Wijvenweek – een mening op bestelling

Hmm. Een mening, zegt u? Mja.

Het is er vandaag zo niet de ideale dag voor, vind ik. Ik werd, zoals gans België, deze morgen in de badkamer van mijn sokken geblazen door het nieuws van het busongeluk. Ik was er echt niet goed van, en toen ik per ongeluk op het blog van de bewuste sneeuwklassen terechtkwam, heb ik zitten bleiten als een kind. Mijn hart breekt nog, als ik er nog maar aan denk.

Maar ook hier is er weer een keerzijde. Een vriend van me verwoordde het als volgt:

Het busongeluk waar iedereen plots het toetsenbord vol over heeft, is natuurlijk heel erg voor de betrokkenen. Ik moet me bij het lezen van de vele reacties echter opnieuw afvragen waarom mensen het blijkbaar veel erger vinden als ouders hun kind verliezen in een incident met meerdere slachtoffers… Wanneer is de laatste keer dat iemand hier heeft gepost dat ze hebben zitten wenen voor een vreemde wiens kind langzaam is afgetakeld als gevolg van kanker? Voor een enkele tiener die dood is gereden door een dronken chauffeur? Voor de miljarden levende wezens die op gigantische schaal worden gemarteld en geslacht? Er sterven dagelijks kinderen, volwassenen en andere dieren op allerlei vreselijke manieren, maar dat wel niet sensationeel genoeg zijn voor een krant of blog.


Daar heeft hij uiteraard ook weer een punt. En toch… Mijn gemoed schiet geregeld vol als ik dergelijke verhalen lees. Deel ik ze dan ook op mijn Facebook of blog? Nee. Want ik vind dat iets te intiems, in de meeste gevallen. Niet het bericht an sich, want dat heb ik dan duidelijk ook ergens gelezen, maar wel mijn reactie daarop, mijn mening.

Want meningen, dat kunt u hier af en toe wel krijgen, ja. Als je tussen de recepten, de foto’s van mijn kinderen en de andere onzin door kijkt. Zoals bijvoorbeeld over B-attesten, of over IVF. Maar over dingen die mijn hart raken, tot het diepste van mijn ziel?

Daarvoor moet u bij mij persoonlijk zijn. Met een glas, een koffie of een koekje. En veel tijd. Want meningen, die zijn er wel, wees gerust. Maar dan met discussie en nuancering, en dus al bij voorbaat niet op een blog.

6 Antwoorden op “Wijvenweek – een mening op bestelling”

  1. Dat iemand geraakt wordt door bepaalde gebeurtenissen in de wereld is een gevolg van empathisch vermogen. We zijn eerder aangedaan door onze voorstelling van onszelf in die situatie, dan van het leed dat anderen lijden. Daarom ook dat we veel meer meeleven met mensen die een gemeenschappelijke trek delen, zoals woonplaats, beroep, leeftijd, etc.

    De omvang en intensiteit van de reactie op maatschappelijk vlak getuigt echter van een enorm hypocriete kortzichtigheid in onze samenleving.

    Of zoals het vervolg van die post stelt:

    “Er zijn ten alle tijde wel 22 ouders die hun kind verliezen, toch? Alleen is het natuurlijk minder spectaculair als het niet tegelijk gebeurt. En telkens er op een dergelijk drama een stortvloed van reacties komt via allerhande media, krijg ik spontaan de kriebels van de maatschappelijke hypocrisie die erachter zit. -Ik maak er me zelf ook schuldig aan natuurlijk, net als iedereen.- Mijn gedachten zijn op zo een moment misschien wel eerder bij de mensen die ergens alleen het verdriet van hun verlies verwerken, zonder slachtofferbegeleiding, medeleven van de koning en bewening van het volk. Die mensen wiens lijden de media niet haalt, omdat het op die “kleinere” schaal niemand werkelijk iets kan schelen. Of bij de talloze wezens die doodleuk door miljarden mensen op gruwelijke worden verwerkt tot niet noodzakelijk voedsel of luxe artikelen.”

  2. Ik erger me wel aan de manier waarop men dat uitmelkt op het journaal.
    En dan een tante van een mogelijk slachtoffer
    En dan een busbouwer
    En dan een andere busbouwer

    Ik wachtte nog op de diezelfirma, dat het zeker niet aan de brandstof gelegen kon hebben.

    Voor de rest ook veel meeleven hier.

  3. Het lijkt me menselijk, logisch en sociologisch en psychologisch normaal dat leed dat ‘dichtbij’ gebeurt (letterlijk en figuurlijk) je iets meer raakt en bij de keel grijpt dan leed dat verder gebeurt. Net zoals Anton zegt.
    Misschien niet helemaal fair en juist, maar goed.

    Ik heb gebleit toen ik het nieuws hoorde. Net zoals ik bleit als ik hoor of lees van een kind dat sterft door kanker bvb. Ik denk niet dat dit leed mij meer raakt dan een ander leed waarbij een kind sterft. Volwassenen die sterven is uiteraard ook erg, maar als ouder je kind verliezen, het lijkt me onvoorstelbaar gruwelijk. Projectie, natuurlijk.

    Waar ik wel misselijk van word, is de overdreven journalistiek errond: zoveel mogelijk huilende familie in beeld, zoveel mogelijk irrelevante getuigenissen, zoveel mogelijk shockerende beelden. Ik heb dat echt niet nodig om te beseffen hoe erg het allemaal is… Anderzijds, veel mensen willen dat (stiekem?) wel zien en horen. Ook dat is realiteit, jammer genoeg. Maar geen excuus.

  4. Ik heb de hele ochtend wezenloos aan mijn bureau gezeten en op een bepaald moment dacht ik: ‘Nu is het wachten op de een of andere pipo (excusez le mot) die komt zeggen dat er nog zoveel andere kinderleed is.’ Ik had eerder een verwijzing naar hongerkindjes in Afrika of straatkinderen in Brazilië die worden doodgeknuppeld of zo, maar goed het zijn kankerkindjes geworden. Flauw en intellectueel oneerlijk.

    Je vriend heeft geen punt.
    Leed is leed. Punt.

  5. Als je zegt dat leed leed is en je de hele ochtend wezenloos achter je bureau zat, waarom zit je dat voortdurend zo achter je bureau? Want de pijn van verlies is er altijd en overal. Zelfs op dit moment in je straat, op je kantoor, …
    Waarschijnlijk omdat voortdurend al het leed absorberen ondragelijk zou zijn en we dus ergens onderbewust moeten schiften in wat we ons laten raken.

    Waarom zorgt net dit leed bij het publiek zo een reactie?

    – Omdat het soms veiliger is het eigen verdriet te kanaliseren in gebeurtenissen waar we niet bij betrokken zijn.

    – Hoewel empathie ooit mee ons succes als soort heeft verzekerd, is medeleven van een emotie -die noodzakelijk was om cohesie binnen een sociale groep te bevorderen- is veranderd in een uiting om te bewijzen hoe menselijk en maatschappelijk betrokken iemand is. -En ja, dat is natuurlijk een veralgemening en gaat niet op voor elk individu die dit zo’n zaken erg vindt.-

    Maar stel toch dat je wel constant met al dat leed zou inzitten, waarom zit je dan achter een bureau en ga je niet helpen? Of werk je in de sociale sector? Ik heb een donkerbruin vermoeden dat het bij jou net is als bij mij en zoveel anderen… Uiteindelijk kan het je gewoon niet genoeg schelen om je eigen comfort op te offeren en het stomweg makkelijker is om te zeggen hoe je hebt zitten wenen of rouwen voor één of andere “verre” tragedie dan zelf iets te gaan bijdragen.

    De harde waarheid is dat de meerderheid van het publiek die beweert te rouwen niet bestaat uit mensen die dit voelen vanuit de goedheid van hun hart. En dat een substantieel deel van die mensen niet eens de moeite zou nemen om de oude vrouw die in het huis ernaast elke dag alleen zit te helpen met haar boodschappen. Ik heb alle begrip voor empathie, onverschilligheid of zelfs wreedheid. Maar wind er als samenleving gewoon niet zo’n onnozele doekjes om.

    Wat het verschil in reactie op de dood van kinderen en volwassenen betreft… Die volwassenen waren ook iemand zoon of dochter, vader of moeder, broer of zus, … En waarom zou hun heengaan minder tragisch zijn of minder aandacht verdienen? Omdat we allemaal erg beschermend zijn naar de jongen van onze soort… Zo beschermend dat het overgrote deel van de mensheid niet in staat is biologische drang aan te vechten en één van de miljoenen wezen te adopteren in plaats van nog meer mensen op de reeds overbevolkte wereld te zetten. Wat ja, ze zijn uiteindelijk toch niet “van ons” dan, hé? Net zoals de kinderen die verongelukt zijn ook niet “van ons” waren.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *