Geocachen in Lochristi (deel 3)

Prachtig weer, zij het misschien een beetje fris, en dus werd ons pa gesommeerd om de auto in te stappen en mee te gaan cachen in Lochristi. Er zijn in totaal 50 caches hier, en we hebben er nog maar 13 gedaan, we zijn dus nog wel eventjes bezig. Maar we jagen ons vooral niet op, en ik merk dat ons pa er ook echt wel deugd van heeft ^^

En tegen vijf uur was er taart, en dat smaakt dan extra als je buiten hebt gelopen.

En ook: toen ik ’s avonds terug reed, was er aan ’t sas een prachtige zonsondergang. Oordeel zelf.

Fijne cachemomentjes

Eerder schreef ik al dat er een ganse reeks caches aan het uitkomen was rond Evergemse kapelletjes. Ik had vorige week een hele dag, deels in de regen, rondgelopen om ze te loggen.

Een aantal was al eerder uitgekomen en had dus geen haast. Woensdag moest ik op drie verschillende momenten in Evergem zijn – kine, fagotles voor Kobe en notenleer voor Merel – en kon ik nog wat cachekes meepakken. Na de kine reed ik even tot de Weegse om daar eentje op te pikken.

Toen ik kwart voor drie thuiskwam, zag ik net een ouder koppel aan mijn thuiscache staan. Ik ging ze begroeten en zag dat het Guido en Myriam waren, bevriende cachers uit Lovendegem. Hij is 79, zij is ietsje jonger maar herstellende van kanker en dus niet zo goed ter been. Meteen vroeg hij waar een van die kapelletjescaches verstopt zat, want die hadden ze niet gevonden. “Goh”, zei ik, “ik rijd daar meteen naartoe want ik moet mijn zoon afzetten op de fagotles en ging dan een korte multi in Evergem doen, en ik moet aan dat kapelletje passeren. Rij naar ginder, ik kom sebiet af, en dan toon ik het u!”

Iets later noteerden Guido en Myriam hun naam dus op de betreffende cache, en toen ze hoorden dat de multi 700 m verderop lag en een korte was, kon ik hen overhalen nog even mee te gaan. Guido was bijzonder opgetogen dat het hen nog eens gelukt was een multi te doen, al was dat er eentje van ocharme 50 meter. Het gaf mij in elk geval een goed gevoel…

En toen ik tussen vijf en zes moest wachten op Merel in de notenleer en er een gigantische file was om naar huis te rijden, reed ik maar verder het Evergemse in om alsnog een paar andere caches op te pikken, met gemengd resultaat. Maar wel lekker uitgewaaid.

 

Jaarring

Dat ik in een koor zing, dat weten jullie al lang.

Op zaterdagavond 26 en zondagavond 27 maart hebben we eindelijk nog eens een concert, en ik durf echt zeggen dat het goed zal zijn. We hebben intussen ook een zevental studenten van het conservatorium die meezingen.

Kaarten kunt ge dus bij mij krijgen, en daar doet ge mij dan ook een gigantisch plezier mee. EN ge kunt mij komen bekijken als tenor ^^, hier in Wondelgem.

De bijhorende tekst:

Het is eindelijk zover ! Na de grijze, winterse dofheid van de afgelopen twee jaren is de muzikale lente terug in aantocht.
Cantandum serveert je op zaterdag 26 en zondag 27 maart, telkens om 20.00 uur in De Zulle in Wondelgem een kleurrijk palet aan frisgroene lenteliedjes, goudgele zomerdeuntjes, bonte weemoedige herfstklanken en krakend witte wintermelodieën, als een jaarring om de seizoenen heen draaiend.
Alles baadt in een sfeer van licht en ruimte: beeldprojecties en kleureffecten zetten de unieke bloemlezing van a capella-koorwerkjes, liederen voor koor en piano én piano-intermezzi op een ongekende manier luister bij. De verschillende stijlen, van renaissancemadrigaal over romantisch koorlied tot close harmony-bewerkingen van jazz standards, bezorgen elke luisteraar ongetwijfeld een buitengewone “synesthetische” ervaring…
Dit muzikale avontuur laat je niet meer los! Ben je erbij?
Tickets zijn te bestellen via kaarten@cantandum.be of te verkrijgen bij mij. Gewoon even een berichtje sturen en ik hou een kaart voor jou opzij!

