Face ID

Ik heb op mijn iPhone al een behoorlijke tijd de Face ID instelling. Het principe is simpel: het ding herkent je gezicht en geeft je toegang tot je telefoon. Of zelfs je bankrekening, je It’s me, enfin, tal van toepassingen.

Ik geef toe: ik gebruik dat veel want dan heb je maar één hand nodig. Het ding doet het trouwens automatisch, behalve als je een mondmasker aan hebt. Ik heb dus al vaak gevloekt op het ding :-p en dan toch maar mijn code ingegeven.

Wolfs gezicht staat ook ingesteld als herkenning. De kinderen kennen allemaal mijn code – en ik die van hen, eigenlijk – dus was het zelfs handig als Wolf met één beweging mijn telefoon kon openen voor mij, vooral als we in de auto zitten.

Alleen…

Ik vroeg ooit aan Merel om een of ander berichtje te sturen terwijl we aan het rijden waren, en hup, het ding opende zich. Blijkbaar is Merels gezicht het perfecte midden tussen Wolf en mij, en zonder boe of ba had het ding haar gezicht aanvaard en haar toegang gegeven.

Awel, ik vind dat griezelig. Dat betekent dus ook dat iemand die sterk op mij lijkt, zonder meer mijn telefoon kan openen? Of hoe zit dat precies? Want als mijn dochter probleemloos mijn telefoon opent, in hoeverre is dat dan betrouwbaar?

Hmmm….

Pensief…

Ik weet niet hoe het komt, maar ik betrap me er de laatste tijd regelmatig op dat ik beelden bewust visueel in mijn geheugen probeer op te slaan. Een beetje alsof je een mentale foto neemt. Making memories, als het ware.

Het zijn van die kleine momenten die ik me voor altijd wil herinneren: de manier waarop Merel, nog niet goed wakker, met haar verwarde haar in een streep zonlicht, cornflakes zit te eten. Hoe Kobe onderuitgezakt zit te grijnzen naar iets op tv. De manier waarop het licht speelt in de krulwilg in de tuin, of hoe Wolf, smal en stevig, door de living stapt en ik zijn rug gadesla.

Ligt het aan het feit dat het herfst is, en dat de herfst vaak dit soort gedachten doet opflakkeren? Aan het feit dat ik hier twee weken opgesloten zit, geconfronteerd met het idee hoe broos een leven eigenlijk wel is? Of dat ik soms moeite heb om me mijn ma voor de geest te halen, en dat ik dan gewoon moet terugdenken aan die kleine momentjes?

Feit is dat ik, sinds mijn rug gebeurd is, veel vaker stil sta bij de eindigheid van dit bestaan. Er zijn zo veel dingen die ik niet meer kan, maar het had veel erger kunnen zijn: ik had in een rolstoel kunnen zitten, en dan? Ik probeer dus keihard te genieten van elk klein momentje, carpe diem zou je kunnen zeggen. Daarom piekt het nu zo dat het vakantie is, dat ik dus tijd heb om buiten te gaan lopen en te genieten van de zon in de herfstbladeren, van de weerspiegeling op water, van de wind door mijn haar, en dat ik binnen moet blijven. Ik lees, ik game, ik doe kleine dingen, maar niet echt herinneringswaardig.

Mijn leven is eindig, en het grootste deel ervan is al achter de rug, of toch zeker het meest kwaliteitsvolle. Ik geniet van elk mooi moment dat ik krijg, en daarom heb ik altijd bloemen in huis, wil ik de zon in de woonkamer zien spelen en kan ik genieten van de loomheid van mijn katten.

Gewoon omdat het kan.

Wel euh… datenight, zeker?

Vorige maand waren we gaan eten in de Karel De Stoute, en dat was ons zo goed bevallen, dat toen we een email kregen met een voorstel voor een speciale avond, we daar ook met graagte op in gingen.

Het bleek te gaan om Matching Chefs Deluxe, de koks van Karel de Stoute,   Pacht 26 en Two Cooks, een initiatief van TableFever. Een voordeel was dat het geheel plaats vond in de Vinoscoop, wat verderop aan de R4, een paar minuten van ons deur dus.

Mja.

We waren er een paar minuten over zeven en kwamen terecht op een… trouwfeest, of zo voelde het toch aan. De meeste gasten waren er al en stonden recht aan receptietafels. Ik vermoed dat er zo’n 100 man was, gene zever, en de receptie duurde een vol uur. De hapjes werden rondgebracht, maar niet alles is tot bij ons geraakt, terwijl bepaalde andere hapjes dan wel weer twee keer werden aangeboden. Lekker, daar niet van, maar het concept was niet wat wij in gedachten hadden, en blijkbaar de rest van de genodigden ook niet. We hebben zo’n dingen al gedaan, en doorgaans krijg je dan echt wel een restaurantervaring met eigen tafeltjes en zo. Het enige bijzondere was het strijkerskwartet dat best wel goed was.

