Lectuur: “Edgedancer (The Stormlight Archive #2.5)” van Brandon Sanderson

Sanderson is, gelukkig voor mij, een echte veelschrijver, maar dan wel op consistent hoog niveau. Ik vermoed dat ook gewoon zijn stijl me echt ligt.

Bon, ik had dus de tot hiertoe verschenen boeken van The Stormlight Archive gelezen met bijzonder veel genoegen, en zag pas dan dat er blijkbaar ook novella’s zijn verschenen, kortere verhalen over een van de nevenpersonages. Pas op, bij Sanderson, die al graag eens een boek van dik over de 1000 pagina’s schrijft, zijn zijn kortverhalen nog steeds 272 bladzijden lang.

Edgedancer gaat effectief over een van de nevenpersonages: Lift is een Knight Radiant tegen wil en dank, en ze is vooral een puberend meisje dat met zichzelf geen blijf weet. Ze weet enkel dat ze onafhankelijk wil zijn, ongebonden en eigenlijk vooral ook jong. Maar dat onafhankelijke wil niet zo lukken als je opgejaagd wordt. Lift gaat dan ook de confrontatie met haar achtervolger aan uit een gevoel van heroïsme, omdat Darkness ook andere ontluikende Knights Radiant uitmoordt.

Op zich is het wel een knap verhaal: het heeft weinig tot geen relevantie met de overkoepelende gebeurtenissen – vandaar ook een 2.5 en geen volwaardig boek – maar geeft wel een mooi inzicht in de ontstaansgeschiedenis van een van de personages en vooral ook wat een impact het zijn van een Knight Radiant heeft. Net daardoor is het ook wel wat vrijblijvender: het verhaal staat op zich, al zal je er geen barst van begrijpen als je niet eerst de eerste twee Stormlight Archive boeken hebt gelezen.

Alweer een pareltje van Sanderson dus, en eentje dat net iets sneller tussendoor leest.

Lectuur: “Imperium” en “Lustrum” (Cicero 1 en 2) van Robert Harris

Deze boeken had ik al een tijdje in mijn boekenkast staan, en ik dacht dat ik ze nog altijd niet had gelezen. Blijkbaar dus wel, wist mijn blog me te vertellen, namelijk in 2016 toen ik in Italië zat.

Maar bon, herlezen kon geen kwaad, dacht ik: ik geef per slot van rekening les over die mens, ik lees zijn redevoeringen met de leerlingen, ik mocht er wel wat vanaf weten.

Wel, precies daar wringt het schoentje: ik weet er te veel vanaf. Harris is een meesterlijk auteur, hij schrijft bijzonder goed en wellicht ook bijzonder spannend. Alleen weet ik precies wat er wanneer zal gebeuren, wie de hoofdrolspelers zijn, hoe het fout gaat lopen, hoe het uiteindelijk ook weer recht zal getrokken worden… Harris schrijft zijn verhaal vanuit het standpunt van Tiro, de trouwe – al kan hij niet anders, hij is een slaaf – secretaris van de redenaar. Dat die heeft bestaan, staat onomstotelijk vast. Hoe die reageerde, is dan weer een deel van de fantasie van de auteur. Maar de feiten, de gebeurtenissen zijn historisch, ik geef er les over, en dus kunnen ze me niet verrassen, laat staan spanning brengen in het verhaal.

Tsja. Ik heb me dus bij momenten door de boeken moeten worstelen, want het ging naar mijn aanvoelen precies maar niet vooruit, maar ik vermoed dat dat volledig aan mij ligt, en dat is voor een keer niet sarcastisch bedoeld. Boek drie zal voor een latere keer zijn.

Een aanrader? Jazeker! Maar niet voor mij…

Lectuur: “Fire & Blood (A Targaryen History, #1)” van George R.R. Martin

Nu de nieuwe reeks op Netflix, “House of Dragons” gestart is, kon ik niet anders dan ook het boek lezen, vond ik. Ik was destijds, in 2012, enorm enthousiast over A Song of Ice and Fire, de reeks waarop Games of Thrones is gebaseerd.

Vol goeie moed begon ik dus aan dit exemplaar, maar de insteek is helemaal anders en absoluut ook niet zoals de verfilming laat vermoeden.

Het gaat namelijk om een verslag door een maester, een geleerde, die gewoon een kroniek van de Targaryens schrijft en al hun veroveringen, oorlogen, veldslagen – al dan niet met draken – noteert. Er zijn dus quasi geen dialogen, het is meer een opsomming. Ja, er is hier een uitstekende reeks uit te distilleren, maar chapeau voor de scenaristen! Martin gaat zelfs zo ver dat hij regelmatig verwijst naar de drie verschillende bronnen van de croniqueur, zoals je dat bij een echte historiograaf zou tegenkomen.