Concert

Ons koor, Cantandum, heeft net zoals de rest van de wereld ook een hele tijd stil gelegen. We hadden een concert gepland in juni 2020 maar dat ging uiteraard niet door. Het uitstel naar januari 2021 was ook een maat voor niks, maar nu gaat het eindelijk echt wel door: eind maart geven we twee concerten hier in de Zulle in Wondelgem.

Een en ander leidt er wel toe dat ik hier thuis nog even mag oefenen: een stuk als van Piazolla, of iets van Hindemith, dat zing je niet zomaar eventjes. Ik heb dan ook maar de piano gestemd en ga vooral een deftig stembakje kopen, want evident is het precies niet om de drie snaren per noot op de perfecte herz te krijgen.

Maar ik kan gelukkig wel al weer oefenen. En zingen. En oefenen. En vloeken op bepaalde stukken, dat ook.

Maar het gaat goed zijn, dat weet ik nu al. We hebben een achttal jonge mensen bij, studenten conservatorium, waaronder een aantal studenten zang. Geloof me, dat verschil voel je.

Ik heb er zin in!

Evergemse kapelletjes

Wat doet ne mens als hij thuis toch geen internet heeft, de zon schijnt en er in Evergem een ganse reeks nieuwe geocaches zijn uitgekomen rond kapelletjes? Gaan cachen, tiens!

De zon scheen stralend toen ik vertrok, maar toen ik twintig minuten later nog steeds stond te zoeken aan de eerste kapel, ben ik naar de auto moeten lopen om mijn paraplu want anders was ik doornat geweest. Hmpf.

Ik had donderdag – dan moet ik pas op school zijn om elf uur – al meer dan een half uur staan zoeken aan een kapelletje in de Azaleastraat, tevergeefs. Ik stond er niet alleen: Johan van team Operation Monkeys stond er ook, die mens jaagt op First To Finds (FTF) en samen stonden we te sakkeren. Ik heb er nog stevig mijn voet omgeslagen ook, maar toen ik al weg was, vond Johan de cache uiteindelijk toch nog en deelde zowaar zijn FTF met mij. Netjes!

Hij had toen – de mens is al met pensioen – zowat alle andere kapelletjes bezocht en vrijwel overal nog een FTF gescoord, maar ik moest werken. Vandaag bleken er toch nog een reeks STFs (Second To Find) over te zijn, zodat ik echt een hele ronde in Groot-Evergem heb gereden, tot en met Kerkbrugge en Doornzele en al. Ik was blij dat Johan ze al gevonden had, want ik heb toch af en toe een beroep moeten doen op hem om ze ook effectief te vinden. Al bij al werd het een lange namiddag die alsnog in de gietende regen eindigde, maar ik scoorde uiteindelijk nog 4 STFs, 4 TTFs en in totaal 15 caches. Ik was helemaal uitgewaaid, uitgeregend en uitgeput, maar ik was wel helemaal opgeladen, en daar doen we het toch voor.

En die kapellen? Die komen echt in alle maten en kleuren en verschijningsvormen. We zijn een raar land.

Lectuur: “The Song of Achilles” van Madeline Miller

Toen ik The Women of Troy aan het lezen was, was deze op mijn Goodreads radar verschenen, met een zeer hoge score. Toen ook Michel hem aanraadde, werd het meteen het volgende boek op mijn lijst. En heel terecht: een ongelofelijke aanrader!

