365 – 21 juli 2018 – minecraftles
Kobes, caches en confituur. En ook wel voetbal, ja.
Blijkbaar was het iets te veel voor Kobe de voorbije dagen: wellicht de warmte? In elk geval voelde hij zich gisterenavond niet zo lekker, heeft ook niet gegeten, en datzelfde geldt voor deze morgen en deze middag. Tot zover de plannen om samen naar ’t stad te fietsen en daar iets te eten. Goh ja, de vakantie is nog lang…
Ik wilde echter nog aardbeienconfituur maken, maar vond al een paar weken geen confituuraardbeitjes. Tsja. Op algemeen aanraden ben ik naar Ertvelde Tervenen gereden, toch wel een eindje weg, maar als ik dat kon combineren met cachen, waarom ook niet? Ik baande me een weg door de mais – die blaren snijden nog serieus! – sloeg wat tengels plat, en vond vier caches op toch wel hele mooie plekjes.
De aardbeitjes stonden niet goedkoop – 2.5 euro per bakje – maar waren echt wel topkwaliteit. Ik heb ze ’s avonds tijdens de match – ne mens moet toch iets doen, nee? – gesneden en in de pauze verwerkt tot confituur. Mooi meegenomen, en bijzonder lekker. En Kobe, die voelde zich een pak beter en speelde vlotjes een grote omelet binnen. Oef.
Vrolijk doorheen het Vlaemsche land…
Jawel, alweer een dag van kilometertjes, en dan vooral nog voor Bart.
Die ging namelijk zijn moeder halen in Ronse: 1.5 uur autorijtijd. Zij was bang dat haar voeten te veel zouden zwellen in de warmte, en wilde dus zelf niet meer rijden. Dat dat voor Bart 5 uur achter het stuur betekende, moest hij er maar bijnemen.
Ze bleef hier eten, samen met ons pa, maar die gooiden we tegen twee uur buiten, zodat we in twee auto’s naar Merchtem (bij Brussel) konden rijden voor het verjaardagsfeestje van Bo. Nog eens twee uur auto erbij dus.
Het feestje zelf was plezant: we konden de hele tijd buiten zitten onder de vaste luifel, er was taart, er was fijn gezelschap, en de kinderen konden spelen.
Maar tegen half zes, ook al zaten we nog gezellig te kletsen, moesten we weg: Wolf moet om zeven uur vertrekken richting Zeepreventorium, en dan hadden we nog een half uurtje om te eten, wat spullen te pakken en dat soort dingen.
De kinderen reden met mij mee, Bart reed rechtstreeks naar Ronse met zijn moeder, maar da’s eigenlijk ook via Gent, zij het niet Wondelgem.
Enfin, iets over zeven tufte ik dus met Wolf richting De Haan: nog eens twee uur auto voor mij erbij ^^
Er was nog net genoeg tijd voor het obligate ijsje en de foto van het beeld.
En dan hielp ik Wolf verhuizen: hij gaat een verdieping omhoog. Niet dat dat qua kamer veel uitmaakt, het is identiek dezelfde, maar op de eerste verdieping slapen de leerlingen uit het middelbaar, en beneden de kleintjes. Hij had eerst dus een kamer beneden, omdat boven alles volzet was.
Aansluitend ging ik – uiteraard – nog geocachen: ik geniet immens van die stille zondagavonden op mijn eentje. Met Wolf ware nog beter geweest, maar bon.
Ik deed er maar twee: Rondje Vlaanderen Bredene: een rondje met 8 tussenpunten langs de “esplanade” van Bredene, en dan terug via het strand. Het was niet meteen mijn mooiste toertje, maar wel heel mooi uitgewerkt, en zalig om te wandelen.
De cache zelf lag in het bos, en was een pareltje: eerst een “tool” zoeken, en dat bleek een holle boomstam te zijn met drie in elkaar te vijzen stukken van een lange roe met een haakje aan. De cache zelf bevond zich hoog in een boom en was naar beneden te halen via het eendjesvissysteem. Alleen was het intussen al behoorlijk aan het schemeren – al zeker in dat duinbos – en viel dat nog niet mee. In de cache moest je dan nog een raadseltje oplossen, en pas dan viel hij te openen. Mooi, mooi!
En dan moest ik nog anderhalve kilometer over het strand terug naar mijn auto, en was het intussen al na half elf. De zon was onder rond tien uur, en de lucht was ronduit prachtig!
De gelegenheid was trouwens ook ideaal om een tweede cache te zoeken: eentje diep op een golfbreker, die enkel te bereiken valt bij laag water, zoals nu rond elf uur. In het quasi donker, met mijn tas over mijn schouder, mijn sandalen in mijn ene hand en mijn gsmlichtje in het andere, waagde ik me op de glibberige golfbreker, om effectief een prachtige, waterdichte cache te vinden.
