Lectuur: “Six of Crows” van Leigh Bardugo

Vorig jaar had ik de reeks Shadow and Bones gezien op Netflix, en ik was zeer aangenaam verrast: een donkere, gritty wereld, geïnspireerd op voornamelijk Rusland, maar met echte, stevige, goed uitgewerkte magie. Netjes!

Ik dacht: laat ik de boeken dan ook maar eens lezen, want meestal zijn die beter dan de verfilming. Ik werd niet teleurgesteld, maar ik was wel verbaasd: de reeks heet dan wel Six of Crows, maar eigenlijk verweeft ze de twee reeksen in Bardugo’s Grishaverse door elkaar: het tweeluik Six of Crows en de trilogie Shadow of Bones. De duologie kreeg de hoogste notering, die heb ik dan ook eerst gelezen, en dat was meer dan in orde.

Zoals gezegd speelt het zich af in een donkere, harde wereld met verschillende landen die niet bepaald op goede voet met elkaar staan. In Ketterdam – heel grappig, de straten en dergelijke zijn allemaal gewoon een soort Nederlands – in Kerch zijn verschillende gangs aan het werk. Een daarvan wordt de facto geleid door de amper 17jarige Kaz Brekker, een genadeloze, wrede jongeman met een mankepoot. Hij is erin geslaagd om zich op te werken binnen de bende tot een van de luitenanten en heeft een excellent team om zich heen. Dat team heeft hij dan ook meer dan nodig wanneer hij een totaal onzinnig plan opvat waarmee ze allemaal steenrijk kunnen worden en waarmee Kaz vooral ook de wraak kan nemen waar hij al zijn hele leven op zint.

Een van zijn teamgenoten is een Grisha, een magiër die binnen Kerch gevaar loopt om als slaaf gebruikt te worden, in Ravda – het Russische stuk – op een voetstuk wordt geplaatst, in Fjerda – denk Zweden – genadeloos opgejaagd en afgemaakt wordt als heks en in Shu Han – het Verre Oosten – als proefdier dienst doet voor experimenten. Maar eigenlijk is ze een zeer gevaarlijk wapen, want vanop afstand kan ze iemands hart versnellen of vertragen, of gewoon stilleggen. Tsja. Voeg daar een muisstille acrobate aan toe – de ideale spion – een buitengewoon schutter, een weggelopen zoon van een edelman met een flair voor explosieven en een Fjerdan met brute kracht, dan krijg je de Six of Crows.

Bardugo’s wereld zit niet alleen consequent in elkaar, ze maakt het ook bijzonder spannend. Haar hoofdstukken wisselen telkens qua perspectief tussen de verschillende hoofdpersonages en dat maakt het extra boeiend: je krijgt inzicht in de verschillende karakters en hun twijfels en bekommernissen. Het enige wat me een beetje stoorde, zijn de zoetsappige liefdesintriges. Je ziet ze van mijlenver aankomen en drie koppeltjes binnen de zes personages? Moet dat nu echt?

Dat de plot soms afhangt van onwaarschijnlijk geluk en nipte ontsnappingen en zo, dat vind ik dan weer helemaal niet erg: is dat niet het geval in zowat elke actiefilm? Ja toch?

Ik heb in elk geval intens genoten van deze zeer vlot geschreven fantasy, ik ben er dan ook doorgegaan op een dag of twee, en dat zegt genoeg.

Lectuur: “La Tempête des échos” (La Passe-Miroir #4) van Christelle Dabos

Eerlijk? Ik vond dit vierde en laatste deel van La Passe-Miroir een pak minder sterk dan de vorige. Misschien is het nieuwe er wat af? Feit is dat deel 4 zich op dezelfde arche afspeelt als de vorige, dus ook in Babel, zij het een ander deel. Ophélie laat zich vrijwillig opsluiten in een soortement gesticht omdat ze daar antwoorden kan vinden op de vraag waarom de wereld aan het vergaan is. Letterlijk, want de bestaande stukken wereld brokkelen af en telkens sneuvelen duizenden mensen.

