Pull voor Marne

Jawel, toen ik voor Merel een witte pull had gebreid en ze die aan had op kerstavond, zag Marie-Julie het ook wel zitten dat ik er eentje voor haar zou breien, in het grijs dan. Die kreeg ze dan drie weken later, toen we gingen nieuwjaren bij Roeland. Op dat moment spraken we af dat ik er ook nog eentje ging breien voor Marne, maar dan in het zwart.

Eerst zat daar nog een ander projectje tussen, maar intussen is de pull gebreid, lag hij hier meer dan een maand te koekeloeren, en is Roeland hem gisteren komen ophalen. En bleek Marne er ook oprecht blij mee, wist hij te vertellen. Hij stuurde me zelfs een foto door, en zij stuurde ook nog een bedankje.

Hij past in elk geval prima.

Op naar het volgende project!

Griekje

Omdat Gwens agenda eigenlijk nogal druk was in mei en vandaag wel nog vrij was, gingen we vrij kort op elkaar dus nog eens uit eten. Of zoals Merel zei: “Alweer???”

Euh, yup. Want ik geniet daar elke keer weer van.

We gingen deze keer gewoon weer voor een Griekje, want dat blijven we leuk en lekker vinden. Ik stelde dus de Pantheon voor, op de hoek van de Oude Houtlei en de Annonciadenstraat, waar vroeger, dacht ik toch, een andere Griek zat. Enfin, ik had in de namiddag nog snel gereserveerd, al dachten we beiden dat dat eigenlijk niet nodig zou zijn, op een doordeweekse woensdagavond. Man, was ik blij dat ik dat toch gedaan had! Het is niet bijzonder groot en het zat er dan ook stampvol. We waren er om 19.00 uur, en amper tien minuten later stonden er al een violist en een gitarist ons te entertainen. Goed gelachen: hij speelde eerst Δυα Παιδια, een Griekse klassieker, maar daarna ook Het Vliegerke, volledig in de Griekse stijl.

En het eten? Wel, de inrichting mag dan cliché Grieks zijn, compleet met zuilen en zo, maar de meze was voortreffelijk! In de jouvetsi zaten echt de authentieke smaken uit Griekenland zelf, dus niet speciaal aangepast. Dus ja, een van de betere Grieken, we snapten meteen waarom het er volzet was op een woensdag.

Verder zaten we fantastisch te kletsen, voornamelijk over het werk, maar ook over andere dingen, gelukkig maar. En over ons reisje naar de conferentie Euroclassica, eind augustus in Sofia, dat we aan het plannen zijn. Ik hoop dat we de juiste beurzen kunnen binnenhalen, dat zou fijn zijn.

Ik ben zowaar zelfs vergeten een selfie te maken en dat gebeurt me niet vaak.

Enfin, tegen tien uur stonden we weer buiten, helemaal bijgepraat en prima gezind. Nee, het gaat me nooit vervelen, zo gaan eten met mijn bestie. En zo’n Griekje? Mag altijd!

Afrikaans dorp

Ik heb het al vaker gezegd: onze DM – dungeon master, of degene die de scenario’s van Call of Cthulhu leidt – heeft gigantisch veel spullen in huis om landschappen na te bootsen en heelder campagnes uit te werken.

Met The Masks of Nyarlatothep zitten we momenteel in 1925 in een typisch Afrikaans dorp, nog zonder elektriciteit of enige vorm van moderniteit, en jawel, ook dat had hij helemaal voorzien en opgezet. Maar goed ook, want ’s nachts werden we aangevallen door cultisten en Night Gaunts, en dan moet je het ook echt wel uitspelen waar je staat, hoe ver je kan lopen/werpen/schieten en of iemand in je blikveld staat, dat soort dingen. Maar de details zijn altijd prachtig, al zijn de figuurtjes misschien niet altijd even politiek correct.

Maar geef toe: dit is toch zalig? In plaats van op een uitgetekend vel papier te spelen…

Dikke merci, Geraard, om er altijd zo veel moeite in te steken!