Bij momenten is het verhaal echt meeslepend, maar bij momenten is het ook gewoon een droge opsomming van feiten en beslissingen, alsof je echt een geschiedenisboek leest.

Vond ik het goed? Wel, bij momenten. Ja, het is fijn om die achtergrond van de Targaryens te lezen en je kan je je er ongelofelijk veel bij voorstellen. Maar soms was het ook gewoon ronduit saai en moest ik me er doorheen worstelen.

Ik zou het boek niet meteen aanraden, tenzij voor echte fans.

Lectuur: “Calamity (The Reckoners #3)” van Brandon Sanderson

Dit is eigenlijk geen reeks die je kan bespreken zonder een massa spoilers weg te geven, en dat is eigenlijk niet mijn bedoeling.

Deel twee werd hier nog besproken, deel een kon je hier lezen. Heel veel kan ik er niet over vertellen dus, behalve dat het hoofdpersonage David Charleston verder gaat op het ingeslagen elan, dat Sanderson het soms wat slordig doet lijken deze keer, maar dat de spanning nog steeds bijzonder hoog zit.

Na Newcago en Babilar moet David nu opnieuw verder als hij het wil opnemen tegen de Epics. Hij is er nog steeds van overtuigd dat Epics niet inherent slecht zijn en dat je hen dus kan redden. Maar of het hem zal lukken, dat blijft de vraag, want Sanderson deinst er niet voor terug zijn personages af te maken, zoals het hoort eigenlijk. De Reckoners komen nu wel te weten wie of wat de Epics heeft veroorzaakt, maar heel veel vragen blijven onbeantwoord, en dat ben ik niet meteen gewoon van Sanderson, die er doorgaans in slaagt alle losse eindjes netjes aan elkaar te knopen.

Beetje jammer, maar eigenlijk nog  steeds een steengoed boek dat van mij een topscore krijgt voor de spanningsopbouw. En de stijl. En de personages.

Paniek

Wie hier al een tijdje volgt, weet dat ik een enorme lezer ben. De laatste paar jaar lees ik zo’n 60 boeken per jaar, en dat allemaal elektronisch op mijn Kindle. Ik ben daar dan ook gigantisch fan van, ik lees eigenlijk niet graag meer op papier omdat dat te weinig aanpasbaar is.

Ik sleep dat ding dan ook nonchalant overal mee, gewoon los in mijn tas, in mijn jaszak of op de achterbank van de auto, zonder beschermhoes of iets. Elke avond pluk ik hem van tussen de kussens in de zetel en pak ik hem mee naar boven, ik lees nog in mijn bed, en elke morgen pak ik die gewoon weer mee naar beneden. Routinematig dus. Ik leg hem helaas ook zonder nadenken gewoon uit mijn handen waar het op dat moment past.

Gisterenavond had ik hem blijkbaar niet zomaar zien liggen en was ik naar de badkamer vertrokken zonder boek. Omgekleed, in mijn bommaslaapkleed dus, stel ik daar vast dat ik mijn Kindle niet mee heb. Terug naar beneden dus, naar de zetel, om hem daar in de zetel te zoeken. Hmmm. Geen Kindle. Alle kussens twee keer opgetild, achter de zetel gekeken, onder de dekentjes, geen Kindle. Terug naar boven want ik zal hem wellicht ergens op een rare plaats in de badkamer uit mijn handen gelegd hebben. Geen Kindle. Helemaal naar boven, naar de slaapkamer, ook al weet ik dat ik hem vandaag beneden heb gehad. Geen Kindle. Terug naar beneden. Nog eens de zetel en ook alle tafels doorzocht. De boekenkast. Op de kast onder de tv. In de berging. God, zelfs in de koelkast. Geen Kindle.

Oh, had ik hem niet mee in de auto naar de kine? In mijn bommaslaapkleed op mijn blote voeten naar de auto. Geen Kindle. Oh, en ik heb Barts auto toch gebruikt om naar Wolfs kot te rijden? Terug naar binnen om de sleutels van de Ford, terug naar buiten naar Barts auto. Geen Kindle.

Halve paniek, dikke dikke zucht. De Kindle zal dan morgenvroeg wel uitkomen, zeker? Ik heb nog een Tolkien liggen – De Legende van Sigurd en Gudrun – die ik op papier kan lezen.

Helemaal ontmoedigd kruip ik in mijn bed.

