Lectuur: “Ghost Money” (Eric Carter #5) van Stephen Blackmoore

In dit fijne vervolg van de reeks heeft necromancer Eric Carter nu duizenden, zo niet miljoenen doden op zijn conto door de gigantische vuurstorm die LA heeft geteisterd door zijn toedoen. Jammer genoeg zijn daardoor ook de barrières tussen de wereld van de levenden en die van de doden verzwakt, zodat er veel meer geesten zich manifesteren, en dat kan niet anders dan fout gaan.

Carter is dus het joske dat alles mag oplossen, de strijd aanbinden met Chinese triades, omgaan met een verleden dat hem blijft achtervolgen en een loodzwaar schuldgevoel met zich meetorsen. Tsja. Dat gebeurt nu eenmaal als je necromancer bent, toch?

Opnieuw geen hoogstaande maar zeer vermakelijke lectuur met een wel zeer duister kantje. Het hoofdpersonage is niet zozeer sarcastisch als wel cynisch en de auteur heeft wel een gitzwarte kijk op de mensheid, maar dat mag de pret niet drukken.

Op naar de volgende!

Quizje

Vanavond stond ik met het quizteam in het Don-Bosco-instituut in Zwijnaarde: we wilden ons wel eens meten met de rest daar. Het werd een fijne avond, een goed afwisselende quiz, leuke vragen en een goed niveau. Allez ja, dat vonden we toch, want we werden warempel eerste met Richard The Turd.

Alleen jammer dat we onze prijs niet zelf mochten kiezen uit de ruime prijzentafel: er stonden pakketten met fantastische koffiebonen, en Nicolas had bijvoorbeeld wel zo’n knappe leren schort gewild. Maar het winnende team kreeg elk een waardebon van 50 euro voor een themarestaurant Agathea in Landskouter: een mooie geste op zich, maar niks voor ons. Bart en ik zien het echt niet zitten om daar te gaan eten terwijl een soprane staat te kwelen en we 50 euro moeten opleggen. Dus: mocht iemand zo’n bon willen: laat maar weten.

Ik heb een fijne avond gehad en dat is op zich voldoende. Al was die koffie wel fijn geweest.

Romeo + Julia in de Gentse opera

Ik ga al graag ne keer mee met de Cultuurcel van de school , maar er moet wel plaats zijn: de leerlingen krijgen logischerwijs voorrang, en ik zit niet in de organisatie. Ik had me ook opgegeven voor het ballet “Romeo + Julia” in de opera, maar helaas, dat was in een mum van tijd volzet.

En toen kreeg ik vanavond, iets voor zeven, telefoon: dat één van de leerlingen niet kon maar dat eigenlijk niet had doorgegeven, dat ze daar al waren voor de voorbespreking, en of ik geen zin had om alsnog af te komen. Euh… Ik twijfelde even want ik had echt nog dingen te doen tegen morgen – procrastination is a bitch – maar ging alsnog akkoord. Ik at snel iets, had geen tijd meer om me echt om te kleden, en sprong in de auto, zodat ik tien voor acht de trappen richting derde balkon – nog net niet het uilenkot – kon beklimmen.

Ik heb het me niet beklaagd: wat een prachtige voorstelling! Ik snapte  er geen knijt van – de voorbespreking had een en ander duidelijk gemaakt, dat het een sfeerbeeld was en geen verhaal, hoorde ik achteraf – maar ik genoot: een ongelofelijk mooie esthetiek, pràchtige zwarte kostuums voor zowel mannen als vrouwen, bewegingen die ik nog niet eerder in een ballet had gezien… Ik had er geen moment spijt van.

Voor de schoolwebsite schreef ik het volgende:

“Beeld je in: je droomt ‘s nachts van Shakespeares onsterfelijke verhaal Romeo en Julia en Prokofjevs magistrale balletmuziek erbij. Al snel slaat die droom om in een nachtmerrie, als een raadselachtige onthulling van het onderbewuste. In Romeo + Julia herinterpreteert de Spaanse choreograaf Marcos Morau de beroemde tragedie die verankerd is in ons collectieve geheugen. Hij laat de traditionele verhaallijn los en transformeert ze tot een associatief visioen. Romeo + Julia speelt zich af in een duistere wereld, waarin geweld zo alomtegenwoordig is dat de totale vernietiging onafwendbaar lijkt.

