Mons eructans

In het tweede jaar Latijn lezen we de eerste helft van het jaar altijd heel uitgebreid over de Vesuvius, en daaraan gekoppeld alles over het dagelijkse leven.

Lukas had daarop een vulkaantje meegebracht, het omgekeerde effect van zo’n sneeuwbalding. Ik was meteen verkocht: zo zalig zeg!

Hij dacht dat het uit de Action kwam en ik was meteen gaan kijken, maar helaas. Het bleek uiteindelijk uit de Flying Tiger te komen, en in het weekend was Lucca, een van mijn andere tweedes, daar gepasseerd en had me eentje meegenomen. Drie euro, jawel.

En dus ben ik vandaag zo content als een katjen met mijn eigen kleine vulkaantje. Geef toe, toch zalig om naar te (blijven) kijken?

 

Ballonvaart

Bart heeft soms van die geniale ideeën, zoals dat weekendje Pairi Daiza of die boottocht op de Leie.

Een ander idee dat eigenlijk al lang op onze bucketlist stond, was een ballonvaart. Hij had gezocht en gevonden en geboekt voor twee weken geleden, maar toen was het aan het regenen. Gelukkig maar, want toen was de rug écht nog niet goed genoeg om mee te gaan.

Vandaag was ik aan het twijfelen: zou dat wel lukken, anderhalf uur in zo’n mand? Maar bon, ik kon maar gaan kijken zeker? Om vijf uur stapten we in de auto, een grote zak met picknick en een tweede grote zak met pulls en jassen mee. Afspraaklocatie was een veld vlak naast parking 2 van domein Puyenbroeck, naast het zwembad. Daar is een “ballonopstijgveld”, I kid you not. Het staat zelfs zo aangegeven met een plakkaatje, en er zijn die avond maar liefst 13 ballonnen vertrokken.

We hebben even staan kijken hoe de zonen van onze vaarder opgestegen zijn met een ballon voor 12 personen – aka. de “bus” – en als laatste zijn wij zelf vertrokken, een uurtje na aankomst. Heel erg vond ik dat niet, want ik vond het een machtig zicht om al de rest te zien vertrekken. Eigenlijk gaat dat verbazingwekkend snel. Het grootste stuk is de mand, de ballon zelf is een pak kleiner als hij opgevouwen is. Het is een kwestie van uitladen, mand vastmaken aan de ballon, ballon openvouwen, blazers aanzetten en ballon opblazen. En dan, als hij redelijk wat gevuld is met koude lucht, de brander aanzetten. Dan is het nog een kwestie van minuten voor het ding zich volledig opricht. Wijs! De jongens hebben dan ook volop geholpen.

Intussen stegen rondom ons de andere ballonnen op, machtig om zien.

Met enige moeite klauterde ik de mand in – dat is redelijk hoog, maar heeft gelukkig voldoende gaten om je voeten in te zetten – en weg waren we. Ook dat is verbazingwekkend snel, en vooral compleet schokvrij en vooral glijdend. En toen was het vooral genieten. Tot onze verbazing was het op een kilometer hoogte niet kouder dan aan de grond. We hadden ook ongelofelijk veel geluk met het weer: geen wolkje te zien, en een heldere lucht. We vlogen over Moerbeke en de E34, zagen de monding van de Oosterschelde en de haven van Antwerpen en keken onze ogen uit.

Ik genóót! Echt, ik vond dit ongelofelijk zalig! Ik had een vouwstoeltje mee in de mand – die was voor acht personen dus groot genoeg – maar ik heb het eigenlijk vrijwel niet gebruikt: de rand van de mand is ideaal om op te leunen, je kan ook perfect tegen de rand leunen en je zag gewoon niks als je zat. En dat laatste, dat is magisch. Je gaat aan een 8 kilometer per uur, de hoogte bepaalt de vaarder. Het hoogste was net geen kilometer, maar op een bepaald moment gingen we ook door de boomtoppen.

En de landing? Bij de ballon van zijn ene zoon landen lukte net niet, we waren iets meer naar rechts afgedreven, maar toen zagen we een wei waarop een ander team was geland – zij waren vroeger vertrokken en hadden zelfs al volledig ingepakt – dat teken deed. Onze vaarder gooide een lijn uit, zij trokken de ballon naar het midden van de wei en met een paar bumpjes stonden we aan de grond. En vooral: die mannen – vijf jonge gasten – wisten perfect hoe lastig het kan zijn om zo’n ballon op te vouwen en staken gewoon een handje toe. Binnen het kwartier zaten mand en ballon alweer op de aanhangwagen, verbazingwekkend!

