Halloween!

Nope, de rug doet het nog steeds niet. Gisterenavond ging ik normaal gezien eten met Bart, maar dat ging dus niet. Nu, vandaag begint het stilaan te beteren, gelukkig maar. Maar ik ga wel nog supervoorzichtig moeten zijn, het Halloweenfeestje bij Bart en Birgit zal dus niet voor dit jaar zijn, bummer.

Voor de kinderen is het ook niet leuk natuurlijk: al wat ik met hen gepland had, valt in het water. Maar ik probeer hen wel op andere manieren bezig te houden. Vandaag reed Kobe naar de winkel om brood, en ik heb hem gevraagd om meteen ook een pompoen mee te brengen: die konden ze dan uitsnijden. Wel, ze hebben dat samen met heel veel plezier gedaan: Merel holde uit, en Kobe sneed er het gezichtje in.

En toen was er pompoensoep en vooral ook een Halloweentocht voor Merel: ze mocht mee met Lieze en Julie en Liezes mama op tocht in de Lange Velden. Ik heb Merel gebracht en heb de drie meisjes meteen ook maar geschminkt, en dat is eigenlijk nog best gelukt, vond ik zo.

Geef toe, ’t is toch een mega schattige heks?

Haven

Het was me nog de moeite gisteren: we zijn alle vier in één auto geraakt, maar Jarne zat gewoon helemaal ingekapseld ^^

Enfin, we waren nog net op tijd om in de schemering onze tent op te zetten en in te richten. Niet dat we erin geslapen hebben hoor, zo zot zijn we op onze leeftijd – ik ben de jongste van de vijf – niet meer, maar het was wel zalig om een echte uitvalsbasis te hebben, een ingerichte tent met zitplaatsen en bedjes en parafernalia, waar zieken zijn genezen, hypnoses zijn uitgevoerd en het vooral ook heeft gezomerd. Meermaals zelfs.

Voor het eerst was ook ons kampvuur een drukke aangelegenheid: er heeft veel volk gezeten, van allerlei rassen, en voor het eerst zelfs een duo Breaghan. Nooit gedacht dat ik die nog aan ons vuur zou laten zitten. Maar blijkbaar kan het dus wel, al leidt dat om vier uur ’s nachts tot een stevige ingame discussie over fascisme en dergelijke. Moet kunnen.

De vuurkorf van 20 euro in den Aldi is trouwens helemaal goedgekeurd. Fijn ding, dik in orde.

DND cartoon

Ik post zelden cartoons of zo, maar met deze ben ik grandioos in de lach geschoten. Ik zie het zo gebeuren…


DnD

Het heeft lang geduurd en ik heb het echt wel gemist, maar yup, we’re back in business: DnD! Voor wie het niet kent: Dungeons and Dragons, een ongelofelijk maf rollenspel met elfen, gnooms, strijders, orken, enfin, u snapt het wel.

Veel hangt af van de Dungeon Master, de DM. Hij is degene die het scenario kiest, aanpast, of eventueel zelfs zelf schrijft. Vorig jaar in februari was Jesse begonnen met een campagne, maar door het feit dat hij gigantisch veel werk had in zijn laatste jaar geneeskunde, is het na nieuwjaar zo’n beetje stil gevallen. Jammer!

Intussen hebben we een nieuwe groep: nog altijd Jesse als DM, met Emma, Wolf en ik, maar ook Robbe en Yorick. Cody woont intussen in Mechelen, dat zou niet erg praktisch zijn.

Vandaag speelden we onze eerste sessie. Nu ja, er kroop nog steeds redelijk wat tijd in het aanpassen en verfijnen van onze personages, maar ik denk wel dat we er zijn. Het begin was in elk geval al goed, en ik denk dat we deze keer wel wat sneller wat verder zullen geraken, aangezien er volgens mij niemand meer in de groep zit die met opzet tegendraads is. Vreemd, ja, bizar, zeker, een vijs kwijt, uiteraard, en een hoek af. Maar dat maakt het net zo wijs om te doen.

