Karski Quartet in Zomergem
Jeroen stuurde een mailtje: of we geen interesse hadden in een klassiek concert in het kader van het Festival van Vlaanderen? Meer bepaald, in de kerk van Zomergem, een strijkkwartet?
Euh, jazeker!
Het resultaat was dat we deze avond om 19.00 uur in de bewuste kerk zaten, met eerst een voorprogramma van de Muziekacademie van Eeklo. Een strijkkwartet van vier meisjes, les Violons d’été, speelde samen met Guido Van Damme (klarinet) het eerste deel uit het Klarinetkwintet van W.A. Mozart., en ja, ze speelden echt wel degelijk.
Toen mocht even mijn broer voor het voetlicht, want hij gaf de uitleg rond de onthulling van een nieuwe gedenkplaat voor Vinderhoute, over de opoffering van en de bevrijding door Poolse soldaten. Er was een afgevaardigde van de Poolse ambassade, en het kwartet speelde het Poolse volkslied. Kippenvel toen een vrouw uit het publiek heel emotioneel (en eigenlijk zeer knap gezongen) de woorden meezong. Ik denk niet dat ze dat vooraan gehoord hebben, maar hier kwam het binnen.
En toen speelde het Karski Quartet zelf en merk je meteen het gigantische verschil tussen amateurs en professionelen. Geen noot verkeerd, een enorme passie, en vooral: hoe hard kan je een viool, altviool of cello laten zingen?
Het geluid bij de opnames is slecht, maar het geeft wel een beeld. Poolse volksliederen, muziek van Grazyna Bacewicz en Claude Debussy voor strijkkwartet.
Ook zij waren geëmotioneerd, want drie van hen zijn Poolse dames, en de avond had ook voor hen een speciale betekenis. De naam van het kwartet is trouwens geïnspireerd door Jan Karski, de legendarische Poolse verzetsstrijder die tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn leven waagde om de geallieerden persoonlijk te informeren over de verschrikkingen van de Holocaust.
Nog eens bedankt voor de kaarten, Jeroen, het was de moeite waard.
365 – 04 oktober 2026 – Indian Summer
Bezorgd om Gandalf
Gandalf is niet oké. We zien hem niet vaak, af en toe komt hij eens binnenwaaien, meestal met luid gemiauw, eet een beetje, vraagt een snoepje, en bolt het dan weer af. Met een zeer hooghartige houding richting Nazgûl.
Maar vandaag zat ik buiten in de zon, en was hij bij mij gekomen, zomaar, voor een streel. En toen zag ik dat hij eigenlijk zeer mager staat, maar dat zijn buik helemaal opgezwollen is, alsof hij elk moment tien kittens kan krijgen. Dat is uiteraard absoluut niet oké! Hij drinkt nog, hij eet nog, hij plast nog, en dat laatste stelt me iet of wat gerust, want ik dacht dat hij een urinewegverstopping zou hebben, wat katers vaak krijgen.
En natuurlijk is het weekend, en kan ik dus niet met hem naar de dierenarts. Ja, er is er eentje van wacht, maar ik ga veel en veel liever naar Ulrike, onze vaste dierenarts die hem intussen ook wat kent en weet hoe lastig en eigenzinnig hij kan zijn.
Nu, ik hoop maar dat ik hem dan maandag te pakken krijg, want het is soms moeilijk om te weten waar hij zit. Dat is vaak aan de deur van de appartementen hiernaast, maar eigenlijk zit hij zowat overal.
Wat me ook een klein beetje geruststelt, is dat hij niet echt kwam vragen bij mij. Als in: als hij pijn heeft, komt hij ook echt naar mij met de vraag het op te lossen. Zo kwam hij ook naar mij met zijn beschadigde oog en liet hij me er elke dag netjes oogzalf in doen, terwijl hij normaal gezien echt lastig kan zijn.
Op hoop van zege dan maar maandag. Hij is natuurlijk wel al veertien jaar, en dat is niet jong meer voor een buitenkat.
