Omdat het de laatste weken echt druk was, hebben Bart en ik elkaar niet echt zoveel gezien. En dus nodigde hij me uit om vandaag samen met hem te lunchen in de Volta, want zondag vertrek ik tot vrijdagavond op studiereis naar Napels. Op zich kijk ik daar erg naar uit, maar ik ga mijn dierbaren wel missen, dat weet ik nu al.
Wolf kwam thuis van de gitaarles met de boodschap dat hij van zijn juf naar Jimi Hendrickx moest luisteren. Ik trok even mijn wenkbrauwen op, maar liet hem inderdaad dan maar All along the watchtower en Voodoo Child horen.
Maar ik vind Jimi zeker niet de beste gitarist die er is, en ik vond dat er dringend aan Wolfs opvoeding mocht gewerkt worden. En aangezien Prince nog vers in het geheugen lag, samen met de onliner van Eric Clapton, toen die de vraag kreeg hoe het voelde om de beste gitarist ter wereld te zijn: “I wouldn’t know, you should ask Prince”, liet ik hem het volgende clipje zien (met Prince in een glansrol vanaf 3.29):
En toen was ik helemaal op dreef, en voegde ik er “Eruption” van Van Halen aan toe. En wat Clapton. En een streepje Satriani. En een vleug Santana, en…
En toen vond Wolf het welletjes, en ging hij iets anders doen. Diep onder de indruk, overigens.
Kobes haar moest dringend af, en nu hij gezien had wat de kapper met Wolfs haar kon doen, wilde hij dat ook wel. Na het middageten reden we dus fluks richting Wondelgemstraat en kapper Erkan. Kobe vond het eigenlijk wel spannend, want het was voor hem de eerste keer ooit dat hij bij de kapper zat en het dus niet zijn mama was die zijn haar onder handen nam (lees: erover ging met de tondeuse).
Het resultaat mag best gezien zijn, en het viel me vooral op hoe beide broertjes op elkaar lijken, eigenlijk feitelijk.
En toen was Merel helemaal geïnspireerd geraakt, en wilde ze zelf ook kapster zijn. Wolf zag het helemaal zitten om haar te helpen, en dus belandde ik plots in een heus kapsalon, waar vervaarlijk met schaar en tondeuse boven mijn hoofd werd gezwaaid. Merel vond het zalig!
Sommige dagen zijn eigenlijk gewoon echt gevuld. Lesgeven, over de middag nog dingen van administratie in orde brengen en zo, meer lesgeven, een lange vergadering rond onderzoekscompetenties, even langs de supermarkt, snel naar huis, eten, Wolf naar de gitaarles brengen, Merel in bed steken, was insteken, Wolf afhalen van de gitaarles, Kobe in bed, administratie in orde brengen, mail beantwoorden, schoolblog updaten, Wolf in bed steken (dat vindt hij nog steeds de max) en dan zelf tegen een uur of tien stilvallen.
En u dan afvragen waarom ge moe zijt op een doodgewone dag…
Het is echt ongelofelijk hoe zen je wordt van een weekendje larp, zelfs als daar een opendeurdag tussen zit. Ik heb het al eerder gezegd: zo’n weekend is het ultieme escapisme, en ik geniet er dan ook 100% van. De buitenwereld bestaat even niet meer, enkel nog de spelwereld, in dit geval de vikingwereld van Anir, en meer bepaald het Woud van Arduyn in Heimar.
En je weet pas echt dat het een goed weekend was, als je er maar niet over uitgepraat raakt. Als je terug wil naar die imaginaire vrienden, als je terug aan dat kampvuur wil gaan zitten, en als je dus blijft chatten met mensen van het weekend, hen quasi aanspreekt als hun personage, en de fotopagina maar blijft refreshen in de hoop dat er iets verschijnt.