.

Ik heb er destijds een scan van genomen maar vind hem nu niet terug, het is dus maar een fotootje geworden met het origineel erbij. Eigenlijk ben ik er nog altijd best tevreden van. ’t Is niet alsof ik eigenlijk ooit teken. Of sindsdien nog iets getekend heb.

Tekeningen

Je weet wel, als je in de meeste grote steden rondloopt, is er altijd wel ergens een plek waar je voor een paar euro’s je portret kan laten tekenen.

Destijds had mijn ma dat blijkbaar laten doen, in de winter van 1972.

Jaren later, toen ik in het vierde middelbaar zat en met school naar Parijs ging, liet ik hetzelfde doen. Dat moet dus lente 1987 geweest zijn.

Beide tekeningen hangen omhoog in mijn vaders huis, en hij vroeg me ze te fotograferen. En ja, ik vind na al die jaren nog steeds dat de tekenaar dat eigenlijk wel bijzonder goed gedaan heeft.

Grove

Een tijd geleden kondigde Anouk Dubois, larper, Antwerpenaar, lief van Cody en een ongelofelijk wijs mens, aan dat ze een concert gaf als eindexamen aan de Jazz Studio. Grove was de titel, en ze speelde in het Fakkeltheater in Antwerpen.

Meteen een heel erg goeie reden om naar Antwerpen te gaan, naar dat concert te luisteren, en daarna af te zakken naar The Geeky Cauldron. Dat café kan je gerust mijn stamcafé noemen, voor zover ik dat zou hebben natuurlijk. Ik ga namelijk nooit op café, allez, toch niet meer sinds mijn studententijd toen ik praktisch in de Yucca woonde. Maar een stamcafé, dat is voor mij een plek waar je de eigenaars kent, waar je je thuis voelt, en waar je zo goed als altijd wel iemand kent als je binnenstapt. Check, check en check. Ook al is het dan in – of all places – Antwerpen.

Ik had een ganse hoop volk verzameld, onder andere de Korda Boys, en Robbe en Jarne reden met mij mee. Geen idee waarom, maar ik lig blijkbaar goed in de markt bij twintigers tegenwoordig :-p

Het werd een stevig concert, knap gezongen en met nummers die er stonden. Ze begon met een aantal Nederlandstalige nummers, waaronder een heel mooi liefdeslied voor Cody. Ik heb er geen idee van of die eigenlijk zelfs in staat is te blozen, maar op dat moment kwam het er toch redelijk dicht bij.
Daarna ging ze verder in het Engels, vrij uiteenlopend, meestal vrij zacht. Eén nummer sprong eruit, en dat heeft ze dan ook nog eens als bisnummer hernomen. Een aanklacht tegen onrecht, oorlog en het wegkijken ervan, geschreven na een trip naar Belfast.

Zoals gezegd trokken we daarna naar de Cauldron. Zo goed als iedereen ging te voet – het is dan ook maar een goeie tien minuten stappen – maar ik wist dat ik ’s nachts die wandeling niet meer ging zien zitten wegens rug kapot, en dat ik dus maar best naar de parkeergarage tegenover de Cauldron reed. Philip reed met mij mee, en als er blijkbaar een iemand is die Antwerpen kent, is hij het wel. Hij toonde me meteen een paar mooie plekjes en we pikten samen een cache op in de voetgangerstunnel waar ik nog nooit geweest was.

Meteen liet hij me ook de scenic route rijden waarbij ik een hele uitleg kreeg over de verschillende bezienswaardigheden, waardoor ik meteen besloot om deze zomer eens een ganse dag naar Antwerpen af te zakken met mijn fiets in de koffer, en dan samen met hem de stad te verkennen. Hij is de ideale stadsgids, zo blijkt, zeker als het op architectuur aankomt. Ik kijk er al gigantisch naar uit!

Een en ander zorgde ervoor dat we pas een hele tijd later in de Cauldron waren en sommigen al licht ongerust begonnen te worden. Echt, die gasten zijn zó ongelofelijk zorgzaam…
In de Cauldron werd er uiteraard vooral over larp gepraat, zoals altijd, en het grappige was dat Mathias zijn zo-goed-als-lief had meegebracht, maar nog met geen woord gerept had over het fenomeen larp. Ik heb het kind dan maar uitgelegd wat dat allemaal inhield, compleet met een paar foto’s, terwijl hij buiten eentje ging roken. Ze wist niet wat ze ervan moest denken…

Soit, al bij al was het tegen twee uur voor ik terug huiswaarts reed. Robbe was intussen al met Jesse meegereden, maar gelukkig had ik nog steeds Jarne om me wakker te houden op die lange en saaie E34.

Fijne avond, voorwaar, en ik verzeker u: van Anouk gaan we nog horen.

Dansgroep Motion: Circus

Toen Wolf me een hele tijd geleden vroeg of ik mee ging kijken naar een balletoptreden van Arwen, zei ik meteen ja.

Vandaag reden we dus samen naar Waarschoot om daar in een grote hal te gaan kijken naar een, welja, spektakel: een groots opgezette show in ware circusstijl, met de ongelofelijk schattige hele kleintjes tot de quasi volwassen competitiegroepen, van klassiek ballet over tapdans tot breakdance en hiphopcrews. Ja, het was eigenlijk echt wel de moeite en heel knap in elkaar gestoken.

