Aether 10: Mirakel

Dat Aether iets aparts is, dat kon u hier al meermaals lezen. Ik had nochtans nog maar één echte weekend-Aether meegedaan, de rest waren mini’s, noodgedwongen door de corona.

Dit weekend dus mijn tweede volledige weekend, en jawel, ik blijf het heerlijk vinden. Het was deze keer wel een pokke-eind rijden, in Noord-Frankrijk, een eindje onder Charleville-Mézieres, een goeie 300 kilometer. Ugh. Gelukkig reed Jarne mee, zodat ik niet alleen in de auto moest zitten. Maar de locatie is het ongelofelijk waard: een ruim kasteel met volledig bemeubelde kamers, daarnaast drie aparte blokken met ook allemaal bemeubelde kamers – meubels als in: bedden, kleerkasten, spiegels, commodes, allemaal minstens 100 jaar oud – en dan een tweede grote gebouw dat ideaal is voor een Ierse herberg en nog een hoop kamertjes om in te spelen. Blijkbaar ook nog spotgoedkoop, maar ja, een heel eind rijden dus.

Ik speelde opnieuw mijn mafiabaas, het personage dat al twee mini’s heeft meegespeeld en dat nu helemaal in die beau monde van Raetsburg is opgenomen. Tsja…

Het heerlijke is dat er ook een echte fotograaf mee was: hij speelde niet alleen een fotograaf, hij is het ook echt en deed zijn best om ook outgame foto’s te nemen. Ik sta er niet echt veel op, maar het is toch wel fijn. Steven De Witte: dikke merci!

De Ooievaar

Dat ik graag naar Villa Ooievaar ga, is geen geheim. Het is alleen telkens weer de vraag of dat ook zal lukken in mijn rooster.

Vandaag was de laatste keer mijn oud rooster met ruim tijd, vanaf volgende week wordt het iets moeilijker. Ik heb dan op vrijdag les tot 11.00 uur maar studie tot 12.05 uur, en ik heb om 13.15 uur alweer toezicht aan de poort. Dat is kort, maar aan de andere kant zijn ze altijd bijzonder snel met het serveren, zodat dat eigenlijk wel kan.

Alleen… zowel Kobe als Merel nemen tegenwoordig altijd boterhammen mee naar school, zodat Bart sowieso ’s avonds kookt, of gewoon ’s middags al kookt voor ons beiden en dan de rest ’s avonds opwarmt voor de kinderen.

Maar vandaag genoot ik dus nog van de Villa. Ik had nog wat toetsen mee die ik moest verbeteren, en ik had zelfs nog tijd voor koffie en een taartje. Ha ja, want bij elke keer krijg je een stempel en na tien keer krijg je een gratis taartje.

Lectuur: “Calamity (The Reckoners #3)” van Brandon Sanderson

Dit is eigenlijk geen reeks die je kan bespreken zonder een massa spoilers weg te geven, en dat is eigenlijk niet mijn bedoeling.

Deel twee werd hier nog besproken, deel een kon je hier lezen. Heel veel kan ik er niet over vertellen dus, behalve dat het hoofdpersonage David Charleston verder gaat op het ingeslagen elan, dat Sanderson het soms wat slordig doet lijken deze keer, maar dat de spanning nog steeds bijzonder hoog zit.

Na Newcago en Babilar moet David nu opnieuw verder als hij het wil opnemen tegen de Epics. Hij is er nog steeds van overtuigd dat Epics niet inherent slecht zijn en dat je hen dus kan redden. Maar of het hem zal lukken, dat blijft de vraag, want Sanderson deinst er niet voor terug zijn personages af te maken, zoals het hoort eigenlijk. De Reckoners komen nu wel te weten wie of wat de Epics heeft veroorzaakt, maar heel veel vragen blijven onbeantwoord, en dat ben ik niet meteen gewoon van Sanderson, die er doorgaans in slaagt alle losse eindjes netjes aan elkaar te knopen.

Beetje jammer, maar eigenlijk nog  steeds een steengoed boek dat van mij een topscore krijgt voor de spanningsopbouw. En de stijl. En de personages.

