Een paar cachekes in Zomergem

Ons pa had er precies niet veel goesting in vandaag, hij zwijmelde nogal, zei hij, en had niet veel evenwicht. Reden te meer om die vicieuze cirkel te doorbreken, vind ik dan, en dus sleurde ik hem mee naar een paar wegels in Zomergem.

Eigenlijk gingen we gewoon voor het Slokstraatje, de wegel die achter het huis en vooral de tuin en vijver van Mark en Annemie loopt. De cache was niet zo evident wegens blijkbaar vooral voor mensen groter dan 1.65 meter bedoeld. Maar bon, met wat gewriggel en op mijn tenen staan had ik hem toch in handen.

En toen wilde ik graag nog even kijken in de tuin, want in herfstkleuren had ik die nog niet vaak gezien. Prachtig, alweer… En ons pa, die liep dapper mee, zwijfelend of niet.

 

 

Een paar cachekes in Zomergem

Tegenwoordig rijdt ons pa niet meer zelf met de auto: het ding weigert te starten, en ik vind dat niet slecht. Ons pa zijn reactievermogen is niet meer denderend, hij heeft parkinson en zijn ogen zijn ook niet altijd even scherp. En hij is tachtig, dat ook.

Ik ga hem nu elke zondag zelf halen in Zomergem en breng hem dan rond half zes weer terug. Vandaag was dat iets vroeger, want het was nog steeds prachtig weer en we wilden nog een paar caches in Zomergem oppikken. Eentje lag aan de Azijnwegel, waar ons pa meteen ook de naam van kon verklaren, en eentje een eindje verder in de Karel Lodewijk Ledeganckstraat, een van Zomergems bekende inwoners.

Lang hield ons pa het niet uit, en na 500 m vroeg hij al of het nog ver was, maar op zich geniet hij er telkens toch weer van, van onze korte wandelingen. Oh, én van het zoeken naar de cache, want hij zoekt zeer actief mee, gelukkig maar.

Van Kouter- en Kattestraatjes

Ons pa zijn auto is kapot, en dus ging ik hem halen zodat hij hier kon komen eten. Normaal gezien proberen we dan ook elke keer een eindje te geocachen (= vermomd wandelen), en er liggen er nog behoorlijk wat in Zomergem.

We aten daarom vrij vroeg taart en reden richting Zomergem om er een paar wegels met een bezoekje te vereren. Eerst sloegen we het Kouterstraatje in en stonden we er allebei van te kijken dat er niet alleen huizen stonden langs deze wegel, maar dan nog prachtige huizen ook!

We reden verder, het Molenpark in, om het Kattestraatje met een bezoek te vereren, maar blijkbaar, zo wist een bijzonder beleefde jongen ons te zeggen, is de ingang van de wegel in de Molenstraat zelf. Bon, wij geparkeerd en de wegel in. Het was vrij guur weer voor eind augustus en ons pa had het lastig. Zijn conditie is echt wel ondermaats, maar aan de andere kant: hij is tachtig, met parkinson.

In elk geval zijn we weer twee gevonden caches rijker. De rest is voor een volgende keer.

Cachen rond ’t Sas

Een prachtige woensdagnamiddag, een overwerkte Gudrun en werk dat ik ’s avonds ook nog kon afwerken = ideaal recept om een namiddag te gaan cachen niet ver van huis. Ik had eind december dit rondje zien uitkomen, maar durfde het toen niet aan, om de simpele reden dat ik een groot deel van deze wandeling vaak met ons ma deed. Dat het Sas haar favoriete plekje was, en dat een foto van datzelfde Sas zelfs op haar doodsbrief stond. Tsja.

Maar vandaag voelde ik me er klaar voor en reed dus fluks naar de Peperhoek om daar te parkeren en de eerste cache te zoeken. Daar kwam net een koppel toe met een hond die zich op het aanwezige bankje installeerden. Toen ik wat ronddrentelde, bleken het ook cachers te zijn, meer bepaald team Maximuis. Ik bleef een dik half uur kletsen en ging toen, eindelijk aan de wandel.

De caches werden eigenlijk allemaal al bij al vlot gevonden, ik wandelde langs het water, moest eventjes grondig slikken aan het Sas zelf, en nam de nodige foto’s.

Ik wandelde verder, sloeg het Meersstraatje in, pinkte een stevige traan weg op Rohoekske, ging Durmenbrug over, liep terug langs het water, vond alle codes en pikte langs een boerenslag de bonus op. Het begon al te schemeren toen ik terug aan de auto was en mijn fysieke batterijen waren plat, maar de mentale weer helemaal opgeladen.

Ergens blijft het toch ook mijn Zomergem…