Septische put

We wonen hier al sinds 1997, al eventjes dus. In al die tijd hebben we, voor zover ik me kan herinneren, onze beerput nog nooit geleegd. Het kan zijn dat die leeg is getrokken tijdens de verbouwing in 2014, want de opening zat op ons toenmalig terras en bevindt zich nu in onze keukenberging. Verplaatsen ging handenvol geld kosten, en in die berging heeft er niemand last van.

Maar sinds een dik half jaar stinken onze toiletten. Allebei, ja, dus het ligt niet aan een verstorven afdichtring of zo. Het vreemde is dat dat vooral bij het doorspoelen is. Ik dacht eerst dat er een dood beest in onze regenwaterput zat – het spoelwater is regenwater – maar dat water is perfect helder en geurloos, dat kan het dus niet zijn.

Enfin, we proberen aan te pakken wat we kunnen, en dus stond er hier maandag iets na zeven een beerkar om onze put vakkundig leeg te zuigen.

De geurhinder bleef bijzonder beperkt, het was alleen een beetje frisjes want de slang moest door onze tuinvenster. Tsja. Maar blijkbaar, zo zei Bart, was het eerste wat die man zei toen hij de put openmaakte: “Hebben jullie geen last van stank bij de toiletten?” Het zou iets te maken hebben met de afdichting van de put zelf. In de berging hebben we nooit geuroverlast gehad, alleen bij de toiletten, maar dat zou ermee te maken kunnen hebben.

Allez, op hoop van zegen dat we nu van de stank vanaf zijn. De put is in elk geval netjes geleegd en gespoeld.

Zonnepanelen

Ze waren al een tijdje besteld, gingen eerst in november geplaatst worden, maar zijn uiteindelijk toch uitgesteld, zodat we toch onze premie niet meer hadden. Tsja, het is niet daarvoor dat we zonnepanelen wilden plaatsen.

Bart en ik hadden er al langer over zitten denken, maar het is een enorme investering. Niet enkel de zonnepanelen op zich, wij hadden nog een slecht geïsoleerd asbesthoudend dak, zodat zonnepanelen ook absoluut niet konden.

De vernieuwing van dat dak, compleet met onderdak en isolatie, kostte ons een kleine 50.000 euro. Nu zijn we voor een maximaal aantal zonnepanelen gegaan, deels op ons schuine zuidoostgerichte dak, deels op het dak van de garage. De andere kant van ons dak had geen zin, aangezien het daar om NW gaat, en het stukje plat dak boven onze keuken, dat eigenlijk ideaal zou zijn, kan niet omdat er een lichtkoepel staat en de motor van de luchtcirculatie hier. Tsja. Combineer dat met een stevige thuisbatterij en we zijn er weer aan voor 20.000 euro. Hmpf.

Maar eigenlijk moest het echt wel: alle computers hier in huis, gecombineerd met de twee elektrische auto’s, zorgt voor een jaarlijks verbruik van ongeveer 10.000 KW, min of meer het dubbele van een gewoon gezin. We hebben natuurlijk geen andere kosten meer aan de auto’s, we moeten niet tanken, maar het tikt wel aan.

Ik ben benieuwd hoeveel het gaat schelen: we hebben behoorlijk wat panelen liggen, maar de ene zijn vooral rendabel in de voormiddag en de vroege namiddag, de andere in de namiddag en de avond, dus nooit volle capaciteit. Maar bon, het is ook principieel dat we het doen: we proberen zo milieubewust mogelijk te leven zonder in te boeten aan comfort.

Wordt ongetwijfeld vervolgd, zodra we een beetje kijk hebben op opbrengst en verbruik.

Warmtepomp-boiler

Ook al was onze vorige boiler amper twee jaar oud, toch hebben we sinds vandaag een warmtepomp-boiler.

Een paar weken geleden was onze chauffage namelijk gecrasht, hadden we gemerkt: pas toen het eind oktober echt kouder begon te worden, voelde ik dat het niet voldoende opwarmde en dat ook de vloer koud bleef.

Ik belde naar Sil, de zoon van de vroegere eigenaar van dit huis, die in verwarmingen doet. Hij kwam zowaar op een zaterdag af – iets wat hij eigenlijk niet doet, maar bon, zijn vroegere huis en mijn grondige beschrijving van het probleem zorgden voor een uitzondering – en stelde al snel vast dat het de pomp was van de vloerverwarming die niet mee wilde werken. Alleen kreeg hij er ook niet meteen beweging in. Hij belde zijn pa om uitleg, en twee minuten later stond Willy hier met zijn fiets. Na veel gepalaver en gedoe kwamen ze eruit, ging Sil een nieuwe pomp halen, werd alles geïnstalleerd, en lo and behold: de verwarming werkte weer!

Maar Sil had de nodige commentaar gegeven op onze elektrische boiler: dat dat eigenlijk niet meer van deze tijd was, dat een warmtepomp-boiler een heel pak minder verbruikte, en dat je dat met deze energieprijzen op zo goed als twee jaar terug verdiende. Hmmm.

We waren dat eigenlijk sowieso al van plan geweest, Bart had daar al voor zitten kijken. En aangezien Sil er nog een paar op voorraad staan had, hebben wij sinds vandaag een nieuwe boiler, die een pak zuiniger zou moeten zijn.

Bon, iemand een tweedehands elektrische boiler van 150 liter kopen?

Verder bouwen aan de tuin

Bart blijft volop bezig in de tuin: naast de twee kerselaartjes, die hij eind september had geplant, zijn er nu ook twee appelboompjes bijgekomen. Het oorspronkelijke plan van de tuin was dat er naast de lange gevel een veld was om te rugbyen, te voetballen en algemeen onnozel te doen, en aan de korte kant, rond het terras, een bloementuin.

Maar intussen weten we dat dat grasveld niet meer nodig is, en dus is hij er een eigen kleine boomgaard van aan het maken. Langs de haag komen er ook nog hazelaartjes, en hem kennende zal er nog wel ergens een perelaar komen ook. Hij had ook nog vanalles besteld, maar ik ga me vooral laten verrassen, want ik heb er geen idee van wat het nog allemaal is.

Lek

Hmmm. Hoe tevreden ik ook was van de dakleggers, daarstraks begon het te gieten en zag ik plots een plasje liggen aan Kobes kamerdeur. Eerst dacht ik dat het van een van de katten was, maar dat was wel een zeer vreemde plek en een vreemd kleur, en vooral zonder geur.

Enig speurwerk leverde een streep water langs de muur op, en jawel, blijkbaar zit er een lek in de aansluiting van plat dak en muur. Hmpf. Voorlopig dus er een emmer onder gezet, het gaat echt niet verbeteren vannacht met al de voorspelde regen.

En dan morgen Durieux contacteren: ik ben er zeker van dat ze hier snel zullen staan en het snel oplossen. Maar nu is het wel even vervelend, ja.

Beetje op onze nest gepakt…

Dat ons dak moest vernieuwd worden, dat lag al een tijdje vast. Tijdens de laatste storm waren er nog maar eens enkele leien losgekomen, zoals al enkele keren eerder was gebeurd. De laatste keer, toen er vooraan een aantal zijleien was losgeraakt, hadden ze ons al gewaarschuwd: ze gingen opnieuw loskomen, want het hout was intussen rot van het ingesijpelde vocht. Oh, en de leien waren asbesthoudend, dat ook. Op zich geen probleem, zolang ze niet breken of zo, want dan komen de asbestvezels wél los. Oh, en het dak is ook niet goed geïsoleerd. Toen we destijds de zolder omvormden tot een kantoor voor een startend Netlash, hebben we ons eigenlijk een beetje laten doen door de aannemer die 6 cm rotswol voldoende vond. Quod non: dat is intussen onze slaapkamer en het is daar bloedheet in de zomer en pokkekoud in de winter. De rest van het dak, de eigenlijke zolder, is zelfs niet geïsoleerd en heeft zelfs geen binnendak – dat overigens ook asbest bevat, dankuwel.

Reden te meer dus om dat dak eindelijk te laten vernieuwen: een duur affaire, maar wel noodzakelijk, zeker als we zonnepanelen willen leggen, want dat kan niet op een asbest dak.

We vroegen bij eentje een offerte, en die mens kwam eens kijken, keek enkel aan de buitenkant, kwam zelfs niet binnen, maakte een ruwe schatting en maakte dan ook een ruwe, dure offerte. Hmmm…

Bij Durieux vroegen we ook een offerte, en die mens kwam langs, klom naar de zolder, inspecteerde buitendak, binnendak en gebinte, bestaande isolatie, mat dingen op, boog zich over onze bouwplannen, begon daar vanalles te meten en te noteren, en stelde extra vragen. Of we opnieuw leien wilden of zwarte dakpannen? Leien zijn duurder, maar voor pannen moest hij wel een studie hebben van een bouwkundig ingenieur om zeker te zijn dat het gebinte het extra gewicht kon dragen.

Enfin, veel professioneler, veel meer vertrouwen. Er kwam een offerte, er kwam een contract en een tijdsbestek van ‘ergens in oktober’ al naargelang het weer en andere bouwomstandigheden.

En toen kwam er afgelopen maandag een telefoontje: dat ze dinsdag zouden komen met een gans team en een stelling en alles erop en eraan en dat ze het dak zouden afbreken en leggen en hopelijk op een week klaar zouden zijn. Euh, wacht, wat?? Er was blijkbaar een grote werf weggevallen wegens het zoontje zwaar ziek geworden, en dus hadden ze alles opgeschoven, waaronder wij dus.

Dat ik op dinsdag met Merel naar Parijs trok, dat Bart met Kobe op donderdag naar Keulen trok, en dat Wolf pas op dinsdagavond terugkwam en hijzelf op donderdag en vrijdag ook moest werken, goh ja… Bijkomstigheden zeker? ’t Is ook niet alsof die mannen ons echt nodig hebben, maar toch, ik hou al eens graag een oogje in het zeil. Maar bon, hoe sneller hoe liever, dan kunnen we ook meer opschieten met zonnepanelen en al dat soort onzin.

Dinsdag stond hier een ploeg van 8 Roemeense jonge gasten en een kraanman voor de deur, en man, die wisten van aanpakken! Volgens de kraanman – een oudere Vlaming – zaten die gasten meer op een dak dan op de begane grond, en dat was er ook aan te zien. Er werd een container geprepareerd met een stevige dikke zak, al die gasten deden speciale pakjes aan met maskers, ze klommen op het dak en de asbesthoudende leien werden voorzichtig verwijderd, in de kraanbak gelegd en op die manier zachtjes in de container gedeponeerd. Ik denk niet dat er meer dan drie leien gebroken zijn…

Terwijl we in Parijs zaten, kreeg ik af en toe een update van Bart of Wolf. Vrijdag, bij thuiskomst, was de ene kant al volledig gedaan, zaten de nieuwe dakramen erin en waren ze vooral aan het prutsen met hoekjes en kantjes, want dat viel gelijk wat tegen.

Ik heb er het volste vertrouwen in: het ziet  er fantastisch uit, die mannen werken stevig door en vooral: ze voelen zich compleet thuis op dat dak, het is leuk om zien.

En wij, wij gaan een pak armer zijn maar wél minder warm in de zomer en minder koud in de winter. En asbestvrij, dat ook.

Habemus portam!

Oef, ze is er eindelijk: onze nieuwe garagepoort!

Het heeft zo gelijk wat voeten in de aarde gehad… Eind april wilde ik, tegen de zomer, vliegenramen voor de jongens hun kamers – Merels kamer heeft een kantelraam, no go dus – en dan meteen ook de zonneblinden aan Barts bureau laten herstellen en ook de garagepoort vernieuwen. Het ding is 35 jaar oud, er zijn al een paar wieltjes van de geleiders afgebroken, en je ziet duidelijk aan de breuken dat het metaalmoeheid is, reparatie is dus geen optie.

Ik belde naar Antoon De Cock NV, degene die de blinden hebben gestoken, die de ramen hebben gemaakt zodat ze nu ook de vliegenramen konden maken, en die ervoor kunnen zorgen dat de poort bij de rest past.

De volgende dag stond er hier al meteen iemand om op te meten en een offerte op te maken.

Juist.

Die offerte bleef op zich wachten, en ik belde en mailde verschillende keren, maar helaas, blijkbaar was er grote drukte. De offerte kwam uiteindelijk binnen terwijl wij in Frankfurt zaten, begin juli dus. Tot zover de vliegenramen tegen de muggen…

Intussen had de poort trouwens de geest gegeven: er was nóg een wieltje afgebroken en het ding deed het nu dus echt niet meer. De auto kon niet meer binnen, maar vooral: de fietsen konden alleen nog maar buiten via de achterdeur, waar er amper een meter ruimte is tussen de deur en het tuinhuis. Misère dus…

Het was eind juli tegen dat ik die in vakantiemails verzopen offerte opmerkte, maar toen was er uiteraard bouwverlof. En toen was het weer zeer druk. En toen bleek dat er toch opnieuw moest opgemeten worden voordat er een echte, secure offerte kon zijn. En toen moest die bevestigd worden, en doorgemaild, en bijgestuurd worden. En moest de poort besteld worden, en dat bleek toch wel even te duren. En toen bleek de poort niet zomaar geleverd te kunnen worden. En was er nog eens vertraging op de levering.

Enfin, puntje bij paaltje: Sinterklaas bracht ons een pracht van een poort! Het was nog net geen voldragen zwangerschap, maar bon, ze is er. Ze is bijna geruisloos – die oude poort maakte een gigantisch lawaai – en ze werkt. Ze werkt niet alleen met een knop binnen, maar ook met twee afstandsbedieningen – eentje in elke auto – en vooral: ook met een app!

Het zorgt ervoor dat Kobe al aan het Turcqpleintje op zijn app duwt en de poort open is tegen dat hij thuis is, of dat ik Merel zie passeren vanuit de zetel en niet eens hoef recht te staan.

Ja, ik ben fan. Eindelijk! En die muggennetten, die hebben we dan toch tegen de volgende zomer ^^

 

Nieuw kleurtje voor Merels kamer

Merels kamer heeft wel al wat transformaties ondergaan, ja.

Nog voor we kinderen hadden, was dat een logeerkamer, en dat is ze ook zeer lang gebleven, in Indiase kleuren.

2004

Toen Mereltje op komst was, zette ik de kamer in frisse kleuren die vooral de kleuren van haar geboortekaartje weerspiegelden, en dan ook meteen met de tekening van haar kaartje op de muur. Haar bedje stond er nog niet, dat stond nog bij ons op de kamer.

2011

Nog wat later was het logeerbed er weg en was er een eenpersoonsbed met bedomranding. Het boekenkastje dat bij het  bed hoort, stond nog gewoon op zijn kant.

2013

Wat meer aankleding: het bed volledig geschilderd, het boekenkastje een heus knuffelkastje, en wat extra spulletjes natuurlijk, waaronder een bureautje.

2014

Ze had het intussen al zelf wat anders ingericht, met een bijpassend muggennet.

2016

Intussen is de vlinderlamp vervangen door een cooler exemplaar met verschillende lichtpunten, heeft ze een ander bureau, staan er echt wel boeken in de boekenkast, minder knuffels, veel meer lichtjes en kaartjes, en gewoon volwassener spullen.

mei 2021

Maar toch was ze niet tevreden: ze houdt echt niet van groen – de groene tapijten zijn dan ook al lang verdwenen – en wilde het groen weggeschilderd zien. Vorige week waren we verf gaan halen, en Wolf had beloofd haar te helpen. Heel veel is het niet: een strook achter haar kast, een kleine muur en de rolluikbak. Naarstig togen ze aan het werk om alles af te plakken en snel werd al het groen in een donker turquoise omgezet. Véél meer haar goesting, wist ze te vertellen.

En nu is ze apetrots natuurlijk, en vooral ook heel dankbaar tegenover haar grote broer, voor wie ze dan maar zijn favoriete vlaai heeft gebakken: