Vakantie! En route! Naar Boulogne-sur-Mer, dan nog.

Omdat de oude weg ons zo was bevallen tussen Oostduinkerke en Duinkerke, en omdat we eigenlijk sowieso langs de kust wilden rijden, reden we dus op ’t gemakje richting Boulogne, heuvel op, heuvel af. We doorkruisten Gravelines (Grevelingen), maar hadden niet echt zin om er ook effectief te stoppen en rond te gaan lopen. We hebben heel eventjes halt gehouden op het marktplein, nochtans, maar dat was eigenlijk gewoon om onze in Duinkerke gekochte kaartjes te schrijven en op de bus te doen. Ha ja, want als ge maar drie dagen weg zijt, moet ge u daarmee haasten, newaar!

Het zag er nochtans wel een knap stadje uit, zo met van die omwallingen, maar we vonden dat het nogal een hoog Damme- of Sluisgehalte had, en dus hoefde het niet echt. Er lag namelijk ander en beter in ’t verschiet.

Gravelines

Want waar we naartoe wilden, dat waren de kapen. Om te beginnen Cap Blanc Nez. Best wel indrukwekkend, maar we waaiden bijna weg, en het kon elk moment weer beginnen motten. Maar het feit dat de grond onder je voeten doordrenkt is van het bloed van zovelen, dat kan je gewoon niet negeren op zo’n plek, en dat maakt je stil.

Blanc Nez1

Blanc Nez2

Blanc Nez3

En we reden verder, door alleraardigste dorpjes, en slingerden ons een weg omhoog (achter een mobilhome, jammer dat sidewinders nog steeds niet sociaal acceptabel zijn) naar Cap Griz Nez. Alwaar de zon een wanhopige strijd leverde met de wolken, maar toch af en toe het pleit won, en wij zowaar een kleine wandeling maakten. Het licht op de zee was prachtig…

Griz Nez1

Griz Nez2

Enfin, het zicht werd er niet helderder op, het was al tegen zessen, en dus reden we maar meteen stevig door naar Boulogne. De dame van de chambre d’hôte was… nogal direct. Ik belde aan, ze deed open, ik zei mijn naam, en zij antwoordde: “Ah! Et qu’est-ce que vous voulez boire?” Omdat we nog midden in de gang stonden, moet onze blik wat verward geleken hebben. “Ah oui, demain matin, qu’est-ce que vous voulez boire?” Zoals Bart het later uitdrukte: ze vond wellicht meer plezier in het versieren en decoreren en uitdossen van haar B&B dan in het echt ontvangen van gasten. Enfin, na ons gestameld antwoord nam ze ons mee, twee verdiepingen hoog via een steile trap, naar een kamer die op zijn minst zoet eruit zag en zelfs zo rook (ik heb het potje wierookstokjes in geuressence snel in de gang gezet). Ze was geschilderd in het frambozenrood, met overal van die kleine detailtjes in decoratie, tot en met het bloemenmotiefje van de kussens herhaald in de stoffen overtrekken van de kleerhangers. 

Leshauts1

Leshauts2

Leshauts3

Het thema van het hele huis was paars, en ik mag dan nog behoorlijk zot zijn van die kleur, dit was er grandioos over. Man! The pics don’t do the purpleness any justice. At all.

Leshauts4

Tsja. Maar we waren wél in Boulogne, met ons tweetjes. En dus lagen we van de kamer niet echt wakker.

Vakantie! Duinkerke!

Om acht uur werd Wolf vakkundig in de gietende regen afgezet aan het station voor zijn scoutskamp, en om tien uur werd Kobe gedropt bij oma en opa om daar drie daagjes te blijven. Vervolgens tuften we met Merel naar Oostduinkerke, en lieten we haar breed glimlachend achter bij (mijn tante) Klaartje en (nichtje) Eva in hun appartementje aan zee. Ik weet eigenlijk nog steeds niet wie van de drie het meest straalde.

Dat betekende dat Bart en ik om kwart over elf in een Oostduinkerkse tearoom een koffie dronken, zomaar met ons tweetjes, en gigantisch uitkeken naar drie dagen vakantie zonder kinderen. Voor het eerst een nacht zonder kinderen sinds ons weekje New York in 2008, trouwens (als we dat ene daagje eind mei niet meerekenen).

In een lichte druilregen reden we blijgemoed naar Duinkerke, vastbesloten te genieten van die drie Franse daagjes vrijheid. Ik zie mijn kinderen doodgraag, maar soms, soms heeft een mens al eens behoefte aan wat tijd voor zichzelf en zijn lief, nee? De weg ernaartoe was alvast prachtig: we wilden de autostrades vermijden, en namen dus de oude wegen, die ons in dit geval langs een oud kanaal voerden, met prachtige landschappen links en rechts.

