Ze lopen moe, meneer.

Het wordt tijd dat het vakantie is, medunkt. Merel loopt meer dan moe, ook al zit ze echt wel tegen kwart na zeven in haar bedje. Allez ja, toch op de meeste dagen. Op woensdag en vrijdag is het acht uur, omdat we dan naar de rugby moeten, en we pas tegen dan terug zijn. Ik zorg dan wel dat ik boterhammen mee heb, zodat ze al gegeten heeft tegen dat we thuis zijn, en dat ze dan meteen in bed kan.

Maar ze is per slot van rekening nog altijd geen vier, en het zijn lange dagen voor zo’n kleuter.

Op woensdagmiddag is er echt niet veel tijd, en doe ik de kinderen te voet naar huis komen. Toch als het niet regent dat het giet, tenminste. Vandaag kwamen ze al blazend en puffend thuis: Merel had de hele weg gehuild, dat ze moe was en haar benen pijn deden, en dat haar jas lastig deed, en… Enfin, u kent het wel. Ze kroop hier thuis in de zetel, onder een dekentje, maar viel toch niet in slaap. Veel heeft ze niet gegeten, daarna, en lag al snel weer in de zetel. In de loop van de middag beterde het wel, en tegen dat de jongens weer thuis waren van de muziekschool, was ze alweer aan het tetteren dat het een lieve lust was.

Maar ze loopt moe. En uitslapen kan ze blijkbaar niet, in het weekend is ze steevast ook om half acht wakker.

Tsja. Een paar rustige dagen zullen welkom zijn. En niet alleen voor haar.

 

Kobe bij de logopediste: update

Sinds mei gaat Kobe dus wekelijks naar de logopediste. De tandarts had in januari vastgesteld dat hij een infantiel slikpatroon heeft, en dus moesten we naar de orthodontist om een voorschrift.

Intussen zitten we dus wel een aantal maanden verder, en gaat het gelukkig vooruit. Dat ligt niet altijd aan Kobe zelf: hij doet – hoe zou u zelf zijn? – zijn oefeningen niet graag, en dus slaat hij ze al eens over, ook al staat ons halve huis vol met blaadjes waarop staat; ‘Logo!’. Maar bon, wat hij doet, doet hij blijkbaar wel goed. Nog een paar sessies, en het zou helemaal in orde moeten zijn. En dan zouden zijn tanden ook spontaan recht moeten komen.

Het zal alweer wat schelen: geen gezaag meer over zijn oefeningen, en geen hee-en-weergerij meer naar die logo. Poeh.

Onegin

In de redactie van Gentblogt zitten, heeft zo zijn voordelen. Zo kregen we een aanbod van de Gentse Opera om 10 duotickets weg te geven voor de matineevoorstelling van het ballet Onegin. Ik zag dat wel zitten, antwoordde, en zei er meteen bij dat ik bij deze ook wilde meedoen aan de wedstrijd voor de tickets. De man in kwestie moest daarmee lachen, en zette meteen een extra paar kaarten voor mij opzij. Fantastisch!

Deze namiddag zat ik dus met Nathalie in de prachtige zalen van de opera, en ik genoot. Maar echt. Genieten.

Ik maakte me de bedenking dat ik dit vaker wil doen. Gewoon, de zondagnamiddag, in goed gezelschap.

In elk geval kan u hier mijn bespreking lezen. Op Gentblogt, natuurlijk, of wat had u gedacht? Maar ik geef ze u alvast ook hier nog even mee.

 

Vorige week zondag stapte ik in de namiddag fluks met een vriendin de Kouter over: we gingen kijken naar het ballet “Onegin” door OperaBallet Vlaanderen, en ik had er gigantisch veel zin in. Een dikke twee uur later kwam ik buiten, overdonderd en met tranen in de ogen. En aan de zakdoeken links en rechts te zien, was ik lang niet de enige.

Onegin is klassiek ballet van het zuiverste water: baljurken en pliés, pirouettes en zweefsprongen, en de obligate elegant gekrulde armen. De knappe muziek vanuit de orkestbak, waar het orkest van de opera het beste van zichzelf stond te geven, versterkt die indruk alleen maar. En dan trekt het woordeloze verhaal zich op gang, en word je meedogenloos meegezogen. Anna Karenina meets Gone with the Wind, met een stevige scheut Pride and Prejudice en Wuthering Heights. Prachtige kostuums, een indrukwekkend en inventief decor, en vooral de ademloze dansen.

