Een vreemde dag, dat kan je wel stellen.
Om negen uur was er eerst het rapport uitdelen bij mijn derdes, met dan een gesprek waar nodig, en daarna mochten de leerlingen hun examen komen inkijken. Dat is altijd vrij druk, en intussen bundel ik ook alle toetsen en steek alles in dozen voor het archief. Op die manier zit ik me ook niet te vervelen.
Om één uur staken we hen buiten, kon ik de dozen inleveren en was er nog een korte personeelsvergadering met de stand van zaken.
En toen ging ik alsnog mee naar Den Boer: dat is een café met groot terras op het einde van de straat, dat normaal gezien dicht is op dinsdag maar dat speciaal voor ons open deed. Ik had er al op voorhand een spitburger besteld, en eigenlijk deed het me best goed, zo onder collega’s het jaar afsluiten en een zeer fijne collega uitzwaaien.
En toen reed ik naar Zomergem voor een gesprek met de pastoor over de uitvaart. Het is een vrij jonge gast, jonger de 40, die goed luisterde en meedacht met ons. Het wordt een Gregoriaans gezongen mis, waarbij Jeroen en ik elk iets gaan voorlezen in het begin, en hij op basis van onze teksten en ons verhaal zowel de lezing als het evangelie en het sermoen zal verzorgen.
En toen reed ik naar huis en hield even halt aan Durmenbrug omdat het zonlicht zo mooi speelde in een net afgereden korenveld.
Ik denk dat ik nu vooral behoefte heb aan rust, en stilte. En dus de zon op korenvelden, en bomen weerspiegeld in het water.
