Dansmeisje

Merel moest al eventjes nieuwe leggings hebben: haar oude zitten vol gaten en zijn dus niet meer bruikbaar voor school. En wat nieuw ondergoed, een maatje groter, mocht eigenlijk ook wel.

Wij deze namiddag dus naar de Zeeman, want daar hebben ze volgens mij nog altijd prijs-kwaliteitsgewijs het beste ondergoed.

Ze kreeg een stapel nieuwe sokkies, nieuwe onderbroeken – en helaas niet meer de vrolijke kleurtjes maar grijs en zwart, echt waar – een paar nieuwe topjes, en… een dansoutfit. Ik zag er namelijk een flashy zwart-met-oranje-en-roze spandex broek hangen, met bijpassend haltertopje. Ze was meteen wildenthousiast, die dochter van me. En toen vonden we er nog een bijpassende scrunchie bij, stel je voor zeg! En paste een van de nieuwe paren sokkies er ook nog perfect bij!

Hier thuis heeft ze het meteen aangepast en eventjes geshowd. Zalig toch, zo’n dochter?

Je zou alleen niet zeggen, vind ik, dat ze nog maar tien is…

Gewichten

Wolf is al een tijdje op zijn eentje aan het sporten. Tsja, de fitness is niet open, rugby mag niet, dus veel alternatieven zijn er niet.

Bart had nog van op zijn kot een haltertje met gewichten liggen, maar de gewichtsklemmen om ervoor te zorgen dat die gewichten niet van de stang glijden, waren foetsie.

Een tijdje geleden hadden Wolf en ik al naar die klemmen gezocht en er een paar besteld, maar die bleken nu twee millimeter te groot te zijn. Da’s op zich niet veel, maar wel genoeg om absoluut niet te werken.

Nu had hij zijn grootvader zo ver gekregen dat die de grote halter van bij hem thuis meenam met een paar bijhorende gewichten. Zondag had opa die in zijn auto gesleept een meegebracht, en Wolf glunderde.

Hij glunderde eigenlijk zodanig dat ik het niet over mijn hart kreeg om hem nog veertien dagen te doen wachten op zijn verjaardagscadeau dat hier al een week of zo in Barts bureau lag te wachten. We hadden er deze zomer eigenlijk al voor gekeken, maar overal waren de gewichten uitverkocht. Onlangs zocht ik nog eens opnieuw, en lo and behold, er waren er opnieuw te krijgen! Ik heb meteen besteld en laten leveren: ik ga heus niet zelf met twintig kilo gaan zeulen.

Zondag liet ik dus Wolf zelf een pakketje uit Barts bureau sleuren, openmaken, en ja, hij glunderde. Nog harder.

Blije Wolf, blije mama.

Eindelijk de Sluizen afgewerkt!

Koud of niet koud, het was eindelijk nog eens niet aan het regenen en dus wilde ik per se nog eens naar buiten.
Het was nodig ook: ik moest mijn bonuscache van de Sluizenreeks nog gaan versteken, die lag al een tijdje te wachten.

Half november was ik twee locaties gaan spotten: eentje voor sluis nummer 8 aan het Rabot en eentje voor de bonus. Alleen is een stad geen evidente locatie voor nieuwe caches: altijd ligt er wel ergens eentje in de buurt die je al dan niet al gevonden hebt.

Midden november was ik die van het Rabot gaan wegsteken: afgekeurd wegens een andere te dicht. Wellicht eentje van een vaarcache, die heb ik namelijk niet gedaan wegens met mijn rug niet kunnen kayakken, maar bon. Eind november deed ik een nieuwe poging met drie verschillende locaties, maar alle drie afgekeurd. Hmpf. Blijkbaar ligt er een fysieke cache echt aan het Rabot zelf dus. Bon, ik heb er dan een multi van gemaakt: je moet eerst aan het Rabot een plakkaat gaan lezen en daar dan nieuwe coördinaten mee berekenen. De cache lag dan een 200 meter verderop. Té dicht bij een andere cache, waar ik begot niet op gelet had. Grr. Dan maar een nieuwe eindlocatie in de andere richting gezocht, en toen kreeg ik de commentaar dat het te dicht bij de tramsporen lag. Ik zat op mijn paard, maar toen ik ging kijken, had de reviewer eigenlijk wel een punt: anderhalve meter van tramsporen is misschien wel oké, maar niet voor kinderen. Bon, ik heb hem dan vorige week nog een eindje verder in een verkeersbord gestoken. Zevende keer, goeie keer: goedgekeurd!