Ik kijk ernaar uit, zo ongeveer om de twee weken. Als dat lukt met onze agenda’s, natuurlijk.

Geo-art: 55 op een dag!

Man, soms doet zot zijn toch geen zeer…

In de zomermaanden doet het team achter de geocaching website altijd een soortement wedstrijd. Je kan er niet echt iets mee winnen, zoals nooit bij het geocachen, maar je kan er “souvenirs”, virtuele beloningen voor krijgen. Deze zomer ging het om Mystery in the Museum, waarbij je bepaalde caches moest loggen om een aantal gestolen juwelen en dergelijke te krijgen. Gisteren had ik de laatste saffier gevonden, en ik dacht dat ik er dan wel was. Juist ja. Krijg ik de boodschap dat de enige taak die me nog restte, was dat ik nog 35 caches moest loggen. Oh, en het spel loopt morgen af. Ah. Right.

Gelukkig had ik een week of twee geleden al een hele mooie geo-art DRAAK zitten oplossen: dan vormt de cachelegger een woord of tekening met allemaal raadsels, en als je het antwoord juist hebt, krijg je de plek waar je de cache kan vinden. Deze vormde een toertje van zo’n 25 kilometer doorheen Oostakker-Desteldonk en omstreken, met een totaal van 55 caches.

Ik stak tegen een uur of drie de fiets in de koffer en reed naar het startpunt, met het idee er 35 te doen.  Maar toen was ik gigantisch goed bezig en had ik nog geen zin om te stoppen. En ging ik er 40 doen. En toen waren het er maar 15 meer, en was het ook zo onnozel om te stoppen, toch? De laatste vijf waren er eigenlijk te veel aan, moet ik toegeven. Het fietsen is niks, het is het elke keer op en af stappen, die zware fiets tegen een boom moeten zetten of in het gras leggen, en telkens weer aanzetten dat het lastig maakte.

En… Ik heb de stommiteit gemaakt om te denken dat twee stukken landwegel wel gingen verbonden zijn met elkaar, waardoor ik uiteindelijk een weide ben doorgefietst, met die zware fiets twee grachten ben overgestoken, een gans eind tussen de rand van een maisveld en een gracht ben geploeterd door het hoge gras en de struiken, en onder een prikkeldraad door ben gekropen met fiets en al. Ugh. Geen goed idee.

Maar de tocht zelf was prachtig, ik heb intens genoten, heb mijn fles water kunnen laten vullen door een gepensioneerde die zijn tuin aan het sproeien was, en was klaar rond half negen. Yep, meer dan vijf uur op de fiets, ge moet goed zot zijn. I know.

(Maar ik heb toch maar lekker 55 caches gehaald vandaag!)

Introductie Antwerpen

Eind mei, na het concert van Anouk, had Philip vastgesteld dat ik écht wel geen bal kende van Antwerpen, als ik zelfs bij het zien van de voetgangerstunnel verbaasd uit de lucht viel. Ja, ik wist dat die bestond, nee, ik had die nog nooit gezien. En ik wist al helemaal niet dat dat ding zo’n megaliften had.

We spraken toen af dat hij me vandaag een rondleiding voor beginners zou geven in Antwerpen. Ik had meteen voorgesteld om de fiets mee te brengen, want dan kan je veel meer zien. Hij had dan ook minutieus alles voorbereid, een hele route uitgestippeld en me vooral de architecturale parels laten zien, zoals ik aangegeven had.