Het is het bekende verhaal van Achilles, maar dan verteld door Patroclus, zijn zielsgenoot, zijn onvoorwaardelijke liefde. Daarin zit het grote verschil met alle andere verhalen: waar Homeros in het midden laat welke relatie die twee hebben, waar de film Troy resoluut elke zweem van homoseksualiteit afzweert, trekt Miller hier voluit de kaart van de liefde. De twee jongens kennen elkaar van toen ze een jaar of tien waren, zijn samen opgegroeid en hebben een liefde die enkel in verhalen voorkomt. Of zoals een lezer op Goodreads opmerkte: “De reden waarom ik dit soort boeken eigenlijk niet graag lees, is dat het me doet verlangen naar een onmogelijke liefde”.

Ja, Achilles verwekt een zoon wanneer hij 15 is, maar dat is eerder een ‘accident de parcours’: de twee zijn elkaar onvoorwaardelijk trouw, hebben geen geheimen voor elkaar,

Het tragische is natuurlijk dat je weet hoe het afloopt. Dat je weet wie er wanneer sneuvelt, en dat jouw personages dat aanvoelen maar niet beseffen. Dat je ziet hoe ze elkaars hart beheersen, hoe zelfs dan hun liefde niet door iedereen onvoorwaardelijk aanvaard wordt – zoals door Achilles’ goddelijke moeder Thetis – en hoe ze onvermijdelijk hun dood tegemoet gaan.

Dit boek is fantastisch geschreven, meeslepend, intens, en gewoon ronduit mooi. Ging ik eerder nog ‘The Women of Troy’ aanraden aan mijn leerlingen, dan staat deze nu met stip bovenaan. Gisteren zei ik enthousiast tegen een van mijn vijfdejaars, van wie ik weet dat ze graag en veel leest, dat ze dit moest lezen. Ik kreeg een monkeltje terug: “Ik heb het hier liggen, mevrouw. En ik heb het al een keer of drie herlezen”. Ik had het moeten weten.

Lezen!

Lectuur: “Brideshead Revisited” van Evelyn Waugh

Blijkbaar was deze per ongeluk van de BBC-lijst met klassiekers gedonderd: er stonden er maar 98 meer op, en de nummer 26 was verdwenen. Zo’n ongelezen boek in het midden van mijn lijst, dat kon ik toch niet zomaar laten staan, en dus nam ik het met veel gusto ter hand. En nee, het heeft me niet teleurgesteld.

We zitten in Engeland in het interbellum, in de gegoede en zelfs bijzonder rijke klasse met kastelen als dat van Downton Abbey, en ik kon zo de pracht en praal en de kleren al voor mij zien. Het kasteel in kwestie is deze keer Brideshead, de thuishaven van Lord en Lady Marchmain, hun zoon Lord Brideshead en de rest van de Flyte familie. Ja, die overerfbare titels, daar moet een mens soms wel zijn hoofd bij houden.

Hoofdpersonage is Charles Ryder, ook van gegoede afkomst en dus op zich niet verplicht om te werken, die zich probleemloos handhaaft in die hoge kringen. Hij studeert in Oxford en leert er de jonge dandy Sebastian Flyte kennen. De twee kennen een onwaarschijnlijke vriendschap waarbij het eigenlijk in het midden gelaten wordt of ze ook een seksuele kant heeft, maar waarbij dat helemaal niet onvoorstelbaar is. Charles leert ook de rest van de familie kennen en brengt de zomer door op Brideshead, met Sebastian. Maar Sebastian ontwikkelt zich tot een heuse alcoholist en Charles raakt hem kwijt als vriend en verliest daarmee ook het contact met de rest van de familie.

Een aantal jaren later, wanneer Charles een gevestigd schilder is, ongelukkig getrouwd en vader van twee kinderen, komt hij onverwacht toch opnieuw in contact met de Flytes. Op die manier komt hij ook weer op Brideshead terecht, waar Sebastian al jaren niet meer is geweest: het verhaal verschuift naar diens zus Julia. En uiteindelijk, jaren later, tijdens de oorlog, komt hij onverwacht weer oog in oog te staan met de locatie van een groot deel van zijn jeugd.

