Boottrip: dag vier en einde

Gisterenavond was het een fijne avond in Diksmuide, vandaag waren we iets over negenen alweer aan het varen, terug naar de basis in Nieuwpoort. We hoefden ons niet te haasten, we hadden een gewone sluis en geen getijdensluis. Enfin, heerlijk getuft in de zeewind, en zelfs nog file aan de Sint-Jorissluis, stel je voor! Gelukkig kunnen we intussen wel een beetje aanleggen en zo, viel dat dus best mee.

Tegen half twaalf waren we netjes terug, konden we afrekenen – de weggewaaide parasol, weet u wel – en bleek alles in orde te zijn. Oef.

We reden dan maar naar Nieuwpoort Bad om daar op de dijk iets te eten. Jammer eigenlijk: hoogzomer en we hadden allemaal een pull aan want net te koud om zo rond te lopen. Meh.

Na de mossels en garnaalkroketten bracht Bart Wolf en Arwen naar het station in Oostende: Arwens ouders konden haar niet komen halen, en met zes in de auto is nu niet bepaald de bedoeling. Kobe reed mee wegens geen goesting om veel poot te verzetten, Merel en ik gingen wandelen/geocachen in Nieuwpoort zelf. We hebben er maar een paar van een rondje gedaan, maar da’s niet erg. Vooral heel veel mooie huizen gezien. Oh, en er was uiteraard ook een ijsje.

Tegen vijf uur waren we terug in huis, met een blije Nazgûl, een hoop was, en kinderen die vrolijk gingen douchen. En gebruik maken van de wifi, dat ook, ja.

Nee, het was geen tien dagen aan een zuiders zwembad, maar het was een verdomd fijne vakantie.

Bart en ik hebben echt genoten van dat varen en vinden het voor herhaling vatbaar. Misschien een idee voor de citytrip voor volgend jaar? Als we een weekje hebben?

 

De zee…

Twee jaar geleden zat ik elke zondagavond nog in De Haan. Ik ben doodblij dat dat achter de rug is, maar tegelijk mis ik de zee. Nooit gedacht dat ik dat nog ging zeggen, maar ja, ik mis de zee. De lange avondwandelingen op het strand of op de dijk, het uitwaaien, de zon zien ondergaan, de rust in mijn hoofd…

Yup. Ik haat het strand en de drukte, maar het waaien aan zee? Heerlijk gewoon.

Djerba dag 5: van beestjes en zwemmen. Gelukkig niet tegelijk.

Gisteren was een gevulde dag, maar ook vandaag stond er wel een en ander op het programma. We hadden op voorhand gezien dat er zoiets bestond als Djerba Explore, een soortement park waarbij je een museum had, een tuin en een krokodillenverblijf.

Wij vandaag daarnaartoe, maar eerst waren we nog even gaan rondlopen op de markt in Midoun zelf. De meisjes kochten er een paar hele mooie haarspelden, ik kocht hoestsiroop, Arwen kocht een pracht van een schaaltje voor haar mama op de markt, en we lachten ons een kriek met de oude verkoper. Hij was de eerste die niet opdringerig was, en net daarom bleven we bij zijn waren staan. Ik liet Arwen iets kiezen, en toen begon het onderhandelen. Of, zoals hij zei: “Maintenant, on va rigoler!”. Hij vroeg veertig, dacht ik, we zijn akkoord gekomen op 21. Maar bij die 40 had hij geschreven – want blijkbaar bied je door te schrijven – PF: prix fantastique. En toen riep hij er Bart bij: “Votre femme – et c’est un compliment, madame – elle est pire qu’une Berber!” Enfin, ze kocht ook nog een kristal en een kleine woestijnroos voor Jarno – ook met stevige afbieding – en ikzelf kocht nog twee mooie katoenen sjaals, een zwarte en een steenrode. Hij vroeg 40 dinar voor eentje, ik heb 30 betaald voor de twee. Tien euro, dus.

Eigenlijk waren we nog vrij snel rond en reden we dus naar Djerba Explore, toch wel de volle tien minuten rijden :-p Ik wist dat er daar restaurantjes waren, en we vonden er op het Explore terrein – dat ongelofelijk proper, opgeruimd en onderhouden was – inderdaad een deftige Italiaan. Iets duurder, maar naar ons normen nog steeds spotgoedkoop. Enfin, er waren burgers, spaghetti’s, frietjes en dus blije kinderen.

Aansluitend gingen we een kijkje nemen in het museum, waar ons opviel dat er prachtige dingen hingen, maar het meeste slechts uit de 19de eeuw kwam. En dat voor een eiland dat al bij Homeros omschreven wordt als het eiland van de Lotuseters, waar Odysseus met zijn vrienden kwam.

