Dagje Wolf

’t Is niet dat we hem de voorbije dagen niet gehoord hadden via telefoon of Facetime, maar toch, Wolf werd hier keihard gemist, en eindelijk, eindelijk mochten we naar hem toe.
Opa stond hier netjes om 11.00 uur klaar, alleman werd de auto ingeladen, en we reden naar De Haan. Enfin, eerst naar Vlissegem – dat er vlak voor ligt en er een gehucht van is – om daar iets te eten. Kok sur Mer, het is er dik in orde, moet ik toegeven.

Exact om half twee liepen we het terrein van het Zeepreventorium op, de speelplaats over, langs de school, verder langs het pad richting Wolfs paviljoen.

Binnen kwam hij ons tegemoet, en ik nam nog snel een fotootje van de leefruimte en dan ook zijn kamer en het uitzicht uit zijn venster en zo, kwestie van vooral Omaly op de hoogte te houden :-p

We liepen even terug naar de auto om wat strandgerief op te halen, en liepen dan via de tunnel – die uitzonderlijk open was – naar het strand, om dan verder te wandelen over het zand tot aan De Haan zelf. Daar ploften we ons neer, begonnen de kinderen een kasteel te maken, en deden de volwassenen beurtelings een tukje.

Daarna moest er uiteraard een vieruurtje gegeten worden, in casu een pannenkoek, een ijscoupe – Wolf heeft er zich bijna buikpijn aan gegeten – en zo’n meringue voor ons pa en mij. Ons pa had gesnoven toen hij las dat ik de mijne de vorige keer nauwelijks op kon: “Ik zou daar niet veel spel van maken ze!”. Awel, hij heeft stukken uitgedeeld aan zijn kleinkinderen, en had er dan nog moeite mee. Ja man…

Daarna wandelden we rustig over een stukje dijk en een duinenpad terug naar het Preventorium.

En toen moesten we afscheid nemen, en hadden vooral de twee kleintjes het lastig. Hun grote broer is hun held, weet je wel…

Enfin, we hadden een prachtige dag, en we kijken keihard uit naar zaterdag, wanneer we hem mogen ophalen voor een lang weekend.

 

Dagje zee

We hadden het al eventjes gepland voor vandaag: een dagje Cadzand! Maar de jongens hadden geen zin om al in de voormiddag te vertrekken, dus werd er eerst nog gespeeld met de lakens die moesten ververst worden. Of hoe je dus een Merel- of Kobewrap maakt.

We aten om twaalf uur, en zaten we om één uur (toch weer iets later dan gepland) in de auto, gepakt en gezakt: handdoeken, ligdingen, schopjes en ander zandspeelgoed, vliegers, strandtent, zonnecrème, enfin, u kent het wel. We vonden vrij vlot een parkeerplaats en in minder dan tien minuten stonden we met onze voeten in het warme zand, tussen de talloze andere mensen die op hetzelfde idee waren gekomen. Ik ben blij dat we niet voor Knokke hebben gekozen…

Er stond een stevige, strakke wind, ideaal vliegerweer, maar de combinatie met al dat zand maakte het niet altijd even aangenaam. Koud was het nochtans absoluut niet.

(En sorry voor de vele stofjes op de lens van mijn camera, het was me nog niet opgevallen op gewone foto’s)

Tegen half zes was er blijkbaar genoeg gezwommen (door de jongens) en verveeld op een handdoek gelegen (door Merel), terwijl ik bijna een half boek uit had, en serieus wat zonnecrème had gesmeerd. We waren ook op zoek gegaan naar een fossiele haaientand, waar we van afwisten door, jawel, het geocachen, en na een half uurtje zoeken en speuren had ik er effectief eentje beet.

IMG_5829

We ruimden op, wandelden naar de auto, pikten ietsje verderop nog een cache mee, en vonden het jammer dat we geen ijsjes hadden gevonden.

En toen, toen reden we door Retranchement, moesten we 100 meter afwijken van de route voor een cache, en lag daar, jawel, een frituur waar je ook ijsjes kon kopen! Dubbel score!

Iets verderop plukten we nog, met enige moeite, een cache, en gingen daarna vrolijk in de file staan. Jawel, nog maar eens, niet omdat er veel verkeer van de kust kwam, maar omdat er werken waren. Alweer.

Enfin, iets na achten konden we de voeten onder tafel steken, en nog iets later lag een proper gewassen Merel in een lekker vers bedje. Oef.