En dan krijg ik ’s morgens een fotootje toegestuurd van mijn lief. Wat ligt er, perfect matzwart op een matzwarte achtergrond, te prijken op zijn dashboard? Jawel. Ik had het ding in het donker – de Ford steekt blijkbaar geen lichten aan bij het openen van de deuren – absoluut niet zien liggen en ik was nochtans gaan kijken.

Diepe zucht.

Van zowel frustratie als opluchting.

Lectuur: “Firefight (The Reckoners #2)” van Brandon Sanderson

Na Steelheart kon ik niet anders dan de – voorlopig veel te korte – reeks van The Reckoners verder lezen.

Hoofdpersonage David heeft Newcago bevrijd van Steelheart, maar dat is niet het antwoord gebleken op al zijn vragen en het knagende gevoel in zijn hart. Misschien ligt dat wel in Babylon Restored – het vroegere Manhattan – waar de Epic Regalia ervoor zorgt dat alles onder water staat en waar de bevolking leeft op de bovenste verdiepingen en de daken van de vroegere wolkenkrabbers. Op een mysterieuze wijze groeit er ook meer dan genoeg voedsel.

David gaat samen met de rest van de rebellen op zoek naar een manier om Regalia te verslaan en komt meteen ook in contact met Firefight, een andere Epic die hem wel lijkt te helpen. Of is dat maar schijn? Of bestaat de kans dat er een Epic is die niet inherent slecht is?

Opnieuw weet Sanderson keer op keer de spanning op te drijven. De naïeve, over-enthousiaste David kan soms op de zenuwen werken, maar dat is nu eenmaal eigen aan het karakter. En de plotwending zijn weer bijzonder bizar maar telkens weer op een of andere manier aannemelijk.

Nog steeds bijzonder hard fan.

Lectuur: “Steelheart (The Reckoners #1)” van Brandon Sanderson

Dat ik fan ben van Brandon Sanderson, dat heb ik hier al meermaals herhaald en bewezen. Gelukkig is de auteur in kwestie een echte veelschrijver, zodat ik nog wel wat te lezen heb.

Een ‘nieuwe’ reeks is die van The Reckoners, een pure science fiction reeks maar geen space. Het gegeven is weer iets heel aparts: de aarde is ten prooi gevallen aan Calamity, een hemellichaam dat plots verscheen en ervoor zorgde dat een hele reeks mensen superkrachten kregen, de Epics. Alleen zijn die niet de gedroomde superhelden, maar stuk voor stuk mensen die hun superkracht misbruiken om de rest van de bevolking te tiranniseren.

Zo leeft David Charleston in een stad die nu volledig van staal is gemaakt omdat Steelheart de stad controleert en alles verandert in staal. Diezelfde Steelheart is verantwoordelijk voor de dood van de vader van David, en dat is de reden dat David aansluiting zoekt bij The Reckoners, een groep die rebelleert tegen de Epics.

Sandersons karakteropbouw is, zoals altijd, mooi uitgewerkt: niemand is zwart-wit, ook de slechteriken niet, ook de good guys maken fouten of nemen moreel verwerpelijke beslissingen. Regelmatig zijn er compleet onverwachte plotwendingen en dat zijn bij Sanderson dingen die je écht niet ziet aankomen. Ja, het zijn super evil guys, ja, het zijn de rebellen die er tegenin gaan, maar dan toch weer met een heel apart sausje.

Jawel, ik ben nog meer fan intussen.

Lectuur: “Those Who Leave and Those Who Stay” (L’amica geniale #3) van Elena Ferrante

Na enige twijfel na het lezen van boek één en twee begon ik toch aan boek drie, en dat is eigenlijk gewoon meer van hetzelfde: uiteraard nog steeds het standpunt van Elena (Lenú), maar iets meer haar eigen leven en iets minder in relatie tot Lila. Ik denk dat Ferrante ook niet anders kon juist omdat beide levens nogal divergeren. En toch… Beide zijn intussen volwassen en uit hun zelfgemaakte gevangenis gebroken: Lila is weg uit haar huwelijk en woont opnieuw bijzonder armoedig met haar zoontje, terwijl ze werkt in een fabriek als simpele arbeidster. Elena heeft haar studies afgerond en heeft een boek geschreven, waardoor ze in een heel andere wereld terechtkomt, een wereld van academici, van rijke mensen, van salons en theehuizen… Ze trouwt, krijgt kinderen, en toch…

In deel drie is de politiek in het naoorlogse Italië veel nadrukkelijker aanwezig: beide vrouwen komen, een deel willens nillens, in die politieke toestanden terecht waardoor ze ook gedwongen worden standpunten in te nemen die ze niet altijd willen innemen.

