Sinusitis from hell

De titel zegt het eigenlijk al: mijn sinussen staan zwaar onder vuur van virussen en ander microgeboefte.

Niet ideaal: ik ben nog volop aan het verbeteren. Doordat Merel zo ziek was, is ze tien dagen thuisgeweest, en helaas, dan krijg je eigenlijk bijna niks gedaan. Sinds donderdag is ze terug naar de crèche, helemaal genezen, gelukkig maar.

Maar intussen heb ik het concentratievermogen van een fruitvlieg, en gaat het dus niet vooruit. Mijn kop weegt een paar kilo extra, op mijn eentje los ik de (mogelijke) crisis van de zakdoekjesindustrie op, en de kloppende hoofdpijn moet ik er maar bijnemen. Af en toe neem ik een sinutab om toch nog iéts waard te zijn, maar eigenlijk mag ik dat niet van de dokter wegens glaucoom.

Hmpf. Ik zal blij zijn als de verbeteringen achter de rug zijn, en ik kan toegeven aan dat ziek zijn. Af en toe doe ik een klein tukje, maar eigenlijk kan ik me dat qua tijd niet meer permitteren.

Ugh.

Mereltje: update

bekers

Daarnet is de dokter opnieuw langsgeweest voor Merel (die vandaag trouwens dertien maanden is): ze wou geen risico nemen, en kwam dus op controle. Maar goed ook.

Want woensdag had ze crepitaties, ofte gekraak gehoord op de longen, en had ze dus antibiotica voorgeschreven. Die had er, samen met het veelvuldige gespoel van haar neusje, voor gezorgd dat onze kleine muis zich al een pak beter voelde, en dat ze eindelijk afgelopen nacht doorgeslapen heeft, voor het eerst in een week. Bart heeft me gisteren trouwens laten slapen ’s morgens: hij is er stilletjes met de jongens vanonder gemuisd, de schat!

Maar vandaag was het verdict minder positief: het gekraak was wel grotendeels verdwenen, maar er was gepiep in de plaats gekomen:  RSV. Ze schreef onmiddellijk aërosol voor, en gaat woensdag opnieuw langskomen ter controle. Mereltje mag voorlopig niet buiten tot dan, en mag dus zeker ook niet naar de opvang.

Ik ben dadelijk beginnen rondbellen: een opvang voor maandag en dinsdag geregeld via Partena, en met enige moeite – het halve land zit aan de aërosol – een aërosoltoestel gevonden.

Hopelijk betert het snel.

Jammer trouwens dat ze dus niet mee kan naar het feest voor oma’s honderdste verjaardag, en dat Bart ook moet thuisblijven dus. Al weet ik niet of die dat wel zo jammer vindt :-p

Zieke Merel is ziek.

ziek

De foto is van zondagavond rond half negen: Merel was doodop, en eigenlijk al heel de dag behoorlijk rustig, wat niet van haar gewoonte is.

En jawel, maandag rond negen uur werd er gebeld van de crèche: dat ze koorts had, en een enorm lopende neus, en of ik haar niet kon komen halen. Euhm. Ik moest maar beginnen werken om elf uur, maar kon die lessen, zo vlak voor de examens, niet missen.

Gelukkig kwam andermaal mijn moeder redding brengen: ik mocht haar naar ginder brengen. Oef. Ze heeft er prima geslapen, was koortsvrij, tot ik haar rond half vijf kwam halen: toen begon ze een beetje warm aan te voelen. En tegen dat ik thuis was met haar en de jongens, had ze 39°. Een suppo en vooral herhaaldelijke neusspoelingen brachten soelaas.

Dinsdag leek ze weer helemaal ok, en heb ik haar de hele dag naar de opvang gedaan. Daar had ze een klein beetje koorts, maar was ze zeer levendig en al, dus dachten ze dat ze kiezen aan het krijgen was. Zou kunnen.

