Opnieuw rugby

Jawel, Wolf is opnieuw rugby beginnen spelen. Niet vollen bak, nee: hij wil het rustig aan doen met de trainingen en vooral de matchen. Hij is zodanig lang uit geweest – blessures en corona – dat hij zich in die groep van 17 en 18 jaar ook eerst opnieuw moet leren handhaven, dat hij opnieuw een spelerspositie en zo moet zien te krijgen. Hij ziet het in elk geval weer volledig zitten, en dat maakt me blij.

En ik, ik ben opnieuw taxi mama. Vandaag ben ik ietsje vroeger doorgereden en heb ik mijn cache op de Blaarmeersen even nagekeken. Het was stralend weer en er zat behoorlijk wat volk. Maar wat me vooral gigantisch goed gezind maakte: op een van de houten paden was er een groepje mensen aan het dansen. Gewoon, op ’t gemakje, een tango, een lindy hop… De muziek stond niet te luid, ze hadden wijn en wat eten bij en genoten ongelofelijk zichtbaar. Ik werd er echt spontaan vrolijk van.

Gent, mijn Gent: nooit veranderen, alsjeblief.

Battle Karting en geocaching

Net zoals vorig jaar plant Bart dit jaar een reeks van activiteiten, en hij wilde graag nog eens gaan karten. Dat werd op zeer instemmend geknik bij de jongens onthaald – juichen is niet meer van deze tijd, toch?

Toen Bart opperde om te gaan Battle karten, werd het zelfs nog iets enthousiaster. Battle Kart is met digitale projecties en sensoren, alsof je in een computerspel zit. De karts reageren op bepaalde dingen, alsof je in Mario Kart met bananenschillen gooit of in een olievlek rijdt. Dubbel zo amusant, natuurlijk. We moesten er alleen voor naar Moeskroen rijden, maar ach, dat is nu ook weer geen ramp.

Zelf zag ik het, na die doodmisselijke keer in 2018, totaal niet meer zitten om mee te rijden. Ugh! Maar het landschap is hier prachtig en er lagen wel wat geocaches, of wat had u gedacht?

Een dik uur later stond ik terug op de karting, waar ze net klaar waren. Merel had met verve de eerste ‘heat’ (zo heet een beurt) meegereden, maar was toen in een halve paniek geslagen en had de tweede beurt dan maar overgeslagen. In de plaats daarvan heeft ze filmpjes genomen ^^

Geocachen in Leest

Toen we hier vorige week aan het knutselen waren met de Vossen, had ik meteen concreet met Mireille afgesproken dat ik tot bij haar ging komen om eindelijk eens samen te geocachen in de buurt. Nu ik een deftige fietsendrager heb op mijn auto, kan dat een stukje vlotter dan vroeger.

Tegen half drie stond ik voor haar deur, iets later stond er een deftige koffie voor mijn neus ^^

Tegen drie uur zaten we op de fiets om een rondje “In Leestse Velden” te fietsen en nog een paar losse caches mee te pikken.

Op zich is dat niet veel kilometer, maar hier en daar hebben we vrij lang staan zoeken, en uiteindelijk was het bijna zeven uur tegen dat we terug waren. Het was ook meer dan voldoende: mijn rug vond het welletjes, en Mireille heeft serieus last van long-covid en was doodop. Maar het was een prachtige namiddag met vrij mooi en eigenlijk behoorlijk warm weer, schitterende landschappen, fijn gezelschap…

Toen was het te laat om nog naar huis te rijden voor het avondeten, ben ik maar blijven eten, was er daarna nog een fijn dessert en kreeg ik nog de zonsondergang vanuit hun tuin.

Moe, maar echt een vakantiegevoel. Dankuwel, Mireille!

Commotie

Geen idee meer waar we de suggestie precies haalden, maar we hadden ergens gezien dat Gent een nieuw restaurant telde met een hoog niveau en een fijn kader. Bart zag meteen het potentieel voor onze maandelijkse culinaire uitstap en boekte.

Ter plaatse, op de Victor Braeckmanlaan in Sint-Amandsberg, twijfelden we even of we wel juist waren: een villa achter een gesloten poort? Maar we waren niet de enigen die er toe kwamen, en jawel, de poort opende zich stipt om half acht en we wandelden naar binnen. Na een lange donkere gang ontvouwde zich het restaurant als een bloem van licht, gezelligheid en donker hout.

De keuken is helemaal open, en we nestelden ons dan ook meteen aan de toog, zodat we een zicht hadden op wat er gebeurde. Het viel ons meteen op dat er op het moment zelf eigenlijk nog vrij weinig echt gekookt moest worden: een uitgebreide mise-en-place is goud waard natuurlijk. Wel was het knap om zien hoe er nog dingen geroosterd, gerookt of gekookt werden op de houtgrill.

