Poep kut kak – zoals Kobe zou zeggen

Blijkbaar was de rug er nog niet aan toe om te herbeginnen en waren de voorbije dagen ook niet zo heel licht. Tsja.

Woensdag drie uur lesgegeven, donderdag vijf uur, vrijdag vier uur, dus dat valt best wel mee. En het feestje zaterdag wijselijk aan me voorbij laten gaan, maar netjes in de zetel gebleven en examens opgesteld.

Maandag was echter lastiger: vier uur examentoezicht. De collega’s hadden er wel voor gezorgd dat ik in een relatief kleine klas zat, zodat ik eigenlijk kon blijven zitten in plaats van te patrouilleren – zo lief en meedenkend zijn ze! – maar ik moest wel af en toe richting de andere kant van de school om daar te kijken of er vragen waren: ik had in drie lokalen tegelijk examen. Op zich dus niet zo belastend, maar vier uur op een stoel zitten is sowieso moeilijk.

Dinsdag was lastiger: toezicht van half negen tot tien, dan les tot twaalf met tussendoor toch nog even gaan kijken of er vragen waren. De collega’s hadden me wel gezegd even te gaan liggen tussen half tien en tien – we waren met voldoende – en dat heb ik dankbaar aanvaard. Mijn middagtoezicht was doorgegeven aan een andere collega, zodat ik thuis kon eten en liggen. En dan nog les van kwart voor twee tot half vier, en om vijf uur kine. Die stelde vast dat al mijn spieren verkrampt waren en probeerde alles zo veel mogelijk los te zetten, maar bon.

Woensdag voelde ik wat meer pijn, maar ik dacht dat het gewoon oververmoeidheid was en legde het naast me neer, want tot maandag moet ik niet meer op school zijn, alleen nog thuis verbeteren, en dan kan ik op eigen tempo doen. Dacht ik.

Want toen vonden de hernia’s dat ze zich dringend moesten komen moeien, samen met een zenuw in mijn rechterheup die zich ergens tussen had geklemd. Resultaat: ik kan geen kanten meer op. Het gaat niet. Gisterenavond nam ik voor de zekerheid al mijn stok mee naar boven, deze ochtend was ik aangewezen op de rollator.

Ik kan me nauwelijks wassen, ik kan me niet zelf aankleden, ik geraak met moeite in en uit mijn zetel en elke beweging doet pijn. Verbeteren zit er voorlopig niet in, ik lees en kijk tv, dingen die ik zo plat mogelijk kan doen.

Voor het eerst – ik kan me dat toch niet herinneren van de vorige keren – is het ook moeilijk om naar toilet te gaan: mijn rug buigt zó weinig mee dat het bijzonder moeilijk en pijnlijk is mezelf proper te maken. Het lukt, maar daarna moet ik gaan liggen van de pijn.

Bon, ik heb dit eerder meegemaakt, ik weet dat ook dit voorbij gaat, maar dat ik het een week tot tien dagen moet geven. Wat ik eigenlijk niet heb, als ik mijn examens wil verbeterd krijgen. Nog een ongelofelijke chance dat alles netjes gekopieerd en ingediend is, de collega’s kunnen mijn examens afnemen.

Maar het is dus wel weer van dat. Serieus, als dit frequenter wordt, wil ik echt niet oud worden. En er valt, helaas, niks aan te doen.

Plat

Het is duidelijk te veel geweest voor het vege lijf: ik lig weer plat. Nee, het zijn niet de hernia’s, ik loop dus niet scheef of zo, ook niet met mijn krukken of rollator, mijn hele lijf doet gewoon pijn, vooral de rug dan. Die is gewoon oververmoeid, op. Mijn benen doen pijn, de voet doet pijn, de rug doet pijn…

Het was me dan ook wel het weekje wel: maandag klassenraden van 11.00 uur tot 17.00 uur, dinsdag van 8.30 uur tot 17.00 uur (met een half uurtje pauze) en dat zitten is dus bijzonder slecht voor de rug. Woensdag was er de repetitie voor de proclamatie en dan de foto’s, proclamatie en receptie, met andere woorden: rechtstaan en rondlopen van half zeven tot tien. Ugh.

