“The Circle” van Dave Eggers, in een gigantisch tempo.

Dat ik een kieken ben! En ja, u hoeft niet zo instemmend te knikken, daar achter uw scherm.

Sinds half november hebben wij een leesclub op school. Een zeer enthousiaste nieuwe collega is daarmee begonnen, en is daar trouwens niet mee aan haar proefstuk. Er werd een timing vastgelegd voor vier boeken, en ook al was ik niet op de startvergadering, ik zag het helemaal zitten.

Zondagnacht had ik eindelijk deel vier uit van de reeks van Colleen McCullough rond Rome – een gigantische aanrader, maar ook gigantisch qua leeswerk, want elk deel telt rond de 800 pagina’s in fijne print – en dacht ik vrolijk aan De Cirkel van Dave Eggers te beginnen. Op een goeie week die 400 pagina’s, dat moest wel lukken. Tot ik de timing nog eens nakeek, en bleek dat de leesclub niet volgende week was, maar vandaag. Ugh!

Ik ben gisteren als een zot beginnen lezen zo rond half elf ’s morgens, en merkte vrij snel dat het om een vertaling ging, en dat het origineel niet als gedacht van een Nederlander kwam, maar van een Amerikaan. Ik vroeg nog eens rond, en kreeg het uitgeleend als ebook in het Engels. Lang leve mijn Kindle! Maar het zijn wel degelijk werkdagen, en dus ging ik tussenin nog netjes lesgeven. Ik geef het toe: ik heb ’s avonds geen schoolwerk gedaan, en ook geen tv gekeken, ik heb gelezen. Tot een uur of één ’s nachts.

En ook deze morgen moest ik maar om tien uur beginnen lesgeven, en heb ik ook nog een half uurtje gelezen. Net zoals tijdens de middagpauze, waarin ik snelsnel gegeten heb, en verder zitten lezen heb. Ik was klaar met lesgeven om half vier, om dan in sneltempo verder te lezen aan het laatste stuk. Leesclub begon om kwart over vier, en om vijf voor half vijf kwam een lieve collega me uit mijn klas halen en vroeg waar ik bleef: ze zaten te wachten! En ik, ik las net nog de laatste bladzijde, en wandelde met een grote grijns het leeslokaal binnen.

Niet gedacht dat het nog ging lukken, maar jawel! Goed boek trouwens, een aanrader, maar het verslag van de leesclub kan u uiteraard op de schoolwebsite lezen, ik ga het geen twee keer schrijven :-p

En het volgende boek, Het Diner van Herman Koch? Daar begin ik gewoon vanavond nog in. Kwestie van er niet doodnerveus van te worden deze keer.

Dik

Ik geef het toe, ik heb in vijf jaar niet zo dik gestaan als nu. Nooit spectaculair slopen de kilo’s er weer aan, 100 gram per 100 gram, beetje bij beetje, u kent het wellicht wel. Jammer, want er zijn veel van mijn mooie kleren waar ik momenteel weer niet meer in kan. 13 kilo, het is niet weinig, dat geef ik toe.

Maar bon, we gaan er weer iets aan proberen doen. Weight Watchers werkt voor mij, alleen moet ik het ook echt gewoon dóen. En er moeten inderdaad minstens vijf kilo af, wil ik deftig in het mooie kleedje kunnen dat ik gekocht heb voor Wolfs communie.

Dus: en avant, die goeie voornemens, en avant die kilo’s! Hup hup hup!

(En nu nog volhouden, zei ze met een klein stemmetje…)

Nieuwjaar in Ronse

Er zijn gelukkig nog tradities, en dus druiven met een blokje kaas aan een prikkertje, nieuwjaarsbrieven, champagne, zelfgemaakte fantastische pompoensoep, en het gezaag over Nonkel zijne pull.

Maar ook een fijne zondagmiddag, met lekker eten en fijn gezelschap, dat ook. Alleen mis ik op momenten als deze zo hard Jeroom, nog steeds. Ik ben er zeker van dat hij had genoten van zijn kleinkinderen, ondanks de geproduceerde decibels.

 

Nog maar eens geocachen

Eigenlijk is dat echt wel een fijne hobby, dat geocachen. Kinderen wandelen niet graag doelloos rond, maar als je een doel hebt, vinden ze het fantastisch!