We bestelden een aperitief en die werd vergezeld van een reeks fijne hapjes. De formule is verder vrij simpel: je neemt sowieso het maandmenu van vijf gangen voor 62 euro, maar je kan ervoor kiezen om er een signatuurgerecht bij te nemen. Voor aangepaste wijnen betaal je 36 euro extra, tenzij je liever kleine glaasjes of proevertjes hebt als bob, dan kost het je 22 euro.

Het signatuurgerecht deze maand, ratte-aardappel met Imperial Heritage Caviar,  hoefde niet meteen voor ons, we namen de gewone menu.

En toen begon het pas goed: gerecht na gerecht zagen we in elkaar gedraaid worden op bijzonder efficiënte manier. Chef Thomas Gellynck kwam het ook zelf presenteren met een woordje uitleg, en vaak zelfs, op simpele vraag, met extra uitleg over de gebruikte kruiden en waar hij die dan vond, onder andere in de Blaarmeersen.

Het dessert ben ik zelfs compleet vergeten fotograferen, het was gewoon té lekker. En ja, de smaken zijn schitterend, op elkaar afgestemd, fris, vaak ook verrassend.

Tussendoor ben ik ook even in de tuin gaan wandelen, waar een groot houtvuur aangestoken was, en dat krijgt meteen van mij goeie punten.

Bart en ik waren eigenlijk zeer enthousiast: de wabi-sabi inrichting, de sfeer, de bediening, het zicht op de keuken, de zeer aangename chef, en uiteraard in de eerste plaats het eten.

Bij het afrekenen vroeg ik terloops of ze toevallig de chutney die bij de kaas geserveerd was – met appels en Tierenteynmosterd – niet verkochten, en de sommelier schoot in de lach: blijkbaar kregen ze die vraag wel vaker, en nee, ze verkochten die niet.

Maar toen we na het afrekenen naar de uitgang liepen, merkte ze op dat ze nog een verrassing hadden, en jawel, chef Thomas kwam af met een klein potje van de chutney, “voor de fans”.

Heerlijk, toch? We hebben het hen dan ook meteen verzekerd: hier komen we nog terug. Zeker weten. (En dat de chef lijkt op een jonge Matthew Mcconaughey is meteen mooi meegenomen)

+32 477 62 61 10
Victor Braeckmanlaan 367
9040 Gent
info@commotiegent.be

Openingsuren
Dins t.e.m. Zat    19.30–22.30
Vrij    12.00–14.30
Zon & Ma    gesloten

Van neurologen en banana splits, maar niet simultaan

Ons pa moest vandaag voor een controle naar de neuroloog, en hij wil niet gaan zonder mij. Daar ben ik bijzonder blij om, want ik wil ook niet dat hij alleen gaat. Niet dat hij daar niet competent genoeg voor is, verre van, maar hij vergeet gewoon wat er gezegd wordt. Zijn directe geheugen is prima – geen gevaar voor Alzheimer of zo dus – en alles van twintig jaar geleden en meer herinnert hij zich ook nog perfect, maar alles van pakweg een week of zo geleden, is hij gewoon weer kwijt.

Zo kan hij de berichten die ik hier geschreven heb, probleemloos week na week herlezen: hij herinnert zich niet dat hij ze al gelezen heeft, tenzij na de derde keer of zo. En dan beweert hij vooral bij hoog en laag dat hij dat nog niet gelezen heeft, terwijl ik woordelijk zijn commentaar op een bepaald bericht kan herhalen. Of hij beweert dat hij nog nooit Barts spaghetti hier gegeten heeft, terwijl dat al minstens tien keer is gebeurd.

Nu, daar valt dus niks aan te doen, dat is een vorm van hersenschade na zijn tromboses, en dan passen we daar een mouw aan. Zo heeft de neuroloog hem op het hart gedrukt een nieuwe huisarts te zoeken, en heeft ze op op een van zijn voorschriften ook uitdrukkelijk geschreven – op de achterkant, met stempel en handtekening en al – dat hij dat niet mag innen zonder eerst een nieuwe huisarts te hebben. Zijn vorige huisarts is zelf ziek en gestopt met zijn praktijk, en hij heeft al zijn patiëntengegevens doorgegeven aan iemand anders. Daar wil ons pa niet naartoe, want stel u voor dat hij zijn auto zou moeten nemen naar die dokter. Het is niet alsof hij ooit te voet naar zijn vorige huisarts is gegaan, maar bon. En een huisarts die aan huis komt, du jamais vu! Maar ook de neurologe verzekerde hem dat die nieuwe dokter hem moet leren kennen als hij normaal is, zoals bij het voorschrijven van medicatie, zodat ze kan inschatten hoe ziek hij is als ze hem dan komt bezoeken.

Enfin, om kort te gaan: er is niet echt veel veranderd, zijn medicatie wordt behouden zoals ze is, en hij MOET BLIJVEN WANDELEN! Zijn levieten zijn wel grondig gelezen, ik had bijna medelijden met hem.