Lectuur: “Those Who Leave and Those Who Stay” (L’amica geniale #3) van Elena Ferrante

Na enige twijfel na het lezen van boek één en twee begon ik toch aan boek drie, en dat is eigenlijk gewoon meer van hetzelfde: uiteraard nog steeds het standpunt van Elena (Lenú), maar iets meer haar eigen leven en iets minder in relatie tot Lila. Ik denk dat Ferrante ook niet anders kon juist omdat beide levens nogal divergeren. En toch… Beide zijn intussen volwassen en uit hun zelfgemaakte gevangenis gebroken: Lila is weg uit haar huwelijk en woont opnieuw bijzonder armoedig met haar zoontje, terwijl ze werkt in een fabriek als simpele arbeidster. Elena heeft haar studies afgerond en heeft een boek geschreven, waardoor ze in een heel andere wereld terechtkomt, een wereld van academici, van rijke mensen, van salons en theehuizen… Ze trouwt, krijgt kinderen, en toch…

In deel drie is de politiek in het naoorlogse Italië veel nadrukkelijker aanwezig: beide vrouwen komen, een deel willens nillens, in die politieke toestanden terecht waardoor ze ook gedwongen worden standpunten in te nemen die ze niet altijd willen innemen.

Is dit een goed boek? Goh… Net zoals bij de eerste twee delen blijf ik twijfelen. Elena kan echt wel zagen, bij momenten, ze is een eeuwige twijfelaar en ik hou niet altijd van de manier waarop Ferrrante dat dan uitdrukt, ook al is de Engelse vertaling al veel beter dan de Nederlandse.

Maar deze keer ga ik deel vier eventjes laten voor wat het is, en ook dat zeg wel wat.

Reislustig

Eigenlijk zijn we dit jaar eigenlijk allemaal wel redelijk reislustig geweest. Bart en ik gingen naar Poperinge, dan met zijn allen naar Sorrento, en dan ging ik met Merel naar Parijs: drie keer overnachtingen ergens anders dus.

Kobe ging op kamp, mee naar Sorrento en dan met Bart naar de GameCon in Keulen. Bart ging voor Poperinge, Sorrento en Keulen, en Merel zat in Sorrento en Parijs.

En Wolf? Die heeft natuurlijk de vakantie van zijn leven: de drie zorgeloze maanden tussen 6de middelbaar en universiteit. In juli heeft hij eigenlijk vooral gewerkt in de wasbar, kwestie van geld te verzamelen voor de rest van de vakantie. Begin augustus ging hij dus met ons naar Sorrento en daar heeft hij echt van genoten, zei hij: bonding met zijn broer en zus. Vijf dagen later vertrok hij voor zes dagen naar Barcelona met Arwen, iets dat ze volledig zelf hadden geregeld én betaald. En tien dagen later – tien drukke, goed gevulde dagen – vertrok hij met 7 vrienden naar Albufeira in Portugal. Een feestvakantie dus, want blijkbaar, zo liet hij weten, is de hele straat vol villa’s met jongeren, meestal zelfs Belgen. Meer nog: in een villa wat verderop zat nog een groep van jongens uit onze school, zodat ze eigenlijk met 15 waren. Samen zijn ze vaak uitgegaan, hebben ze gepaintballed, gekayakt en nog wel wat dingen.

Ik wil de details écht niet weten – what happens in Portugal, stays in Portugal – maar ik hoop dat hij zich geamuseerd heeft. Het lijkt in elk geval wel zo, van de schaarse berichtjes die we hier thuis kregen.

Straks komt hij thuis: Bart gaat hem ophalen en ik zie hem wel wanneer ik van het werk thuis kom, maar ik heb hem in elk geval gemist. Wat gaat dat geven als hij op kot zit, hmm?

Lectuur: “The Story of a New Name (Neapolitan Novels #2) (L’amica geniale #2)” van Elena Ferrante

Ik wist niet goed wat ik moest denken van deel één en las dus meteen ook maar deel twee, al was het maar omdat het verhaal echt wel in mijn hoofd bleef spoken, en dat zegt wel wat.

Het verhaal loopt gewoon verder: het is nog steeds het hoofdpersonage Elena (Lenú) dat aan het woord blijft en vooral focust op haar knipperlichtvriendschap met Lila, maar ook alle verhoudingen binnen haar leefwereld schetst. Lila is inmiddels getrouwd, amper 16, en terwijl ze op die manier van grote armoede in toch wel meer dan behoorlijke rijkdom is verzeild, zit ze ook gevangen binnen datzelfde huwelijk. Diezelfde benauwenis voelt Elena dan weer in haar studies, waar ze niet anders kan dan zichzelf keer op keer bewijzen.