Een taxirit later stonden we weer op de parking, tegen half tien waren we thuis.

Wat een ervaring! Héérlijk! Dus ja, ik zou dit graag opnieuw doen, en dan bij voorkeur – als de wind meezit – iemand met verschillende startlocaties al naargelang de wind, zodat we over Gent kunnen vliegen.

Ik heb eindelijk een vervoersmiddel gevonden waarop ik niet de minste zweem van reisziekte heb gevoeld. Alleen dat het niet zo praktisch is om mee naar uw werk te gaan, bijvoorbeeld.

 

Donderdagse lunch

Op donderdag moet ik maar twee uurtjes lesgeven – van 9.20 uur tot 11.00 uur met dan nog een uur permanentie erna. Dat zorgt ervoor dat ik om 12.05 uur de school kan verlaten.

Véronique heeft op donderdag ook maar twee uurtjes les, maar helaas voor haar liggen die niet zo fijn: een uurtje van 11.15 uur tot 12.05 uur en dan van 13.50 uur tot 14.40 uur. Ze komt ervoor speciaal uit Ronse en is zowat haar hele dag kwijt. Ze hoopt dan ook dat met het nieuwe lesrooster in oktober die twee uurtjes weggewerkt zullen worden.

Ik, daarentegen, vind die twee uurtjes met die lange middagpauze eigenlijk helemaal niet erg: dan kunnen we samen lunchen! Om half één stond ik dus aan het STAMcafé, niet ver van haar school, en zat zij al prinsheerlijk op mij te wachten op het terras.

Ik at er toch wel zeer lekkere garnaalkroketten met een slaatje, en zag dat het meer dan goed was.

Ik gun Véronique van harte een verplaatsing minder, maar zelf vond ik het eigenlijk wel zalig, zo’n donderdagse lunch.

Onverwachte pancakes

Op maandagmorgen eten we hier eigenlijk altijd cornflakes: het brood is standaard op op zondagavond.

Gisteren moest Kobe het eerste lesuur niet op school zijn: zijn leerkracht was ziek. Toch is hij mee opgestaan om zeven uur om voor een verrassing te zorgen: pancakes! En voor u zegt: waarom moet dat in het Engels, dat zijn toch pannenkoeken? Nee hoor, pancakes zijn van die kleinere dikkere Amerikaanse dingetjes die supermakkelijk zijn om te maken: alle ingrediënten in de blender, even mixen, en bakken.

Ik vond het zalig, die zoon van me. En het fijnste? Ik heb er niet naar moeten omkijken, gewoon mijn voeten onder tafel steken en eten.

Toch een heerlijke start van de werkweek, me dunkt.

Schaken

In 2016 waren mijn vader en Wolf beginnen schaken. Intussen was dat compleet stilgevallen, geen idee eigenlijk waarom.

Maar vorige zondag waren ze er plots weer over begonnen, en vandaag hadden grootvader en kleinzoon een schaak-date. Opa moest wat vroeger komen, had Wolf gezegd, en dus zaten ze tegen elf uur al aan de keukentafel met opa’s zestig jaar geleden zelfgemaakt bord.

Er werd gesakkerd en gediscussieerd, maar er werd vooral deftig gespeeld. En ik heb het gevoel dat ze er allebei intens van genoten. Wolf keek er in elk geval al naar uit: hij heeft zijn opa écht graag en vond het leuk dat ze op die manier ook samen iets konden doen.

En volgende week? Opnieuw diezelfde afspraak om te spelen. Persoonlijk vind ik dat de max.

We’re on a boat!

Aangezien we niet echt een vakantie hebben deze zomer – we zijn in februari naar Djerba geweest – heeft Bart een paar kleinere dingen gepland, zoals Pairi Daiza een paar weken geleden, en zoals een boottochtje op de Leie vandaag. Ik heb getwijfeld of ik wel mee zou gaan, maar het is een boot voor tien man en we zijn met zes, ik ging ervan uit dat ik wel even ging kunnen liggen, en dat was ook zo, gelukkig maar.