In Duinkerke was het grijs, maar regende het gelukkig niet meer. We parkeerden onder de grote markt, hopten het Office du Tourisme binnen voor een plattegrondje, en gingen eten in een drukbevolkte brasserie, wat eigenlijk altijd een goed teken is. En jawel: voor 16,40 euro had ik een gigantische Noordzeesalade, een drankje, en een café gourmand. Man, wat een heerlijke en reusachtige salade, zeg! Mijn vakantie was meteen goed begonnen^^

Duinkerke1

Duinkerke2

Ter compensatie gingen we rondlopen in de stad, en in het Office du Tourisme had men ons een havenwandelingetje aangeraden. Tsja… Zo speciaal vond ik het eigenlijk allemaal niet. Van autovrij en dus voetgangersvriendelijk was er eigenlijk geen sprake, en zo knap qua omgeving staan die gebouwen daar nu ook weer niet. Jammer!

Duinkerke3

Duinkerke4

Duinkerke5

Duinkerke6

Die boot intrigeerde me wel, en het bleek een vuurtorenboot te zijn, een van de velen die ze vroeger inzetten op de zich verplaatsende zandbanken. Wijs!

Enfin, tegen drie uur hadden we het er wel gezien, en reden we via de ‘scenic route’ richting Boulogne. En wat voor een route!

Park Claeys-Bouüaert

Een vrije, vrij zonnige en mooie dag, en wat doet een mens dan? Gaan wandelen, tiens. Omdat ik de vorige keer onder mijn voeten had gekregen dat ik mijn ma niks had laten weten, deed ik dat deze keer wel, en dus stonden mijn ouders ons om half vier op de parking van het Claeys-Bouüaert in Mariakerke op te wachten.

Ik heb er een blogpost over geschreven op Gentblogt, maar hier krijgt u van mij nog de familiefoto’s van de dag, want die staan uiteraard niet in de algemene post. Die vindt u overigens hier terug.

park01

park02

park03

park04

park05

park06

park07

park08

park09

park10

park11

park12

park13

park14

Vakantiebezigheden

Zo een ganse vakantie uw kinderen bezighouden, het is een job als een ander. Want als je het niet doet, vervelen ze zich steendood, en beginnen ze ruzie te zoeken met elkaar. Niet dat ik ze van ’s morgens tot ’s avonds bezighield, verre van, maar toch ongeveer een activiteit per dag.

Maar soms moet het niet meer zijn dan een vriendje dat komt spelen. Dan bouwen ze een kamp, tonen elkaar (in de beperkte schermtijd die ze krijgen) een nieuw spelletje, spelen ze Lego Heroica, dat soort dingen. En dan komen ze vooral niet aan uw kop zagen, en blijken ze zich schitterend te amuseren. Zelfs met uw fototoestel, zo bleek achteraf.

Lander1

Lander2

STAM

Voor de niet-Gentenaars: nee, ik ben geen boomknuffelaar geworden, ik heb het – uiteraard – over het Gentse Stadsmuseum. Vandaag hadden we nog niet direct plannen, en ik wilde de kinderen ook niet de héle dag op die Nintendo 3DS laten spelen. En dus gingen we na de middag, met een omweg langs de Zeeman om breiwol (ik ben een vest aan het haken, ik schrijf er nog wel over) en de Game Mania om de laatste Skylander, richting Stam.

Ik heb er – hoe kan het ook anders? – een verslag over geschreven voor Gentblogt, en u kan het hier vinden:

Het Stam met kinderen.

Eigenlijk hadden we gerust nog langer kunnen blijven, denk ik, maar ik wilde op tijd thuis zijn om Mereltje te halen en zo. En voor de jongens was het al bij al alweer een fijne dag, zeiden ze.

Rozebroeken

Vorige week kwam Bart plots af: “Zeg, als ik nu dinsdagnamiddag eens vrijaf neem, zodat we samen naar de Rozebroeken kunnen gaan zwemmen? Wat denk je?” De jongens sprongen een gat in de lucht. Ik had sowieso gepland om vandaag te gaan zwemmen met hen, maar met papa erbij is dat nog véél leuker!

Merel moest in de crèche blijven, het dutske, want ook al speelt ze heel graag in het water, zo’n recreatiebad als dat van de Rozebroeken is niks voor haar. Enfin, er zijn wel genoeg plonsbadjes met speelgoed, maar dan moest er altijd een van ons bij haar blijven, en dat was niet de bedoeling.

We gingen eten in het Lepelblad

lepelblad

en reden daarna naar het zwembad.

Ik schreef er een uitgebreide bespreking over voor Gentblogt, en die kan u, mét foto’s, hier lezen:

Gentblogt: zwembad Rozebroeken

Daarna wilden we wel een vieruurtje, en trokken we de trap op naar Rest-eau-Café. Best gezellig zitten daar, overigens.

rest-eau

Wolf wilde een ijsje, Kobe nam een pannenkoek (drie euro voor twee grote pannenkoeken met suiker, goeie deal!), Bart ging voor verse fruitsla, en ik, ik twijfelde. Ik had nog wel wat Weight Watcherspunten over, en had wel zin in een dessertje. En toen zag ik ‘ijssoezen’ staan. Hmm. Meestal is dat dan een coupe met een soesje of vier, overgoten met wat chocoladesaus. Ach ja, dat moest wel kunnen.