Als troost hebben Merel en ik dan maar een uitgebreid vieruurtje gemaakt voor hem: een banaan in stukjes, met daarboven vanille-ijs, het laatste restje slagroom dat we nog hadden, en karamelsaus.

Hij glunderde ^^

Boottrip: dag drie

Hmm.

Onze originele plannen moeten bijstellen: jammer genoeg. De getijden gooien roet in het eten, aangezien we door de getijdensluis moeten. Vandaag wilden we eigenlijk van Ieper naar Veurne varen, maar dat is een kleine zes uur varen. De Fintelesluis is wel gerepareerd, maar we geraken gewoon niet meer in Nieuwpoort.

Ofwel moeten we keihard doorvaren en hebben we niks aan Veurne, zodat we voor zeven uur ’s avonds – dan sluiten de sluizen – door de getijdensluis zijn, en dan overnachten we op de basis in Nieuwpoort. Meh. Dat is dan een acht uur varen op één dag, en dat is van het goede te veel.

Ofwel overnachten we in Veurne, maar moeten we rond zeven uur ’s morgens al beginnen varen om toch maar door de sluis te zijn voordat het laag water wordt en we niet meer kunnen passeren. We gingen eigenlijk vragen aan de basis of we niet later – bij het volgende hoog water – mochten binnenvaren, maar dan is dat pas rond een uur of vijf in de middag, en na twee interventies van de mensen van LeBoat, waaronder eentje om elf uur ’s avonds in Ieper, een uur rijden van Nieuwpoort, durfde ik dat eigenlijk niet meer te vragen. Eerlijke schaamte en al.

Soit, plannen dus bijgesteld: rustig vertrekken vanuit Ieper, eventjes nog de IJzer op naar links om dan te eten in een goed restaurant in Fintele, en dan terug naar Diksmuide. Op die manier is er nog een spelletjesavond voor de kinderen, en vermijden we alle mogelijke stress. We varen dan wel geen rondje, maar gewoon heen en terug. Ach ja, zo verschillend is het landschap niet.

Rond half tien waren we al aan het varen langs dat prachtige Ieperkanaal, moesten we wel eventjes wachten aan de sluizen, en tuften dan naar Fintele. Alleen zaten we halfweg in de gietende regen. En als ik “we” zeg, bedoel ik eigenlijk “ik”. Ja, je kan varen van binnenuit ook, maar je hebt veel minder zicht. Ik heb dan maar mijn regenjas aangetrokken, ben half onder een parasol gekropen – die later dan nog, op het moment dat hij al gesloten was, toch nog in het water is gewaaid – en zat er een beetje verzopen bij. Niet zo fijn, nee.

Maar na een drie kwartier klaarde het op en nog later scheen de zon weer volop, al waaide het gigantisch hard.

Iets over twee waren we in Fintele, een uitstekend – en dus ook wel wat duurder – restaurant waar ik ongelofelijk lekkere zwezeriken gegeten heb. Een restaurant met een hoog Nelly-gehalte, jammer dat het zo ver rijden is.

En toen ging het verder, opnieuw richting Diksmuide. Opnieuw tegen zevenen waren we daar, en ik ging nog even de benen strekken en een paar cachekes zoeken, voor zover ik niet wegwaaide.

En toen was het avond, werd er enthousiast gespeeld door de kinderen terwijl ik een beetje las en vooral de rug liet rusten. En vond dat het alweer goed was geweest vandaag.

 

Girls’ Day Out, deel twee

Jawel, opnieuw een dag zonder mannen in huis, en dus trokken ook wij tweetjes er vanonder.

Pas om kwart over een was er plaats op het terras van het Kolleken, maar erg vonden we dat niet: we hadden laat ontbeten en voor de beste frietjes van Gent moet je wel wat over hebben, toch?

Een spitburger en een zeer fijne scampisalade later – de tomatensoep en de koffie achteraf eigenlijk niet vergeten – reden we verder naar de Action in Mariakerke: we zochten eigenlijk vooral touw om vriendschapsbandjes mee te maken, maar uiteraard waren er ook nog andere dingen te vinden. Zo hoort dat in de Action.

Over een niet echt kasseivrije, maar wel verkeersarme route reden we naar het klooster van de Augustijnen in de Sint-Margrietstraat, want daar was een mini-editie van het Figurentheater (aka. Puppetbuskers van vroeger) neergestreken, maar had dat pas gisterenavond gezien. Enfin, we slaagden erin om a) bekenden tegen te komen en getrakteerd te worden b) een fijne voorstelling bij te wonen c) meer bekenden tegen te komen en nog meer getrakteerd te worden.

En daarna reden Merel en ik nog verder ’t stad in, gewoon om een ijsje te halen. Tradities zijn tradities, toch?

Maar schoenen hebben we nog steeds niet gevonden.

We fietsten naar huis, met inmiddels een stevige tegenwind, en Merel, die er intussen toch wel 15 kilometer op zitten had, was zo verhit dat ze thuis meteen het zwembad in sprong.

Zalig, toch?