Dagje zee

Elk jaar gaan we met Barts familie op weekend. Het is al naar zowat overal geweest, en deze keer had Koen de zee voorgesteld. Met kleine kinderen is dat altijd fijn, zelfs al was het slecht weer geweest. Maar kijk, ook deze keer waren de weergoden ons gunstig gezind: het was echt stràlend weer! Ik had eigenlijk niet eens topjes meegenomen, alleen gewone T-shirts, maar wel mijn badpak omdat er in het hotel ook een zwembad was. Nog een chance, want aan het strand was het in de namiddag echt wel warm. Serieus warm zelfs.

Ik begon de dag met een nieuwe foto vanuit Nelly’s raam – ons kamer heeft zijdelings zeezicht, en dat pakt niet zo op foto – en daarna gingen we ontbijten.

Na het eten splitsten we op: Wolf en ik gingen eerst even het strand om op te kijken of er kon gevliegerd worden – helaas, te weinig wind – en trokken daarna de binnenstad in om te geocachen. We liepen wel eerst even mee met de anderen, die tot aan de grote buitenspeeltuin gingen, en konden op die manier toch nog de cache van gisterenavond invullen.

Toen ging het over de Esplanade naar de bibliotheek, waar we een bijzonder fijne cache konden loggen. En omdat we toen toch al aan het stappen waren en het niet zo ver meer was, besloten we ook nog twee andere caches te zoeken. De ene hebben we niet gevonden, ook al omdat er veel nieuwsgierige blikken begonnen te komen, maar de volgende, in een bunker, dan weer wel. Het leuke aan dat geocachen is dat je op plekjes komt waar je anders nooit zou passeren. En toen was het tijd voor het middageten, en keerden we in stevig tempo naar het hotel terug. We moesten wel nog door de zaterdagmarkt passeren, en kon ik niet weerstaan aan de grote blauwe kijkers van Wolf, en kocht ik hem een pet. Tsja…

We hadden er intussen iets meer dan vier kilometer op zitten, en de pizza smaakte dubbel zo goed! Daarna was het tijd om strand- en zandgerief te verzamelen, en de dijk over te steken. Bart, Koen en Bo deden een middagdutje, Nelly en Else huurden strandstoelen, en de kinderen amuseerden zich rot! De zee was – voor de Noordzee toch – een onmogelijk blauw, en de zon was heet.

Na een tijdje kwam Bart boven water, en nog iets later Koen met Bo. En toen was het tijd voor het serieuze werk, en moest er een écht kasteel gegraven worden. Alleen jammer dat het net eb werd, ze gingen hun bouwsel niet meer verslonden zien worden door de zee. En ijsjes, uiteraard waren er ijsjes.

Tegen zessen werd het welletjes: Bart wilde zijn knie wat rust gunnen, en er moest dringend gegocart worden. Aan Nelly en mij was dat niet besteed, maar de jongens kregen elk hun eigen gocart, en de meisjes mochten achterop bij Koen en Else.

En toen was het tijd voor bad, copieus avondmaal, en bed. Voor een tweede avondwandeling had niemand nog fut, eigenlijk. Maar man, was me dat een zalige dag zeg!

IMG_8340

Werkendag. Allez ja, een beetje toch.

Deze morgen stond het gros van mijn collega’s netjes om half negen op school, vermoed ik: er waren deliberaties voor de luttele herexamens, en alle nieuwe leerlingen met een speciale problematiek werden overlopen. Ik had echter geluk dat al mijn leerlingen geslaagd waren, en ik hoefde er dus niet te zijn. Yay!

Maar de personeelsvergadering in de namiddag, die kon ik uiteraard niet overslaan, en dus maakten de kinderen en ik in de voormiddag onze valiezen, bracht ik hen tegen één uur naar ons ma, en reed ikzelf tegen half twee naar Mariakerke. De kinderen zagen het volledig zitten, want het was mooi weer, en kozijn Alexander was er om mee te spelen!

Het liep allemaal een beetje uit, en dus was het vijf uur voordat ik terug met het kroost in Wondelgem stond, terwijl ik eigenlijk rond vijf uur had willen vertrekken richting De Panne voor een Waelekesweekend. De kinderen hun valiezen waren klaar, die van Bart ook, maar ik moest nog mijn eigen spullen wat samenrapen, en vooral ook instructies geven voor strandgerief, zwemgerief, schoenen en dat soort onzin.

Een en ander resulteerde in het feit dat we stipt om zeven uur aan het hotel in De Panne stonden, en ons iets later mochten installeren in toch wel echt mooie kamers, zij het dat onze familiekamer een beetje klein was voor vijf personen (er was een stapelbed kapot, en dus moesten we er een extra bed in wurmen). Vooral Nelly’s kamer was prachtig: lange hoge ramen met uitzicht op de zee.

IMG_8256

Tegen half acht zaten we in het restaurantgedeelte, met uitzicht op dijk en zee. Neem dat gerust letterlijk: het schuifraam naast onze tafel gaf uit op de dijk, zodat de kinderen vrolijk naar buiten konden lopen en zich tussen de gangen door even konden uitleven op het strand. Zelf ben ik ook even gaan piepen naar de prachtige zonsondergang, en was ik jaloers op de paardenwandelaars.

En na het eten heb ik nog een avondwandeling gemaakt met Wolf, langs het strand. In het passeren hebben we nog snel een geocache meegepikt, ook al hadden we niks bij om te schrijven.

Enfin, een goeie start van een fijn weekend, daar ben ik zeker van!

 

Kreta, dag 3

Na drie dagen liggen onze routines hier blijkbaar al vast: slapen tot negen uur, rustig opstaan, ontbijten, nog wat lummelen op de kamer, en naar het zwembad.

Tegen één uur gaan eten, dan siësta, en rond een uur of drie – half vier opnieuw naar buiten, deze keer richting de zee. Merel heeft nog nooit in de zee gezwommen, en daar wilden we duidelijk verandering in brengen. Eerst was ze dan ook wat huiverachtig: “Mama, dat gaat diep zijn!” “Mama, ik vind die golven niet zo leuk!” “Mama, dat smaakt zo vies!” Tsja… Maar na een tijdje vond ze het heerlijk: spelen met de broers in de zon, in het zand, putten bouwen, broers ondergraven, dat soort dingen. En dat allemaal terwijl het heerlijk warm is, en je ook in de zee niet staat te bevriezen.

Ik had mijn handdoek in de schaduw van een van de parasols gelegd, het zand zelf was gewoon gloeiend heet, en de dame die eigenlijk aan de parasol lag, lag toch te zonnen. Bart was in de bar gaan zitten, op een plekje waar hij ons perfect kon zien zitten en vice versa.

IMG_7321

En toen kwamen twee blonde Duitse jongetjes al stamelend met een luchtmatras: of wij ze niet wilden? Euh, ja? Ze gingen morgen toch naar huis, en gingen die dingen niet mee nemen. Ik had gisteren inderdaad met de mama gesproken, en die was blij dat ze eindelijk tegen iemand Duits kon praten, want ze kon eigenlijk amper Engels. Ik had haar toen aangeboden om, als ze ergens niet uit haar woorden geraakte, te übersetzen, zonder probleem.
Bon, er moest dringend gespeeld worden met de nieuw verworven luchtmatras, en het bijhorende blauwe bootje waarvan de bodem kapot was.

Al bij al was het half acht voor we eindelijk gedoucht waren en aan tafel zaten. Ik stak daarna Merel in bed, en we gingen nog iets drinken met de jongens in de lobby. Met de computers en iPads, uiteraard. En Bart? Die struint door de gangen met zijn krukken, maar het lukt beter en beter om ze even weg te laten. Oef.

Toen de jongens in bed zaten, zijn Bart en ik nog in de lounge blijven zitten, op ’t gemakje wat computeren. Toen hij echter plat wilde liggen met zijn been, ben ik nog voor een nachtwandelingetje langs het strand gegaan. Prachtige volle maan, trouwens.

Zee

Omdat ik blijkbaar niet zo goed reageer op een weekendje zwaar en veel eten, ga ik jullie de details besparen van hoe ik me voel vandaag, en nog meer vertellen over afgelopen weekend.

Rond vier uur waren we dus thuis van Boudewijnpark, en Bart en de twee kleintjes wilden rusten. Merel had al getukt in de auto, en wilde nu niet echt meer slapen, maar bon. Ik had me intussen gerealiseerd dat we maar een paar kilometer van de zee zaten (vier, om precies te zijn), en wilde in dat stralende weer toch even naar het strand. Enkel Wolf wilde met me mee, en het heeft een zalig moeder-zoon moment opgeleverd.

We zijn gewoon de grote baan tot het einde gereden, en kwamen uit in Zeebrugge Bad, naast de haven. Het was net compleet eb, en ik vermoed dat er meer dan een kilometer strand lag. Zo’n eind zeg! De donkere streep groen in de verte is wel degelijk de zee, op onderstaande foto…

zee01

Wolf wilde perse met zijn voeten in het water, en ik wilde foto’s nemen, dus we stapten maar tot ginder. Een goeie honderd meter voor de waterlijn lag er al een “tussenzeetje”, zo’n strook die onder water is blijven staan. Ze was veel te lang om te omzeilen, dus heb ook ik mijn schoenen uitgespeeld, al was het misschien amper vijf centimeter diep. Wolf vond het zeewater zalig, liep in zijn onderbroek, en begon een put te graven. Het water kwam echter zó snel opzetten, dat we eigenlijk moeten vluchten zijn. We hebben zelfs nog moeten grabbelen naar onze schoenen, de handdoek en de fototas, want plots, met één golf, kwam het water drie meter verder dan ervoor. En plots was ook het tussenzeetje verbonden met de echte zee langs de zijkant, en kwam ik zelfs tot mijn knieën in het water. Maar gelàchen dat we hebben, mijn oudste zoon en ik!

zee02

zee03

zee04

zee05

zee06

zee07

zee08

De offshore windmolenbank was heel goed te zien

zee09

Maar weet iemand wat dat ding is, dat daar staat?

zee10

zee11

zee13

Daarna is hij op zestien grote passen van de waterlijn opnieuw een put beginnen graven, en na een half uur was ook die eraan voor de moeite.

We zijn anderhalf uur aan zee gebleven, en hebben er intens van genoten, mijn Wolf en ik.