365 – 29 maart 2026 – Peppers-hoes getekend door Merel
De Kleine Cervantes: de slotvergadering
Yup, we zijn door onze vijf boeken heen intussen, en dus restte ons nog om vandaag de scores te geven en een gedicht te maken rond het boek dat ons toegewezen was, met name De Wonderverteller van Lida Dijkstra.
Het gedicht, dat had nog wat voeten in de aarde, maar toen kwam iemand op het lumineuze idee om er een ‘vormgedicht’ van te maken: tekstregels maar in de vorm geschreven van een van de onderwerpen, in dit geval een kameel. Ze brachten al woorden aan, maakten zinnetjes, en er werd een ontwerp gemaakt. Morgen over de middag heb ik toezicht in de creaclub en gaat een leerling de achtergrond van een woestijnlandschap maken in aquarelverf, gaat iemand anders de dichtregels uitwerken en nog eentje de kameel alvast schetsen.
Ik ben benieuwd wat het gaat worden, maar ik vind het wel een goed idee, want met enkele leerlingen samen een gedicht schrijven, dat is nog niet zo eenvoudig.
Ik ben in elk geval wel blij dat ik de vijf boeken heb gelezen, want dat is zó ver van mijn bed, die Nederlandstalige jeugdliteratuur, dat ik echt niet meer mee ben met wat er leeft. En per slot van rekening zijn dat toch mijn leerlingen.
Odi et amo 2026
Elk jaar doe ik mijn leerlingen van het vijfde jaar een eigen vertaling/bewerking maken van mijn favoriete gedicht. Elk jaar zitten er een paar pareltjes tussen. Deze keer waren er vooral veel offline bewerkingen: prachtig uitgewerkte dingen, eentje met een 3D-stift (zie foto van de dag)
Ik geef er u hier een paar mee, gewoon omdat het kan. Maar met eerst de originele tekst, en dan mijn vertaling.
Odi et amo. Quare id faciam, fortasse requiris.
Nescio, sed fieri sentio, et excrucior.
- Catullus carmen 85
Ik haat en ik heb lief. Waarom ik dat doe, vraag je misschien.
Ik weet het niet, maar ik voel dat het zo is, en ik ga eraan kapot.
أكره وأحب
تَتَنَازَعُنِي حَالَتانِ لَا تَلْتَقِيَانِ،
إِحْدَاهُمَا تَشُدُّنِي،
وَالأُخْرَى تَدْفَعُنِي بَعِيدًا.
أَسْأَلُ: كَيْفَ يَجْتَمِعُ هَذَا؟
فَلَا عَقْلَ يُجِيبُ،
وَلَا لُغَةَ تَكْفِي.
شَيْءٌ يَحْدُثُ فِي دَاخِلِي
دُونَ إِذْنٍ،
كَأَنَّهُ كُتِبَ قَبْلَ أَنْ أُولَدَ.
أَشْعُرُ بِهِ يَتِمُّ،
ثَقِيلًا،
بَطِيئًا،
كَجُرْحٍ يَتَعَلَّمُ الْكَلَامَ.
لَا أَفْهَمُ الْمَعْنَى،
لَكِنَّ الأَلَمَ يَحْفَظُهُ عَنْ ظَهْرِ قَلْبٍ.
أَقِفُ بَيْنَ الرَّغْبَةِ وَالنُّفُورِ،
مُعَلَّقًا بَيْنَ نِدَاءَيْنِ،
لَا أَخْتَارُ،
وَلَا أَنْجُو.