Wolf en ik waren gisteren na de middag nog op zoek gegaan naar een cache, omdat we zo de ‘souvenir nieuwjaar’ konden halen. Jawel, er zit wel degelijk een spelelement in! Ver hoefden we niet te gaan: er ligt een cache in de buurt van de Meulesteebrug, die we vroeger al eens hadden gedaan, maar die nu van eigenaar veranderd was, een nieuwe locatie had gekregen, en die we dus opnieuw konden doen. Toen waren we nog eventjes verdergereden, tot aan de spoorwegbrug wat verderop. Daar staat een oud brugdeel als een soortement monument, en dat is echt ideaal om een cache te verstoppen. Wolf en ik hebben er samen een half uur gezocht, en hebben het toen maar opgegeven. We waren eigenlijk zelfs nog te laat om te nieuwjaren bij oma, maar hadden dus nooit gedacht dat we zo lang gingen moeten zoeken.

Bon, dat groene ijzeren monster werkte op ons zenuwen, en dus stapten de kinderen en ik vandaag opnieuw in de auto om nog eens te gaan zoeken. Na een dik kwartier hadden we de cache uiteindelijk tóch gevonden, oef!

We reden dan maar door naar Oostakker, wat verderop, om er een cache te zoeken aan het oude station, en dan nog eentje wat verder aan een soortement wandelpad langs het water. Er was meteen ook tijd voor gesneden meloen en een koekje.

Daarna reden we een klein eindje terug, meer naar Sint-Amandsberg op. We zochten er lang in een klein bosje naast een toch wel verloederd parkje, maar vonden helaas niks, behalve dan een speeltuin en wat paddenstoelen :-p

Wat teleurgesteld stopten we alsnog aan een echt park, waar ze achter een gebouw aan het schieten waren naar een staande wip, in het halfdonker. De cache vonden we snel, en toen was het gelukkig nog niet te donker om nog op de speeltuin te klimmen. De foto’s zijn een heel pak lichter, dankzij mijn uitstekende camera, maar toch nog wat bewogen.

En thuis, thuis was het lekker warm, was er een papa, was er warme melk en een zachte zetel.

 

Nieuwjaren

Ons ma zag het niet zitten – ze waren zelf weg geweest gisterenavond – om uitgebreid iets te doen voor Nieuwjaar vandaag. Wij, aan de andere kant, zagen het dan weer niet zitten om níet langs te komen. En dus nodigden we onszelf maar uit. Net zoals Roeland en Jeroen met hun gezin. Wij brachten javanais mee en zelfgebakken pompoentaart – een nieuwe – en Roeland had champagne mee, en er was koffie.

En uiteraard waren er ook nieuwjaarsbrieven, en de bijhorende envelopjes. Jeroen was iets later, maar nog net op tijd om de meter-peter-brieven uit te wisselen.

Maar de prijs van het schattigste? Die ging toch echt wel weer naar Marne en haar liedje. Oordeel zelf maar.

Terugblik

2015, je was geen fijn jaar, ik moet het zeggen zoals het is. Daarvoor heb je me iets te veel verdriet en stress bezorgd.

“Hoezo”, hoor ik je nu vragen, “dat viel toch best mee?”

Vind je?

Jij was het jaar waarin we het verpletterende nieuws kregen dat mijn ma, mijn liefste maatje, pancreaskanker heeft, een behoorlijk virulente en quasi onveranderlijk terminale vorm. We wisten zelfs niet of ze jouw eind ging halen en jouw opvolger nog zou zien, maar dat is gelukkig wel het geval. Voor zover we weten, is ze, dankzij de meest heftige soort chemotherapie, er zelfs beter aan toe dan toen in maart de diagnose werd gesteld, maar dat valt nog even af te wachten tot de scans volgende week. We hopen zelfs dat ze nog het eind van 2016 mag meemaken.

Jij was ook het jaar waarin ik één van mijn leerlingen verloor. Dat heeft me veel dieper geraakt dan ik ooit had vermoed, eigenlijk, en ik hoop dat ik het nooit meer hoef mee te maken. Vic, je kijkt me nog steeds aan vanop je kaartje op mijn bureau, en ik ga je nooit vergeten.