Bij de creatie in 1965 door het Stuttgarter Ballett gold Onegin al meteen als ‘een nieuwe klassieker’. Eigentijds en universeel, met getormenteerde personages van vlees en bloed.

onegin

Het werd een verhaal over de naïeve Tatjana en de blasé dandy Jevgeni Onegin, twee mensen die zich van nature tot mekaar aangetrokken voelen, maar in haast parallelle werelden leven. De timing van hun toenaderingen is nefast. Wanneer Tatjana hem in een plattelandssetting haar liefde bekent, wuift Onegin haar gevoelens weg met zijn mondaine arrogantie. Nadat Onegin zijn vriend Lenski doodt in een duel, vertrekt hij noodgedwongen – zij het met een gekweld geweten. Bij zijn terugkeer, drie jaar later, zijn de rollen omgekeerd. Tatjana is intussen een dame van stand geworden, de eega van een prins uit de hoge adel. Onegin vreet zich op van spijt omdat zij haar eed van trouw niet wil verbreken. De ingrediënten bij uitstek voor een episch liefdesverhaal, en dat krijg je in drie actes.

Toen de tweede keer het doek viel, keken de vriendin en ik vol ongeloof naar elkaar: wat we net gezien hadden, kon toch niet waar zijn?!?? We vonden het jammer dat er een pauze was, en wilden weten hoe het afliep. Wie denkt dat ballet per se oubollig moet zijn, is er aan voor de moeite: dit was drama van de hoogste plank, met een stevige dosis suspens.

Daarnaast wordt het ook nog eens magistraal gedanst. Hoofdrolspelers Wim Vanlessen en Aki Saito dansen niet voor niets al twintig jaar samen, en dat perfect op elkaar ingespeeld zijn, dat merk je bij elke pas. Net dàt maakt het verhaal zo geloofwaardig.

John Cranko’s ballet Onegin, gebaseerd op de gelijknamige novelle van Poesjkin, werd een instant succes dankzij zijn intrigerende en uitdagende pas de deuxs. Voor het eerst wordt dit ballet uitgevoerd met muzikale begeleiding van het Symfonisch Orkest Opera Vlaanderen onder leiding van de jonge Britse dirigent Dominic Grier die hiermee zijn Belgisch debuut maakt.

Helaas wordt de voorstelling niet meer gespeeld in Gent, maar u kan wel nog terecht in Antwerpen. Alle info vindt u op de site van OperaBallet.

Feestmenu

Gisteren kwamen Nathalie en Kim, mijn aloude vriendinnen uit het middelbaar, nog eens eten. Kim is nog altijd niet helemaal te been, en daarom zagen we het beter zitten hier bij mij thuis dan op restaurant.

Voor mij betekende dat wel dat ik ging koken, en waar het hoofdgerecht een beproefd recept was, wilde ik voor het voorgerecht en het dessert wel eens wat anders. Ik had een tijdje geleden via Freecycle een Frans kookboek gekregen met “Verrines”, glaasjes dus.

Het voorgerecht ging eigenlijk bijzonder vlot: tartaar van Sint-Jacobsnootjes met verse mango, limoen en roze peper. Lekker, jong!

IMG_2161

Aan het nagerecht heb ik meer dan een uur gewerkt, en gans mijn keuken was een slagveld. En dan was het deel dat zoveel werk vroeg, nog niet eens zo speciaal, vond ik: een chocolademousse met aardbeien, met een pistachecrème. Wél lekker, en geen vier porties, zoals aangegeven, maar negen. Dessert voor vandaag ook, dus ^^

IMG_2168

Al bij al een zeer aangename avond, en de tijd in de keuken meer dan waard.

Blaarmeersen

Het was lang geleden, maar Merel en ik zijn nog eens tijdens de rugbytraining gaan picknicken aan de Blaarmeersen zelf. Het licht was ronduit magisch.

IMG_2123

IMG_2124

IMG_2126

IMG_2127

IMG_2128

IMG_2132

IMG_2134

We liepen langs het strandje, genoten van de zon, en gingen zitten op de steiger. En schrokken ons halfdood, toen er plotseling stemmen vanuit het water leken te komen. Jawel, vier duikers. Oef.

IMG_2136

En toen kwamen daar twee mannen, die een eind verderop aan het vissen waren, visvoer in het water gooien om de vissen te lokken.

Een ongelofelijk zicht: de meeuwen lusten die brokjes voer ook wel, en kwamen er en masse op af. De brokjes die toch de bodem raakten, werden vakkundig opgevist door waterhoentjes, die op hun beurt brutaal werden overvallen door de meeuwen, die soms met vijf tegelijk op het arme waterhoentje aanvielen, en gewoon het voer uit de bek stalen.

IMG_2148

IMG_2139

IMG_2140

IMG_2143

IMG_2147

IMG_2150

IMG_2152

IMG_2153

IMG_2158

En intussen ging de zon onder, en was ik helemaal zen.

Die Merel-mama-momenten, die zijn gewoon zalig.