وَمَا يُؤْلِمُنِي
لَيْسَ التَّنَاقُضَ،
بَلْ صِدْقَهُ
(Dina Aharram Benradi)
♥
(Arne Verbeken)
♥
Dag lief
Dag lief
Ik hou van jou
Ik hou van hoe ik je wil
Ik hou van hoe blind ik ben
Ik hou van hoe we elkaar vertrouwen
Ik hou van hoe je de stilte brengt wanneer m’n hoofd te druk wordt
Ik verlang naar jou
Ik verlang naar je veiligheid
Ik verlang naar je warmte in de kou
Ik verlang naar liefde maar wat blijkt
Ik verlang naar iets dat niet meer is dan wat schijn
Ik haat jou
Ik haat hoe ik je wil
Ik haat hoe blind ik was
Ik haat dat ik je vertrouwde
Ik haat hoe luid alles rond mij is geworden
Ik vraag me af
Ik vraag me af wie het is
Ik vraag me af hoe beide kon
Ik vraag me af wat anders was
Ik vraag me af hoe ik het niet eerder zag
Dag lief
Want je verslindt me
(Berten Beelaert)
♥
Transcripts of a sea
Eigenlijk houden Bart en ik altijd al van fotografie, en dan bedoel ik kunstfotografie, niet zomaar snapshots.
Eerder had Bart me voor mijn verjaardag al een foto uit de reeks Unwanted Flowers van Hannes Couvreur cadeau gedaan:
Nu had hij geheimzinnig gedaan over een meer dan behoorlijk prijzig cadeau voor Valentijn (al doen we daar niet echt aan).
In december 2023 had ik hem in Parijs meegenomen naar een galerij met werk van Stephan Vanfleteren, Nature morte – still life. Toen waren we er allebei stil van geworden, van wat Vanfleteren doet met het licht in zijn foto’s.
En toen was er, twee jaar later, de tentoonstelling Transcripts of a sea met foto’s van de zee, waarin hij uiteraard nog veel meer speelt met het licht. Overweldigend, en opnieuw om stil van te worden.
Blijkbaar was Bart beginnen mailen met de kunstenaar en had hij onderhandeld over een van de foto’s. Vandaag werd die foto gebracht. Allez, ’t is te zeggen: vandaag stond Vanfleteren hier in eigen persoon met zijn camionetje om de foto te leveren, netjes ingepakt in karton, noppenfolie, nog karton, plastiek en met hoekbeschermers.
We pakten hem samen uit en zetten hem voorlopig tegen een van de muren, waarna ik ademloos kon kijken naar de prachtige foto. Of, zoals de kinderen later zeiden: “Goh ja, het is een foto van de zee hé.” Cultuurbarbaren.
Vanfleteren bleef nog even voor een koffie en een babbel, en hij bleek een bijzonder innemend, sympathiek man van het diepe West-Vlaanderen. We hebben over zowat alles staan kletsen – hij had al lang genoeg in de auto gezeten en stond liever – en ik denk dat hij hier drie kwartier is gebleven, tot hij verder moest met zijn leveringen.
De foto is me nu nog dierbaarder omdat ik weet hoe de persoon is die erachter zit.
Bart en ik hebben hem voorlopig boven de zetel gehangen, aan de ophanging van de Unwanted Flowers, maar hij moet iets lager en centraler. De bloemen komen boven de eettafel te hangen. Maar de zee hangt er nu wel al prominent te prijken.
En vooral: hij gaat prachtig zijn in het appartement…
Gedichtendag 2026
tToneel: “Locomotief”
Jawel, intussen al het vierde jaar op rij speelt Merel mee met het schooltoneel. Ze repeteerde elke woensdag van 12.45 uur tot 15.00 uur en dan in de vakantie ook nog een hele week, de eerste week na de vakantie ook nog elke dag na school tot een uur of zes, en dan was er vorige week een voorstelling op vrijdagavond, eentje op zaterdagavond en een in de zondagnamiddag. Ze was doodop, maar ze vindt het de max, en daar draait het toch om.
Wij gingen met zijn allen vanavond kijken, naar de laatste voorstelling dus. Voor de schoolwebsite schreef ik het volgende:
tToneel editie 23: van een huzarenstukje gesproken!
Net als vorig jaar waagden regisseurs Mira Bryssinck en Fred Libert zich aan die opgave: samen met 50 leerlingen repeteerden ze elke woensdagmiddag tussen 12.45 uur en 15.00 uur, en dan nog een hele week in de kerstvakantie. En het resultaat mocht er meer dan zijn, vonden ook duidelijk alle toeschouwers.
“Er was eens een dag die begon
Zoals dagen doorgaans begonnen.