Aansluitend gingen we naar het krokodillendeel, waar duidelijk ook nog andere reptielen zitten, zoals grote landschildpadden, varanen, iguanen, baardagamen en nog wat wijze dingen.

Het ongelofelijk wijze was dat het er niet erg druk was, en dat een van de opzichters er blijkbaar plezier in vond ons op sleeptouw te nemen en uitleg te geven. In het Frans uiteraard, waardoor ik alles moest vertalen, maar dat is niet erg. Ik vermoed dat hij ons eruit heeft gepikt omdat de kinderen echt laaiend enthousiast waren en ik sowieso al een uitleg stond te geven en ik hem ook iets gevraagd had. Hij wist dus vanalles te vertellen over de reptielen: herkomst, eetgewoonten, biotoop, dat soort dingen. Vooral Arwen vond het de max.

En toen, toen waren er de krokodillen. Afrikaanse nijlkrokodillen, 630 stuks, verdeeld in verschillende leeftijdscategorieën. De ouwe krokodillen – voor een keer dat ik dat letterlijk kan gebruiken – zijn 23 jaar en hondsgevaarlijk, maar goed gevoed en daardoor gelukkig niet al te agressief. Toch gaan de opzichters er altijd in groep binnen, gewapend met lange stokken om hen op afstand te houden.

En toen kwamen ze ons halen: ze gingen de twaalfjarige krokodillen voeden. Die beesten eten eigenlijk niet veel, zo’n 4 kilo per week, en net daarom bewegen ze zo weinig en liggen ze zo veel in de zon, om calorieën te sparen.

Man, spectaculair! Je hoort die kaken gewoon klappen! Ugh!

En intussen bleven we vakkundige uitleg krijgen, waarbij die man ook vragen stelde aan de kinderen. Hij was duidelijk gewoon groepen over de vloer te krijgen. Echt, een enorme meerwaarde.

Daarna zijn we nog een “dessertje” gaan eten bij diezelfde Italiaan.

En dan nam ik ze allemaal mee naar het plekje dat ik dinsdag ontdekt had. Met enige aarzeling zijn ze alle vier het water in gegaan. Wolf had in het begin gewoon zijn zwembroek aan over zijn onderbroek: “Mama, ik ga daar toch niet verder in dan dat hoor”. Uiteindelijk is hij zelfs kopje onder gegaan ^^

Ik heb hen nog even meegenomen tot aan het haventje van dinsdag, en toen was het alweer welletjes. Iedereen was moe, en ik was gewoonweg verbrand, vooral dan van in de auto te zitten met het raam open.

De topdag tot hiertoe, zeiden de kinderen. Dik in orde.

Djerba dag 2: zon en zee

Wakker worden met de zon die door de luiken piept, ik heb dat ongelofelijk hard gemist. Vanuit mijn bed zag het er zo uit:

En toen ik mezelf half uit bed had gehesen, werd het dit:

En dat is precies waar ik gigantisch veel nood aan had: licht. En zon. En zonlicht. Gewoon weg uit dat donkere grijze, serieus.

Alleen… kan ik heel moeilijk tegen dat licht zonder koppijn te krijgen, en had ik blijkbaar een leeg zonnebrilhoesje in mijn koffer gegooid. Serieus zeg… Ik ben dan maar met Bart naar de optiekzaak in het winkelcentrum gereden en heb er de “goedkoopste” bril gekocht die ik over mijn gewone bril kon zetten. 80 euro, alsjeblief. Ugh. Oh, en we hebben inkopen gedaan om gewoon ’s middags brood te eten in onze woonkamer. We hebben een grote ijskast, dus dat zit wel snor.

Merel en Kobe hadden niet zo goed geslapen: het was echt koud in hun kamer want ze hadden de verwarming niet aan gekregen, en door het enkel glas konden ze ook voortdurend het geraas van de auto’s horen. En dan was er om half zes de muedzzin van de moskee aan de overkant die ons wakker had gemaakt…. Maar de onderhoudsdame van de riad – de eigenares zal er pas woensdag terug zijn – zorgde voor een extra vuurtje op gas, toonde ons hoe de verwarming in hun kamer werkte, en het geluid, tsja… Dat zal wennen worden, vrees ik.