365 – 03 oktober 2026 – diep oranje
Sociaal doen en al
Het was prachtig weer vandaag, en dat voor begin oktober! Die nazomer mag er zijn, jawel, en dat vonden ook verschillende collega’s. De rug hield het redelijk vandaag, en dus had ik nog de energie om vrolijk mee een terrasje te doen bij Den Boer. Vorige jaren kwam dat er niet van, omdat ik de vrijdagnamiddag niet moest werken. Maar nu ik wel weer tot half vier op school ben, kan ik dus gemakkelijk mee.
Het was gezellig, daar op het terras. Een fijne babbel gehad met een jonge collega van wiskunde, en algemeen wel genoten van het gezelschap.
Een van mijn betere sociale dagen, dus. Moet ook kunnen. Zeker gewoon in een T-shirtje buiten in de zon.
365 – 02 oktober 2026 – Mariakerke Kerk
Geen Design Museum
Meh.
Bart was uitgenodigd op de officiële opening van het Design Museum vanavond. Hij kon sowieso niet gaan, en ik ging in zijn plaats gaan. Ik keek er echt wel naar uit, om eerlijk te zijn: dat museum is al altijd een van mijn favorieten.
Helaas.
De rug besliste er – andermaal – anders over. Hij doet eigenlijk al even lastig, en ik weet niet goed waarom. Ik weeg 23 kilo minder dan vroeger, ik werk maar 4/5 meer, en toch… Het is ook geen acute ontsteking ter hoogte van de ruggengraatverschuiving, dat voelt anders, en het zijn ook niet de drie hernia’s die opspelen. De rug is precies gewoon continu oververmoeid, en ik snap dus niet waarom. Nu ik een eigen lokaal heb, moet ik veel minder sleuren met vanalles, ik kan mijn cursussen in de kast laten, net als mijn computer, en ik sleur dus veel minder gewicht mee. En het gewicht dat ik bij heb, moet ik ook veel minder ver dragen want ik heb een eigen gehandicaptenparkeerplaats op school.
Ik heb in dit prachtige weer ook nog nauwelijks gefietst, net om die reden. Vorige dinsdag had ik het geprobeerd, en ’s morgens was dat inderdaad heerlijk. Maar toen ik na een lange dag op school terug moest, heb ik echt op mijn tanden moeten bijten: alles deed pijn, en dat fietsen was er te veel aan. Tsja.
En dus ben ik gisterenavond netjes braaf in mijn zetel blijven liggen, ondanks de kine in de voormiddag, maar wellicht door de lange bijscholing in de namiddag. Dat zijn goeie stoelen, maar drie uur is per definitie te veel als de rug al moeilijk doet.
Meh.
365 – 01 oktober 2026 – apple crumble
Nascholing
Nu we geen pedagogische studiedagen meer krijgen van Zuhal Demir, moeten we onze woensdagnamiddagen daarvoor opofferen.
Het ging deze namiddag drie uur lang over Effectieve Didactiek, en eigenlijk was dat enkel een opfrissing van de basisdidactiek in onze opleiding. Ja, wij zijn professionals, en ja, wij weten hoe leren werkt, dat je dus eerst een input hebt, dat die naar je werkgeheugen gaat, en dat het de bedoeling is dat die kennis naar je langetermijngeheugen gaat. En dat je dat dus best verankert, en dat daar verschillende manieren voor zijn. En dat vergeten er nu eenmaal bij hoort.
Hij gebruikte wel diverse didactische werkvormen, we moesten brainstormen, of zelfstandig nadenken, stel je voor. En hij stelde zowaar een vraag waar ik als enige op bereid was te antwoorden, terwijl ik er redelijk zeker van ben dat zo goed als al mijn collegae dit wisten. Het enthousiasme was overweldigend.
Nee, in alle ernst: het was een goeie opfrissing, maar ik denk dat dit perfect op één uurtje kon in plaats van op drie lange uren: mijn rug hield het niet uit, ik ben op een bepaald moment een kwartiertje gaan liggen. Een beetje zonde van de tijd, denk ik dan.
Tsja.