Tegen half zes stonden we in Drongen aan de Leie en meldden ons aan. Het plan was om een uurtje te varen, dan te eten in de Halifax en dan terug te varen. Alleen… had Bart blijkbaar iets te snel gelezen en duurt de tocht naar de Halifax drie uren, niet drie uur in totaal met eten erbij. Euh… Gelukkig hadden de kinderen dat nog net op tijd gezien én was de Delhaize in Drongen open: Bart repte zich naar ginder – we vertrokken toch pas om zes uur – en haalde een ganse zak met hapjes en drankjes, slaatjes, dessertjes, the works. Zoals de kinderen achteraf verklaarden: eigenlijk was dat véél gezelliger dan op restaurant gaan.

Zelf hadden we van thuis al voor iedereen een drankje en een dekentje voorzien, en dat was blijkbaar geen luxe: het was niet koud, maar echt warm was het ook niet. Maar ik heb er wel intens van genoten, en vooral Bart strààlde toen hij daar aan het roer stond. De foto’s stralen dan ook diezelfde warmte uit.

Zelf heb ik nauwelijks aan het stuur gezeten, alleen eventjes overgenomen toen we iets te dicht bij de kant waren gevaren en vast zaten in de modder. Ach ja…

Tegen half negen waren we terug aan de steiger en hadden we eigenlijk nog een half uurtje over, maar de rug vond het meer dan welletjes en we zijn gestopt. Achteraf gezien jammer, want het beloofde een prachtige zonsondergang te zijn, maar ik was al blij dat ik mee was.

’t Is dan ver welletjes geweest he, met die rug…

Pasta vongole

Ik had dat al een paar keer op restaurant gegeten, en ik was eerlijk gezegd niet zo’n fan van pasta vongole.

Maar vandaag kondigde Bart aan dat hij dit op het menu had gezet. Ik trok de wenkbrauwen op, dat geef ik toe. Maar ik was wel dankbaar dat hij, zoals vrijwel elke dag, kookt voor het gezin. Niet dat ik niet wil koken, hé, ik kookte tot hiertoe altijd standaard zelf op woensdag en in de vakanties. Maar koken is iets zoals pakweg de was doen: het hoort erbij, ik haat het niet, maar het is niet alsof ik sta te juichen. En ik gebruik ook vaak deze boutade: ik maak eten, Bart kookt. Pas op, soms maakt hij ook doodgewoon worst met wortels en puree, daar niet van, maar op zondag maakt hij er bijvoorbeeld altijd iets speciaals van, met een klein voorgerechtje en speciale sausjes en zo. En hij zal al zappend al eens op Njam! blijven hangen, zoals ik op Dobbit TV. Tsja…

Maar sinds het begin van de coronacrisis is Bart dus véél meer thuis en koken ontspant hem, zegt hij: hij doet het graag, het verzet zijn gedachten, hij verwent zijn gezin en hij wordt er rustig van. Hij zal zelfs zelden of nooit de keukenmachines gebruiken: groenten met de hand snijden is zen.

Soit, pasta vongole dus. Hij had venusschelpen en mosselen voorzien, maar de mosselen gingen te veel geweest zijn. Awel, bijzonder, bijzonder lekker! Echt!

Ik had er iets van op mijn Facebook gezet en ik kreeg prompt vragen naar het recept. Toen ik even polste bij Bart, krabde die even in zijn haar: het was grotendeels improvisatie, zei hij. Maar het ging toch ongeveer als volgt:

– in wat olijfolie en boter een ajuintje en knoflook fruiten, dan de schelpen erbij, wat witte wijn en water, een drietal minuten laten koken tot ze open gaan.
Na één minuut er de zeekraal bij zodat die blancheert.
– Alle vaste dingen uit de pan vissen en het vocht met wat room, peper, zout, verse basilicum en citroensap indikken.
– Alles er weer inkieperen en vermengen met gekookte linguine.

Ongeveer. Zoiets.

Proberen.

Nieuwe computers!

Ze hebben er lang op moeten wachten, onze zonen, maar vandaag hebben ze hun nieuwe vaste computers eindelijk kunnen samenstellen!

Hoezo?

Wel, Kobe had al lang gezegd dat hij een nieuwe computer nodig had, en Wolf eigenlijk ook. Ze hebben elk wel een laptop, maar om te gamen is die niet veel meer waard. Uiteindelijk gaf Bart hen elk een budget van 900 euro, en Kobe ging dan bijzonder uitgebreid uitpluizen wat hij wilde, wat hij nodig had, wat hij mooi vond… Toen hij ongeveer zijn keuze had gemaakt, bracht ik hem in contact met Bruno, een larpvriend die als hobby PCs in elkaar steekt op maat, eventueel zelfs met tweedehands onderdelen, naargelang het budget.