Morau creëert een verbluffend visueel universum met zijn kenmerkende poëtische muzikaliteit en haarfijn gechoreografeerde bewegingstaal. Hiervoor laat hij zich inspireren door de partituur van Sergej Prokofjev waarin op meesterlijke wijze de sensuele lyriek een onheilspellende ondertoon gegeven wordt. Prokofjev creëerde met zijn toonzetting van het Shakespeare-drama een van de indrukwekkendste balletten van de 20e eeuw.

Bovenstaande tekst lokte een 25 leerlingen van 4,5 en 6 om een avondje door te brengen in onze prachtige Gentse opera. We zaten dan misschien wel helemaal boven, maar dat stoorde eigenlijk niet, want ik vermoed dat we daardoor de adembenemende choreografie nog meer konden bewonderen omdat we een schitterend overzicht hadden. En die choreografie, die was inderdaad zo indrukwekkend als de tekst en de voorafgaande inleiding ons deden hopen. Veel verhaal zat er effectief niet in, des te meer drama en duisternis. Bij momenten deden de bewegingen aan marionetten of vroege robots denken, op andere momenten leek het wel of je naar een grote zwerm spreeuwen zat te kijken die allemaal op het perfecte moment zwenken of met een fractie van een seconde verschil een beweging nabootsten. Dat geheel werd nog onderstreept door de magnifieke, sombere en barokke kostumering: ook de mannen droegen zwarte rokken, gewaden of quasi alles verhullende ensembles.

Het geheel liet ons quasi sprakeloos achter, en dat was niet alleen omdat het daarboven in de zaal puffend warm was. De moeite waard, jawel.”

Ovidius’ Metamorphoses

Het is jàren geleden dat ik nog derdes gaf en de cursussen zijn wel wat gewijzigd, maar wat ik behouden heb, zijn de toneeltjes van Ovidius.

Ik lees met mijn derdes twee verhalen uit de Metamorphoses: Daedalus en Icarus en Pyramus en Thisbe. Er zijn uiteraard veel meer prachtige verhalen, en die zou ik dan in vertaling kunnen meegeven of zelf vertellen, maar het is veel leuker – en een onderzoekscompetentie in de tweede graad – om ze zelf per twee een van de verhalen naar voor te laten brengen.

Het stond hen volledig vrij op welke manier ze dat zouden doen: een toneeltje, een interview, een poppenspel, via playmobil- of legofiguurtjes, of een heus schaduwspel, waarom ook niet? Op deze manier kregen alle leerlingen negen extra mythologische verhalen te horen op originele wijze. Mooi, toch?

En ik kan misschien wel wat bevooroordeeld zijn, maar de punten die de leerlingen elkaar gaven, liegen er niet om: Merel deed met Lieze en Hanna een toneeltje en dat sprong er eigenlijk wel uit, ja. Merel en woord: een schitterende combinatie.

Lectuur: “Tout le bleu du ciel” van Mélissa Da Costa

Dit boek was er eentje dat we, nogal overmoedig, hadden afgesproken met de leesclub. Overmoedig, want ja, 600+ bladzijden, en dat was te merken ook. Enkele collega’s hadden het boek wel gelezen maar konden helaas niet op de afspraak zijn. En van de leerlingen waren de meesten nog niet tot het einde geraakt, wat ik wel snap, ja.

Ik had het er hier al eerder over, bij de bespreking van de leesclub.

Ik heb hem in het Frans gelezen, ja, en ik was meermaals blij dat ik hem op de Kindle kon lezen, want daar heb je die fantastische woordenboekfunctie, die ik regelmatig nodig had. Het boek is namelijk in hedendaags, informeel Frans geschreven en die spreektaal, die heb ik eigenlijk niet altijd onder de knie. Dat nam niet weg dat ik hartstochtelijk genoten heb van het boek.

