Vaccin!

Jawel, de eerste zit erin!

Deze namiddag reed ik richting Flanders Expo, en inderdaad, ik kan alleen maar bevestigen wat zovelen me al verteld hadden: het is schitterend georganiseerd!

Bij het oprijden werd me gevraagd of het voor een vaccin was, mijn parkeerplaats werd me toegewezen, een andere steward wees de weg naar de voetgangerstunnel, nog eentje aan het eind van de tunnel – hij stond onder een parasol wegens te veel licht – wees me de ingang, en daar werd mijn vaccinatiebrief gescand. Nog iemand anders wees me de correcte gang en het juiste nummer, en daar werd ik opgevangen door iemand die me zei even te wachten. Een dame leidde me naar een hokje, en daar, eindelijk, een verpleegster met een spuit.

Ik heb haar even gewaarschuwd over mijn gevoelige nervus vagus, en ze vroeg me, enigszins bezorgd, of ik dan niet liever had dat ze er een echte dokter bij haalde? Nah, hoefde niet voor mij, zolang ze maar niet in paniek zou slaan als ik zou flauwvallen. Gewoon laten liggen, zei ik, ik ging wel weer bijkomen.

Maar nee, geen enkele reactie op de inspuiting, des te beter.

Ik ging nog een kwartiertje in de wachtzaal zitten, en dat was dat.

Vakkundig, efficiënt, zeer zeer vriendelijk, overal hulpvaardige gezichten, en vooral ook mensen met een grote glimlach. Want ja, we zijn al één keer gevaccineerd. Oef.

Yes!

Daarstraks liep er een smsje binnen: de uitnodiging voor de vaccinatie! Hier in Gent krijg je geen vast uur, maar moet je inloggen en kan je zelf kiezen wanneer je gaat.

Ik kwam thuis van het werk, logde in en legde vast voor maandag 14.54 uur. Bart had quasi gelijktijdig zijn uitnodiging gehad, maar in plaats van romantisch samen onze prik te gaan halen, komt hij ’s avonds van kantoor en gaat hij dan langs gaan.

En blijkbaar is het voor ons Moderna, wat ervoor zorgt dat we binnen een maand prik twee moeten halen, 29 juni, een week voor we naar Frankfurt gaan.

Dik in orde, zou ik zo zeggen. Laat die zomer maar komen!

 

Eindelijk weer 100%

Jawel, ik popelde al het hele weekend van pure anticipatie: eindelijk weer volle klassen voor mijn neus! Gisteren mochten voor het eerst sinds november de tweede en derde graad weer voltijds naar de klas.

Geen gedoe meer met laptops en live streams, geen lesgeven meer op twee snelheden, met aandacht voor de klas én voor het scherm thuis. Geen gereken meer met blaadjes uitdelen – ik zag mijn leerlingen een week niet, een week wel – en uitrekenen wie wanneer op school was voor toetsen en dergelijke.

Ik geef toe: het deed wel wat vreemd. Plots 24 lange slungels voor mijn neus in een groter lokaal – ha ja, we waren gewisseld na de herfstvakantie met een groep van 21 eerstes, maar in dat lokaal kan ik niet binnen met deze groep – en vooral: een gevoel van drukte, van veel, en ook wel meer geroezemoes. Bij mij mogen ze al eens iets zeggen, zolang ze de lessen niet storen, maar met 24 is dat al een pak moeilijker dan met 12 natuurlijk.

De leerlingen vonden dat zelf ook: alles was veel voller, veel drukker, veel… benepener, niet alleen de lokalen, maar ook de gangen, de speelplaats… Ze vonden het moeilijker om afstand te houden als ze dat wilden.

Maar ik heb met hart en ziel filosofie gegeven, zonder telkens naar dat scherm te moeten kijken om zeker te zijn dat ze ook mee waren thuis, en ik kon gewoon… voluit gaan. Mezelf zijn als leerkracht. Allez ja, met nog de toch wel behoorlijke beperking in mimiek door dat mondmasker, maar het verschil is al zodanig groot dat ik daar nu echt niet moeilijk over ga doen.

Echt…

Toen gisteren het bericht binnenkwam dat de scholen toch niet 100% gingen overschakelen naar contactonderwijs, maar dat we nog even half/half gingen blijven, heb ik zitten huilen achter mijn computer.

Echt. Waar.

Ik heb het gehad.

Ik wil lesgeven, ik wil de gezichten van mijn leerlingen zien, ik wil ze zien lachen, ik wil lichtjes in die doffe ogen zien, ik wil ze kunnen enthousiasmeren, ik wil ze dingen kunnen aanleren, ik wil hen daar gretig op zien ingaan, ik wil ze zien lachen, ik wil ze plezier zien maken, ik wil ze jong zien zijn, ik wil ze zien lachen.
Wanneer is deze, helaas zo noodzakelijke, levenspauze gedaan?

Echt.

