Roze rokjes

Toen ik de pedaal van de naaimachine van ons ma liet repareren, heb ik meteen ook mijn 50 jaar oude Bernina binnengestoken, ook voor nazicht van zowel de kapotte pedaal als de machine zelf. Ik kon een nieuwe pedaal online bestellen voor zo’n 200 euro en dan nog niet eens zeker zijn dat het goed ging zijn. Maar deze enthousiaste kerel heeft dus de condensator van de pedaal vervangen, de hele machine nagekeken, de condensatoren daar vervangen en het hele ding gesmeerd en gekuist. Resultaat: het loopt als een vliemke! En ik gebruik om eerlijk te zijn toch liever de Bernina dan de Singer van mijn ma: de motor is veel krachtiger en ze is simpeler om te bedraden en zo.
Intussen is dus wel de machine van ons ma binnen voor onderhoud wegens een slecht contact aan de spoelopwinder. En zo blijven we bezig, dus.

Maar bon, ik had dus al eerder een roze mondmaskertje gemaakt voor Merel en die was ronduit zot van de stof. Het is iets dat ik letterlijk op zolder had liggen, geen idee eigenlijk waar die nog vandaag komt.

Ik heb dan online om een patroon voor een zwierig rokje met rekker gevraagd – dat was wat Merel zelf wilde – en Patricia stuurde me de link voor de @skirtalert van Bel Étoile. Ik ging nog op zoek naar een rekkerband van 2 cm, vond die simpelweg in de Delhaize, en ging aan het werk. Ik had dan ook de alleraardigste naaiassistente die patronen voor de zakken knipte, speldjes aangaf, dingen uitmat en gewoon voor een opgewekte sfeer zorgde.

Drie kwartier of zo later had ik een bijzonder vrolijke dochter in een roze rokje. Het is wel niet zo zwierig geworden als bedoeld omdat ik niet voldoende stof had, maar bon, ik vind het wel mooi, en vooral: Merel vindt het mooi.

En meer moet dat niet zijn.

De Waeles – ijskast: 1-0

Yep, we hebben een gevecht met de ijskast achter de rug, maar het heeft niet veel gescholen of we waren gewoon verhuisd. Echt.

Het begon zo’n 10 dagen geleden: in de buurt van onze ijskast begon een vreemde geur te hangen, en niet bepaald een aangename. Aangezien onze grote berging daar vlak naast is en er een PMD-vuilbak staat, dacht ik er eerst niet verder over na, leegde de vuilbak, en dat was dat.

Ho maar.

De stank begon erger te worden en in onze halve woonkamer te hangen. En echt zo’n rottende stank, niet iets dat je zomaar even opzij schuift. Ik was ervan overtuigd dat er een muis dood lag achter de ijskast of zo, maar Bart dacht dat het aan de ijskast zelf lag. We hebben dan met man en macht – lees: alle vijf samen – de volledige ijskast grondig schoongemaakt – dat mocht ook wel eens – en wat denk je? De stank bleef. Alleen was het me opgevallen dat de stank minder was toen de ijskast uit stond, en opnieuw erger werd toen de motor weer aan lag. Hmm. Misschien had ik gelijk?

Bart dacht dat het aan de berging lag en dus begonnen we met man en macht – lees: alle vijf samen – de berging op te ruimen. Iets wat zeer hard nodig was. Alleen… de stank was niet verdwenen, integendeel, het werd alleen maar erger.

Ik besloot de oven even los te maken om er achter te kunnen kijken, maar het ding is echt tegen de muur geschoven. Alleen werd nu echt duidelijk dat de geur van achter de ijskast kwam. Ugh. Bart en Wolf hebben gisteren laat nog de hele inhoud van de ijskast verhuisd naar de drankenijskast. Ik heb dan vandaag de jongens ingeschakeld: Bart, Wolf en Kobe hebben samen de deur van de ijskast eraf gevezen en uiteindelijk met wat moeite het ding zelf losgekregen.

Bart was intussen alweer aan het conf callen. Wolf en Kobe schoven het ding voorzichtig naar voren, en toen gingen we alle drie gewoon lopen. Man, wat was dat zeg???

Het bleek geen dood beest achter de ijskast te zijn, het bleek het condenswaterbakje achteraan te zijn dat gevuld was met een groene slijmerige smurrie met de geur van een zombie die toch al een maand of twee aan het composteren is. Ugh. Het condenswater uit de ijskast loopt daar standaard in, en dan verdampt het weer omdat de leidingen erdoor lopen. En een tijd geleden was er inderdaad een kommetje eiwit – waarmee ik meringue of zo ging maken – omgevallen in de ijskast en in dat bakje gelopen, waar het netjes kon blijven staan rotten. En het bakje was natuurlijk niet los te krijgen, zodat ik handschoenen aantrok en begon te soppen met keukenpapier. Ik geef het toe, ik ben een paar keer naar buiten moeten lopen om te kokhalzen. En ik ben, na drie kinderen met geregelde buikgriep, toch wel een en ander gewoon.

Toen werd ook duidelijk dat ik het niet ging schoonkrijgen, en dan heb ik het maar losgesnokt – allez ja, voorzichtig de leidingen losgemaakt en de rest eruit getrokken – en uitgespoeld. Man, echt niet te doen… Het bakje zelf is dan ook nog niet proper te krijgen, ik heb een tandenborstel en zelfs een wattenstaafje moeten gebruiken. Maar bon, de geur is langzaam weggetrokken.

De ijskast terug op zijn plaats krijgen was nog een opgave op zich, maar bon, de ijskast is proper, het bakje is proper, de berging is proper en de geur is weg.

En we hebben vooral een teamgevoel gecreëerd. Wij, Waeles, tegen de ijskast, we hebben gewonnen!