Het begon al goed: ik vond de park&ride niet van Linkeroever. Tsja, op een bepaald moment staat die niet meer aangegeven en mijn gps stuurde me de andere richting uit. Maar bon, kwart over tien stapten we beiden op de fiets om te beginnen met de nieuwbouwwijk naast de Blancefloerlaan met de namen van de opvarenden van de Belgica. Al meanderend kwamen we uit aan het Galgeweel, waarvan het me verwonderde dat het eigenlijk zo dicht bij Antwerpen centrum (of dorp) ligt. En daar zochten we, jawel, een geocache! Philip had het vroeger ooit al wel eens gedaan en wist dat ik een fervent cacher ben, en dus had hij meteen ook een aantal caches in de route opgenomen. Maar hoe lief, hoe de max is dat zeg!

We fietsten verder langs Linkeroever, namen de fietserstunnel naast de Kennedytunnel – zot jong, nooit geweten dat daar nog een extra tunnel lag! – en hadden daarna het meest indrukwekkende zicht op Antwerpen over de Schelde heen. Jong, een gids als Philip die alle plekjes weet zijn én er dan ook nog stapels weetjes over kan vertellen: onbetaalbaar! Zeker als ge ondertussen ook nog dik onnozel doet, de hele tijd zit te lachen en u de max amuseert.

We fietsten langs de nieuw aangelegde kaaien ’t stad binnen, en hij liet me allerhande mooie gebouwen en pleintjes zien, waaronder uiteraard het standbeeld van Nello en Patrache van aangetrouwde familie Batist Vermeulen (hij is getrouwd met de zus van mijn schoonzusje, getrouwd met mijn jongste broer).

De kathedraal staat deels in de steigers, maar er stond wel een knap gedicht op de omheining.

De Vlaeykensgang was nog zoiets waar ik nog nooit van gehoord had, behalve dan het restaurant natuurlijk.

En toen dachten we er plots aan dat we misschien wel Lorre in zijn nekvel konden stekken voor een lunchke. Hij had al gegeten, maar zag het volledig zitten om mee een terrasje te doen. We liepen eerst tot aan de Stadsfeestzaal, maar behalve heel mooi was het er ook drukkend warm, zodat we toch maar terugkeerden naar de Graanmarkt en er iets aten in de Wasbar.

Intussen had ik vastgesteld dat ik mijn cachelogboek blijkbaar vergeten was op een elektriciteitskot aan het Galgeweel, waarop we Philips nauwkeurige planning door elkaar gooiden en opnieuw naar Linkeroever reden, deze keer via de roltrap van de voetgangerstunnel. Knap!

Helaas, geen cacheboek meer te bespeuren. Ik heb grondig gevloekt en ik hoop maar dat iemand het meegenomen heeft en me contacteert, mijn gegevens staan erin.
We staken opnieuw de Schelde over via de fietserstunnel en reden terug de stad in voor meer mooie gebouwen en uitzichten, inclusief het Steen, het oudste houten gebouw van Antwerpen, de Carolus Borromeus – fijne akoestiek in de kapel – en een speciale graffito.

Toen was het tijd voor koffie, dus reden we naar Coffeelabs.

En toen ging de tocht verder, door een stukje unief, langs prachtige gebouwen, tot iets voor zessen in de brouwerij De Koninck. We dronken iets en tegen half zeven zaten we aan tafel in “The Butcher’s Son” voor een bijzonder lekkere maaltijd. Goeie keuze, Philip.

Waarom aten we nu zo vroeg? Wel, Philip had plannen met het avondlicht, en hij had groot gelijk! Eerst verloren we een dik uur op de Cogels-Osylei – die gebouwen! Die poëzie! -  iets wat ingecalculeerd was, en dan verder via Berchem naar het water, richting het Eilandje.

Daar gingen we niet naar de top van het MAS – dat kende ik al – maar gewoon de zonsondergang over het water. Machtig.

Als afsluiter gingen we nog iets drinken op de Stadswaag, fietsten toen door de voetgangerstunnel terug naar Linkeroever, pikten er nog in het donker een laatste cache op, en tegen half een zat ik in mijn auto richting Gent. Met een grote glimlach op mijn gezicht en zo’n 40 kilometer op de teller.

Philip, mocht ge het nog niet weten: ge zijt de max!