Doordenkertje

Ik zette mijn gerief voor de tabletopsessie klaar, en nam dus ook mijn doosje met dobbelstenen. Dat is een pracht van een doosje dat ik ooit gekregen heb, maar waarvan de scharniertjes kapot zijn. Op zich niet erg, met twee stevige rekkers blijft dat ook dicht.

Wolf had het vorige week gebruikt omdat hij zijn eigen dobbelstenen ergens verkeerd gelegd heeft en niet meer vindt. Kan gebeuren.

Ik nam het nu dus uit de kast, en merkte dat het niet echt goed dicht was, en met een dertigtal dobbelstenen is dat niet zo praktisch als dat openschiet.

En toen keek ik naar de rekkers, die mijn ingenieur van een zoon rond het doosje had gedaan.

Juist ja.

Nen ingenieur, dat kan alles berekenen, maar daarom zijn ze nog niet praktisch.

De booknooks voor de Kleine Cervantes

Ik had het hier al een paar keer over de Kleine Cervantes, de Gentse boekenjury waar zowel Merel als ik deel van uitmaken. Elke school krijgt ook een boek toegewezen waarover we een soortement verslagje moeten maken: een filmpje, een ’toneeltje’, een poster…

Wij kregen “Met jou is het anders” van Hanne Eerdekens toegewezen, maar geen van de leerlingen zag het zitten om echt iets te filmen, en een stop-motion neemt echt wel veel tijd in beslag.

Toen besloten we dat de leerlingen elk een booknook zouden maken, zo’n doosje dat je perfect tussen je boeken kan zetten, als een soortement versiering. De zes doosjes zouden elk een cruciale scene uit het boek uitbeelden. Ik ging op zoek en vond enkel maar kleine betaalbare postdoosjes – van die uniforme ‘schoendoosjes’ kostten al vlug 15 euro per stuk – maar die deden ook wel wat ze moesten doen. Mochten de leerlingen nu ook nog geluisterd hebben naar de opdracht en allemaal de doosjes rechtgezet hebben, zoals de bedoeling was…

Maar het resultaat mag er wel zijn, bij de ene al beter gelukt dan de andere.

Scène 1: het dansje van Nolan als Britney, waarmee alles begonnen is:

Scene 2: het interview bij Richard Ray

Scene 3: een baskettraining

Scene 4: de kus onder de boom

Scene 5: het gesprek op het dak

Scene 6: het gevecht naast de school

Wie het boek gelezen heeft, herkent alle scenes probleemloos. En hopelijk kunnen we er een aantal anderen nieuwsgierig mee maken.

Thomas, een van de collega’s, heeft de booknooks deze middag gefilmd en zet er een aantal quotes onder die de leerlingen zelf hebben ingesproken.

Ik ben benieuwd, maar ik kijk er wel naar uit, ja.

Lectuur: “Cult Classic” (Eric Carter #9) van Stephen Blackmoore

Met dit laatste, en ook echt uitstekende deel – op Goodreads krijgt hij 4.5/5 – sluit de saga rond Eric Carter af, en ik vind het wel jammer, ja. Aan de andere kant: je kan het ook blijven uitmelken tot het helemaal bij het haar getrokken blijkt.

Objectief gezien is het dat nu al, maar op een of andere vreemde manier lijkt alles toch nog steeds logisch en aannemelijk. Carter moet een fout uit zijn verleden, de creatie van een zeer machtig Orakel, zien recht te zetten. Jammer genoeg loopt gans Los Angeles in de soep en verschijnen gebouwen en stukken grond uit andere tijden en/of realiteiten. En uiteraard stoppen ook Carters persoonlijke problemen niet, zodat hij zijn eigen cynische zelf kan zijn.

Lijkt dit allemaal nogal vreemd, dan zit het toch nog steeds knap in elkaar verweven en komen dingen uit de eerste boeken toch weer naar boven. Zoals gezegd klopt alles nog steeds, al ga ik nu absoluut niet zo ver dat ik begin te zoeken naar losse eindjes en onverenigbaarheden, daarvoor is dit net iets te pulpy lectuur. Maar ik vond het zeer vermakelijk en ga op zoek naar een volgende reeks zoals dit.