En hoe vaak kan je nog om half twaalf ’s nachts in een topje rondlopen op een Belgisch strand? Ik had een vestje bij en had het niet eens nodig.
Het was na half een toen ik thuis kwam, de gigantische file was intussen gelukkig helemaal verdwenen. Bart sliep uiteraard al lang, en ik kroop zachtjes tegen hem aan tussen de koele lakens.
Heerlijk einde van een fijne dag.
Gent – Mol – Balen – Geel – Gent
Ik ging een week lang slapen, weetuwel? Dat had ik hier gisteren nog vol overtuiging geschreven.
Ik was wakker om half negen, las nog een uurtje in bed, en kwam toen op ’t gemak de trap af, trok wat kleren aan, en ging buiten met de kinderen ontbijten. Heerlijk rustig, zonder haasten, een puur vakantiegevoel.
Tegen kwart over tien ging ik even aan mijn computer zitten, en scrollde lui door mijn Facebookmuur. Alwaar ik bij een vriendin een bericht opmerkte over een verkeerd adres op een brief, die gelukkig toch was toegekomen. Een doodsbrief, met daarop een bekend handschrift.
Een wenkbrauw ging omhoog. Hmm? Doodsbrief? Zou het? Nee toch? Ik had deze week nog met Annick gechat, ik wist dat haar moeder niet lang meer had, en ik dacht dat ze voorbereidingen aan het treffen was, zoals ik destijds heb gedaan in de laatste weken. Blijkbaar was mijn euro niet gevallen dat het al zover was, en was Annicks euro niet gevallen dat ik dat niet doorhad.
Ik liep naar de brievenbus, en jawel, gisterenmiddag moet de brief toegekomen zijn. Het was kwart over tien, en ik was dus uitgenodigd voor een begrafenis om 11.00 uur in Mol, op 1.20 uur rijden, en daarna op de koffietafel. Dat ging ik dus niet halen, maar bon, ik kon misschien nog wel een klein stukje van de dienst meepikken, en dan daarna wel aanwezig zijn voor Annick, en dat telde.
Ik ben dus als de wiedeweerga in deftiger kleren gesprongen, heb mijn boeltje bijeengegrabbeld, en ben naar Mol gereden, waar ik effectief om 11.40 uur nog kon aansluiten bij de herdenkingsdienst. Oef.
Het werd een intense, maar fijne koffietafel, en ik was oprecht blij dat ik er nog bij was. Had Annelies dat foutieve adres niet gepost, dan had ik het nooit op tijd gezien. Meh.
Enfin, ik was nu toch ginder in de Kempen, en blijkbaar was er een ongeluk gebeurd aan de Kennedytunnel met meer dan een uur file, dus wat kon ik beter doen dan te gaan geocachen? Ik verwisselde de lange zwarte rok met een jeans, en ging op pad in Mol, Balen en omstreken.
Vooral het toertje in en rond Ezaart kon me bekoren, maar ik ben te lang blijven zoeken bij een bepaalde cache, waardoor ik niet meer de tijd had om ze allemaal te doen. Maar goh ja, ’t is niet dat ik zo haastig was: ik wilde enkel naar huis om Wolf te zien, we hadden nog de hele avond.
En toen stond ik in Geel eentje te zoeken, toen mijn agenda me een verwittiging stuurde: straks om 19.00 uur D&D. Unk! Compleet vergeten! Ik sprong in de auto, belde naar Wolf met de boodschap dat hij alles moest klaarzetten want dat ik maar thuis ging zijn tien voor zeven, en om nog wat knabbels te halen – wat Bart prompt deed, de lieverd – en reed dus fluks naar huis, net op tijd om een boterhammetje binnen te spelen en de gasten te onthalen. Phoe.
De sessie Dungeons and Dragons werd een fijn avontuur, en Bart wilde ons blijkbaar vetmesten, want hij bleef maar met hapjes aandraven.
Nee, een slaperig uitrustdagje werd het niet, maar het was wel goed voor mijn zen. Allez, toch bij momenten.
Hectische dag
Het zijn weer zo van die weken he…
Vandaag had ik examen in de tweedes van 8.30 uur tot 12.00 uur. Om 11.00 uur startten mijn vijfdes met een examen tot 13.00 uur, om 13.15 uur was er een korte herdenking voor Vic, en om 13.30 uur begon de personeelsvergadering.
Eten heb ik ergens tussendoor gedaan, want ik had gelukkig wel toezichters bij mijn examen. Allez ja, ik heb die mensen laten vertrekken om half twaalf, want langer was niet nodig: ik kan echt wel 12 leerlingen zelf de baas. Een andere collega is dan heel even komen overnemen zodat ik mijn zachte kostje kon opwarmen. Ik krijg mijn mond nog steeds niet ver open, vandaar.