En toen kwamen ze met dit af:

rest-eau2

Om te weten hoe groot die soezen wel waren, moet je maar eens naar de vorken kijken. En nee, dat zijn geen dessertvorkjes. De slagroom heb ik laten liggen, net zoals een deel van de chocoladesaus, maar de rest heb ik toch binnengespeeld. En ’s avonds heb ik één boterhammetje en wat fruit gegeten. Meer was trouwens niet nodig, na die soezen had ik nauwelijks nog honger. Amai zeg.

Enfin, het was een fijne middag. Welzeker.

De Tuin van Kina

Wat doet ne mens op zo’n rustige maandag in de vakantie? Tsja… Veel musea zijn er niet bepaald open. En dus gingen wij in de voormiddag op zoek naar breiwol, even bij mijn grootmoeder langs, om boodschappen, en dan na de middag (en een heus watergevecht met de nieuwe waterpistolen) naar de Tuin van Kina, hier in Gent, op amper vijf minuten rijden van ons deur.

Ik heb er een artikel voor Gentblogt over geschreven, met een massa foto’s. Ik zie het niet zitten om al die foto’s hier ook nog eens in te gaan zetten, dus je moet het artikel hier maar gaan lezen:

De Tuin van Kina.

Alvast één fotootje krijg je wel, en da’s er eentje dat ginder niet staat, omdat het te persoonlijk is voor een stadsblog. Enfin, vind ik toch.

201304_kina22

Opruimwoede

Nu ja, woede kan ik het niet noemen, eerder bittere noodzaak.

Mijn bureau was gisteren aan de beurt, en dat was ook dringend. Zelfs Zapnimf had opgemerkt, zo langs haar neus weg: “Zeg, kunt gij daaraan werken? Nee toch?”

Enfin, speciaal voor haar dus ten getuige:

bureau

Daarna zijn de jongens en ik ook in hun kamer in actie geschoten: zij hebben alle oude ‘kunstwerkjes’ uit hun schuiven gehaald, gefotografeerd wat ze leuk vonden, gehouden wat ze echt wilden, en de rest weggegooid. Alle schuiven zijn uitgemest, hun boekenrekken in orde gezet, de kasten en  bedden van plaats veranderd omdat het vakantie is en ze naast elkaar wilden slapen, het bureau opgeruimd, en alles eens grondig gekuist.

Het resultaat mag er best zijn:

jongenskamer3

jongenskamer2

jongenskamer1

Daarna zijn ze nog met het speelplein gaan zwemmen, en ze waren compleet steendood toen ze terugkwamen. Daarom hebben we deze morgen verdergewerkt, nog voor we naar de Ikea zijn getrokken, en uiteindelijk in de namiddag alles afgewerkt.

Go us!

Pretland zonder zebrapad: Vlaamse kafka

Een paar dagen geleden kreeg ik een SMSje van een vriendin: of de jongens geen zin hadden om naar het verjaardagsfeestje van Bo te komen, in Pretland. Ze had samen met haar beste vriendje twaalf kinderen uitgenodigd, maar er konden er amper twee, door de paasvakantie vermoed ik. En een verjaardagsfeestje met vier is een beetje zielig, nee? Mijn jongens zeiden volmondig ja: Bo mag dan amper vijf worden, de jongens zijn zot van haar, en vice versa. En Wolf gaat perfect met kleintjes om, dus ook daar was niet direct een probleem.

Ik heb dus de jongens om iets over elf in een bijzonder rustig Pretland afgezet, ben zelf naar huis gereden, heb wat werk verzet, ben ze om drie uur weer gaan ophalen (moe en bezweet, zo moet dat), en ben dan met hen te voet de spoorwegbrug aan de Wiedauwkaai overgestoken, om ze ietsje verderop op het speelplein af te leveren. Ik had gevraagd of het een probleem was dat ze een uurtje later kwamen, en dat bleek perfect te kunnen. Er moesten nog zaadbommen gegooid worden op het terrein van Loods 21, vandaar.

Maar wat ik dus niet snap, is dat er geen zebrapad kan komen daar aan de Wiedauwkaai. Het is daar ongelofelijk gevaarlijk, maar toch steken er massa’s fietsers over, want het is een heel mooi fietspad en de officiële noord-zuid-fietsverbinding. Ik heb me laten vertellen dat het te maken zou hebben met het feit dat de brug van Infrabel is, en in feite niet mag gebruikt worden door voetgangers en fietsers. Er staat effectief ook een verbodsbord voor voetgangers, maar aan de andere kant zijn er wel weer hele mooie automatische hekjes en zelfs kleine rode lichtjes wanneer de brug opengaat, zo’n twintig minuten per uur.

Ik snap dat dus niet: het is weer zo’n typische hypocriete Vlaamse toestand: de officiële fietsroute gaat over die brug die in feite niet mag gebruikt worden, en dus kan er geen zebrapad komen. Terwijl er eigenlijk zelfs nood is aan voetgangerslichten, zo van die oranje pinklichten die op verzoek verspringen. Gans die Wiedauwkaai is een van de redenen dat ik niet per fiets met de kinderen naar het speelplein ga…

Gent: prachtige stad, maar er is nog werk aan de fietswinkel, zoveel is duidelijk.