Gezellig zondagje

Ons pa ging vandaag op restaurant met zijn schoonbroers, en dus waren wij onder ons vijfjes. Bart besloot prompt dat hij niet ging koken, maar dat we ergens gingen eten, en reserveerde meteen een plekje in het restaurant onder de stadshal. Alleen hadden we er niet meteen aan gedacht dat het net dan nieuwjaarsdrink was van ’t stad Gent. Niet dat dat erg was, maar het was er wel een beetje druk.

Enfin, we aten er zeer lekker – het beenhammetje is er een sterke aanrader – en genoten van elkaars gezelschap.

Ik wilde om drie uur naar een toneelstuk in de NTG, en er was dus nog net genoeg tijd over om met het hele gezin in het reuzenrad te gaan dat al een hele tijd op de Korenmarkt staat.

Machtig zicht over het centrum, alleen vond ik het niet zo tof dat Bart plots begon te schommelen: hoogtevrees, it’s a thing.

Daarna reden zij weer naar huis, en ik, ik ging netjes op tijd naar de NTG, voor “Familie” van Milo Rau. Maar da’s voor een volgende post.

Vriendinnetje

Ik blijf dat raar vinden, dat je iemand een jaar niet gezien hebt, afspreekt en dan meteen gewoon bij elkaar in de auto stapt en begint te kletsen alsof het gewoon nog vorige week was dat je zitten tetteren hebt.

Ik heb dat met een aantal vriendinnen die ik al jàren ken, en in het specifieke geval van Sophie zijn dat er 36… Intussen slagen we er toch in om één keer per jaar af te spreken, meestal omdat één van ons een malheur heeft. In 2017 zat ik met mijn rug en kwam zij naar hier, vorig jaar had zij een galblaasoperatie gehad, en nu zat ze met haar voet in de plaaster wegens gebroken. Allez ja, intussen gelukkig een brace waar ze voorzichtig op mag lopen.

Ideaal excuus voor mij, dus, om vandaag even tot in Aaigem te rijden, haar op te pikken, en gezellig samen bij een uitstekende Italiaan in Lede te gaan eten. En intussen honderuit te kletsen over vooral ons familie – we kennen elkaar al zo lang dat we ook elkaars ouders en broers kennen, we zijn zelfs ooit samen op vakantie geweest – maar ook over het werk en alle mogelijke andere idiote onderwerpen.

Oh, en in Lede was er uiteraard een geocache die we niet konden laten liggen. Hehe.

Ik moest helaas om vier uur terug in Wondelgem staan om Kobe naar de fagotles te brengen, maar het deed deugd, elkaar nog eens zien.

Villa Ooievaar

Eind 2018 had ik het al eens gehad over Villa Ooievaar, het sociale restaurant dat op de baan van school naar huis ligt. Een collega wist me te vertellen dat de chef eigenlijk vroeger een topchef was, en dat hij kookt met lokale producten en marktoverschotten. Als je weet dat de bediening gebeurt door mensen met een verstandelijke beperking, dan weet je dat je je niet schuldig hoeft te voelen als je er gaat eten.

Ik heb dan ook voor mezelf een klein vrijdags momentje gecreëerd: ik heb dit jaar op vrijdag gedaan met lesgeven om 12.05 uur, en als ik dan niet op larp vertrek of andere plannen heb, en als er ook niks meer in de koelkast staat – wat inderdaad niet vaak het geval is op vrijdag – dan trakteer ik mezelf op een dagschotel in de villa. Tien euro, en de karaf met kraantjeswater en de glimlach krijg je erbij.

Zo ook vandaag, en het prachtige park krijg je erbij, al moet ik zeggen dat de zijroute nogal zompig is ^^

Voorbeeldjes van het eten van vorige keren:

Haute cuisine is het niet, maar je hebt wel altijd keuze tussen twee schotels en een vegetarisch volwaardig alternatief.

Pas op: tegenwoordig moet je eigenlijk al bijna reserveren, wil je een plekje. Ze hebben intussen meer en meer kamers in de villa in gebruik genomen, en ik zat vandaag aan tafeltje 37, terwijl al de rest al volzet was.

Dik in orde, zou ik zo zeggen.

Van jarige vrienden en de nodige rozen

Gwen verjaart in juni, en traditioneel ga ik dan met haar eten om dat te vieren. Ze krijgt dan ook steevast het correcte aantal rozen van mij, da’s traditie. Intussen wordt het een redelijk stevig boeket, 48 stuks, maar dat stoort niet.

Alleen… het is nu niet bepaald juni, toch? Wel, het is er echt gewoonweg niet van gekomen om af te spreken met ons tweetjes. Erg hé! Ja, we zien elkaar wel af en toe door de Certamina en door nascholingen, maar zo’n moment voor ons alleen, dat lukt moeilijk. Juni was pokkedruk voor ons allebei en met die leerplanhervormingen is ze ’s avonds steevast doodop. Tsja, daar kan ik dik inkomen.

Soit, het was eindelijk gelukt om af te spreken, en dus stond ik met die enorme bos rozen en nog een klein cadeautje in de Fou d’ O. Ik was vergeten hoe druk en lawaaierig het er eigenlijk wel is, maar we wilden iets dat open is op maandag en niet te ver is van de Watersportbaan, en dan is dit toch wel ideaal. Koppel dat dan aan het lekkere eten en de fijne bediening, en je zet je wel over de decibels.

We kozen allebei voor een aperitief, gamba’s op de grill als hoofdgerecht, en daarna wilde ik nog graag een crème brûlée, want ik weet dat die daar goed is. Gwen had helaas minder geluk: ze is lactose-intolerant en dan bleef er niet veel meer over. Ze hield het dan maar bij een thee.

Dacht ze.

Want natuurlijk hadden ze opgepikt dat ik daar met die rozen stond en kwamen ze met een kleine verjaardagsverrassing. Gwen strààlde.

Enfin, het werd geen late avond maar wel een heel gezellige. Zoals gewoonlijk. Zoals het hoort. Ook dat is traditie.

Een blij weerzien met een oude vriendin

Ann had ik eigenlijk al in jaren niet meer gezien. Als in: vijfentwintig jaar. Nee, strikt genomen is dat niet waar: ze is me ongelofelijk uit de nood komen helpen op een absoluut crisismoment, toen Vic begraven werd en Bart in het ziekenhuis lag na een knieoperatie. Zij is toen spontaan ingegaan op een oproep op mijn Facebook en komen babysitten. Ja, dat was in 2015, en ik had beloofd om dan samen eens te gaan eten als bedankje. Dat was er, tot mijn grote schaamte, nog nooit van gekomen.

Maar de laatste tijd waren we weer vaker aan het kletsen op Facebook, en eigenlijk waren we in mijn studententijd echt wel goeie vriendinnen. Man, samen hebben we toch serieus wat uitgestoken…

Bon, het was een kwestie van de koe bij de horens te vatten en er een datum op te plakken, en gisteren pikte ik haar dus op bij haar thuis in Sint-Denijs, om dan samen naar Chaflo te rijden in Destelbergen.

Vreemd, maar het was alsof we elkaar vorige maand nog spraken. We tetterden honderduit, giechelden als twee bakvissen, ook al waren ze de wijn vergeten, en genoten.

Oh, en het eten was bijzonder lekker ook.

Anneke, deze keer gaan we geen twintig jaar wachten. Dit was veel te leuk!