Na een goed half uur heb ik een stoel gevraagd, want een uur rechtstaan kan ik gewoonweg niet. Bon, uiteindelijk werden we gevraagd te gaan zitten aan de aangeduide tafel. Dat waren grote ronde tafels voor twaalf personen, volledig gedekt met linnen en alles, net zoals op, inderdaad, een trouwfeest.

Bart en ik hadden echt geen boodschap aan de rest van het tafelgezelschap, en zij duidelijk ook niet aan ons. Bij ons zaten bv. twee koppels, ouders en hun dochter met vriend, in duidelijk dure kleren, maar gespijsd van enige tafelmanieren. Ugh. Niet direct hoe we onze avond in gedachten hadden gehad.

Het eten was lekker en op niveau, dat zeker, maar toen begon de ene violiste plots met keiluide backtrack op haar elektrische viool te spelen, meanderend tussen de tafels, en allemaal van die ‘klassiekers’ zoals Qué sera en dergelijke. Hmm. Tot zover de mogelijkheid om nog een woord te zeggen tegen elkaar.

Toen kwam het hoofdgerecht, en daarna slaagde de ober bij het afruimen van de glazen er nog in een aantal glazen over mij heen te kappen, waarbij er eentje brak en het glas dus tot in mijn haar zat. Hijzelf stelde vast: “Oh mevrouw, het is droog gebleven hoor!” waarop ik hem mijn kletsnatte haar, sjaal en vest toonde en ostentatief wat glas uit mijn haar viste. Daarop troonde hij me mee naar de keuken, naar het douchegedeelte waar ik mijn kleren wat uitschudde en hopelijk glasvrij maakte.

Ik ging terug zitten, en er was een zeer fijn dessert. Alleen… daarna kwam de violiste terug, deze keer met serieuze beats à la Barbra Streisand. Al helemaal niet meer ons ding. Intussen had ik het kou wegens de natte kleren, kon je geen woord meer zeggen wegens de te luide muziek, en toen de dame opriep om recht te staan en met je servet te beginnen zwaaien, hebben we ons opgepakt en zijn doorgegaan. Nee, de koffie en de versnaperingen hebben we aan ons voorbij laten gaan.

Dit was het dus niet. Tsja. Hadden ze het concept beter moeten uitleggen toen ze de email stuurden, denk ik zo. En had ik eigenlijk meer info moeten vragen.

Bon, dat weten we nu ook alweer. Volgende keer wordt het een klassiek restaurant. Zonder entertainment, hopelijk.

 

 

Huis te huur

Het gaat hier precies nogal over huizen de laatste tijd: dat van mijn schoonouders in Ronse wordt verkocht, maar intussen staat ook dat van mijn overbuurvrouw leeg.

Jeanine heeft er meer dan 30 jaar gewoond, maar is nu naar een tehuis verhuisd, 84 en al. Monique, haar dochter, heeft het intussen helemaal leeggehaald en de chambrans een nieuw likje verf gegeven, waar de kat had gekrabd. De eigenaars hebben het vasttapijt in de kamers boven vervangen door laminaat, en verder staat het wel in orde.

Mocht iemand dus op zoek zijn naar een huurhuis in Wondelgem:  Waterhoenlaan 26, klassiek, 3 slaapkamers, kleine tuin met terras, 800 euro per maand + EGW.

En vooral fijne buren :-p

Oproepingsbrief

Jawel, maandagmorgen zat hij in de bus: mijn oproepingsbrief om te gaan tellen. Alweer. Allez ja, als ik heel eerlijk ben, heb ik nog maar één keer ook effectief geteld: in 2009 was ik voor de vijfde keer opgeroepen en had ik ook dienst, de vorige keren was ik reserve en mocht ik telkens weer naar huis.

Intussen heb ik nog wel een paar oproepen gehad, denk ik, maar met borstvoedende baby’s en zo kunnen afketsen.’t Is niet alsof ik daar echt op zit te wachten.

Ook vandaag heb ik netjes een brief teruggeschreven:  toch even laten weten aan de voorzitter van het Kantonhoofdbureau dat een anteriolysthese en zitmarathon van een uur of 5 niet echt samengaan…

Ik ben benieuwd of ik nog reactie zal krijgen. Ik heb eraan toegevoegd dat hij me altijd als reserve mocht zetten, mocht hij echt geen ander volk vinden. Soit…

Thermostaten

Jawel, ik heb toegegeven: sinds gisterenavond staat de verwarming aan. Niet dat het hier al echt koud was, maar het was gewoon killig en ongezellig. Intussen zijn zowel de radiatoren als de vloerverwarming op temperatuur en is het hier heerlijk warm. Ik heb zelfs de tweede thermostaat ‘gerepareerd’ in plaats van de installateur te bellen: ik heb er gewoon verse batterijtjes ingestoken :-p

Maar het leverde me wel de quote of the day op, terwijl ik de hoofdthermostaat aan het instellen was: “Ooh, ik vind u zo sexy als ge thermostaten instelt”. Juist ja. Mannen…

Sekssponsjes

Daarstraks in de Delhaize, terwijl ik nietsvermoedend toiletpapier in mijn kar aan het leggen ben, schalt het plots keihard door de gang: “Juffrouw, waar liggen de sekssponsjes?” Euh? Zeer verbaasde gezichten alom, niet in het minst van de winkeljuffrouw die aangesproken, enfin, toegeroepen werd.