Na de personeelsvergadering volgde dan nog een vakgroepwerking, zodat het dik zes uur was tegen dat ik thuis was. Gelukkig was Bart intussen ook al thuis met mijn Wolfje.
Ik had nog net de tijd om heel even te liggen, pijnstillers te nemen, en tegen zeven uur zaten Wolf en ik in Mariakerke bij de infame broertjes voor een alweer zeer fijne sessie Dungeons and Dragons, gezellig buiten in de tuin.
Kan je geloven dat ik moe was, zo tegen een uur of elf?
Dungeons and Dragons in de tuin
EVA foam workshop
Het lag al maanden vast: vandaag zou Danny ons een heuse workshop rond het werken met EVA foam geven. Ons zijnde de Vossen, mijn groepje LARPdames met wie ik al jaren samenspeel. En EVA foam, dat is een soort van yogamattenmousse die je perfect kan bewerken en beschilderen tot het eruit ziet alsof je een pantser, botten, een dierenkop of wat je ook maar kan bedenken, aanhebt. Alleen moet je dus weten hoe je dat doet, en dat is wat Danny ons vandaag ging leren bij hem thuis in zijn garage in Antwerpen.
We hadden om elf uur afgesproken, en dus draaiden we ongeveer allemaal tegelijk om half twaalf Danny’s straat in. Wolf was ook mee: de dames hadden geen bezwaar, en dit is een activiteit die hij nog wel aankan, omdat het ook veel zitten en kijken is, en hij tussendoor kan gaan liggen.
Sabrina zou Sabrina niet zijn, als ze niet de perfecte gastvrouw speelde, zelfs op verplaatsing. Ze palmde meteen de keuken van Danny en Els – die helaas niet kon blijven wegens andere verplichtingen – in, en er was nog warme citroencrumble met uiteraard verse koffie, waarvoor we Danny’s senseo plunderden. Hij bekeek het met welgevallen en knikte instemmend.
Daarna trokken we met zijn allen richting de kelder, waar we besloten om allemaal als startobject een bracer te maken, een onderarmbeschermer. We werden ingewijd in de geheimen van het patroontekenen, snijden, verhitten, frezen, schuren, dremelen, plakken, versieren, plastidippen, verven… en zagen dat het goed was. Dat het stoffig was, veel werk, maar ook ongelofelijk leuk.
Tussendoor was er catering van Sabrina: een courgettesoep, en dan iets met heel veel groenten, zalm, maar ook Italiaanse ham, balsamicocrème, tomaat, mozzarella… Italiaans dus, en zeer lekker! En als dessert frisse watermeloen met munt en, jawel, balsamico.
Het ontlokte Danny de uitspraak: “Goh, da’s toch heel anders dan met de mannen: die komen hier toe met een bak bier en een zak chips…” Tsja, wij weten ook waarom de Vossen de beste zijn.
Tegen half zes ruimden we op, en Wolf en ik moesten ons nog opjagen: het was een uur rijden, we moesten nog douchen en eten, en tegen zeven uur moesten we alweer weg, naar De Haan.
En ja, er moet nu hier dringend een deftige dremel gekocht worden. Dat is vanzelfsprekend, toch?
Onderzoekscompetenties
Jawel, het einde van het schooljaar is in zicht, en dus zijn er ook de onderzoekscompetenties. Ik had maar 17 leerlingen dit jaar in het zesde, dus maar acht competenties te beoordelen, maar er zaten wel verdomd fijne bij.
Een duo wilde het hebben over SOA’s bij de Romeinen, maar daar was eigenlijk toch te weinig info over te vinden, en dus deden ze het over seksualiteit in het algemeen, en de maatschappelijke visie over die seksualiteit. Interessant en vlot geschreven, echt.
Een ander werkje, zeer knap uitgewerkt, ging over het politieke en economische stelsel bij de Romeinen in vergelijking met de wereld nu. Uiteraard in grote lijnen, want hierover kan je ganse thesissen schrijven, maar wel heel boeiend om te lezen.
Een derde groepje gaf meer uitleg rond de drie grootste feestdagen/festivals bij de Romeinen, en ook dat gaf me echt wel meer informatie. Alleen jammer dat de vergelijking niet altijd even grondig uitgewerkt was.
Er waren ook de klassiekere onderwerpen, zoals muziek, reizen, het huwelijk of sport, maar ook die waren deftig uitgewerkt.