Het enige minpuntje was dat ik bijna drie uur – van elf tot kwart voor twee – op een houten bank moest zitten en dat mijn rug dat absoluut niet apprecieerde. Ik ben dan in de langere pauze van een half uurtje even in de auto gaan platliggen, waardoor ik de rest gelukkig wel nog overleefde.

Maar ik was wel blij dat ik het gezien had: respect voor Arwen en een echt wel goeie show. Dik in orde.

Vel

Gisteren stuurde Véronique me een berichtje: of ik niet mee ging naar een toneelvoorstelling bij De Vieze Gasten? Ik zag geen enkele reden om nee te zeggen, wel integendeel, en dus tuften we deze avond samen naar de Brugse Poort voor de voorstelling “Vel”.
Zoals de perstekst zegt:

‘Vader en dochter’ spelen ‘moeder en zoon’ op het toneel.
De zoon speelt gitaar, een soundtrack bij een film, met muzikale stiltes, met zang.

 “Het spijt me jongen, dat ik niet. Dat ik achteraf. Er zijn zoveel dingen. Die je niet. Waarover je. Die gebeuren. Je denkt: nu moet ik… Dit had ik anders. Dit had ik niet. Niet zo. Maar je hebt… En toch heb ik ook. Maar geaarzeld. Hoe moet je denken… over dingen die je niet… Ik heb nooit. Sommige dingen. Je bent niet voorbereid. Je moet.

De dokters weten wat ze zeggen.
Ze zeiden me dat het beste.
En ik knikte.”

Een moeder vertelt het verhaal van haar kind.
Een dochter speelt deze prachtige tekst van Elvis Peeters, los-vast gebaseerd op het verhaal van haar vader.

spel Anna Carlier | muziek Chris Carlier | tekst Elvis Peeters

Concreet zagen we een heel aangrijpend stuk waarin een moeder vertelt hoe haar jonge kind volledig verbrand raakt en hoe ze daarmee probeert om te gaan. En vooral: hoe de tiener die uit dat kind opgroeit, er niet mee kan omgaan.
De muziek die erbij gebracht werd door vader op gitaar, dochter op basgitaar en een drumcomputer lag me totaal niet, maar het stuk zelf kroop wel onder je, welja, vel.

Aansluitend reden Véro en ik nog naar de Burgstraat omdat daar, in de bar Mirwaar, een fijne maat van haar plaatjes draaide. Letterlijk: er staan bakken vol singeltjes op de toog en je mag zelf kiezen wat ze draaien.

Heel lang zijn we niet gebleven want de stoelen bij De Vieze Gasten zijn nu niet bepaald van die kwaliteit dat mijn rug er vrolijk van wordt, en mijn rug is sowieso niet veel waard op vrijdag na een stevige lesdag, maar we hebben zelfs zelfs eventjes staan dansen.

En meteen hebben we ook besloten dat we vaker samen op de lappen gaan, en dat we dan ook steevast een hoed gaan dragen. We gaan dan op hoedenzwier. Dik in orde!

Djiezes!

Awel, het deed nog eens deugd, zo stevig doorzingen!

Vanavond was er een herneming van ons Djiezes! project, het evangelie van Marcus gebracht door plat Gents poppenspel met liederen van ons koor. Voor de gelegenheid zaten we in de Begijnhofkerk in de Lange Violettestraat, hadden ze een nieuwe poppenkast voorzien en was ook het geluid tien keer beter. Het werd een goeie voorstelling, en de dronk achteraf in het Sint-Michielshuis was ook best amusant, al ben ik maar een tiental minuten gebleven: mijn pijp was zo’n beetje uit.

Maar dat zingen, dat doe ik dus écht écht graag, zeker met zo’n fijne, joviale bende!

Stevige donderdag

Normaal gezien heb ik op donderdag enkel les van halfnegen tot tien over tien, en dan heb ik de rest van de dag vrij voor voorbereidingen en administratie.

Niet vandaag. Ik stond om half negen netjes op school om er in de voormiddag een fotowandeltocht door Mariakerke te begeleiden, net zoals dinsdagvoormiddag. Al is begeleiden eigenlijk niet het correcte woord: ik moest namelijk gewoon op controlepost staan. Dinsdag was dat aan het kapelletje aan de Beekstraat, en toen had ik blijkbaar wel wat bekijks, zo gezeten op mijn gat tegen de deur van de kapel, onder een grote rode paraplu. Oh, en af en toe een groep leerlingen die langskwam en dan een paar foto’s maakte, zoals onderstaande, met mijn 5 LMT ^^

Vandaag zat ik de hele voormiddag in mijn auto op de Gerard Willemotlaan, aan het huis van Gerard Willemot, waar een gedenksteentje van, jawel, Gerard Willemot ligt. Ik heb zelfs staan praten met diens kleinzoon.

En in de namiddag was er opnieuw de GPStocht in Gent met de andere helft van de leerlingen en gelukkig opnieuw stralend weer, zij het ietsje kouder deze keer. Ik fietste opnieuw rond op het parcours, en zag dat het echt wel in orde was.

Als beloning heb ik mezelf dan getrakteerd op een koffietje bij Labath, gewoon een rustmomentje voor mezelf.

Ik was netjes op tijd thuis om nog wat werk te doen, en dan tegen half acht in het Groot Begijnhof in de Lange Violettestraat te zijn voor de generale repetitie van Djiezes!

Stevig dagje, maar wel een leuke.