Intussen had ik ook een coördinatencheck aangevraagd voor het Rabot, en ook daar bleek er eentje te dicht bij te liggen. Ik vroeg rond bij de cache-eigenaars en yup, ik kreeg prompt de coördinaten van Google Street View, een mysteriecache. Oef. De locatie die ik in gedachten had, aan het Sluizeken – waar anders? – was maar een paar meter te dicht en ik had de mogelijkheid om hem verder te steken.

Vandaag sommeerde ik dus ons pa om zijn sjaal en pet aan te doen en we trokken op pad. Hij was wel aan het grommelen: het was hem veel te koud, vond hij. Maar ik had geen medelijden: mee moest hij! Enfin, we hebben de bonuscache verstoken, hebben er een klein ommetje bij gemaakt, en zijn toen nog een andere cache hier in een Wondelgems park gaan controleren. Die was als onvindbaar opgegeven, maar zat nog netjes op zijn plaatsje. Oef.

Enfin, we zijn een uurtje weggeweest en de koffie en de taart smaakten. Maar het mag van mij echt snel lente beginnen worden, want dit weer hangt gigantisch mijn voeten uit!

Pennetjes

Nu we die nieuwe touchscreens hebben op school, hebben we daar ook allemaal een speciale pen bij gekregen. Je kan het bord wel bedienen en beschrijven met je vingers, maar zo’n pennetje is toch een pak accurater. En cooler, dat ook.

Alleen zijn we nu met 80 met een identieke pen, en het is niet alsof je zomaar een tweede krijgt, die dingen zijn duur. Er je naam op plakken, dat weet ik uit ervaring, werkt niet zomaar: zo’n plakker komt los, er zijn lijmresten, dat soort dingen.

En toen had ik een lumineus – allez ja, toch een redelijk goed – idee: mijn graveerpen? Als dat op glas werkt, kan dat toch ook perfect op kunststof?

Ja dus.

Ik heb het maar meteen aangeboden aan de collega’s ook. Deftig, toch?

Touchscreens!

Al jaren zaag ik over de verouderde computers en beamers op onze school: ik had op sommige dagen gewoon twee lessen voorzien, al naargelang de zon scheen buiten of niet. Hoezo? Wel, als de zon scheen, kon ik gewoon geen powerpoints of filmpjes laten zien omdat de lamp van de beamer gewoon niet sterk genoeg was en er geen gordijnen zijn. Zucht.

Maar… de school heeft haar budget een tijdje opgespaard en nu een zware investering gedaan: elk lokaal is nu voorzien van een speciaal touchscreen van 75 inch. Je kan er rechtstreeks mee op het internet en dus filmpjes laten zien, dingen opzoeken, inloggen in smartschool enzoverder. En het beeld is haarscherp en bijzonder duidelijk. Je kan ook rechtstreeks een USB-stick inpluggen en aflezen.

Het ding heeft ook een whiteboardfunctie, zodat je perfect kan krabbelen en uitleggen. Maar vooral… Je kan ook een tekst of ander beeld oproepen en daar dan notities op maken. Met een beamer kon dat niet, waardoor ik dat eigenlijk niet zo vaak gebruikte.

Maar nu, nu zet ik gewoon de oefeningen van pakweg de tweedes op scherm en vul die samen met hen in. Of ik zet de tekst van bijvoorbeeld Catullus op scherm en duid dan de stijlfiguren aan, de moeilijke dingen, maak tekeningetjes in de kantlijn… Het is echt een andere manier van lesgeven, ik sta vooral ook veel meer recht en de rug vindt het niet altijd even wijs, maar het lesgeven zelf is wel véél amusanter.

Nieuw speelgoed, quoi.

Bertie Bott’s Every Flavour Beans

Vanmiddag heb ik goed gelachen, vanuit mijn zetel. Ik lag te lezen terwijl de vier kinderen – Arwen was hier – zich amuseerden met een van Kobes cadeautjes: Bertie Bott’s Every Flavour Beans, een gimmick uit de Harry Potter reeks. 