De origineelste was echter wel het gebruik van het Latijn in de spellenreeks Final Fantasy. Ik heb een die hard FF speler en een Japanfreak in de klas, en die hebben elkaar gevonden in dit thema: maar liefst 60 pagina’s schreven ze vol over zowel namen (personages, streken, wapens, spreuken, …) als vooral ook de teksten van de gebruikte muziek in het Latijn. Vreemd om vast te stellen hoe ook Japanse spelontwikkelaars toch naar dat Latijn blijven grijpen. En nog vreemder om vast te stellen was dat iemand uit een zesde Latijnse vlotjes 32 dt-fouten kan schrijven in zo’n werkje. Verder geen fouten, overigens, tenzij de occasionele typfout. Ik heb hen gewaarschuwd: volgend jaar – hogeschool of unief – wordt dat verticaal klassement voor zoiets, hoe goed de inhoud ook is.
Tsja.
Weer veel bijgeleerd dit jaar. Netjes.
Te lezen: science fiction
Aangezien ik tegenwoordig zo goed als altijd lees in mijn bed voordat ik in slaap val, gaat het soms nogal vooruit. Die enorme reeks van Erikson was uit, en intussen heb ik nu ook een Frans boek gelezen voor de leesclub. Bijzonder goed voor mijn Frans, vooral, dat gaat er met sprongen op vooruit, merk ik. Maar goed, ik was dus weer toe aan iets anders, en ik zette het volgende op mijn facebookpagina:
“Bon, The Malazan Book of the Fallen uitgelezen, daarna Houellebecqs La Carte et le Territoire, nu dus weer tijd voor SciFi. Wie raadt me wat aan?”
Ik heb zeer fijne vrienden, want ik kreeg een storm aan reacties. Ik sla ze hier vooral op als geheugensteuntje voor mezelf, want dit onthou ik aan geen kanten. Serieus zeg!
Paul Schelck Hyperion en the fall of hyperion. Wat mij betreft van de beste SF die er is. Maar het vergt wel wat achtergrondkennis van de lezer, wat de titel al duidelijk maakt. Wat de 2 verdere vervolgen betreft, ontken dat ze bestaan…- Jesse Dmtre Of Perdido Street Station – China Mieville. Is ook wel geen ruimteschipfictie.Als het wat pulpier mag zijn:
Red Rising is echt bijzonder geestig, en leest als een sneltrein die meewind eeft. - Jesse Dmtre A darker shade of magic?
- Michel Vuijlsteke Of iets recenter: Broken Earth (Fifth Season / Obelisk Gate / Stone Sky)
Michel Vuijlsteke Ook uitstekend, vond ik: de Jean le Flambeur-boeken (Quantum Thief / Fractal Prince / Causal Angel)- Michel Vuijlsteke Of meer fantasy: Alchemy Wars (The Mechanical / The rising / Liberation)
- Babeth Van Son David Weber: de Honor Harrington reeks. Of de Vorkosigan Saga van Lois McMaster Bujold. Een andere aanrader: de RCN reeks (ook wel de Luitenant Leary reeks) van David Drake.
Ik heb ze allemaal als ebook (epub).
Cody Demuytere Illium/Olympos van Dan Simmons Dat gaat helemaal uw dada zijn. Linguistische/Anthropologische soft SF met een rode draad van Nabokov en Proust inclusief griekse Mythologie.
The traitor Baru Cormorant is geen SF, maar hard fantasy. Wel dikke aanrader. Ook The Expanse (naar gelijknamige serie die ge kon smaken) is niet slecht.- Michel Vuijlsteke Dan Simmons uiteraard. Ook nog eens de Culture-boeken van Iain M. Banks?
- Bruno Lowagie When HARLIE was One, van David Gerrold. https://en.m.wikipedia.org/wiki/When_HARLIE_Was_One
- Bruno Lowagie Monument, van Lloyd Biggle Jr. https://en.m.wikipedia.org/wiki/Monument_(novel)
- Bruno Lowagie Fredric Brown, short stories
https://en.m.wikipedia.org/wiki/Fredric_Brown - Les Templeton https://en.wikipedia.org/wiki/The_Night%27s_Dawn_Trilogy
- Jonas Drieghe Ik heb haar Twitter al vol gegooid, maar even hier dupliceren voor de volledigheid:
– A Long Way to a Small Angry Planet van Becky Chambers (heel anders dan de meeste SciFi, maar enorm sterk)
– Wool van Hugh Howey (moest je die nog niet gelezen hebben) - Filip De Laet Een klein maar fijn boekje van Arthur C. Clarcke: schipbreuk op de maan. Ik herlees het zowat om de 5 jaar.
Het is, op algemeen aanraden, “Hyperion” van Dan Simmons geworden. Ik had hem zelfs al staan als epub, dik in orde dus.
Ik laat het u nog wel weten wat ik ervan vond.