Het verhaal gaat over Emile, een jonge gast van 26 die de diagnose krijgt van jong-Alzheimer, waardoor hij weet dat hij langzaam zijn geheugen en dus ook zichzelf zal verliezen, en waarbij hij nog maximaal twee jaar te leven heeft voordat ook zijn lichaam het opgeeft. Hij weigert als proefkonijn in de steriele omgeving van een ziekenhuis te sterven, koopt een camper, zet een advertentie voor een reisgezel in de krant en ontvlucht zijn familie. Hij krijgt het gezelschap van de bijzonder zwijgzame Joanne, een jonge vrouw die duidelijk zelf de nodige trauma’s met zich meedraagt. In het begin loopt dat stroef en dat merk je ook aan het boek: het begin is traag en bij momenten moeilijk om verder te lezen.

In de loop van het verhaal komt er een verstandhouding tussen Emile en Joanne, krijg je via flashbacks zowel het verleden van Emile als Joanne te weten, en begin je beter en beter te begrijpen waarom ze zijn wie ze zijn en waarom ze soms vreemde reacties hebben. Wanneer Emile een aanval krijgt en in het ziekenhuis verzeilt, waarbij de autoriteiten niet anders kunnen dan zijn ouders waarschuwen, vluchten ze weg uit het ziekenhuis en besluit Joanne om met Emile te trouwen, zodat zij als zijn echtgenote alle verantwoordelijkheid over hem krijgt. Het wordt een formaliteit, maar met de nodige impact op hen beiden.

Zo kabbelt het verhaal verder en wordt Joanne steeds zelfzekerder, terwijl Emile wegzakt in zijn verleden.

Het einde – dat ik  u hier niet verklap wegens spoilers en al – had ik van ver zien aankomen, maar dat neemt niet weg dat ik alsnog tranen met tuiten heb gehuild, meermaals eigenlijk.

Ik weet niet wat Da Costa zelf heeft meegemaakt, maar ofwel heeft ze haar research rond jong-Alzheimer heel grondig aangepakt, ofwel heeft ze zelf iemand in haar onmiddellijke omgeving op die manier zien aftakelen. Chapeau voor de serene en toch onomwonden manier waarop ze het onderwerp aanpakt: ook al heb ik meermaals moeten huilen, dat kwam niet omdat ze het melodramatisch maakt, wel integendeel: ze pakt het wegdeemsteren van Emile op een zeer afstandelijke manier aan, en ik vermoed dat net dat bij mij extra emotie losweekte.

Een aanrader? Zeer zeker. Maar besef wel dat je aan een stevige klepper begint, 650 bladzijden in het Frans, rond de 800 in het Nederlands.

Velzeke

Vorig jaar was Velzeke in het water gevallen door de Vlaamse toetsen: die waren op hetzelfde moment als de geplande uitstap, de datum was niet onderhandelbaar en Velzeke was al volzet toen ik het wilde wijzigen. Tsja.

Dit jaar gingen we dus met 47 leerlingen op pad: twee én drie dus. Die van het derde zijn misschien wat aan de grote kant voor het kledingproject, maar dat blijft eigenlijk gewoon wijs.

Het hele verslag staat op de schoolwebsite – het kan zijn dat het nog moet gepubliceerd worden – maar ik geef u hier gewoon een paar fotootjes mee. Kwestie van amusant te zijn en al. En ook wel een beetje stikkapot na afloop, dat ook.

Dramatoonmoment

Merel volgt sinds het begin van dit schooljaar samen met Lieze de lessen drama in Evergem, samen met drie andere meisjes. Vandaag hadden ze een eerste toonmoment, een kort geïmproviseerd toneeltje dat ze op twee weken in elkaar hebben gestoken. Het was echt wel amusant: vijf tienermeisjes maken een clubhuis in een leegstaand huis en vinden er onder andere een amulet. Wanneer Merel later vrijwilligerswerk in een verzorgingstehuis doet, herkent een oud dametje het amulet en weet ze dat ze in gevaar is, want in dat huis heeft ze destijds haar man gedood en begraven. En dus gaat ze terug naar dat huis, waar de meisjes toevallig aanwezig zijn…

Er zat zelfs een stukje musical in. Goed gelachen, en vooral: ze doet dat echt goed, ze heeft er flair voor.