Tegelijk – effectief tegelijk, namelijk tussen Vics ongeluk en zijn begrafenis – was jij ook het jaar waarin Bart viel met mijn motor en zijn knie stevig in de vernieling hielp. Onze citytrip naar Talinn viel in het water, maar eigenlijk ook zowat elke uitstap nadien: Bart kan ook nu nog steeds niet deftig stappen, ondanks alle kinebeurten en oefeningen. De orthopedist had gezegd dat hij zeker niet terug zou kunnen beginnen lopen voor 2016, maar het ziet ernaar uit dat het nog veel langer zal worden. Hmpf.

Er waren ook van die kleinere dingen, zoals het feit dat Gentblogt ermee gestopt is. Ik vind het nog altijd heel jammer, maar tegelijk ben ik nog steeds opgelucht. Of het feit dat mijn allerfavorietste larp er een punt achter gezet heeft. Poort, je was magistraal! Ik heb blijkbaar ook een allergie die geen allergie is…

Maar, ik geef het toe, je hebt ook voor heel veel mooie momenten gezorgd, 2015.

Er waren de uitstapjes en museumbezoeken, zoals dat van Carll Cneut, of de emotionele tentoonstelling van Berlinde De Bruycker, Lightopia met de kinderen, het Jubelparkmuseum met aansluitende picknick, Belle Epoque in de Zoo, op verkenning door Brussel, naar het Leen met mijn ouders en mijn broer, een dagje Planckendael met modeshow, Accattone in de haven, kleuterwandeling in Vinderhoute, Drawing in het SMAK, Doornik, Tafel 24 (Design Derby) in het Designmuseum, de opera Armida, en ik heb ze nog niet allemaal opgesomd.

Er waren hele fijne feestjes, zoals dat van Hanneke, van Wijs, van nonkel Staf, van Nand, van Wolf, de familiebrunch, het etentje met de Griekjes, een feestje met mijn broers, familiefeest met Barts kant, Kobes verjaardagsfeestje, dat van Merel, van Lena-Mare of Yule. Of die waar ik niet echt over geschreven heb, zoals dat bij Dave en Veerle.

Ik probeerde wat socialer te zijn, zoals een namiddagje bij Monica, barbecue met de kinderen bij Gwen, kaas en wijn bij Sepp en Sofie, een etentje met Barts uniefvrienden, een namiddag Lembeke met Gwen, lunch met Annick, lunch met mijn besties van het middelbaar, lunch met Xavier, Volta met ons ma, Putteke Winter in Boom met Linus, lunch met Sophie, en vaak herhalingen met dezelfde mensen.

We gingen met vakantie: Kreta, Waimes, een weekendje zee met de schoonfamilie, een weekendje Ardennen met ons ma en Roeland, weekendje Amsterdam. Fantastische herinneringen.

Er waren natuurlijk ook de larps: de laatste Poort, Ankoria 11, weekendje ter voorbereiding van de nieuwe Vestigo, Ankoria 12, Vestigo I, Vortex 2, Omen IV, en tussendoor de zaterdagavonden op Nachtkronieken.

We gingen ook ronduit fantastisch eten dit jaar: In De Wulf, het Hof van Cleve, ’t Zilte.

We vonden een nieuwe hobby: geocaching, en die deden we dan ook uitgebreid. En ik leerde Arduino coden.

Er waren ook gewoon van die kleine fijne momenten, zoals dat met de bonte specht, of het filmpje van de zesdes, de schooluitstap naar Den Haag, de paaspicknick met Gwen aan de Blaarmeersen, de verschillende quizmomenten van het SQ, de massa’s zalige picknicks met Merel aan de Blaarmeersen tijdens de rugbytrainingen, een dagje met Wolf in Brussel, gewoon een fijne dag in Gent, zwemmen in de vijver, een dagje Antwerpen, petanquen met Merel, en veel meer kleine momenten die ik in mijn hart hou.

Hmmm.

Weet je, 2015? ’t Is dat die drie grote slechte dingen er zo gigantisch uitspringen, want eigenlijk was je, al bij al, nog zo slecht niet. Je was vooral vol, en druk, en veel. En soms een beetje te veel zelfs. Maar eigenlijk vooral gelukkig en content.

Weet je wat? Vergeet die drie slechte dingen, en geef de rest gewoon door aan 2016. Wedden dat het een fantastisch, gelukkig jaar wordt? Deal?