Dagje Oostende

Eigenlijk had ik het al van in februari gepland, een dagje Oostende, al sinds de toeristische dienst me laten weten had dat er in Fort Napoleon een tentoonstelling voor kinderen was rond geluk en geluksvogels. Maar plan dat maar eens in, met drie kinderen met een eigen agenda, en een druk voorjaar qua familiefeesten. Tsja…

Vorige week wilden we het niet doen omwille van het weer, en vandaag hadden ze oorspronkelijk mooi weer beloofd. Deze morgen viel dat dus dik tegen… Wolf vertrok naar Center Parcs in de gietende regen, en wij gingen nog wel zien. Maar kijk, na de middag leek het wel op te klaren! We gooiden de dikke jassen en een hoop strandspeelgoed in de auto, en we reden met ons drietjes naar Oostende.

En voor wie nog iets zoekt om te doen deze week met lagereschoolkinderen: de tentoonstelling, met zijn prachtige vogels, opdrachtenboekje en tekstjes, is een schot in de roos, een echte aanrader!

En het fort? Goh, welja, fortig zeker? Als je het Gravensteen gewoon bent, ben je nogal kritisch, veronderstel ik. Maar eigenlijk was het wel best mooi.

We gingen nog iets drinken, en tegen kwart voor vijf namen we het kleine veerbootje van de Oosteroever naar Oostende centrum, zijnde het Aquarium. We zijn wel eventjes kletsnat geregend, maar kom, daar zijn we niet van gesmolten.

En toen, toen was er de zee en het strand. De kinderen trokken hun schoenen en kousen uit om in het zand te spelen, maar liepen toch niet tot aan het water. En ik? Ik zette me op een bankje vlakbij, genoot van de vlagen zonneschijn, en las. Heerlijk!

We haalden een ijsje, en stelden vast dat het veerbootje net een half uur in pauze was gegaan, toen we daar aankwamen. Maar het regende alvast niet, en we zaten daar best goed. Een en ander zorgde ervoor dat het bijna half acht was voor we terug naar huis reden. Maar we hadden wel een pracht van een namiddag.

Plopsa!

Geef toe, een beter moment om naar Plopsaland te gaan, was er toch niet? Eind van de vakantie, stralend weer, en we zaten toch al in De Panne, waar we sowieso voor de middag uit de hotelkamer moesten zijn. Het werd dus een rustig ontbijt, alles inpakken, en de auto gaan parkeren op de grote parking van de tweede vestiging van ons hotel, zodat we de kusttram tot aan Plopsaland konden nemen. Beste. Suggestie. Ever! De files in zowel heengaan als terugkomen waren de moeite, daar in Adinkerke.

We waren er tegen half twaalf, en ik ging er snel vandoor met beide jongens, terwijl mankende papa zich samen met de rest van de familie over Merel ontfermde.

Voor de Supersplash hoefden we amper tien minuten aan te schuiven, en achteraf in het bootje heb ik nog snel een paar foto’s genomen.

En toen gingen we in de Dragon. Kobe wilde wel, maar met een bang hartje: zijn eerste echte rollercoaster! Het was wel twintig minuten aanschuiven, en wat doet ne mens dan? Spelen met het fototoestel, natuurlijk!

 

Maar Kobe was eigenlijk wel bang, ja. Tot het ding goed en wel in gang was: toen vond hij het de max! Kijk zelf maar: een voor- en tijdensfoto!

En toen was het tijd om te eten, en zagen we de anderen terug bij een pak frieten. Daarna repten we ons naar de, tsja, hoe heet dat ding? Feestzaal?

Er was namelijk een optreden van eerst Prinsessia, en daarna Ghost Rockers! Liv was vooral zot van de eerste, ons drie gasten zaten te wippen op hun stoel voor de tweede. Het was in elk geval wel goed gebracht, en kort maar krachtig.

Daarna wist Wolf zijn tante te strikken om op de Anubis te gaan – mij niet gezien zeg! – en deden wij wat rustiger dingen in Mayaland: tulpen, waterlelies, een paar andere dingen zoals koffie drinken…

En toen deden we iets vrij onverwachts: we zijn met de hele familie, inclusief Bo en Merel, maar wel zonder Omaly, op de Rollerskater, ook wel Wasmachine genoemd, gegaan. Ik dacht echt dat Merel ging huilen, maar ze vond het super, en wou nog eens! Helaas was de rij te lang, en was het eigenlijk ook wel wat welletjes. We namen het treintje terug naar de ingang om de voeten van Omaly en de knie van Bart te sparen, zagen in het passeren nog de parade, en namen de tram richting auto, om dan wat file te trotseren op de E40. Toch nog. Dju.