Blijken het Jex sponsjes te zijn. Zelden zo veel geamuseerde gezichten gezien in de winkel.

Vrouwendag

Tsja, het zal wel, zeker? Ik ben nu niet bepaald een echte feministe, maar ook geen doetje: ik sta als vrouw wel degelijk mijn mannetje. Ik baal van die stereotypen, maar dan ook in beide richtingen, want ook mannen worden wel eens compleet verkeerd begrepen. En ik werk gelukkig in een sector waar mannen en vrouwen gewoon gelijk betaald worden, zonder meer.

Maar toch zijn er van die kleine dingen waar ik dan oprecht blij van word. Zoals dit in de leraarskamer, van onze leerlingenbegeleider:

Er is hoe dan ook nog werk aan de winkel, niet alleen wereldwijd, maar ook hier in ons land. Of hoe mensen dus nog altijd verbaasd reageren wanneer ik vertel dat ik degene ben die een rolluik repareer, terwijl Bart kookt. Dat ik daarnaast evengoed een fervent breister en haakster ben, alsof het ene het andere zou uitsluiten.

En dus ging ik vandaag met mijn dochter naar de autokeuring met Barts auto. Niet omdat ik daar nu toevallig meer van weet dan hij, maar gewoon omdat hij als CEO daar gewoon geen tijd voor heeft, terwijl ik momenteel nog steeds halftijds werk en dit soort dingen makkelijker kan inplannen. Ik heb meteen Merel een paar basisprincipes van een auto uitgelegd, waar de mannen van de keuring – jawel, de vrouwen daar zitten allemaal in de administratie – eigenlijk wel om moesten lachen. Of zoals de ene tegen de andere zei: “Kijk, die madame weet meer van auto’s dan onze nieuwe werknemer!” En ook dat blijkt een grappig gegeven te zijn, grappiger dan wanneer ik een man was geweest.

Die stereotypen, daar moeten we dus vanaf, maar we mogen ze ook niet in de andere richting laten doorslaan. Mijn dochter speelt nu eenmaal graag met poppen en ziet graag roze. Dat kan en mag volledig, zo lang ze zich daar maar niet gepusht in voelt, en ook de mogelijkheid krijgt om met andere, zogezegd jongensachtige dingen te spelen.

Zo lang ik dus maar een breiwerkje mag meenemen in mijn rugzak op de moto, samen met de zelfgebakken cakejes als traktatie in de gevechtstraining. Dat soort dingen.

Krak.

Nee, dat was niet het geluid van mijn voet of mijn rug, wel van mijn geest. Ik heb namelijk het einde van Omen eigenlijk niet helemaal gehaald, nee.

Nochtans was het prima begonnen: ik mocht helaas geen schildmaagd meer spelen, maar kreeg in de plaats een fijne heks, die laffelijk vermoord werd door een aantal dolksteken in de rug. Shit happens, zeker?

Maar toen kwam het tot een akkefietje met spelleiding, en werd ik eventjes serieus afgeblaft. En blijkbaar kon ik dat even niet meer aan: ik ben prompt mijn gerief beginnen pakken, en wilde naar huis. Ik heb nog even bij Els haar hoekje gezeten, iets geschreven in het rouwboekje, en ben vertrokken zodra het spel gedaan was, zodat ik niemand stoorde.

Nee.

Het ging even niet meer, nee.

 

Pedagogische studiedag

Het was een bizar gevoel vandaag: de kinderen hadden pedagogische studiedag, en begonnen dus een dagje vroeger aan hun vakantie. Ik moest wel degelijk nog lesgeven, maar ook maar van 9.20 uur tot 12.05 uur. Ik kon dus ook nog heerlijk slapen tot acht uur, en was nog mooi op tijd. Om twaalf uur haastte ik me naar huis, want Bart had een vergadering in de namiddag, en moest dus afgelost worden, maar hij had wel nog gekookt voor ons. Heerlijk, om zo thuis te komen.

En toen, toen ben ik in een hoopje gevallen. Ik ben moe. Niet fysiek moe als in: ik leg me neer, en ik slaap, maar wel psychisch moe. Het is te druk geweest de voorbije weken, te veel, te veel extra’s, te veel zorgen links en rechts om voeten en tuinhuizen en onderzoekscompetenties en recruteringsmogelijkheden en kanker, dat soort onzin.

Dus ja, vakantie. Het is nodig.