En toen… ontwikkelde er zich een bijzonder geanimeerd chatgesprek waarbij Kobe totaal nieuwe keuzes maakte en uiteindelijk nét binnen budget bleef. En meteen ook voor zijn broer ongeveer dezelfde computer bestelde. Maar daar hadden ze minder geluk mee: niet alle onderdelen waren binnen, en het leek nochtans ideaal voor de vakantie… Uiteindelijk bleek dat de CPU’s zelfs maar eind juli gingen binnenkomen, tot groot verdriet van beide jongens.

Maar kijk! Bruno drong nog even aan en mocht vandaag de ontbrekende onderdelen gaan ophalen in de winkel in Mechelen, waarna hij fluks naar hier kwam met mondmasker en liters gel. Samen staken ze de computers in elkaar en Bruno gaf vooral Kobe heel veel technische uitleg, want die is daar ook mega in geïnteresseerd. Jammer genoeg moest Wolf vrij snel weg naar zijn vakantiejob – meer daarover morgen of zo – maar Bruno werkte zijn toren af, en nam meteen ook mijn laptop onder handen. Bleek dat ik behoorlijk geluk had gehad dat het ding zichzelf nog niet verbrand had: er kwamen klodden, kilo’s stof uit, al bijna helemaal vervilt zelfs, en de cooling paste was zo goed als verdwenen. Enfin, Bruno gaf me onder mijn voeten, stofte het ding helemaal uit, zette het weer in orde, en nu klinkt het niet elke keer alsof hij gaat opstijgen. Enkel wanneer ik serieus zware games opstart, durft hij nog eens blazen, maar anders niet. Hoera!

En Kobe loopt intussen ronduit te glunderen, is alles aan het installeren, heeft beide schermen weer opgezet, samen met zijn fancy toetsenbord, en kan nu gamen als een volleerde nerd. En ik, ik ben zowaar jaloers op zijn setup :-p

Leuk detail: in de glazen case heeft hij zijn Morty gezet ^^

Soit, voor al uw computernoden moet u dus bij Bruno zijn. Echt. Contacteer me maar.

Assassins’ Creed Odyssey: Discovery Tour

Ik had er het al eerder over, over dit fijne spel van Ubisoft.  De wereld is bijzonder goed nagemaakt en zeer aangenaam om te spelen. Het is vooral ook echt realistisch: zo liep ik zonder aarzelen de Akropolis op, wat Kobe – die toevallig aan het kijken was – de opmerking ontlokte: “Hey mama, hoe weet jij zomaar de weg naar boven?” Awel, ik ben er al geweest en weet toevallig ook gewoon de weg via de Propyleeën en dergelijke, en dat klopt ook helemaal.

Nu vonden de makers van Ubisoft dat ze, als ze dan toch de hele Antieke Griekse wereld hadden nagebouwd, er evengoed ook nog iets nuttigs mee konden doen. Als in: een uitgebreide gidsbeurt door datzelfde Griekenland. In de Discovery Tour – gratis voor wie het spel heeft, en anders 20 euro voor een PC-download – kan je dus als personage gaan rondlopen en gidsbeurten volgen, een dertigtal in totaal, over gebouwen, dagelijks leven, filosofie, …

En in mei had Ubisoft de Discovery Tour zelfs een tijdje helemaal gratis aangeboden, iets wat ik meteen ook met beide handen aangreep. Ha ja, want als ik dat in de les wil gebruiken, dan had ik mijn Playstation mee moeten nemen naar de klas, en nu volstaat mijn laptop. Bon, ik had dat dan ook, enthousiast als altijd, op de facebookgroep van de leerkrachten Latijn en Grieks gezet.

Een paar weken later werd ik gecontacteerd door iemand van Prora, het vaktijdschrift voor classici: of ik er geen artikeltje over wilde schrijven.

Wel euh… Ja zeker?

Ik ben dus de afgelopen dagen even in die Discovery Tour gedoken, want ik speelde het spel wel, maar had dit nog niet bekeken. Enfin, het is in elk geval een aanrader, geloof me. En over een paar maanden krijgt u van mij het artikel zoals het in de Prora komt, oké?

A propos, ze hebben het ook gedaan voor het Oude Egypte, want daarin speelt Assassins’ Creed Origins zich af. De max, toch?