Saleich dag 5

Omdat we gisteren nu eigenlijk niet zo veel foto’s hadden genomen, trokken Monica en ik naar een vlakbij gelegen dorpje, Urau, om er nog wat fototechniek te leren. Als in: ik ben zot van texturen maar dat maakt doorgaans geen goeie foto, tenzij je echt met reeksjes werkt. Ik val ook echt op details, en misschien moet ik dus eigenlijk aan macrofotografie gaan doen, denk ik dan.

Ze heeft me dan ook opdrachten gegeven rond stenen, details, luiken en dergelijke. Veel goeds kwam daar – zoals verwacht – niet uit, maar toch nog een paar haalbare beelden. Zo was er bijvoorbeeld een ongelofelijk mooie luikjeshouder. De tweede foto is de goeie, de rest is, tsja, kadering.

En dan nog wat losse foto’s en een ongelofelijk kitscherige “postkaartfoto”.

Er was alweer uitstekend eten, en daarna reden we naar Salies en Salat om her en der wat caches te zoeken. In Touille zaten er twee, hebben we niet gevonden, maar we hadden wel een pràchtig uitzicht.

Er werd koffie gedronken op een terrasje, een taartje gegeten, en verder niet zo heel veel. Al kan je er ook wel van leren hoe je een koffie op foto zet.

En toen was er wel nog tijd voor een workshop food fotografie. Dat is, naast natuurlijk je toestel kennen, vooral een kwestie van tips and tricks. En geduld, dat ook.

En toen waren er sardientjes op de barbecue met, uiteraard, groenten uit de tuin. Die de dames die avond zelf nog hadden geplukt. Met als voorgerecht een chevice en als dessert Griekse yoghurt met ananas en een lokale specialiteit.

 

Grotten, meren, dorpjes en familieleden: Saleich dag vier

Iets voor tienen zaten we met zijn vieren in de auto, op weg naar le Mas d’Azil, oftewel: op een uur rijden langs een serieus bochtig parcours de grootste grotten van Europa. Ze hebben er de route départementale gewoon dwars doorheen gelegd als een natuurlijke tunnel, en dat is ronduit bizar. Monica had een rondleiding geboekt door de grotten voor ons twee en Muriel en Eve reden verder naar Eves vader die zo’n tien minuten verderop woont.

Ik heb al veel grotten gezien, maar dit waren de eerste droge grotten, dus zonder stalagmieten en stalagtieten, maar wel met sporen van bewoning door de vroege homo sapiens, drie verschillende periodes zelfs. Foto’s mocht je niet echt nemen, jammer genoeg. We kregen uitleg in vijf verschillende zalen, gingen trap op trap af en wurmden ons via lage doorgangen langs verschillende resten van holenberen, wolharige mammoeten en wolharige neushoorns – ik wist niet eens dat die ooit bestonden – en een hoop andere beesten. En waren allebei toch behoorlijk onder de indruk, ja (Monica ging me nog foto’s doorsturen, die volgen later).

Eve en Muriel kwamen ons oppikken en ik reed een kwartiertje verder naar een heel mooi kunstmatig meertje, een soort kleine Blaarmeersen. Daar hebben we gepicknickt en gesiëst, en uiteindelijk ook gezwommen. Ik was dat eigenlijk niet van plan, gezien mijn rug en het absolute zwembverbod, maar toen ik even ging pootjebaden terwijl de andere drie aan het zwemmen waren, bleek het water zó warm dat mijn rug daar nu niet precies veel last van ging krijgen, zolang ik maar verticaal bleef. Enig gewurm – ik had beter een bikini meegepakt in plaats van een badpak – later genoot ook ik met volle teugen van het water. Eerlijk gezegd, ik heb dat soort temperaturen nog nooit meegemaakt in een buitenlocatie, zelfs niet in Griekenland of zo. Zalig!

Enfin, aansluitend reden we naar het bijhorende kunstenaarsdorpje Carla Bayle, waar we een koffie dronken en rondliepen voor, uiteraard, foto’s.

Daarna stopten we nog even met zijn allen bij Eves vader, een gigantisch kranige vent van in de 90 met een zalig Zuidfrans accent. Dat even werd eigenlijk al gauw drie kwartier, maar dat stoorde aan geen kanten: couleur locale en al.

Tegen zevenen waren we terug in Saleich en werd er voor eten gezorgd terwijl ik even de rug liet rusten en ondertussen mijn foto’s doornam.

Bijzonder gevulde dag, ik was doodop, maar wat een héérlijk vakantiegevoel zeg!

Oh enne… Terwijl ik bezig was met de foto’s, kreeg ik plots bezoek in mijn kamer, tot drie keer toe: Maurice la chauve-souris, ofte een klein vleermuisje. Foto’s daarvan waren niet te doen wegens donker en zo’n beestje is ook ongelofelijk snel. En compleet geruisloos, dat ook, vreemd genoeg.

Saleich – dag drie

Het duurde wel even voor we weg waren deze morgen: we (zijnde Muriel, Eve, Monica en ik) gingen namelijk met ons vieren naar Saint-Lizier om er de toerist uit te hangen. Maar blijkbaar had Muriel erover zitten denken dat ik eigenlijk toch wel zeer snel wagenziek word, en dat ik dus beter gewoon zelf achter het stuur van haar Berlingo kon kruipen. Ge hebt er geen idee van hoe gelukkig ik werd van dat voorstel: voor mij betekent dat dat ik gewoon kan functioneren in plaats van de hele dag mottig te lopen.