Ferrante schetst opnieuw een ontluisterend, grauw Napels in een klassensysteem waar nauwelijks aan te ontsnappen valt. De veelbelovende Lila lijkt dat wel te doen, maar zal dat lukken? En Elena kan verder studeren, maar blijft ook zij niet hangen in diezelfde Napolitaanse klei? De jaren 60 in Italië kunnen geen pretje geweest zijn, en Ferrante neemt dan ook geen blad voor de mond: de armoede, het harde bestaan, het geweld, ze beschrijft het allemaal.

Maar opnieuw: heb ik het graag gelezen? Ik ben er na boek twee ook nog steeds niet uit, maar ik ga wel boek drie lezen want ik wil weten hoe het verder gaat met de verschillende personages. Op zich zegt dat ook al iets, natuurlijk.

81

Jawel, ons pa is gewoon 81 geworden vandaag! Een beetje trager, een beetje lastiger dan vorig jaar, maar eigenlijk best nog wel gezond.

Ja, hij woont nog steeds thuis, maar dat is volledig te danken aan de onvolprezen Martine die alles, maar dan ook alles voor hem doet: kuisen, wassen, boodschappen doen, hem onder zijn voeten geven als er iets niet in orde is…

Sommige dingen doet hij wel degelijk zelf: na héél veel zagen is hij eindelijk naar de kinesist beginnen gaan – iets waar de neuroloog al jaren op aandringt – en hij is ook aan het kijken voor nieuwe hoorapparaten, want de vorige zijn stilaan 10 jaar oud en zo’n klein beetje verouderd.

Maar verder krijgt hij elke zondag eten mee van ons, ook regelmatig op zaterdag van Roeland, eet hij voor de rest dagschotels die Martine voor hem meebrengt, wordt hij twee keer per week gewassen door thuisverpleging, en valt het precies nog redelijk mee. Zolang hij zijn medicatie stipt blijft nemen en in beweging blijft zodat hij niet begint te vallen, lukt het nog wel.

Vandaag ging ik hem, zoals zo goed als elke zondag, oppikken tegen half twaalf. Bart en ik hadden mossels voorzien voor zijn verjaardag, en hij is er bijna bijgekropen. Het ‘recept’ is poepsimpel maar super lekker: uw mossels gewoon klaarmaken met mosselgroenten zoals altijd, maar op het einde er behoorlijk wat room en dille aan toevoegen. Echt serieus, mega lekker!

Er waren frietjes bij, en ons pa heeft voorzekers een uur aan tafel gezeten met een grote glimlach om zijn mond. Dik in orde!

En uiteraard was er ook taart en hebben we gezongen voor hem. Want 81, dat word je niet meteen elke dag.

Nog vele mooie jaren, pa!

Lectuur: “De geniale vriendin” van Elena Ferrante

Ik loop precies een beetje achter met mijn boekbesprekingen, en dan heb ik de vorige negen nog in één keer besproken. Maar voor mij is het pas echt vakantie als ik het mezelf ook kan toestaan overdag te lezen.

Omdat we in de buurt van Napels op vakantie waren, was me de reeks van Elena Ferrante aangeraden, L’amica geniale. Maar Italiaans is me echt een brug te ver, ik moest dat misschien wel kunnen aan ’t unief, maar nee, bedankt.

Ik dacht: ik ga eens voor een Nederlandse vertaling gaan. Maar ugh… De vertaalster was duidelijk een Nederlandse en dat merk je. En ook de zinnen vond ik stroef, om eerlijk te zijn. Maar bon, ik was in het Nederlands begonnen, ik heb het dan ook uitgelezen in het Nederlands.

Het is een meeslepend maar tegelijk ook verbijsterend boek. Het verhaal speelt zich af in een bijzonder grauwe, arme wijk van Napels zoals we zelf ook al hadden gezien en waarvan we behoorlijk hadden staan kijken.
Het is ergens de jaren vijftig, relatief kort na de oorlog, de armoede is groot, het geweld regeert nog steeds. Vrouwen horen aan de haard, zorgen voor de kinderen, worden regelmatig afgetuigd door hun echtgenoten, en dat patroon herhaalt zich bij de kinderen. Al van in het begin gaat Ferrante het geweld tussen de kinderen onderling niet uit de weg. Het hoofdpersonage, Lenú, raakt als jong meisje bevriend met de enigmatische Lila. Hun vriendschap is van de wisselende maar zeer intense soort: ze zitten samen op school, spelen samen, maar Lila is… vreemd, en bijzonder intelligent. Alleen mag ze niet verder studeren, terwijl Lenú door haar keiharde werk en behoorlijk wat gelobby van haar leerkracht wel de kans krijgt.

Het is een… bevreemdend boek. Aan de ene kant heb ik het niet bijzonder graag gelezen, aan de andere kant kon ik het ook niet wegleggen en bleven de personages in mijn hoofd spoken: ik wilde weten wat er met hen ging gebeuren, en met de rest van de buurt, want ook al is het boek geschreven vanuit het standpunt van de intussen oudere Lenú, je leeft mee met het wel en wee van de hele buurt, de opkomst van de kruidenier, de mafia-invloeden, dat soort dingen.

Aanrader? Goh… ik weet het niet. Eigenlijk wel. Ik heb in elk geval ook de volgende boeken gelezen.

Dit was de vakantie van 2022

Vaak heb ik op het einde van de grote vakantie het gevoel dat ik niks gedaan heb en dat die vakantie voorbij is gevlogen. Nu, dat vliegen, ja, dat was ook deze keer het geval, en dat gevoel dat ik niks zinnigs gedaan heb, eigenlijk ook. Ik heb heel weinig mensen gezien, ik ben zelfs geen enkele keer gaan geocachen met vrienden… Geen idee hoe dat komt, gewoon, tsja… Maar als ik even oplijst wat ik zoal gedaan heb, blijkt dat toch nog een en ander te zijn.

* er was een heerlijke Aetheravond met een prachtig huwelijk
* een zeer fijn communiefeest van Marie-Julie
* Ik liep met Merel in ’t stad
* en met Jesse in zijn Melle.
* Bart en ik gingen nog eens eten in Commotie
* en ik maakte confituur en ging cachen met ons pa.
* Ik schilderde een hemd voor Kobe
* Ik ging met mijn lief een weekend naar Poperinge en Watou
* Ik ging naar een begrafenis en dan een dagje cachen in Lier
* en één dagje Gentse Feesten was voldoende voor Merel en mij.
* Kobe werd vijftien.
* Ik ging eten met Gwen
* en met Wolf en Arwen cachen in Vinderhoute
* en op mijn eentje in Gavere.
* Ik werd van binnen doorgelicht
* en ik ging met Merel en nog 34 anderen picknicken.
* We namen afscheid van Chantal
* en ik ging uit de bol bij Rammstein.
* We zaten tien heerlijke dagen in en rond Sorrento.
* Ons pa nodigde ons uit om te gaan eten
* en ik ging zelf nog eens eten met Gwen.
* Merel ging naar de dermatoloog
* en we gingen met ons twee naar een cachebijeenskomst om half zeven ’s morgens. Echt.
* Bart en ik gingen eten bij Sepp en Sofie
* en toen zaten Merel en ik voor vier dagen in Parijs.
* Ik ging nog heel even cachen met ons pa
* en toen, toen zaten we alweer op school.

Maar dus nee, niet veel volk gezien, naar niet veel dingen geweest. Wel drie keer deftig uit mijn kot: een weekendje Watou, een heerlijke vakantie in Italië en vier dagen Parijs.

Heb ik opnieuw energie om te beginnen aan dat schooljaar? Goh, had je me dat vorige week nog gevraagd, ik had nee geschud. Maar nu ben ik er wel klaar voor, ik heb er zin in, ik kijk ernaar uit om de leerlingen terug te zien en ze wakker te porren. Maar, om eerlijk te zijn, ik kijk niet uit naar het gezaag van collega’s over alles wat er fout loopt, naar de constante stroom van negativiteit. Kunnen er dingen beter? Uiteraard, stapels en tonnen. Maar het gaat niet beteren door alleen maar erover te zagen, en dat blijken nog steeds massa’s mensen niet door te hebben.

Tsja…