Lenteterras

Sociaal doen in deze coronatijden, het is een uitdaging. Toen ik vorig weekend hoorde dat we een paar dagen echt zomers weer gingen krijgen, deed ik meteen een oproep op Facebook:

Lieve mensen, volgende week wordt het een aantal dagen stralend weer.
Ik heb sommige mensen al veel te lang niet gezien, en ik heb nog steeds een fijne tuin met een bijzonder aangenaam terras. Bij deze zijn jullie uitgenodigd om een koffie, een thee, een gin-tonic of om het even wat te komen drinken, op voorwaarde dat ge eerst met mij afspreekt en dat we met maximaal vier mensen zijn.
Ik heb nood aan doodgewone, ongedwongen babbels.
Consider yourselves invited.
Veel reactie kreeg ik helaas niet: de meeste mensen moesten uiteraard werken. En twee dagen heb ik sowieso al cachend doorgebracht en een andere al vergaderend.
Maar gelukkig kon ik rekenen op een ouwe getrouwe die regelmatig komt koffiedrinken, en die ook al in de winterkou aan het vuur was komen zitten.
Annick, het was andermaal zeer gezellig, en vooral: het deed deugd om nog eens iemand te zien die niet minderjarig of een collega is.
Merci!

Juf

Jef Groffen, de directeur van een basisschool, schreef het volgende, en ik voel me precies zo, ook al sta ik zelf in het middelbaar.

Kan een afbeelding zijn van 1 persoon

Mijn Juf

Het raam nog verder open
De bubbel meer geïsoleerd
We eten even buiten
Wat mama heeft gesmeerd

O ja die ene net geplande uitstap
Gaat nu toch even niet door
Nooit samen op de speelplaats
Andere kinderen zijn te goor

In de klas blijft het een feestje
Rijtjes, afstand en frontaal
Zolang je maar blijft leren
En ik mijn doelstellingen haal

Mijn juf die ploetert verder
Schrapt haar koffiepauze prompt
Alle verwijten over werkdruk
Zijn pandemisch ongegrond

Want uit haar rugzak haalt de juf
Een portie nieuwe energie
Ze blijft zichzelf splitsen
Klein krijgen dat doet men niet

Gelukkig is de juf gezond
En kan ze dus blijven gaan
Wat daar buiten ook gebeurt
In de school daar blijft men staan!

altijd.

Eén hobby…

Merel heeft het er bij momenten wel lastig mee, met die “één hobby” regel per kind.

Voor de inhuizige pubers was er minder een probleem: Wolf doet al een tijdje geen muziekles meer, en de rugbytraining is op zich wel weer opgestart in kleinere groepen, maar Wolf vindt het sop de kool niet waard. Hij vindt het veel te risicovol om daar met compleet onbekende mensen full contact te gaan, en ik geef hem daarin gelijk. Ze trainen wel, maar er is toch geen competitie momenteel.

Kobe doet geen sport meer, maar fagotles mag gelukkig wel omdat dat apart is en de leraar afstand kan houden. Het wordt trouwens ook gezien als les, niet als hobby. Zijn orkest, het GEJO, staat dan weer al bijna een jaar on hold: dat kan natuurlijk niet doorgaan met al die spelers in één ruimte die dan nog eens enthousiast aan het toeteren zijn.  Scouts doet hij intussen wel, als enige activiteit: twee keer per maand buiten in een groepje van tien, dat is netjes afgemeten en geregeld.

Maar Merel heeft het er wel lastiger mee. Muziekles mag nog omdat ze maar met tien zijn onder de twaalf jaar. De twee iets oudere krijgen apart les, niet in groep. Ook haar blokfluitles mag doorgaan: twintig minuten in plaats van een uurtje, dus apart en niet met drie samen. Tsja. Niet zo erg. En zoals gezegd telt dit niet als hobby maar als les.

Maar daarnaast doet ze nog een uurtje dans op vrijdag en normaal gezien op zondag de scouts. Aangezien dit wel in groep is, mag ze maar eentje kiezen, en dat is dans geworden. Dat doet ze met haar beste vriendinnen, en die scouts, daar zitten die vriendinnen ook wel in, maar da’s in een grotere groep en altijd buiten en dus een pak kouder. Eén vriendinnetje heeft atletiek gekozen in plaats van dans en volgt de les van thuis uit. Dat dat kan, vind ik fantastisch: de juf zet ook daar een camera op en ze kunnen volgen.

Een andere vriendin heeft twee keer dans en twee keer scouts gekozen, maar Merel wilde toch liever gewoon dans. Allez, liever allebei, maar dat kan nu niet. Ik ben al lang blij dat ze ook de muziekles en blokfluit mag blijven doen.

Zucht.

Ik heb zo’n medelijden met de kinderen en jongeren momenteel. Onbezorgd kind of puber zijn zit er niet in. Ugh.

Liefste school

Begin februari stuurde Lieve Oosterlinck, mama van twee leerlingen bij ons op school, de school een brief. Vier weken later heeft die brief nog niks aan actualiteit ingeboet, integendeel.
We mochten die delen, en de brief heeft me zo hard geraakt dat ik hem ook hier wilde delen.