Enfin, tegen half elf of zo liepen we doorheen het stadje, nam ik foto’s van vanalles en nog wat, sakkerde ik omdat het niet lukte, kreeg ik vooral veel tips en slaagde ik er zelfs in om met mijn beperkte toestel foto’s te maken in de donkere kerk, enfin, kathedraal. Oh, een een prachtig bijhorend klooster.

We liepen verder rond, dronken iets op het kleine marktpleintje, zochten met zijn allen een paar geocaches en zaten daardoor pas tegen half drie thuis aan tafel met een bijzonder lekkere quiche.

Een korte siësta later kreeg ik echt theorie en oefeningen op brandpuntsafstand en vooral focus, met appeltjes op een tafel. Zeer interessant, veel bijgeleerd. En toen kreeg ik een paar opdrachten waarbij ik ben beginnen rondlopen en rondkijken.

Het was alweer dik na achten voor we aan tafel gingen, maar Eve had zich uitgeleefd op de barbecue en eendenborst gebakken, vergezeld van gekookte aardappeltjes uit de tuin, met lookboter uiteraard, en gemarineerde babycourgettes, uiteraard ook uit de tuin. Ongelofelijk lekker! En daar voegde Carmen nog een ijsje aan toe van Griekse yoghurt met rode vruchten en honing. Nee, mager ga ik hier niet worden, wel gezond.

Saleich: dag twee

Vijf over acht werd ik door heerlijke geuren naar de ontbijttafel gelokt: Carmen had pancakes gebakken, maar onder andere met ricotta. Ongelofelijk lekker!

Intussen had ik al gedoucht, want het weer is hier vooral enorm vochtig. Rond de 30 graden ’s middags, dat ook, en de zon brandt stevig, maar het is vooral de vochtigheid die het zo drukkend maakt. Laat ik even visueel verhelderen: het eerste is mijn haar bij het opstaan, het tweede na een douche en het gebruik van de haardroger en het derde na een wandeling van een uur of twee vlak voor de middag. Hmpf. Vakantiehaar, noemen ze het hier.

Bon, na het ontbijt wandelden Monica en ik naar de Chapelle de Vallatès, twee kilometer in vogelvlucht en de trotse bezitter van een geocache. Uiteraard kreeg ik ondertussen les over compositie, vluchtlijnen en vonden we eindelijk ook hoe ik die bloody autofocus van mijn toestel kon temmen. Een paar beelden van onderweg:

En toen vond Monica ook haar eerste geocache ^^

Na nog wat extra uitleg wandelden we met een omwegje terug, een goeie 5 kilometer in totaal en wellicht een halve liter zweet. Ik kan goed tegen de warmte, maar hier zweet ik er me wel te pletter bij.

Na het middageten (met gevuld brikdeeg en groenten uit de moestuin en van de markt, en een stukje taart dat Carmen nog over had van haar kraampje op de markt)

en een korte rustpauze – kwestie van de rug te laten bekomen – reden Monica en ik naar Saint-Giron, het dichtstbijzijnde stadje: er moesten kaartjes gekocht worden, koffie gedronken, foto’s genomen en geocaches gezocht, of wat dacht u? Die geocaches waren onder andere in een mooi bos met een stevige stijgingsgraad, en het was eigenlijk wel jammer dat we niet de tijd hadden om het hele rondje te doen, aangezien we toch al tot het hoogste punt waren gekomen. Maar het was zo al tegen zevenen voor we terug waren.

En toen had Monica stoverij gemaakt ter ere van de Belgische feestdag en er waren verse frieten en pruimpjes in de oven als dessert en heb ik andermaal veel te veel gegeten.

We zijn ook vooral met zijn vijven blijven zitten tot half elf of zo, daar buiten op het terras onder het hoge afdak.

Yup, vakantie.

Saleich: dag één

Kwart voor acht werd ik hier al opgeroepen: vroeg voor een vakantiedag maar er moest wel degelijk gewerkt worden. Fotografiestage, weetuwel.

Er was een rustig gezamenlijk ontbijt met ons vijven: de drie gastvrouwen, Monica en ik. En aangezien Eve geen Nederlands spreekt, is dat hier gewoon ook nog een keer een Frans taalkamp, Roeland is er niks bij.

Daarna nam Monica me mee voor een tochtje rond de plaatselijke heuvel, de Chac, doorheen de bossen, langs de weiden, om te zien hoe ik foto’s maak en vooral welke fouten ik allemaal maak. Veel, zo bleek, ik heb  dus veel marge om bij te leren. Maar ik vond dat er wel al een paar deftige beelden tussen zaten, zeker na de tips om gelaagdheid in de foto’s te steken om hen meer te doen spreken. De beste is foto van de dag geworden, maar hier zijn er nog een paar.

Er waren schitterende spring rolls als middageten, en daarna kreeg ik van Monica wat theorie en een hoop oefeningen rond ISO, sluitertijd, brandpuntsafstand en diafragma. En heb ik wel een hoop bijgeleerd. Alleen de rug wilde niet helemaal meer mee, maar bon. Ik ben dan even gaan liggen, zodat ik er weer helemaal klaar voor was tegen het avondeten: worstjes met boontjes uit de moestuin en daarna pruimentaart met pruimpjes uit de boomgaard.

En toen hadden we het plan opgevat om nog braambessen te gaan plukken maar waren we eigenlijk wat te laat weg om nog veel te zien. Maar het werd andermaal super gezellig. En mooi. En amusant. En met snapshots.

Het lijkt echt wel een vakantie met vriendinnen in plaats van een opleiding. Mooi meegenomen!