Is dit een goed boek? Goh… Net zoals bij de eerste twee delen blijf ik twijfelen. Elena kan echt wel zagen, bij momenten, ze is een eeuwige twijfelaar en ik hou niet altijd van de manier waarop Ferrrante dat dan uitdrukt, ook al is de Engelse vertaling al veel beter dan de Nederlandse.

Maar deze keer ga ik deel vier eventjes laten voor wat het is, en ook dat zeg wel wat.

Lectuur: “The Story of a New Name (Neapolitan Novels #2) (L’amica geniale #2)” van Elena Ferrante

Ik wist niet goed wat ik moest denken van deel één en las dus meteen ook maar deel twee, al was het maar omdat het verhaal echt wel in mijn hoofd bleef spoken, en dat zegt wel wat.

Het verhaal loopt gewoon verder: het is nog steeds het hoofdpersonage Elena (Lenú) dat aan het woord blijft en vooral focust op haar knipperlichtvriendschap met Lila, maar ook alle verhoudingen binnen haar leefwereld schetst. Lila is inmiddels getrouwd, amper 16, en terwijl ze op die manier van grote armoede in toch wel meer dan behoorlijke rijkdom is verzeild, zit ze ook gevangen binnen datzelfde huwelijk. Diezelfde benauwenis voelt Elena dan weer in haar studies, waar ze niet anders kan dan zichzelf keer op keer bewijzen.

Ferrante schetst opnieuw een ontluisterend, grauw Napels in een klassensysteem waar nauwelijks aan te ontsnappen valt. De veelbelovende Lila lijkt dat wel te doen, maar zal dat lukken? En Elena kan verder studeren, maar blijft ook zij niet hangen in diezelfde Napolitaanse klei? De jaren 60 in Italië kunnen geen pretje geweest zijn, en Ferrante neemt dan ook geen blad voor de mond: de armoede, het harde bestaan, het geweld, ze beschrijft het allemaal.

Maar opnieuw: heb ik het graag gelezen? Ik ben er na boek twee ook nog steeds niet uit, maar ik ga wel boek drie lezen want ik wil weten hoe het verder gaat met de verschillende personages. Op zich zegt dat ook al iets, natuurlijk.

Lectuur: “De geniale vriendin” van Elena Ferrante

Ik loop precies een beetje achter met mijn boekbesprekingen, en dan heb ik de vorige negen nog in één keer besproken. Maar voor mij is het pas echt vakantie als ik het mezelf ook kan toestaan overdag te lezen.

Omdat we in de buurt van Napels op vakantie waren, was me de reeks van Elena Ferrante aangeraden, L’amica geniale. Maar Italiaans is me echt een brug te ver, ik moest dat misschien wel kunnen aan ’t unief, maar nee, bedankt.

Ik dacht: ik ga eens voor een Nederlandse vertaling gaan. Maar ugh… De vertaalster was duidelijk een Nederlandse en dat merk je. En ook de zinnen vond ik stroef, om eerlijk te zijn. Maar bon, ik was in het Nederlands begonnen, ik heb het dan ook uitgelezen in het Nederlands.

Het is een meeslepend maar tegelijk ook verbijsterend boek. Het verhaal speelt zich af in een bijzonder grauwe, arme wijk van Napels zoals we zelf ook al hadden gezien en waarvan we behoorlijk hadden staan kijken.
Het is ergens de jaren vijftig, relatief kort na de oorlog, de armoede is groot, het geweld regeert nog steeds. Vrouwen horen aan de haard, zorgen voor de kinderen, worden regelmatig afgetuigd door hun echtgenoten, en dat patroon herhaalt zich bij de kinderen. Al van in het begin gaat Ferrante het geweld tussen de kinderen onderling niet uit de weg. Het hoofdpersonage, Lenú, raakt als jong meisje bevriend met de enigmatische Lila. Hun vriendschap is van de wisselende maar zeer intense soort: ze zitten samen op school, spelen samen, maar Lila is… vreemd, en bijzonder intelligent. Alleen mag ze niet verder studeren, terwijl Lenú door haar keiharde werk en behoorlijk wat gelobby van haar leerkracht wel de kans krijgt.

Het is een… bevreemdend boek. Aan de ene kant heb ik het niet bijzonder graag gelezen, aan de andere kant kon ik het ook niet wegleggen en bleven de personages in mijn hoofd spoken: ik wilde weten wat er met hen ging gebeuren, en met de rest van de buurt, want ook al is het boek geschreven vanuit het standpunt van de intussen oudere Lenú, je leeft mee met het wel en wee van de hele buurt, de opkomst van de kruidenier, de mafia-invloeden, dat soort dingen.

Aanrader? Goh… ik weet het niet. Eigenlijk wel. Ik heb in elk geval ook de volgende boeken gelezen.