Nog een werkje voor Frans

Jawel, dat doet immens deugd, zeker als het van een leerlinge komt die in de klas nauwelijks iets zegt, altijd zeer stil is en blijkbaar weinig uitdaging vindt op school.

En helemaal in mijn kleuren!

Uitvaart 2025

De titel klinkt wat omineus, maar eigenlijk is dat gewoon de naam van de 100-dagenviering bij ons op school, al sinds jaar en dag. Ik doe daar de grove begeleiding van, als in: zeggen wat ze wel en niet kunnen, praktische tips, berichten naar leerlingen en collega’s, reservaties en dat soort dingen. Verder wist ik er deze keer zo goed als niks van, en dat vind ik eerlijk gezegd niet zo erg.

En de show? Goh ja, vorig jaar vond ik het bij momenten zeer goed, dit jaar was het… matig, laat me daarop houden. Ja, er zaten goeie dingen tussen, maar over het algemeen was het niet gedenkwaardig.

Voor mij deed het vooral deugd dat ik, na alle voorbereidingen voor de OpenSchoolDag en met diezelfde OSD morgen op het programma, me niet hoefde te bekommeren om de opruim na afloop, dat deed iemand van het beleid, al was het maar om zeker te zijn dat alles oké was tegen morgen. Het betekende dat ik vrijwel onmiddellijk naar huis kon, plat gaan liggen. En ja, dat was nodig.

Nog een scoutshemdje

Afgelopen zomer, toen ik Kobe ophaalde van zijn kamp, had ik staan praten met Tijl, een oudgediende van de scouts die nog wel meedraaide, maar dan eerder overkoepelend. Hij was vol bewondering over de scoutshemden die ik al getekend had, en wees naar het zijne: daar had hij ooit met stift een Sint-Bernard op getekend, maar die was ondertussen behoorlijk vervaagd. Het hele hemd valt trouwens bijna uit elkaar, maar dat is geen punt: dat hoort zo, bij iemand die er bijna mee stopt.

Nu had hij eindelijk zijn hemd meegegeven met Kobe om het te retoucheren: dat was echt wel nodig. Ik deed het dan ook met verf en niet met stift, zodat het wat langer zou meegaan – hopelijk.

Alleen ben ik erin geslaagd mijn penseel op een bepaald moment te laten haperen in mijn sjaal, waardoor het uit mijn handen viel, en dus een vlek maakte. En het is niet alsof je dat dan kan wegwerken… Gelukkig vond Tijl het niet erg: dat hemd was toch al langs alle kanten geabimeerd, en hij was blij met het diepe zwart van zijn hondje.

Dik in orde.

Lectuur: “Wat ons nog rest” van Aline Sax

Ik zit wat achter met de besprekingen van mijn lectuur, dus je krijgt even wel wat boeken voorgeschoteld.

Dit jeugdboek is er eentje dat ik moest lezen voor de Kleine Cervantes, de jeugdboekenwedstrijd van Stad Gent. Het was niet te krijgen in digitale versie en dus kocht ik het ergens tweedehands maar duidelijk nog ongelezen, met harde kaft want met zachte kaft bestaat het (nog) niet. En nee, daar heb ik geen spijt van: het is een uitstekend boek, en ook Merel – die leest mee – vond dat en heeft het meteen in haar eigen boekenkast gezet.

Het verhaal is nochtans behoorlijk stevig: we volgen een meisje van 17 in het door de oorlog verscheurde en verwoeste Berlijn van 1945. Ze zit samen met haar moeder en broertje en een hele reeks buren in de kelder van haar appartementsblok te wachten op het einde van de oorlog, wanneer ze niet meer op gevaar van eigen leven water moet halen, of wanneer er eindelijk weer voldoende eten zal zijn. En wanneer er ook geen Russen meer zullen zijn die haar als weerloze prooi zien.

Zoals Merel het stelde: het is vreemd om plots ook de Duitsers als slachtoffer te zien, om te realiseren dat ook het Duitse volk meegesleurd is in een oorlog die ze niet wilden. Het is een hard, schokkend verhaal dat eigenlijk niet bedoeld is, vonden wij in de leesjury, voor jongeren van 12 jaar. Het is overigens wel zeer vlot geschreven, in een typografie die doet denken aan een lang gedicht, met korte zinnen en zeer tekenende beelden.

Een aanrader? Welzeker, maar misschien toch niet voor twaalfjarigen.

Lectuur: “Fire Season” (Eric Carter #3) van Stephen Blackmoore

Aangezien ik me behoorlijk had geamuseerd met de eerste drie boeken, las ik gewoon verder in deze pulpy reeks over een hedendaagse necromancer in Los Angeles.

Bij deze wordt redelijk ver van de realiteit afgeweken, in die zin dat Eric Carter tegen zijn wil in een gigantische ramp veroorzaakt in LA, waardoor duizenden, zo niet miljoenen mensen omkomen in een gigantische brand die ganse wijken van LA verwoest en een groot deel onbewoonbaar maakt wegens een toxische wolk. Het vreemde is, dat dit niet eens overdreven lijkt: Blackmoore doet het helemaal logisch klinken, en als je echt in het verhaal zit, snap je ook perfect waarom, en kan je accepteren dat Azteekse goden zoals Quetzalcoatl een actieve rol spelen.

Om maar te zeggen: dit mag dan pulp zijn, het zit goed in elkaar, het is vlot geschreven en het is behoorlijk meeslepend. En Carter mag dan een eikel zijn met een zeer laakbare moraal en een enorm dodental op zijn conto, je blijft hem wel sympathiek vinden.

Ik lees met veel plezier verder.

Ce’s Arts met Gwen

Vakantie, en dus tijd om met Gwen te gaan eten, zo is dat nu eenmaal.

Ze had haar oog laten vallen op een gezellig restaurantje, Ce’s Arts, tegenover het Lyceum, waar ze regelmatig met de fiets passeert en dat haar opgevallen was.

Kwart voor acht – we waren eerst even langs het appartement gepasseerd, ze wilde het graag eens zien – tekenden we present in een bijzonder gezellig interieur, met nota bene een knappe oud-leerling van haar als onze ober. Het is er niet goedkoop, maar het niveau was wel de moeite.

Je hebt er voorgerechtjes om te delen, en dan losse hoofdgerechten. Gwen en ik zagen een stevig hoofdgerecht niet zitten, zo laat op de avond, dus vroegen we of we een aantal van die voorgerechtjes mochten nemen als maaltijd. Dat kon, al wilden ze daar geen gewoonte van maken.

Uiteraard gingen we eerst voor een aperitief, en aangezien die voornamelijk met wodka waren, kon ik zelfs eentje met alcohol nemen, zijnde een Pornstar Martini. Die was voortreffelijk.

We gingen voor een garnaalkroket elk, ik nam er de foie gras mi-cuit bij, Gwen de vongole, en we deelden nog de chicken tikka massala, al heb ik daar bijzonder weinig van gegeten, want dat lukte niet meer.

Ik ben de rest gewoon vergeten fotograferen, want we waren zo aan het opgaan in ons gesprek en in ons eten. Het was echt lekker, maar jammer genoeg hebben we de helft van de kip laten staan. Tsja… En dan had ik echt nog te veel gegeten, ik was achteraf wat misselijk.

De rekening? 113.5 euro voor ons twee, met nog een fles water en een theetje erbij. Maar we vonden het dus echt wel een aanrader, ik ga het ook doorgeven aan Bart als lunchadres.