Kaneelbroodjes

Geen idee waarom, maar plots kreeg ik zin om nog eens zelf iets te bakken. Op tv hadden ze het gehad over kaneelbroodjes, mmm. Alleen lusten ze hier thuis niet echt kaneel. Maar van die zoete broodjes zonder kaneel: toch ook lekker, toch?

Ik vroeg Bart rozijnen en pecannoten mee te brengen, en toen we met zijn allen naar de film ‘Soul’ begonnen te kijken, zat ik deeg te kneden. Goh ja, ne mens moet iets doen, zeker?

Het recept pikte ik van leukerecepten.nl:

Ingrediënten
1 ei
320 gr bloem + om te bestuiven
125 ml melk, warm (niet te heet)
30 gr suiker
1 zakje vanille suiker
1 zakje a 7 gram gedroogde gist
Snufje zout
40 gr boter
Vulling
4 eetl rozijnen
100 gr bastersuiker donkerbruin
2 theel kaneelpoeder
50 gr pecannoten, grof gehakt
40 gr zachte boter + in te vetten + om te bestrijken
Materialen
Ronde ovenschaal of springvorm van ca 22 cm doorsnede
Schone vochtige theedoek
Mixer
Bereiding
Doe de gist bij de warme melk en roer een paar keer om zodat er klonters ontstaan. Smelt de boter en mix deze samen met de suiker, zout, vanillesuiker en het ei tot een romige massa. Schenk de melk met gist er bij en mix kort. Voeg de bloem er bij en kneed met je handen tot een soepel deeg. Bestuif een kom met een beetje bloem en doe de deegbal er in. Dek af met een schone vochtige theedoek. Zet de kom op een warm plek en laat het deeg ongeveer 45 min rijzen. Mocht het niet lukken dan kun je de (ovenbestendige) kom ook in de oven zetten op 35 graden totdat het deeg verdubbeld is.
kaneelbrood1
Bestuif een werkblad met bloem en rol de deeg bal uit tot een rechthoek van 20 x 30 cm. Bestrijk de bovenzijde met zachte boter. Meng de rozijnen, basterdsuiker, kaneel en pecannoten door elkaar en verdeel over de laag boter. Rol het deeg vanuit de lange kant op en druk de naden zachtjes tegen elkaar. Snijd de deegrol met een scherp mes in 8 stukken. Leg ze op hun kant in een ingevette ronde ovenschaal of springvorm. Leg er eentje in het midden en leg de andere deegrondjes er om heen, laat wel een paar cm afstand van elkaar. Bedek met een vochtige theedoek en laat nog 30 minuten op een warme plek rijzen.
kaneelbrood2
Verwarm ondertussen de oven op 200 graden. Bak de broodjes in 18 minuten goudbruin. Haal ze uit de oven en bestrijk met een beetje boter voor een mooie glans. Ze zijn het lekkerst als ze nog een beetje warm zijn. Om te bewaren kun je ze het beste afdekken met aluminiumfolie en de volgende dag en paar minuutjes opwarmen in de oven.
Bij mij zag dat er dan zo uit:
Ik vond ze wel lekker, maar nogal zwaar en naar de droge kant. Tsja.
Maar ze zijn op geraakt hoor!

Metalen vloer

Sinds april 2014 ligt er hier in de keuken, de inkomhal en Barts bureau een stalen vloer. Ik ben daar eigenlijk nog altijd wreed content van, al kan het in de volle zomer, als we de blinden vergeten sluiten zijn, wel heet zijn aan de voetjes. Maar bon, da’s maar aan ene kant en geen onoverkomelijk probleem.

Wat een groter probleem was, was het gebrek aan zwarte boenwas. Want ja, ook zo’n vloer heeft onderhoud nodig, zijnde een laagje was. Dan geeft het niet als je er water op morst. Nu, ik vond nergens nog zwarte boenwas en de vloer stond dus kaal. Water dat bleef staan, gaf meteen roestplekken, en dat is niet direct de bedoeling.

Enfin, met de nodige hulp vond ik eindelijk in Nederland een bedrijf dat zwarte boenwas had én wilde verzenden naar België. Ik heb meteen 6 potten besteld ^^
Deze week is Kobe eraan begonnen: de vloer eerst grondig vegen en dan met een boenmachientje een verse laag was aanbrengen. Idealiter moet dat dan 10 dagen uitharden, maar dat is voor een vloer niet haalbaar.