Tot ze ’s avonds weer behoorlijk wat koorts kreeg, en ik ook merkte dat ze wat kortademig werd. Ze kreeg ook enorm veel last van die lopende neus, ondanks al het gespoel: om de vier uur werd ze wakker van het hoesten, omdat het slijm in haar keeltje liep. En dan waren het echt wel erge hoestbuien.

Deze morgen is Bart thuisgebleven bij haar, omdat ik examens moest afnemen. De dokter kwam, schreef onmiddellijk antibiotica voor omdat zowel haar longen als oortjes geïnfecteerd begonnen te geraken, en was er precies niet helemaal gerust in.

En Merel, die gaat op en af. Bepaalde momenten voelt ze zich prima, en speelt ze en lacht ze dat het een lieve lust is. Andere momenten is ze ellendig. Ze drinkt vooral veel, en slaapt gigantisch veel.

Hopelijk wordt ze snel beter. Gelukkig ben ik de twee komende dagen thuis. Er zal wel van verbeteren niet veel in huis komen, maar alla. Als mijn kleintje maar beter wordt.

Ziekteperikelen

Merel is een paar keer wakker geweest vannacht, maar heeft gelukkig niet meer overgegeven. Vast eten wilde ze niet, deze morgen, maar wel melk. Ze is gelukkig wel speels, zodat ik haar naar de opvang heb gebracht. Gisteren belden ze namelijk dat ze ginder ook wat had overgegeven, maar dat ze verder wel in orde was, dat ze speelde en lachte en zo. Ik ben haar dan maar gaan halen om vier uur, na school, want de week voor de examens nog lessen verliezen, da’s niet alles.

Maar vandaag, net toen ik terug thuis was van een uurtje lesgeven, rond half elf, belde de lagere school dat Wolf serieuze diarree had, dat hij al zes keer naar het toilet was gelopen. Ik vroeg me af of het soms kon zijn van het speciale gezonde schoolontbijt deze morgen, en de secretaresse ging nog even horen in de klas. Tien minuten later belde ze terug: het was wel degelijk meer dan wat teveel gegeten, want hij had net heel zijn bank ondergekotst. Ik ben hem dan maar gaan halen, en heb in allerijl mijn ma opgetrommeld, want ik moest om twaalf uur opnieuw lesgeven, en had eigenlijk wel nog wat werk gepland tussenin. Zij is hem komen halen, en ik kon verder lesgeven.

Om vijf uur ben ik dan maar eerst Wolf op gaan halen, tegen zes uur Kobe, en tegen half zeven Merel die nog niet veel gegeten had, maar niet overgegeven had ook.

Hopelijk morgen iedereen weer beter. Ik moet in elk geval niet lesgeven, maar heb wel nog stapels werk. Laatste week voor de examens, weetuwel.

Beetje moe

Zoals de titel al zegt, ik ben een beetje moe. Gisteren was er dus Merels feestje, en was het nu het iets andere eten, of de vele aandacht, of iets dat zit te broeden?

In elk geval is ze vannacht plots luid beginnen huilen, en toen bleek het omdat ze overgegeven had, heel haar bedje vol. Gelukkig slaapt ze op de plastieken kant van haar matrasje, en was dat dus makkelijk schoon te maken. Haar deken lag gelukkig al niet meer op haar. Bart heeft me wakker geroepen – hij was degene die was gaan kijken – en samen hebben we dat probleempje aangepakt. Bart troostte haar en kleedde haar uit, terwijl ik al een badje liet lopen, en terwijl hij haar zachtjes waste in het warme water, ververste ik haar bedje en bracht verse kleertjes. Hij droogde haar af en kleedde haar opnieuw lekker warm aan, en intussen zaten de vuile spullen al in de wasmachine. Zodat we eigenlijk alledrie ongeveer tegelijkertijd weer in ons bed lagen.

En deze morgen alledrie even moe.

Ugh.