De bedoeling is dat je zonder kijken een van de jelly beans neemt en in je mond stopt. Dat kan zeer lekker zijn, maar… er zit ook gras, aarde, aardworm, snot, oorsmeer of kots in de smaken. Hilarisch!

Ze hadden elk een potje voor zich staan om in uit te spuwen en een glas water om weg te spoelen, maar ik heb gelachen, jong! De “Ey, wat is dat?” of “Eurgh, ik ruik die aarde tot hier” en “Ah maar eih, dat is slecht maat! Ugh!” waren niet van de lucht.

Op een bepaald punt zagen ze het precies niet meer zitten, maar het was fantastisch om naar te luisteren. Ik was al lang blij dat ik niet mee hoefde te doen!

Een cape: de heel eenvoudige werkbeschrijving

Ik had het in 2016 al over hoe je zelf een poepsimpele cape maakt met kap. Ik had er toen wel de beschrijving bij gestoken hoe je het doet, maar niet met foto’s. Nu had ik al een hele tijd geleden stof gekocht voor een cape voor Wolf, maar het was er nog niet van gekomen die ook effectief te maken. Veel werk is dat nochtans niet: op een uurtje is dat klaar, van begin tot einde. Hij kreeg de cape dus als kerstcadeautje, maar mocht zelf nog de kleur van de kraag en de sluiting kiezen.

Op zich zijn die capes zowat het simpelste dat er is, als je een beetje rechtdoor kan stikken met een naaimachine.

Je neemt een rechthoekige lap stof, breedte zo lang als je je cape wil hebben (voor mij dus 1.50 meter, voor de kinderen uiteraard een pak korter), en de lengte exact twee keer de breedte. Je neemt een stuk touw en een krijtje, en tekent een perfecte halve cirkel af op je stof. Met hetzelfde middelpunt teken je dan ook nog een kleine halve cirkel voor de halsuitsnijding.

Je knipt de halve cirkels zeer zorgvuldig uit, want de twee overblijvende, min of meer driehoekige stukken heb je nodig voor de kap.

Nu heb je twee opties: ofwel een kap met een zéér lange punt of eentje met een kortere punt.

Voor de lange punt: je legt de twee weggeknipte stukken op elkaar (als het goed is, zijn beide rechte zijden exact even lang) en stikt één van de rechte zijden aan elkaar. Je vouwt het resultaat open en maakt een mooie ‘zoom’ rond de gezichtsuitsnijding (of werkt met een bies). Daarna leg je het opengevouwen stuk op de halsuitsnijding, en past een beetje tot je het juiste plekje vindt waar de kap even breed is als de halsuitsnijding. Teken dat af, knip uit en naai vast langs de halsuitsnijding. Daarna nog het overblijvende stuk van de kap dichtnaaien, en voilà, een kap met een heel lange staart.

Voor de kortere punt: neem een van de weggeknipte stukken, vouw dat dubbel en stik de schuine kant samen. Maak een mooie zoom rond de gezichtsuitsnijding of werk met een biesje.

Leg nu je ‘hals’ op de ronde halsuitsnijding van de cape, teken af, knip en naai samen.

Wil je toch ruimer rond het gezicht, neem dan de beschrijving voor de langere punt, maar knip de punt eventueel wat bij.

Voor de afwerking kan je de cape nog een mooie zoom geven, of een biesje, of om het even wat. Je kan ook met wol en een grove biessteek een tekening op de rug maken. Zelf heb ik bij de volwassen capes zo’n nepbonten kraag genomen die je soms bij winterjassen krijgt en die vastgestikt aan de kraag, aan de binnenkant. Dat geeft een mooi effect als de kap naar beneden is en een lekker warm gevoel aan je nek als je de kap opzet.

Een lichte cape kan je gewoon twee haakjes geven als sluiting, of een mooie knoop, of een houtje-touwtje. Voor de zware varianten maak je ter hoogte van de schouders aan de binnenkant twee zeer lange, zeer stevige linten vast. Op die manier kan je die knopen rond je lichaam in plaats van jezelf de keel dicht te snoeren. Voor een versie die wat openhangt, knoop je de linten eerst onder je armen door, kruisen op de rug en een knoop vooraan. Als het koud is of het regent, knoop je de linten vooraan over de borst, en knoop je ze achter de rug. Heel stevig, en vooral geen druk aan je keel.

Enfin, een ideetje voor in deze lockdowntijden?