Na een kleine 20 uur komt er al niks van kleur meer mee, en kon Kobe beginnen opblinken, het echte boenen dus. En de vloer, die kan er weer eventjes tegen.

Nu nog eens uitvogelen hoe we de grote roestplek aan de ingang kunnen aanpakken. Daar stond een plant die uitgelopen is, wat we niet gezien hadden, en dus is daar nu een grote roestplek. Als iemand suggesties heeft, laat maar komen!

Soep voor de olympiade

Tegenwoordig zorg ik dat er altijd verse soep in huis is: een kwestie van warme drank en vitaminen, zou ik zeggen.

Daarnaast is het deze middag Latijnolympiade, en ook al heb ik maar twee deelnemers, ze mochten kiezen welke ‘snack’ ik meebracht. Zoals elk jaar zijn ze voor de soep gegaan, en dus kreeg Bart de opdracht van mij: “Breng ne keer soepgroenten mee?”

Blijkbaar was dat iets te vaag om goed te zijn, en dus bracht hij een soeppakket mee om pompoensoep te maken. In tegenstelling tot wat ik dacht zijn dat dus geen afdankers qua groenten, een manier om hun ‘oude’ groenten weg te werken – zoals dat thuis eigenlijk wel het geval is – maar wel kraakverse ingrediënten, in casu een kleine flespompoen, twee wortels, drie sjalotten, een stukje gember, 2 bouillonblokjes en – tot mijn verbazing – een appel en een appelsien. Vooral naar die twee laatste was ik benieuwd, maar ik moet zeggen: best wel een lekkere soep, zij het vrij zoet. Ik ga er een volgende keer geen ganse appelsien meer bij doen.

En de olympiade? Er werd gezwoegd en gezweet, en een van de twee gaf halverwege op, het vlotte aan geen kanten. De andere had er net twee uur  chemie olympiade op zitten maar ging ook voluit voor het Latijn.

Blij trouwens dat ik die soep bij had: het was daar ferm koud, met de ramen open en zonder verwarming…

Quarantaine-eten

We zitten dus sinds maandag vrij onverwacht in quarantaine. Tsja. Intussen heb ik even opgezocht en mag je ook in quarantaine naar de supermarkt om voedsel te halen, maar dan zo kort mogelijk natuurlijk.

De eerste dagen – Wolf was ook echt ziek en we wilden liever geen risico nemen – hebben we het probleem zo kunnen oplossen met diepvries en dergelijke. Maandag hadden we nog overschotten allerhande van het weekend, dinsdag heb ik kalkoenrollade met ananas gemaakt, woensdag was het pizza van de Pizza Hut. Altijd een succes hier in huis, dat laatste.

Maandag had Bart meteen een bestelling gedaan bij de Delhaize Direct en die kon gisteren geleverd worden: meteen stond er een wokschotel op tafel. En vandaag was het een enorme schotel pasticchio: penne onderaan met daarop een heerlijke tomaten-gehaktsaus en bechamel.

Bart had gedacht dat dat voor twee dagen zou zijn, maar dat was buiten Wolfs vernieuwde eetlust gerekend: ik denk dat hij zowat de halve schotel heeft opgegeten. Dik in orde, hij voelt zich dus duidelijk beter.

Intussen heb ik ook de kokosrotsjes gebakken waarvan het deeg al een tijd in de diepvries zat:

Morgen gaat Bart gewoon boodschappen doen, kwestie van weer alles in huis te hebben dat nodig is. En je kan niet alles kopen met levering: brood zit er bijvoorbeeld niet in. Maar gelukkig heb ik een broodbakmachine waarmee ik de eerste dagen brood heb gebakken, en zat er per uitzondering ook nog een brood in de diepvries.

Nee, van de honger gaan we hier niet sterven in deze quarantaine. Verveling, da’s dan weer wat anders…

 

Potjes potjes potjes!!!