Maar er was zon en een zwembad, zij het ijskoud. Ik geef toe: in de zon was het gewoon te warm en we zijn allemaal in de schaduw gaan zitten. En de kinderen zijn allemaal zo’n seconde of vijf in het water geweest: dan konden ze tenminste zeggen dat ze in februari gezwommen hebben ^^

En tegen vier uur reden we richting kust waar de grote hotels staan om er toch even de zee te zien. We dachten dat we daar wel ergens een terrasje en een restaurantje zouden vinden, maar nee hoor. Wel zagen we een dolfijn zwemmen, nadat een local ons daar op had gewezen. Zo zalig!

Soit, we zijn dan effectief maar tot in Midoun gereden, waar Bart een restaurant had gevonden via Tripadvisor. Het zou open gaan om zes uur, maar toen was er niemand te bespeuren. Pas toen we al eventjes stonden te wachten, kwam er iemand aangelopen, en die ging dan de gastvrouwe halen, een Française. Het was wel lekker, maar lekker als op het niveau van een doodgewone bistro hier, niks speciaals.

En toen was het bedjestijd, want Kobe had eigenlijk al de hele dag een beetje koorts en een vuile hoest. En Wolf was een echte snotling. Zieke kinderen op reis, net wat we nodig hadden. Hopelijk wordt het niet erger!

Port Zélande

Dit jaar kon Bart het zich niet echt permitteren om lang op vakantie te gaan: te veel hete hangijzers in het vuur, te veel dingen die nu onmiddellijke reactie kunnen vragen. We wisten dat op voorhand, het is niet alsof dat een probleem was. Ik had met de kinderen afgesproken deze week vrij te houden, en we gingen wel zien wat we dan gingen doen. Ik had gedacht met de auto naar Engeland te gaan en er van B&B naar B&B te rijden, zoals ik zelf altijd heb gedaan met ons ma. Of Duitsland, of Bretagne of zo.

Maar zij kwamen met het uitdrukkelijke verzoek nog eens Center Parcs te doen: dat was eeuwen geleden en ze vonden dat zo leuk. Euh… van mij niet gelaten. We kozen Port Zélande omdat we daar goeie herinneringen aan hadden en dat amper een dik uur rijden is van thuis. Nog een chance, want morgen mag Bart al heen en weer rijden… Tsja.

We waren zowaar klaar om half tien, du jamais vu, terwijl Arwen pas afgezet werd om tien uur. Iets later zaten we dus in de auto’s, richting Middelburg. Daar wilden we even de toerist uithangen, wat geocaches oppikken en iets eten. Er was stralende zon toen we er toekwamen, maar gelukkig zaten we tijdens het eten onder een grote parasol, want jawel, de eerste regenbui was een feit.

Tegen een goeie één uur zaten we alweer in de auto en reden we via de Deltawerken Neeltje Jans. Ik had het me indrukwekkender van uitzicht voorgesteld, om eerlijk te zijn, ook al waaiden we er bijna weg.

Om half drie waren we in Center Parcs, zodat we eerst nog een koffie gingen drinken voor we in ons huisje kwamen. Om eerlijk te zijn: dat huisje valt een klein beetje tegen. Het is klein voor zes personen: één kleine badkamer, en de zetel in de woonkamer is zo groot dat je hem opzij moet schuiven als je naar het terrasje wil. Nu, ik denk niet dat we dat vaak gaan willen, want het regent eigenlijk nogal. En daarnaast, ja het is vernieuwd, maar de oude houten ramen zijn nog altijd gewoon oude houten ramen die niet perfect sluiten en dat soort dingen. Meh.

Enfin, we installeerden ons en Bart ging met de kinderen prompt naar het zwembad. Ik paste: ik weet niet wat het is, maar ik ben de laatste dagen nogal opvliegend en slecht gehumeurd, en de stilte en het lezen deed me goed.

Tegen half zeven werd er gegeten, en terwijl de kinderen dan wat tv en computer  keken, maakten Bart en ik nog een avondwandeling. Het is een twintig minuutjes wandelen tot aan de zee, en dat is wat we deden, onder een dreigende avondlucht. Tot onze grote verbazing vonden we vlak voor de duinen een betonnen vlakte, het lijkt wel een schots en scheve landingsbaan. Vreemd, tot ik leerde dat het hier eigenlijk een immense dam is, en dan is het meteen minder vreemd. We wandelden rond, pikten een geocache op, stelden vast dat het eb was en de zee zelf wel heel ver lag, en keerden op onze stappen terug, want de lucht begon nu wel héél erg dreigend te worden, compleet met bliksems en al. Een zonsondergang zien over de zee zat er dus niet echt in.

Helemaal droog hebben we het niet gehouden, maar het was pas toen we al veilig en wel terug waren in het huisje dat het beginnen gieten is. Oef.