Ophélie weet dat ze de kennis in handen heeft om die ondergang tegen te gaan – een held die de wereld moet redden, iemand? – maar kan die niet ontsluiten. Opnieuw moet ze een aantal fysieke en mentale beproevingen ondergaan, maar uiteindelijk slaagt ze er wel in haar antwoord te vinden. Maar het blijft maar de vraag, natuurlijk, of ze daar dan ook iets mee is…

Dabos wil in dit laatste deel eigenlijk te veel uitleggen, en dat stoort. Soms is die uitleg metafysisch en moet je het een keer of drie lezen voordat je er ook maar een iota van snapt, andere dingen zijn gewoon totaal irrelevant voor de rest van het verhaal. Sommige dingen zijn ook gewoon niet logisch, maar daar krijg je dan weer geen uitleg voor. De wereld zit nog steeds knap in elkaar, maar hier en daar is er toch een los eindje dat niet logisch ingewerkt geraakt. En vooral: het steampunkkantje, de fantastische werelden van Anima en de Pool komen gewoon niet meer aan bod. Jammer jammer jammer, want dat maakte het net interessant, samen met een aantal personages dat zonder meer aan de kant geschoven is.

Nog steeds goed, maar toch beduidend minder dan de voorgaande. Tsja. Het kan niet altijd 5 sterren zijn, toch?

Geocachen met Mireille

Mireille kwam vandaag met de auto tot hier, met de fiets achterop. Ze bleef hier eten, en na het eten gingen we samen gezellig geocachen in Sint-Kruis-Winkel, strikt genomen een deelgemeente van Gent maar wel een heel eind van het echte centrum vandaag, want in de kanaalzone.

Heel erg ver zijn we niet geraakt want ik moest op tijd terug zijn om Merel naar haar muziekles te brengen. Op zich was dat niet erg, want voor Mireille was het echt wel welletjes: ze heeft door die long covid echt nog steeds geen energie…

Maar het heeft ons deugd gedaan, dat cachen, dat fietsen, dat tetteren.

En alleen in een dorp als Mendonk heb je dus nog een openbaar toilet met meerdere, perfect onderhouden hokjes. Wij konden alleen maar dankbaar zijn!

Roanoke

Daarstraks ben ik de jongens opnieuw gaan ophalen bij Mireille, en na het horen van de verhalen spijt het me nog meer dat ik niet kon gaan. Enfin, ik heb in de plaats een toffe Aether mini gehad, dat is toch ook al iets.

Blijkbaar was vooral de setting en de props gewoon buiten elke categorie: er waren maar liefst 10 verschillende labo’s, volledig ingericht. Gekkenwerk, zeiden zowel Mireille, Arend als de kinderen. Echt. Ze hebben zich beiden goed geamuseerd en kijken uit naar de volgende. Enfin, als Wolf nog zal mee mogen, want hij zal intussen achttien zijn. We zien nog wel.

Een paar fotootjes om je een idee te geven.

Aether mini: het notariaat

Kon ik niet mee op Roanoke, dan zag ik het wel zitten om één namiddag naar Aether te gaan: net iets minder lang, net iets minder druk en vooral ook mijn eigen bed om in te slapen.

Lorre had het georganiseerd, vlakbij zijn huis, en eigenlijk vlakbij Kapelle-op-den-Bos waar ik gisterenavond ook al was geweest. Hij speelt in Aether een notaris en die opende nu met twee vennoten een kantoor. Dit was de officiële opening, met versnaperingen allerhande in het thema, en dan – iets minder in thema maar wel lekker – een hamburger voor iedereen. Startuur 14.00 uur, einduur 21.00 uur. Perfect te doen dus.

Nee, ik sta niet op bovenstaande foto, ik heb die namelijk getrokken. Als journaliste kan ik zogezegd foto’s nemen, ook al heb ik niet het juiste toestel bij. Mensen zien het gelukkig een beetje door de vingers.

Ik heb me prima geamuseerd, heb alweer weinig tot geen rust gehad, lekker gegeten, fijne gesprekken gehad en gigantisch gelachen met het onderzoek voor een bepaald artikeltje.

En ik heb het dan, zoals een echte journaliste betaamt, in een artikeltje voor de krant gegoten:

Opening nieuw notariaat eclatant succes

RAETSBURG – 03 OKTOBER – CAROLINE VAN NEVEL

Notaris Edmund O’Dermott is al lang geen onbekende meer in onze geliefde stad. De Ierse rechtsspecialist vertoeft al enige tijd in onze contreien als legaal raadgever van onder andere Madame Lacroix, gekend door FN Herstal.

Nu was de tijd gekomen, vond hij, om naast zijn goed draaiende kantoor in London ook officieel een vestiging te openen in Raetsburg. Hij vond hiervoor een geschikt pand en liet dat grondig renoveren. Hierbij werden kosten noch moeite gespaard: een notaris moet met zijn tijd meegaan, liet O’Dermott optekenen. Een van de opvallendste toestellen in zijn kantoor is dan ook de telefonograaf. De in het oog springende contraptie werd op de ochtend van de receptie nog geïnstalleerd en betekent een stevige investering. “Edoch”, pareerde de notaris de opmerking, “hoewel het toestel inderdaad een stevige duit heeft gekost, verdient het zichzelf terug in uitgespaarde manuren. Ik hoef nu geen bode meer op pad te sturen, maar kan rechtstreeks contact opnemen met het merendeel van mijn (gegoede, nvdr.) clientèle.”

Ook op de officiële opening van het nieuwe notariaat, gisteren 02 oktober, keek O’Dermott niet op een stuiver meer of minder. De geserveerde high tea was werkelijk van het hoogste allooi, met zowel hartige versnaperingen als bijzonder fraai gedecoreerde zoeternijen. Maar het meest in het oog springend was toch wel de geserveerde drank. Naast de gebruikelijke champagne en fruitsap had O’Dermott namelijk een “mixologist fantastique” ingehuurd voor de gelegenheid. Het niet onknappe heerschap Laurent Mathieu Belmont serveerde met flair speciaal op maat gemixte dranken, dé nieuwe rage in het Britse koninkrijk. We moeten het toegeven, de aanwezige beau monde ging gretig op het aanbod in.

Toch was de opening gisteren niet vrij van enige controverse. Door dit evenement nog voor de opening van het sociale seizoen te plaatsen, liet O’Dermott zijn naam over de tong rollen in de hogere echelons. Maar misschien was dit net de bedoeling, zodat zijn nieuwe kantoor des te harder in het oog zou springen.

De gasten lieten het alvast niet aan hun hart komen: onder de aanwezigen bevonden zich onder andere Lady dr. Emily Le Clement de Saint Marc, mijnheer Jan De Vos, minister van economie en burgemeester van de stad Antwerpen, Madame Lacroix (FN Herstal) met haar entourage, mijnheer Von Aldringen (Rheinmetal) met zijn nicht, mijnheer Bekaert en tal van professoren, doktoors en andere hooggeplaatsten. Opvallende afwezigen waren de hertog en madame d’ Armagnac, maar zij lieten zich verontschuldigen en hadden een officiële afvaardiging gestuurd in de persoon van kapitein De La Fontaine. Burgemeester De Reyger was nergens te bespeuren.
Meester O’Dermott was zijn land van oorsprong niet vergeten en had ook een aantal landgenoten uitgenodigd, bij wie hij gekend staat als Eamonn O’Diarmuid.

De notabelen tilden alvast niet te zwaar aan de lichte etiquettebreuk. Na een aangenaam diner werd de avond dan ook in alle sereniteit afgesloten.

Raetsburg is in elk geval een prominent burger rijker, en we zijn er zeker van dat we nog zullen horen van notaris Edmund O’Dermott.

Uiteindelijk was het toch nog na elven tegen dat we thuis waren – Kim reed met me mee – omdat we hadden helpen opruimen, maar ik had vooral een heerlijk ontspannende middag. En morgen die cursus schrijven, godverdomme!

Roanoke: toch niet voor mij

Oorspronkelijk ging ik mee gaan met de jongens naar de jongerenlarp Roanoke: ik was ingeschreven en al. Maar toen kwam er die dubbele shift op ’t werk, en zag ik dat totaal niet meer zitten. Ik ben te moe en heb er vooral ook gewoon de tijd niet voor. Een maand geleden heb ik me dan ook, met spijt in het hart, uitgeschreven. Het bleek duidelijk de juiste beslissing te zijn: ik was op.

Gelukkig hoefde ik de jongens niet tot in Houthalen-Helchteren te voeren, 2 uur en 15 minuten zonder de file rond Antwerpen gerekend. Ze konden beiden meerijden met Mireille en Arend, en dat is een klein uur rijden naar Kapelle-op-den-Bos. En ja, hun gerief was zo goed als klaar, zodat we rond half vijf in de auto zaten. Ja ik was moe, maar dit kon wel nog. Ter plekke werden de jongens in de andere auto getransfereerd, werd hun bagage verdeeld over beide auto’s – er reden ook nog anderen mee – en vertrokken ze.