Donderdag in ’t stad met Merel – moest echt gebeuren – en dan ’s avonds drie uur oudercontact. Maar wat de druppel was – want het vorige heb ik elk jaar aan mijne rekker – is dat ik op de laatste vrijdagvoormiddag, gisteren dus, nog alle klassen op de foto heb gezet. We waren de klasfoto’s zo’n beetje vergeten en ze dan alsnog ingepland die laatste voormiddag. Ik heb dus de hele voormiddag rechtgestaan, foto’s genomen en gezaagd tegen leerlingen dat ze dichter bij elkaar moesten staan, van hun haar blijven, geen idiote smoelen moesten trekken, van elkaar blijven…

Ik ben om half een thuis gekomen, ben in de zetel gaan liggen en heb zelfs niet meer gegeten, gewoon meteen in slaap gevallen. Het was een beetje op.

Dood.

Ik lig in mijn zetel, en ik ben niet van plan er vanavond nog uit te komen. Of zelfs maar een teen te verroeren.

Laat ons stellen dat ik er een klein beetje over ben gegaan vandaag. Klein beetje maar.

De voormiddag was weliswaar rustig, maar toch weer meer dan gewoon in de zetel liggen: met Wolf naar de Poel rijden, en een uurtje rustig in de Labath een manuscript zitten verbeteren, met een grote latte erbij. Thuis had Bart het eten al op tafel, en maar goed ook: om kwart over een stapten Wolf en ik alweer in de auto, richting OpenSchoolDag.

Ik geef toe: daar was ik een beetje over in mijn gat gebeten, jawel. Toen vorige week namelijk de dienstnota verscheen over de Openschooldag, zag ik dat ik zonder boe of ba gewoon was ingeschakeld op school, en dan nog voor een dubbele taak: zowel de medebar als het nemen van foto’s. Prompt mailde ik terug: dat ik nog steeds 100% in ziekteverlof ben, en met reden. Dat mijn lijf dat niet aankan, en dat ik dus niet van plan was de hele tijd te blijven. Ik kreeg een verontschuldigend mailtje terug: dat ze dachten dat ik sowieso kwam, en dat ze me daarom hadden ingeschakeld. Ik was er echt niet mee gediend: ik doe al, ondanks mijn ziekteverlof, de website en de rest van de communicatie, de flyers, de brochures, de integratielesjes: was een simpel telefoontje dan zo veel gevraagd misschien? Toen ik iets later dan de adjunct aan telefoon had, heb ik hem dat ook nog even meegedeeld.

Maar bon, tegen half twee stond ik dan toch op de OpenSchoolDag, waar mijn collega’s al volop bezig waren met leerlingen, en waar ik maar plaats moest nemen achter de bar. Een lieve, fotogekke collega kreeg mijn fototoestel in handen, en trok maar liefst 400 foto’s: mooi meegenomen!

IMG_4556

Ik had gedacht van om half vier weg te gaan, een half uurtje te gaan liggen thuis, en dan te zorgen dat ik om 16.45 uur op de generale repetitie zou zijn voor ons concert morgen. Niet dus: er was echt veel volk, en ik bleef maar uitleg geven en mede schenken. Ik ben ook gaan zitten en voor een stuk blijven zitten, want het ging gewoon niet meer. Om vijf uur ben ik dan echt weggevlucht, terwijl Wolf achterbleef om in mijn plaats op te ruimen.

Ik ben nog even langs huis gegaan om een kwartiertje te gaan liggen en de pijn te laten wegebben, maar uiteindelijk stond ik om half zes dan toch weer op de generale repetitie, tot half acht. Toen konden ze me ongeveer samenvegen. Ik ben naar huis gereden, heb gegeten, en lig nu dus in de zetel. Pompaf. Plat.

’t Zal straks wel weer beteren hoor, maar nu nog eventjes niet.