Waugh kan ongelofelijk goed vertellen, maar deinst er niet voor terug om zijn fantastisch charmante personages ook een heel egoïstische, kille kant mee te geven, en zijn kille personages toch een sympathieke draai te geven. Het geheel zorgt ervoor dat je meeleeft met de personages, dat je af en toe schrikt van bepaalde reacties, maar dat je het ook jammer vindt wanneer hij sommige personages zonder meer uitrangeert. De achtergrond zijn the roaring twenties waarbij duidelijk wordt dat de geprivilegieerde klasse haar privileges snel aan het kwijtspelen is, een gouden wereld met bediendes en chauffeurs en feesten die nooit meer terugkomt.

Uiteindelijk is dit een dieptragisch verhaal, over weggegooide levens, verspilde kansen, gedoemde liefdes, onoverbrugbare sociale verschillen en de verwoestende invloed van religie.

Ik kan al niet wachten om de serie te bekijken uit 1981 die van Jeremy Irons een beroemdheid heeft gemaakt. Nostalgie naar een tijd die je niet eens zelf hebt meegemaakt: het bestaat.

The Jane

Ik denk dat het dik twee jaar is dat ik probeerde een reservatie vast te krijgen in The Jane op zaterdagavond. Toen ik dan drie maand geleden de kans kreeg voor een zondag, zei ik foert en boekte dat dan maar. Zaterdagavond is fijner wegens de volgende dag lekker kunnen uitslapen, Bart die dan ook wijn kan drinken en mijn pa die we dan niet moeten afzeggen, maar bon.

Het plan was oorspronkelijk om in de vroege namiddag naar Antwerpen te vertrekken voor een museumpje, een wandeling en dan het eten, maar het weer, euh, wilde niet meewerken, om het met een understatement te zeggen.

We hadden nochtans op het moment zelf wel geluk: ik had er een parkeerplaats bij geboekt, maar die ligt toch nog op een paar minuten wandelen. Ze hadden paraplu’s voorzien, maar dat bleek gelukkig niet nodig te zijn.

Enfin, het werd een aangename avond, maar het had voor mij geen wow-effect, om eerlijk te zijn. Ik weet nu al dat ik daar een groot deel van ga vergeten, terwijl ik bepaalde gerechten uit bv. Hertog Jan me wel nog levendig kan herinneren. Maar lekker was het zeker, dat mag ook wel voor dat geld.

Het menu was 260 euro per persoon, de aangepaste sappen, alcoholvrij, nog eens 100 per persoon, jawel. En wat kregen we precies?

Zeekat – sobacha, kokkels yuzu, groene thee
Drank: Passionfruit – Jalapeño, Galangal

*
Grijze garnalen – Old Groendal, Mary V gefermenteerde tomaat
Drank: Mary V – nori, Eastern Scheldt water

*
Hamachi dry-aged – foie gras, aardbei, Japanse pruim, sancho
*
Noordzee tiradito – aji amarillo, radijs, tapioca, bloedsinaas
Drank: Dulse – BRON kombucha
*
Zeeuwse platte oester – chutoro, zeewier, karnemelk, broodmiso
*
Kabeljauw – langoustine, manzanilla, schorseneer, varkenspoot
*
“FLUX” – Kagoshima Wagyu ‘Aylin Hazel’
Drank: Negroni – Rosemary, bergamot

*
Ilper kip – witlof, aardpeer, ‘boudin’, stoofpeer
Drank:  Blackberry – Timut pepper, Fermented cranberry

*
Clementine – schapenkaas, granola, duindoornbes, bergamot
Drank: Wakame – Lime, elderflower

*
Kweepeer – mezcal, PAKT laurier, beurre noisette, manjari

Je moet ook voor de sfeer zijn: vrij ‘rock ‘n’ roll”, met niet bepaald muzak maar eerder beats, of op een bepaald moment Depeche Mode. Ook de bediening is vlot en ietwat ongewoon, en het geluidsniveau was algemeen ook vrij hoog. Tsja. Maar de omgeving, in het Groen Kwartier, is echt prachtig.

Ik ben blij dat we er eindelijk geraakt zijn, maar het hoeft niet opnieuw voor me. We hebben nog massa’s restaurants af te gaan.