Tot een bericht alles veranderde.
Niemand weet iets en iedereen heeft alles gezien.
Of niemand weet iets en iedereen zag alles.
Wat banaal was, wordt belangrijk,
wat belangrijk is wordt banaal.
Gesprekken lijken niet te eindigen
en het stopcontact is steeds zoek.
Kan je iemand verdenken van iets wat mogelijks (niet) gebeurt?”
Het werd meteen al in het begin duidelijk – voor zover de titel dat al niet was – waar we ons bevonden: in een treinwagon. En daarin zat een behoorlijk bont allegaartje: een familie met drie kinderen, twee mensen op weg naar een sollicitatie, een groep scouts, drie dieven die koper wilden stelen maar per ongeluk op de rijdende trein zaten, een koppeltje, een would-be songwriter die het best op de trein kan schrijven, twee toeristen, een hipster die vooral een stopcontact zocht, een hopeloos irritante luide beller, enkele wandelaars, drie uitgeputte feestbeesten en zelfs een oude oma met haar rollator. Oh, en uiteraard ook de treinbestuurder en twee conducteurs. Voeg daar nog twee vertellers aan toe, en twee toevallig aanwezige rechercheurs, en je hebt het ideale scenario voor een whodunit. Met dit verschil dat er gewoon een aankondiging kwam dat er die dag een moord zou gepleegd worden op de trein, dat iedereen in een halve paniek schoot en dat beide detectives al aan de slag konden nog voordat de moord werkelijk werd gepleegd.
Iedereen bedanken die meegeholpen heeft om dit stuk op poten te zetten, zou ons hier te ver leiden, maar drie namen springen er compleet boven uit: Febe De Clercq, Karel Uyttenhove en Joke Van Bossche zijn de drie leerkrachten die hun schouders onder dit evenement hebben gezet, elke woensdag aanwezig waren, alles in goede banen hebben geleid en dan ook terecht meer dan trots op zichzelf, hun toneelspelers en het hele team mogen zijn.
Alle foto’s van het stuk kan u hier in ons archief terugvinden.
365 – 16 januari 2026 – tToneel
Fotograafje spelen
Elk jaar is er bij ons een mega schooltoneel. Dit klinkt een stuk erger dan het is, want eigenlijk is dat keer op keer echt goed. Alle leerlingen samen – dit jaar zo’n veertigtal – bouwen samen aan een stuk, onder leiding van één of meerdere regisseurs. Die leiden het project in goede banen, maken er een dramaturgisch geheel van en gieten het zelfs in een script.
Natuurlijk komt daar een hele hoop andere dingen bij kijken: het maken, drukken en ophangen van affiches, tickets en verkoop, het bestellen en opbouwen van een tribune, het leggen van vloerbescherming, de installatie en bediening van lichten en geluid, maar ook het voorzien van soep en eten tijdens de toneelweek, het zoeken naar kostuums, het bedienen van de bar tijdens de voorstellingen, het bakken van taarten voor de namiddagvoorstelling…
En dus ook het programmaboekje. Vroeger maakte ik dat, intussen doet een van de toneelmedewerkers dat, een van de jongere collega’s. En dit jaar ben ik dus weer foto’s gaan nemen, iets wat ik vroeger ook al gedaan heb. Een deel heb ik genomen met het oude Canon fototoestel, maar dat is intussen eigenlijk voorbijgestreefd en relatief korrelig. Ik had het mee omdat de telelens op dat toestel wel goeie foto’s maakt in het donker, maar alle lichten waren deze keer aangebleven, dus dat hielp wel. Het grootste deel van de foto’s heb ik dan ook gemaakt met mijn gsm, want daar zit een bijzonder goeie lens op én knappe software die alles meteen corrigeert. Alleen moet je dan heel dicht gaan staan, maar dat vonden ze niet erg, ik had de leerlingen dan ook gevraagd om me absoluut te negeren.
En die foto’s? Die vindt u binnenkort in het programmaboekje van tToneel, waarvan u hieronder de affiche kan zien. En tickets? Via de leerlingen of via mij. Gewoon doen.