Liefste school

Van een puber in coronatijden
Wordt moeiteloos verwacht
De woelige en unieke zoektocht
Naar zijn eigen ik
Naar zijn eigen zijn
Naar zijn eigen kunnen
Naar zijn eigen willen
Te ‘kunnen’beleven
Binnen de gekende en vertrouwde muren
Van de eigen gezinsbubbel

En net tijdens de puberteit‘
roetsjt’ de puber door zijn leven
Op een onverkende roetsjbaan
Het ene moment angstaanjagende snel
Het andere moment tergend traag
Het ene moment met een mooi uitzicht
Het andere moment door een dor landschap
Het ene moment onder een stralend zuivere hemel
Het andere moment onder dreigende onweerswolken
Het ene moment in volle openheid
Het andere moment door een donkere tunnelbuis
Het ene moment comfortabel glijdend
Het andere moment met verbrande billen
Het ene moment vol geluk
Het andere moment vol verdriet

En laat het nu net bij dit ‘roetsjen’ zijn
In de zoektocht naar het ‘eigen zelf’
Dat ‘dé ander’ zijn betekenis heeft
Dé ander, de collega-puber
die onvoorwaardelijk ‘mee-roetsjt’
die zorgt voor ontmoetingen op veilig ‘niemandsland’
die eindeloos meepraat over waar het tijdens het roetsjen écht over gaat
die zorgt voor uitdagingen
die mee zoekt naar wat een ‘ja’ en een ‘neen’ waard is in het leven

En ook tijdens deze coronatijden
Gaat voor een puber het roetsjen door
De gezonde en normale zoektocht naar het ‘eigen zelf’
Kan door geen enkele maatregel stil gelegd worden.
Het proces van zoeken, knopen ervaren, evenwicht verliezen
Gaat onverminderd door.

Maar in deze tijden
Wordt het samen kunnen en mogen roetsjen
Even ‘on hold’ gezet
Echte emoties worden verborgen achter het mondmasker
Echte relaties worden omgezet in online connecties

Maar ook in deze tijden
Hebben pubers de kans nodig
Om hun roetsjen te beleven
Om hun eigen muren te doorbreken
En te gluren naar het onbekende
Samen met die betekenisvolle ‘ander’

Beste school

Al maandenlang zijn jullie noodgedwongen
Dé enige plaats
Waar de puber nog ‘oogcontact’ ervaart ‘in het echt’
Alle andere ‘opgroeiplaatsen’
Werden plots verboden terrein

Veel pubers glijden langzaam weg
Eenzaam op hun roetsjbaan
Maar ze slaken geen kreet
Enkel de doffe ogen
Verraden hun diep geworstel
De mondhoeken zitten immers als maandenlang
Veilig verborgen onder het mondmasker

Liefste school

Natuurlijk zijn de huidige maatregelen noodzakelijk
Dat kan een puberbrein zeker aanvaarden
Maar misschien lukt het voor jou, school
Om te beseffen dat je plaats en positie
Ook plots sterk is veranderd
Misschien lukt het om de koers van je boot even aan te passen
Om de leerlingen die ongemerkt en stil uit de boot zijn gevallen
Terug op te vissen
Misschien lukt het om je leerlingen ruimte aan te bieden
Om hen gerust te stellen
Dat roetsjen als puber normaal en gezond is
Misschien lukt het om je leerlingen
Knopen te helpen ontwarren
In hun zoektocht naar hun eigen ik.
Misschien lukt het om hen ruimte te geven
zodat ze ervaren dat ze over zichzelf en samen met de ander
zoveel kunnen leren
Misschien lukt het om vanuit je sterktes in het schoolteam
Schouders aan te bieden om op te huilen
Handen te geven die kunnen helpen
Harten te delen vol energie en positieve moed

Misschien lukt het zelfs
Om de talloze smartschool-berichten met ‘objectieve’ cijfers
Even langzaam te laten uitdeinen
En plaats te maken voor smartschool-berichten
Waar het echt over gaat
Over de leerling achter de cijfers
Zoekend –vindend, wanhopig –hoopvol, moedeloos –vol energie, verdrietig –blij
Over de leerling
Op zijn roetsjbaan
Op zijn weg naar zijn echte wereld

Liefste school

Het ga je goed!

Lieve Oosterlinck (1 februari 2021)

Kerstkaartjes

Ja, ze hangen hier nog steeds, onze kerstkaartjes. We hebben er elk jaar wel enkele, en ik vind dat ook heel leuk om te krijgen. Maar nu, met die corona en dus onze extreme beperking aan sociaal contact, heb ik er een stuk of dertig uitgestuurd. Niet echt goedkoop, als je het tarief van de postzegels en zo bekijkt, maar wel de moeite waard.

Ik heb er vooral een stapel terug gekregen: kaartjes die gewoon in de bus zaten, in mijn vakje op school of effectief in de brievenbus. Ze hangen centraal aan een slinger in onze woonkamer en ik heb er van genoten, ja.

Maar ik denk dat het nu toch stilletjesaan tijd wordt dat ze eraf gehaald worden. Wisselen voor een paasboom, zeker?