En ik zag dat ik er net ietsje langer over ging doen wegens de files, als ik dan zou vertrekken. Goh, altijd wel geocaches in de buurt, ideaal om uit te waaien, tot rust te komen en files te vermijden. Aldus geschiedde.

Een uurtje, vijf caches Kapelle-Ramsdonk en een fikse regenbui later reed ik terug naar huis, een pak meer ontspannen. Ik ga goed slapen straks.

Omen mini

Awel, dat het goed was, die mini! Het proces duurde wat lang, misschien, maar dat is meestal zo met een Ting. En toen was er warempel varken aan het spit, en pulled pork, en vooral ook veel conversaties aan diverse kampvuren. En alweer ben ik erin geslaagd om met geen enkele figurant van de lokale setting te spreken. Echt serieus. Elke. Keer. Weer.

Maar vooral: Wolf heeft het schitterend gedaan! Ik was hem binnen de kortste keren kwijt, en dat was eigenlijk ook de bedoeling. Ik wilde hem echt niet controleren of bij het handje houden, maar hij werd me wel af en toe gesignaleerd. Blijkbaar was hij op een bepaald moment bij de Bhanda Kor gaan zitten, de groep barbaren van Omen, en allemaal serieuze anciens. Die hebben zich niet ingehouden omdat hij daar als jonkie kwam zitten, integendeel. Ze hebben hem wel perfect met alle respect behandeld die een groothertog van Korda volgens hen toekwam, en hij heeft het perfect gespeeld.

Achteraf zijn zij en ook verschillende andere spelers naar mij toegekomen om hem te complimenteren: hij heeft dat blijkbaar schitterend gedaan. Want ja, ze gaan echt geen complimentjes geven om mij een plezier te doen, dan zouden ´ze gewoon zwijgen.

Dus ja, ik ben nu echt helemaal trots.

Entree van de Groothertog!

Jawel, eindelijk nog eens een Omen mini! Allez ja, mini qua tijd, want qua volk is het zo goed als een gewone Omen, meer dan 100 man.

Dat het larpen deugd doet, dat had ik al gezegd. En dat ik dolgraag Olga speel op Omen, dat ook. Intussen is ze gepromoveerd tot markiezin, dat kan ook wel tellen. Maar vooral: nu haar broer en neef als heksen buiten de wet zijn gesteld, is het haar zoon Volkar die de nieuwe groothertog van Midmark is. En aangezien die pas 15 is, is zij nog zijn regente en heeft zij de facto de macht in handen.

Volkar was tot hiertoe nog een nobele onbekende voor de rest van de spelers, maar nu is het langzamerhand tijd dat ook hij zijn entree maakt , en dat kan eindelijk omdat Wolf, jawel, ook zo goed als 18 is! Pas vanaf de leeftijd van 18 kan je meespelen op de weekends van Oneiros, maar op een mini kan het vroeger, als de ouders of een (tijdelijke) voogd mee zijn. Meestal speelt zo’n jonge speler dan het derde orkje van links, of een lijfwacht of een of ander klein rolletje, kwestie van het spel te leren door te observeren.

Maar Wolf? Goh, zei spelleiding, het is uw zoon, hij heeft al veel gelarpt in de jongerenlarps én geroleplayed met de Demuyteres, hij kan wel wat hebben. En we hebben uw ingame zoon nodig, en wat is dan logischer dan dat hij dat komt spelen? Dan hebben we die speciale band die sowieso bestaat tussen moeder en zoon.

En dus werd Wolf meteen voor, euh, de wolven gegooid. Meteen in het diepe, zonder zwembandjes. Hoofd van clan Korda, de sterkste clan in het spel. Groothertog van Midmark, na de koning, de koningin en de landschout het zwaarste personage in het spel.

Goh, zei Wolf, ik ga wel wat onzeker zijn, zo tussen al die gevestigde spelers en zware larpers.

No shit, Sherlock. Maar gelukkig is het ook Volkar zijn eerste publieke optreden en mag hij onzeker zijn. En zoekt hij nog zijn weg. Ook al zit hij dan meteen in de jury van een koninklijke Ting en moet hij een publieke eed zweren aan de koning ten overstaan van alle edelen.

Ge wilt niet weten hoe trots ik ben.