Lectuur: “Grensgangers” van Aline Sax

Ik zit een klein beetje achter met mijn boekbesprekingen, zou je kunnen zeggen. In maart was er namelijk de auteurslezing over dit boek, en ik had het toen uitgelezen. Ik was ook zeer lovend over de toch twee lesuren durende lezing.

Het boek is opgedeeld in drie delen: deel 1 speelt zich af wanneer de Berlijnse muur plots gebouwd wordt, deel 2 in volle DDR en vooral StaSitijd, en deel 3 wanneer diezelfde muur neergehaald wordt. Los van de tweede wereldoorlog kan het boek niet méér over Berlijn gaan dan dit, en geeft het perfect de situatie voor de gewone burger in het Berlijn van de Koude Oorlog weer.

Deel 1 volgt in 1961 Julian, een Oost-Berlijner die plots voor voldongen feiten staat wanneer de muur er komt, en afgesneden wordt van zowel zijn werk, zijn vrienden als zijn vriendin. Hij besluit dan ook te vluchten, met de nodige risico’s, zowel voor hemzelf als zijn familie.

Deel 2 focust in 1977 op zijn nichtje Marthe, voor wie het leven in de DDR de normaalste zaak is van de wereld, tot ze plots, samen met haar broer, in het vizier van de StaSi komen.

Deel 3 gaat dan weer over hun nichtje, Sybille, die in 1989 vooral heel hard onopvallend wil blijven. Wanneer haar oma echter in een coma terechtkomt en wellicht enkel met westerse geneeskunde kan herstellen, zoekt ze contact met haar oom Julian in het westen. En dan valt de Muur…

Ik vond het een schitterend boek. Ja, sommige stukken lijken wat trager dan andere, maar het is over het algemeen zeer meeslepend, heel erg realistisch -Sax heeft dan ook meer dan genoeg opzoekwerk gedaan – en je herkent er het huidige Berlijn perfect in. Zoals ik eerder al zei: jammer dat ik dit boek niet gelezen had voordat we naar Berlijn zijn geweest, het had me echt veel extra opgeleverd.

Aanrader.

Auteurslezing: “Grensgangers’ van Aline Sax

Zelden zag ik een auteurslezing die zó relevant was als deze. Hoezo? Wel, onze vierdes – Merel inclusief – vertrekken op maandag 30 maart voor vijf dagen richting Berlijn. Voor Nederlands moesten ze dan ook het boek “Grensgangers” lezen dat zich volledig afspeelt in, jawel, Berlijn. Het boek is opgedeeld in drie delen: deel 1 speelt zich af wanneer de Berlijnse muur plots gebouwd wordt, deel 2 in volle DDR en vooral StaSitijd, en deel 3 wanneer diezelfde muur neergehaald wordt. Los van de tweede wereldoorlog kan het boek niet méér over Berlijn gaan dan dit, en geeft het perfect de situatie voor de gewone burger in het Berlijn van de Koude Oorlog weer.

Sax begon dan ook met een uitgebreide geschiedenis van dat naoorlogse Berlijn, situeerde daarna haar personages in de tijd, gaf meer uitleg over onder andere Hohenschönhausen waar de leerlingen ook naartoe gaan, schetste de context voor de gewone burger en toonde dat ze ook effectief een historica is die het kan uitleggen én kan schrijven. Ze gaf ook duidelijk weer wat echt en wat fictie was, zoals de ontsnappingsroute voor Julian, maar leuk was dat tijdens haar onderzoek in Berlijn – waar ze een tijdlang ook woonde – een van haar bronnen daar uitriep dat dat ook effectief een ontsnappingsroute had kunnen zijn, en dat ze daar zelf nooit aan gedacht hadden.

Twee uur was misschien wat lang, maar ze gaf tussenin ook een pauze, waarmee ze aantoonde dat ze haar publiek echt wel kent en aanvoelt.

Ik heb alvast geboeid geluisterd en ik vind het jammer dat ik niet mee kan naar Berlijn, of dat ik dit boek en deze lezing niet had gehad nog voor we in 2024 naar Berlijn zijn geweest. Het zou een pak meer gekaderd hebben wat we gezien hebben, en dat terwijl Bart en ik toch ook niet helemaal onwetend zijn, aangezien we al 18 waren toen de muur viel.

Lectuur: “Wat ons nog rest” van Aline Sax

Ik zit wat achter met de besprekingen van mijn lectuur, dus je krijgt even wel wat boeken voorgeschoteld.

Dit jeugdboek is er eentje dat ik moest lezen voor de Kleine Cervantes, de jeugdboekenwedstrijd van Stad Gent. Het was niet te krijgen in digitale versie en dus kocht ik het ergens tweedehands maar duidelijk nog ongelezen, met harde kaft want met zachte kaft bestaat het (nog) niet. En nee, daar heb ik geen spijt van: het is een uitstekend boek, en ook Merel – die leest mee – vond dat en heeft het meteen in haar eigen boekenkast gezet.

Het verhaal is nochtans behoorlijk stevig: we volgen een meisje van 17 in het door de oorlog verscheurde en verwoeste Berlijn van 1945. Ze zit samen met haar moeder en broertje en een hele reeks buren in de kelder van haar appartementsblok te wachten op het einde van de oorlog, wanneer ze niet meer op gevaar van eigen leven water moet halen, of wanneer er eindelijk weer voldoende eten zal zijn. En wanneer er ook geen Russen meer zullen zijn die haar als weerloze prooi zien.

Zoals Merel het stelde: het is vreemd om plots ook de Duitsers als slachtoffer te zien, om te realiseren dat ook het Duitse volk meegesleurd is in een oorlog die ze niet wilden. Het is een hard, schokkend verhaal dat eigenlijk niet bedoeld is, vonden wij in de leesjury, voor jongeren van 12 jaar. Het is overigens wel zeer vlot geschreven, in een typografie die doet denken aan een lang gedicht, met korte zinnen en zeer tekenende beelden.

Een aanrader? Welzeker, maar misschien toch niet voor twaalfjarigen.