Ik vermoed dat ge dat thuis ook wel ergens hebt, zo’n kast of schuif vol plastieken potjes. Potjes van Tupperware, ijscrèmedozen, van die bakskes van den traiteur, gekochte dozekes uit den Aldi, geërfde stukken van uw grootmoeder…

Enfin, potjes dus.

Het probleem is eigenlijk niet zozeer die potjes, maar wel die dekseltjes. Want op het moment dat je een potje nodig hebt en het juiste formaat hebt gevonden, moet je ook nog dat bijhorende dekseltje vinden. Een dekseltje dat ergens anders onder zit, of gesneuveld is, of kwijtgespeeld… Frustratie alom.

Ik heb niet alleen een grote schuif met potjes, maar ook nog twee boorden in een kast en een verzameling in de berging. Véél te véél potjes dus. En ik dacht: ons pa puzzelt graag, het is zondag, laat ik die mens aan het werk zetten.

Hij begon er vol goeie moed aan, maar toen bleef ik maar potjes en dozekes bijzetten. En nog wat. En dan nog een paar. Hij werd stilaan simpel, en ik haalde er een grote blauwe zak bij voor alle kapotte of verweesde exemplaren. Samen zijn we eruit geraakt en ik heb ook een stapel potten die gewoon te veel waren, weggegooid. Tsja.

Maar nu heb ik een schuif met drinkflessen en dozen voor vieruurtjes, een stapeltje boterhamdozen in de berging en een schap met grotere dozen allerhande. En dat is dat.

Merci, pa!

Beetje teleurgesteld

Op woensdag moet ik niet naar school en kan ik dus koken tegen dat de kinderen thuis komen.

Maar daarstraks voelde ik me als in een restaurant, maar dan wel aan de andere kant: de kinderen kwamen thuis en schoven de voeten onder tafel. Ik voorzag hen van verse soep en quiche, en nog voor ik zelf klaar was met eten, waren ze alweer verdwenen. Met de tafel en het aanrecht een puinhoop, zelfs de glazen waren in niet in de afwasmachine gezet.

Ik heb dan alles zelf maar opgeruimd, maar jammer genoeg waren het tafelschuimers en hebben ze niet betaald in restaurant mama.

Tsja. Tieners.

Diepvriesperikelen

Onze diepvries was nog maar eens aan ontijzen toe. Vreemd eigenlijk, want er is zogezegd een no frost functie, waardoor hij niet zou mogen aanijzelen. Maar bovenaan, aan de twee bovenste vakken met klapdeurtjes, was er ongeveer 4 cm ijs, denk ik. Kobe had in elk geval per ongeluk het deurtje gebroken omdat hij het niet meer dicht kreeg.

Bon, afgelopen week hebben we vooral dingen uit de diepvries gegeten, en vandaag is Bart eigenlijk aan het grote werk begonnen. De ijskast stond op 2° en alles is naar daar verhuisd, en toen is Bart beginnen krabben. Met een steekmes, schroevendraaiers, alles wat nodig was. En ja, hij was voorzichtig dat hij niks beschadigde. Een paar uur later was zo goed als alles weg en was er enkel bovenaan nog een dikke laag doorzichtig ijs. Ik heb dan maar de haardroger bovengehaald, en toen smolt het als, jawel, ijs voor de haardroger.

Héélder emmers hebben we eruit gehaald, ik heb alles laten drogen en afgedroogd en de boel weer aangezet. En raad eens? Tegen ’s avonds lag er alweer een dun rijmlaagje op de bovenste ijzers. Meh.

Tot zover de no frost

Huisvrouwdinges

Dingen waar een Rombaut al eens goed gezind van wordt ’s morgens: een verrassingsontbijtje, zomaar, zonder reden, met gekookte eitjes en gesneden aardbeien en skyr en al. Liefje, ik zie u graag! Ik was nota bene nog net vroeg genoeg wakker om nog mee te eten met de rest – ik moet niet naar school op woensdag –  maar Merel had al een prachtig briefje voor me geschreven.

 

Koken hoefde ik niet te doen, er was nog genoeg van in het weekend, maar ik was on a roll en maakte meteen ook vanillepudding met speculoosjes en confituur van de gele pruimen die ik speciaal daarvoor op de markt gekocht had.

Zo af en toe heb ik eens een huisvrouwdagje, blijkbaar ^^