Eindelijk die beugel…

Nee, Wolf heeft die beugel nog niet, maar het plaatsen ervan is eindelijk vastgelegd.

Het zit namelijk zo: als je een deel wil terugbetaald zien, moet de aanvraag gebeuren voor je 15 bent – dat was geen probleem – en moet de beugel binnen de twee jaar na aanvraag geplaatst worden. Bij Wolf is dat vóór augustus. Maar waarom zit daar zoveel tijd tussen bij hem?

Wel, hij heeft een paar zeer hardnekkige tanden. Als in: de melktanden wilden niet uitvallen en die zijn dan maar getrokken bij de tandarts. Sommige daarvan in juli 2015 al, de eerste melding van het probleem was zowaar in januari 2014. Maar de laatste twee koppige exemplaren zijn eruit gehaald in september 2018 om plaats te maken voor zijn definitieve tanden, die netjes klaar zaten. En vonden dat ze daar eigenlijk wel best goed zaten. Eentje is uiteindelijk een paar weken geleden nog doorgekomen, de laatste definitieve tand heeft zich nog altijd niet laten zien.

Bon, zei de ortho vandaag: het is welletjes geweest. De beugel wordt begin juni geplaatst en er wordt dan ook plaats gemaakt voor de recalcitrante tand, in de hoop dat hij dan wel doet wat er van hem verwacht wordt. En anders wordt hij er binnen een aantal maanden door een kaakchirurg doorgetrokken, letterlijk, blijkbaar. Mja.

Enfin, Wolf is opgelucht: hopelijk is hij van zijn beugel af tegen dat hij naar ’t unief trekt. Bijna al zijn beugelende maten zijn er intussen al van af, ook Arwen haar beugel wordt binnenkort verwijderd. En hij moet er dus nog aan beginnen.

Ik zoek nu alvast recepten voor pureegerechten en dergelijke. ’t Zal nodig zijn, wordt me toegefluisterd van alle kanten.

Lectuur: “Northanger Abbey” van Jane Austen

Tussen al het fantasy- en science fiction geweld lees ik al graag eens een klassieker van de BBC-lijst. Deze eerste roman van Jane Austen stond daar echter niet tussen, maar kwam op een of andere manier op mijn Kindle terecht. En aangezien ik niet vies ben van een Austen meer of minder, dacht ik: waarom ook niet.

Wel, het is zeker geen slechte Austen, als je van het genre kostuumdrama houdt natuurlijk. Het boek volgt een wel heel naïeve jongedame van 17, Catherine, wanneer ze met rijke buren die wat extra gezelschap kunnen gebruiken, mee mag naar Bath en daar mag vertoeven in de higher society. Het draait allemaal om de juiste mensen, de juiste kleren, het juiste gedrag en uiteindelijk ook om de juiste, bij voorkeur rijke, huwelijkskandidaat en dus ook de juiste vrienden om die te leren kennen. In het tweede deel van het boek mag Catherine mee met een vriendin die ze daar in Bath heeft leren kennen naar haar huis, de Northanger Abbey, waar ze ook wel het een en het ander tegenkomt natuurlijk, voordat de happy end eraan komt.

Austen steekt vooral heerlijk de draak met de fameuze gothic novel, in haar tijd bijzonder populair, niet alleen qua thema maar ook door middel van sarcastische opmerkingen. Zo is Catherines vader “not in the least addicted to locking up his daughters” en haar moeder verkeert in uitstekende gezondheid “instead of dying in bringing the latter [sons] into the world, as anybody might expect”. Ze tekent echter haar personages wel heel mooi uit, zij het soms nogal stereotiep, maar ook dat past perfect in de tijdsgeest waarin een vrouw niet verwacht werd enige diepgang te hebben, en waarin een man zich mijlenver verheven voelde boven dat bescherming behoevende, naïeve en onnozele vrouwvolk. Tsja.

Eigenlijk gewoon een fijn tussendoortje als je houdt van die klassieke Engelse schrijfstijl, barokke stijlelementen en lichte verhalen.

Daarom zijn er niet meer leerlingen op school…

Ik krijg regelmatig de vraag: waarom start bij jullie op school enkel het zesde op, en de andere jaren niet meer? Waarom mogen de andere leerlingen niet meer starten? Als het voor het ene jaar kan, kan het toch ook voor de andere? Mijn kind wil zo graag naar school…

Wel…

Ik kan u met cijfers en berekeningen om de oren slaan, maar laat me het gewoon tonen: dit is het lokaal waar ik standaard les geef aan 24 leerlingen.

Reken nu zelf eens uit hoeveel leerlingen er in dit lokaal kunnen als ze elk op anderhalve meter afstand van elkaar moeten zitten, in elke richting. En trek dan uw conclusies over de bruikbaarheid van de meeste lokalen voor groepen van 14 leerlingen. Want ja, we hebben enkele grote lokalen. Maar we hebben meer lokalen van de bovenstaande soort, waarin je comfortabel binnen kan met een kleinere groep, maar niet als die uit elkaar moeten zitten.

Neem daar dan ook nog eens de gangen bij en de toiletten, waar je, als je anderhalve meter afstand moet houden, telkens maar één leerling binnen kan laten. Want ja, er zijn meerdere hokjes, maar de gang daarnaast is amper een meter of zo, en je kan dus niet kruisen.

Voor onze 72 leerlingen van het zesde voorzien we dus een half uur pauze en één toilet, in de hoop dat dat volstaat. En zijn dus alle grote lokalen op de benedenverdieping al ingenomen.

Dus nee, hoe graag we het ook zouden hebben, we kunnen daar echt niet nog eens 100 leerlingen aan toevoegen als we de basisregels van social distancing moeten volgen. En wij gaan als school écht niet onze leerlingen in gevaar brengen.